De Mores: Kwestie van vertrouwen

door Frits van Exter

Frits van Exter

Voorzitter Raad voor de Journalistiek

Hoe pijnlijk ook, het onderzoek van de NRC-redactie naar de beschuldigingen tegen haar correspondent in China, maakt duidelijk wat er bij mores op het spel staat: het vertrouwen.

Onder de titel ‘de mores’ schrijft Frits van Exter een reeks korte artikelen over de dilemma’s in de journalistiek, gebaseerd op de praktijk van de Raad voor de Journalistiek. De serie verschijnt twee keer per maand op villlamedia.nl , één keer per maand ook in Villamedia Magazine en natuurlijk op deze site.

Op 21 september meldde de hoofdredactie dat Oscar Garschagen (64), ‘ernstige fouten’ heeft gemaakt en daarmee ‘het vertrouwen (heeft) geschaad dat de redactie en de lezer in hem stelden’. Hij zal tot zijn pensionering niet meer voor de krant schrijven.

Volgens een voorlopig onderzoek van de krant heeft hij in de afgelopen twee jaar steken laten vallen in het gebruik van bronnen, in citaten en beschrijvingen. De correspondent heeft in enkele gevallen geput uit andere media zonder bronvermelding. Daarmee heeft hij de interne regels van NRC overschreden.

Veel collega’s, ook buiten de redactie, reageerden geschokt. Garschagen heeft een enorme staat van dienst als correspondent (Brussel, Washington, Tel Aviv en de laatste tien jaar Shanghai). Sommigen keerden zich ook tegen de hoofdredactie. Zij menen dat de vergrijpen te licht zijn voor zo’n harde, openbare bestraffing. Hij had zich misschien wat vrijheden veroorloofd, maar welke journalist heeft dat nooit gedaan?

NRC heeft het interne onderzoek online gepubliceerd. Het is ongemakkelijk leesvoer, ook door de details over de gemoedstoestand van de correspondent: het werk op zijn moeilijke post viel hem steeds zwaarder, hij zag op tegen zijn pensionering, was vermoeid en somber, maar wilde bewijzen dat hij het nog kon.

Natuurlijk roept dat ook, nog onbeantwoorde, vragen op over de verantwoordelijkheid van de redactie. Maar met de kanttekening dat ik niet over andere bronnen dan NRC beschik, vraag ik me af of de hoofdredactie een andere keuze had.

Discretie was geen optie: de Chinese assistent van de correspondent had zijn aanklacht online gepubliceerd in het Chinees en Engels. Aanvankelijk stelde de hoofdredactie zich achter het verweer van Garschagen tegen de rancuneuze assistant op. Maar toen hij gedetailleerd volhield en twee andere media zich ook met klachten meldden, moest het draaiboek voor crisismanagers in werking treden: onderzoeken, maatregelen nemen, volledig en publiekelijk verantwoording afleggen.

De hoofdredactie draagt niet alleen verantwoordelijkheid voor de in opspraak geraakte redacteur, maar ook voor de gehele redactie, de reputatie van de krant en de relatie met de lezers. Wie dagelijks anderen ter verantwoording roept, kan het zich niet veroorloven om zichzelf met de mantel der liefde te bedekken. Straffe maatregelen dienen intern ook als waarschuwing en zijn extern voorwaarde voor het begin van herstel van vertrouwen.

En het is misschien pijnlijk om te lezen, maar de verklaring die Garschagen zelf geeft voor zijn gedrag, wekken ook begrip en mededogen op. En natuurlijk de vraag: kan mij zoiets ook overkomen? Of is dat zelfs wel eens gebeurd?

Tips

  • Maak een verhaal niet mooier dan het is.
  • Besef wat het wereldwijde web betekent: iedereen kan kennis nemen van je werk en reputaties gaan online snel kapot.
  • Lukt het niet om citaten leesbaarder te maken zonder afbreuk te doen aan hetgeen gezegd is, parafraseer ze dan liever.
  • Leg de lat voor je zelf zo hoog dat je er over heen kunt springen.
  • Lees de berichten en het onderzoek in NRC.
  • Lees ook de kritiek daarop.

De voorzitter van de Raad voor de Journalistiek heeft geen stem in de beoordeling van klachten. Hij verwoordt slechts zijn eigen mening.

Reacties

  1. Ja, meneer van Exter, dit moet u inderdaad bekend in de oren klinken: steken laten vallen in het gebruik van bronnen, in citaten en beschrijvingen, en natuurlijk het verkopen van deels verzonnen verhalen als onderzoeksjournalistiek en het zwartmaken van kwetsbare mensen zonder enige vorm van wederhoor of fact-checking? Nooit wakker van gelegen?
    Ruim twee jaar geleden bent u uitgebreid ingelicht over de feiten van zo'n zaak bij Vrij Nederland toen u daar nog hoofdredacteur was. U heeft daar toen niets mee gedaan (heeft u de documentatie überhaupt ooit doorgenomen?) De Raad voor de Journalistiek, waarvan u ironisch genoeg nu voorzitter bent, deed dat vervolgens wel. "Niet-waarheidsgetrouwe en tendentieuze journalistiek", luidde de conclusie.
    Maar ook daarmee heeft u niets gedaan. Er zijn geen rectificaties gekomen, de slachtoffers hebben geen excuses gekregen, zelfs de conclusie van de Raad heeft u niet op een fatsoenlijke manier in uw blad weergegeven... Daarom worden het gewraakte artikel en de andere uit dezelfde reeks - die van hetzelfde allooi zijn - nog steeds gerecycled alsof er niets aan de hand is.
    Maar nu het over anderen gaat schrijft u: "De hoofdredactie draagt niet alleen verantwoordelijkheid voor de in opspraak geraakte redacteur, maar ook voor de gehele redactie, de reputatie van de krant en de relatie met de lezers," etc.
    Niets is makkelijker dan aan anderen de normen voor te houden die je zelf jarenlang aan je laars hebt gelapt, meneer van Exter. Wordt het niet eens tijd om als voorzitter van de RvdJ zelf het goede voorbeeld te geven? Een openbaar excuus aan de belasterde (genocide-)slachtoffers zou een stap in de goede richting zijn.

    Jos van Oijen op woensdag 01 november 2017 17:03

  2. Naschrift: De Raad voor de Journalistiek heeft destijds inderdaad geconcludeerd dat de gewraakte publicatie ‘onzorgvuldig’ is. Daar heeft Vrij Nederland ook royaal melding van gemaakt in nummer 49 dat op 9 december 2015 is gedateerd. Dat is overeenkomstig de spelregels waar ook VN zich aan heeft gehouden. Of en in hoeverre er grond is voor al uw beweringen en kwalificaties kan de lezer zelf beter vast stellen. De zaak is na te lezen op https://www.rvdj.nl/2016/8.

    Frits van Exter op donderdag 02 november 2017 20:22

  3. U draait zoals gewoonlijk om de zaak heen. Uw bewering dat Vrij Nederland royaal melding zou hebben gemaakt van de uitspraak is onjuist. De Raad had geadviseerd om de uitspraak integraal of in samenvatting te publiceren. Dat is nooit gebeurd.
    In de papieren versie van VN is weliswaar een artikeltje geplaatst over de conclusie van de Raad, maar de strekking van dat stukje was dat de Raad zich op de verkeerde feiten zou hebben gebaseerd en het bij het verkeerde eind had. Omdat u de "verkeerde" en de "juiste" feiten niet specificeerde was dat stukje al even tendentieus als het artikel waarover de Raad zich had uitgesproken. Dat u in dat stukje een paar zinnen uit de samenvatting van de conclusie van de Raad had verwerkt is niet royaal, noch integer.
    Op de website van Vrij Nederland is nooit iets bericht over de berisping, ook niet over het afgewezen beroep. Het gewraakte artikel en de andere artikelen uit die reeks, allemaal voor meer dan de helft bestaande uit aantoonbaar onjuiste informatie, worden door vrij Nederland nog steeds aangeprezen alsof ze waarheidsgetrouw zouden zijn.
    Zelfs uw referentie klopt niet, dat is de uitspraak over het afgewezen beroep. De samenvatting van de conclusie staat hier: https://www.rvdj.nl/2015/20
    U kunt natuurlijk eindeloos doorgaan met het afschuiven van uw verantwoordelijkheid en het verdraaien van de feiten als u dat persé wilt, typisch Nederlands overigens, maar doe dat dan niet als voorzitter van de Raad voor de Journalistiek.

    Jos van Oijen op dinsdag 07 november 2017 12:48



Wij stellen prijs op een pluriform debat, uw reactie is daarom van harte welkom. Wel hanteren wij een aantal spelregels:

  1. Wij modereren alle reacties vóór publicatie. Daarom kan het soms even duren voordat uw reactie wordt geplaatst. Onbeduidende correcties – zoals taalkundige aanpassingen – leggen we níet eerst aan u voor, ingrijpende wijzigingen wél.
  2. Onderteken uw reactie met uw echte voor- en achternaam en houd u er rekening mee dat uw reactie tot in lengte van dagen op internet toegankelijk blijft. Verzoeken tot verwijdering van eigen bijdragen honoreren wij in principe niet. Dat geldt ook voor het anonimiseren van uw naam.
  3. Houd het beknopt, zakelijk en blijf bij het onderwerp. Reageert u op een andere reageerder, maak dat dan duidelijk in uw bericht (bijvoorbeeld met @naam).
  4. Houd het beschaafd. Reacties die discriminerende uitlatingen, beledigingen of scheldwoorden bevatten, worden niet geplaatst. Dit geldt ook voor reacties die oproepen tot geweld of provoceren.
  5. Het is de bedoeling dat uw reactie de discussie bevordert. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

Reacties die niet aan deze spelregels voldoen, worden niet geplaatst. Bent u van mening dat een bepaalde reactie van een ander verwijderd moet worden, stelt u ons daarvan dan op de hoogte via raad@rvdj.nl.

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt