De Mores: De onmacht van Brandt Corstius

door Frits van Exter

Frits van Exter

Voorzitter Raad voor de Journalistiek

Nu we zoveel met elkaar delen, is het bewaren van anonimiteit veel lastiger. Een kleine aanwijzing was genoeg voor een massale online speurtocht naar de mogelijke verkrachter van Jelle Brandt Corstius.

Onder de titel ‘de mores’ schrijft Frits van Exter een reeks korte artikelen over de dilemma’s in de journalistiek, gebaseerd op de praktijk van de Raad voor de Journalistiek. De serie verschijnt twee keer per maand op villlamedia.nl, één keer per maand ook in Villamedia Magazine en natuurlijk op deze site.


Jelle Brandt Corstius had het artikel over zijn persoonlijke #MeToo in het weekend van 21 oktober aangeboden aan dagblad Trouw. Die versie was, in de woorden van hoofdredacteur Cees van der Laan, ‘zeer herleidbaar naar de mogelijke dader’ (ik heb overigens zelf lange tijd voor dezelfde krant gewerkt, ook als hoofdredacteur).
 
De redactie zocht contact met de man voor wederhoor. Hij schakelde een advocaat in, die onmiddellijk met een kort geding dreigde om publicatie te voorkomen. De lezingen lopen uiteen over de vraag of hij bij die gelegenheid ook heeft ontkend dat hij zo’n vijftien jaar geleden Brandt Corstius heeft gedrogeerd en verkracht. Trouw concludeerde na raadpleging van een eigen advocaat dat er ‘juridische en journalistieke barrières’ waren. Het verhaal kwam niet in de krant.
 
Brandt Corstius vertelde later in De Wereld Draait Door dat hij die maandag tot een inzicht kwam: ‘Die rotzak komt ermee weg, dat is eigenlijk het verhaal.’ Onder lastige omstandigheden (Brandt Corstius zat in een rumoerig café met de zorg voor een kind) tikte hij zijn onmacht op. ‘Het is zijn woord tegen mijn woord’ en ‘als het tot een rechtszaak zou komen is de kans groot dat hij mij succesvol beschuldigt van smaad.’

Het stond de volgende dag prominent op de voorpagina met foto van de auteur onder de kop: ‘Ik ook. Maar ik kan het niet vertellen.’ Vier dagen later schrijft de hoofdredacteur: ‘Journalistiek gezien een ongebruikelijke vorm, maar gezien de diep ingrijpende gevolgen in het leven van mensen en de omvang van het misbruik zeer verdedigbaar.’
 
Trouw koos voor het slachtoffer, maar wilde aangifte door de verdachte voorkomen door te anonimiseren. Maar de eerste zeven woorden van het artikel (‘In het prille begin van mijn televisiecarrière…’) bleken voldoende aanwijzingen te bevatten voor de speurhonden die losgingen op sociale media, gevoed door een aanzwellende geruchtenstroom uit het wereldje.
 
De man, wiens naam al snel circuleerde, koos voor de tegenaanval toen de redactie van Pauw hem benaderde. Maandagavond zat hij met zijn advocaat aan tafel en zei aangifte te doen wegens smaad en laster.
 
En dat was precies wat Brandt Corstius en de krant hadden willen voorkomen door niet hét verhaal te publiceren, maar te schrijven over de onmacht om dat te doen.
 
Wat de journalistieke mores betreft, is het misschien goed om de film terug te draaien naar het begin: de New York Times meldde op 5 oktober dat Harvey Weinstein, een van de machtigste mannen in de filmindustrie, zwijggeld heeft betaald aan acht vrouwen die hem van seksuele intimidatie hadden beschuldigd. Het leidde tot een stroom nieuwe beschuldigingen aan zijn adres.
 
Die onthulling was het resultaat van maanden journalistiek onderzoek, gebaseerd op tientallen interviews, documenten en, tenslotte, het wederhoor van Weinstein, die tenminste toegeeft dat hij met zijn gedrag veel collega’s pijn heeft bezorgd.
 
Voor de hoofdredacteur van Trouw was het voorbeeld van de New York Times geen optie: ‘Een journalistiek dossier opbouwen volgens de bekende methoden van hoor- en wederhoor, het zoeken naar andere getuigen en mogelijk schriftelijk materiaal, zou zeer lang gaan duren en zeer waarschijnlijk niets opleveren.’ Bovendien is Weinstein van een ander kaliber.
 
Tenzij er geschikt wordt, moet de rechter nu bepalen of er sprake is van smaad en/of laster. Hebben Brandt Corstius en de krant in die zeven woorden, prominent op de voorpagina, toch te veel weggeven? Zijn zij verantwoordelijk voor de uiteindelijke ‘ontmaskering’ door anderen?
 
Wat de juridische uitkomst ook is, het is goed te beseffen dat, nu we zoveel online met elkaar delen, het bewaren van anonimiteit veel lastiger is dan vroeger. En Hilversum is geen Hollywood, maar de combinatie seksueel misbruik en ‘bekend van tv’ roept niet altijd het beste op bij de mens in het algemeen en de journalist in het bijzonder.

Tips

  •  Bedenk dat als je om welke reden dan ook een persoon echt wilt anonimiseren, de kleinste aanwijzing genoeg kan zijn om de identiteit te achterhalen.
  • Als een beschuldigde eenmaal gealarmeerd is en een advocaat heeft ingeschakeld, zal ook een aangepaste publicatie onder het juridische vergrootglas komen.
  • Neem bij twijfel meer tijd en win eventueel nader advies in.
  • De redactie is ook verantwoordelijk voor de persoonlijke kwetsbaarheid van de auteur.
  • Op de site van de Raad voor de Journalistiek zijn verschillende conclusies over privacy en anonimisering te raadplegen.

Frits van Exter is voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. Hij heeft geen stem bij de beoordeling van klachten. Hij verwoordt slechts zijn eigen mening.

Reacties

Nog geen reacties



Wij stellen prijs op een pluriform debat, uw reactie is daarom van harte welkom. Wel hanteren wij een aantal spelregels:

  1. Wij modereren alle reacties vóór publicatie. Daarom kan het soms even duren voordat uw reactie wordt geplaatst. Onbeduidende correcties – zoals taalkundige aanpassingen – leggen we níet eerst aan u voor, ingrijpende wijzigingen wél.
  2. Onderteken uw reactie met uw echte voor- en achternaam en houd u er rekening mee dat uw reactie tot in lengte van dagen op internet toegankelijk blijft. Verzoeken tot verwijdering van eigen bijdragen honoreren wij in principe niet. Dat geldt ook voor het anonimiseren van uw naam.
  3. Houd het beknopt, zakelijk en blijf bij het onderwerp. Reageert u op een andere reageerder, maak dat dan duidelijk in uw bericht (bijvoorbeeld met @naam).
  4. Houd het beschaafd. Reacties die discriminerende uitlatingen, beledigingen of scheldwoorden bevatten, worden niet geplaatst. Dit geldt ook voor reacties die oproepen tot geweld of provoceren.
  5. Het is de bedoeling dat uw reactie de discussie bevordert. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

Reacties die niet aan deze spelregels voldoen, worden niet geplaatst. Bent u van mening dat een bepaalde reactie van een ander verwijderd moet worden, stelt u ons daarvan dan op de hoogte via raad@rvdj.nl.

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt