DENK-voorzitter Öztürk en NRC - Een krantenkop mag 24 procent overdrijven

door Frits van Exter

Frits van Exter

Voorzitter Raad voor de Journalistiek

Op de redactie van het dagblad waar ik mijn journalistieke loopbaan begon, gold de wijsheid dat de kop boven een artikel ‘twintig procent mag overdrijven’. Collega’s stelden dit met zoveel aplomb, dat je het als beginner niet waagde te vragen hoe zij hun overdrijving zo exact konden vaststellen. Maar ik begreep wel wat zij bedoelden. Koppen zijn van nature al stelliger omdat er meestal geen plek is voor woorden als ‘wellicht’, ‘zouden’ of ’wel zo’n beetje’. Bovendien wil je met een kop de aandacht trekken. Dat kun je onder andere doen door de feiten wat op te rekken in stilzwijgende verstandhouding met de lezer: u vindt de nuance wel in de tekst. Het ene medium heeft daarover weer andere opvattingen dan het andere.

Deze week publiceerde de Raad voor de Journalistiek zijn oordeel in de zaak van Selçuk Öztürk, DENK-partijvoorzitter en –Kamerlid, tegen NRC Handelsblad en zijn redacteur Joep Dohmen. Het ging daarbij ook om de kop.
De politicus had geklaagd over artikelen (gepubliceerd op 15 en 16 juni 2016) over zijn zakelijke activiteiten. Daarin werd gemeld dat een zorginstelling onderzoek doet naar mogelijke onrechtmatigheden bij zakelijke transacties, waarvan één met de ondernemer Öztürk. Een tweede zorginstelling zou overwegen een onderzoek in te stellen naar het mogelijk onderhands toekennen van een opdracht aan het bedrijf van de politicus. Volgens Öztürk was er sprake van ‘onware en suggestieve berichtgeving’ en had NRC verzaakt in het bieden van wederhoor.

De Raad meent dat de krant zijn onderzoek naar behoren heeft gedaan, dat de berichtgeving gebaseerd was op beschikbare feiten en dat de krant ruim de gelegenheid voor wederhoor had geboden. Dat de politicus daar, bij monde van zijn advocaat, geen gebruik van wilde maken, omdat de vragen ‘te suggestief’ zouden zijn, kan de redactie moeilijk worden verweten.
Maar kop en onderkop op de voorpagina waren volgens de Raad wél onzorgvuldig. De teksten “Onderzoek integriteit Denk-voorzitter Öztürk” en “Twee zorginstellingen verdenken Kamerlid Öztürk van laakbaar handelen bij zakelijke transacties in zijn vorige leven als zakenman”, waren niet gebaseerd op de feiten in het artikel. Van een concrete ‘verdenking’ was geen sprake.

De conclusie van de Raad riep onmiddellijk vragen op bij enkele journalisten. Het wekte bij sommigen verbazing dat de Raad ook over koppen oordeelt. Dat doet hij al vele jaren. Er zijn vaker klachten over koppen en een weigering om ze in behandeling te nemen, omdat een kop nu eenmaal een kop is, klinkt niet heel overtuigend. Hoe zorgvuldig een artikel ook is, de kop zet de toon en kan – ook in andere media – een eigen leven gaan leiden.
Ik vermoed dat de hoofdredacteur van de Chicago Tribune de kop “Dewey defeats Truman” achteraf ook niet verdedigde als een kleine overdrijving om de aandacht van de lezers te trekken (zij zouden de nuance wel in het artikel vinden: bij het sluiten van deze editie wezen beschikbare stembusresultaten in de richting van… enz.).

De Raad erkent een soort ‘twintig-procentsnorm’. Hij begrijpt dat het journalistiek ‘gebruikelijk is dat een artikel in de kop scherp wordt aangezet; een kop mag een vergroving van de inhoud van het bijbehorende artikel bevatten’. Maar hoe verstrekkend de kop ook is, het artikel moet daarvoor wel een feitelijk grond bieden. Daar ligt de grens, die volgens de Raad in de zaak-Öztürk is overschreden.
Dat het oordeel ook wel eens anders kan zijn, moeten dezelfde NRC en Joep Dohmen vijf jaar geleden hebben ervaren, toen hun kop boven een artikel over de bedenkelijke betrokkenheid van een KVP-politicus bij het onderzoek naar misbruik in de katholieke kerk als voldoende zorgvuldig werd beoordeeld.

Rest de vraag welke kop deze week beter was: “NRC en onderzoeksjournalist hebben onzorgvuldig gehandeld” (website DENK) of “Alleen koppen boven NRC-artikel over Kamerlid Öztürk onjuist” (de Volkskrant).

De voorzitter van de Raad voor de Journalistiek heeft geen stem in de beoordeling van klachten. Hij verwoordt slechts zijn eigen mening.

Reacties

Nog geen reacties



Wij stellen prijs op een pluriform debat, uw reactie is daarom van harte welkom. Wel hanteren wij een aantal spelregels:

  1. Wij modereren alle reacties vóór publicatie. Daarom kan het soms even duren voordat uw reactie wordt geplaatst. Onbeduidende correcties – zoals taalkundige aanpassingen – leggen we níet eerst aan u voor, ingrijpende wijzigingen wél.
  2. Onderteken uw reactie met uw echte voor- en achternaam en houd u er rekening mee dat uw reactie tot in lengte van dagen op internet toegankelijk blijft. Verzoeken tot verwijdering van eigen bijdragen honoreren wij in principe niet. Dat geldt ook voor het anonimiseren van uw naam.
  3. Houd het beknopt, zakelijk en blijf bij het onderwerp. Reageert u op een andere reageerder, maak dat dan duidelijk in uw bericht (bijvoorbeeld met @naam).
  4. Houd het beschaafd. Reacties die discriminerende uitlatingen, beledigingen of scheldwoorden bevatten, worden niet geplaatst. Dit geldt ook voor reacties die oproepen tot geweld of provoceren.
  5. Het is de bedoeling dat uw reactie de discussie bevordert. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

Reacties die niet aan deze spelregels voldoen, worden niet geplaatst. Bent u van mening dat een bepaalde reactie van een ander verwijderd moet worden, stelt u ons daarvan dan op de hoogte via raad@rvdj.nl.

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt