Protocol voor het maken van beeld- en geluidsopnamen

Inleiding

  • Het deel van de zitting waarbij ten minste een van de partijen (klager en/of verweerder) aanwezig is, is openbaar tenzij de voorzitter in het belang van de zaak van klager of van verweerder anders beslist (conform artikel 7 lid 3 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad voor de Journalistiek).
  • Indien sprake is van een dergelijk openbaar gedeelte, is dit in beginsel toegankelijk voor een ieder.
  • De Raad staat het voor de periode van één jaar na inwerkingtreding van dit protocol toe om beeld- en geluidsopnamen te maken ter zitting, mits de volgende regels in acht worden genomen. 

Voorwaarden

1.      Degene die beeld- en/of geluidsopnamen (hierna: opnamen) wil maken (hierna: aanvrager), meldt zich uiterlijk 24 uur voor aanvang van de zitting telefonisch bij het secretariaat van de Raad.
2.      Na de ontvangst van een verzoek tot het maken van opnamen zal de secretaris voorafgaand aan de behandeling van een zaak partijen hierover informeren. 
3.      De secretaris zal vervolgens zo spoedig mogelijk aan aanvrager bekend maken of de mogelijkheid bestaat om opnamen te maken.
a.    Er mogen geen opnamen worden gemaakt indien de ter zitting aanwezige klager en/of verweerder daartegen bezwaar maakt.
b.    Evenmin mogen opnamen worden gemaakt indien de voorzitter daartegen bezwaar heeft in het belang van een ongestoorde behandeling van de zaak.
4.      Opnamen worden gemaakt vanuit een vaste positie die voorafgaand aan de zitting wordt aangewezen door de secretaris of voorzitter.
5.      Bij grote belangstelling voor een zaak kan de voorzitter in verband met een ordelijk verloop van de zitting het aantal toe te laten camera- en geluidsploegen beperken.
6.      Het maken van opnamen buiten de zittingszaal in het gebouw waar de zitting wordt gehouden, is toegestaan op plaatsen die door de secretaris worden aangewezen. Indien toestemming is verleend, moet niettemin worden voorkomen dat op die plaatsen aanwezige personen ongewenst in beeld komen.
7.      Het in beeld brengen van personen die op de publieke tribune hebben plaatsgenomen, is alleen toegestaan als aan de betreffende persoon daarvoor uitdrukkelijk toestemming is gevraagd en verkregen.
8.      De voorzitter kan aan het maken van opnamen de voorwaarde verbinden dat fragmenten waarin namen voorkomen van partijen of anderszins bij de zaak betrokkenen worden gewist of vervangen door een geluidssignaal.
9.      De voorzitter kan in alle gevallen en op elk moment tijdens de behandeling van een zaak in het belang van privacybescherming van wie van de aanwezigen dan ook of van een ordelijk verloop van de zitting van de bepalingen in deze regeling afwijken.
10.  Het niet naleven van deze regels of aanwijzingen van de voorzitter of secretaris kan leiden tot verwijdering en/of ontzegging van de toegang tot de zittingszaal en tot het gebouw.

Amsterdam, 1 maart 2012