De Mores: Journalisten 'moeten zo zijn'

door Frits van Exter

Frits van Exter

Voorzitter Raad voor de Journalistiek

Wat kunnen we leren van mensen die in het nieuws zijn geweest? Journalisten kunnen nog zo aardig zijn, ze kunnen niet verbergen dat het om hun eigenbelang gaat.

Onder de titel ‘de mores’ schrijft Frits van Exter over dilemma’s in de journalistiek, gebaseerd op de praktijk van de Raad voor de Journalistiek. De serie verschijnt twee keer per maand op villamedia.nl, één keer per maand in Villamedia Magazine en op deze site.


Toen Alegra wakker werd uit haar coma, ontdekte ze dat zij haar baby had verloren en een lokale beroemdheid was geworden. Haar schoonmoeder had verslaggevers gebeld omdat zij alarm wilde slaan: Alegra had een ziekte die veel ernstiger bleek voor zwangere vrouwen dan gedacht. De media wilden haar verhaal horen. Alegra stemde in. Als de ziekte eerder was vastgesteld, had haar baby het misschien overleefd.

Verslaggevers en televisieploegen kwamen bij haar over de vloer. Het was een bezoeking. Een interviewer vroeg herhaaldelijk om een foto van de baby. Alegra berustend: "Ze moeten opdringerig zijn. Sommigen irriteerden me, maar dat is hun baan, ze moeten zo zijn, begrijp je? (…) Je moet er gewoon rekening mee houden. Ze willen hun verhaal hebben."
 
De Amerikaanse onderzoeker Ruth Palmer interviewde Alegra (niet haar echte naam) en zo’n tachtig andere ‘gewone’ mensen over hun ervaringen met de media. Zij zijn getuigen, deskundigen, verdachten, slachtoffers, helden, pleitbezorgers of gewoon, schijnbaar willekeurige vertegenwoordigers van de ‘vox-pop’. De journalistiek is zonder hen ondenkbaar. Maar we hebben geen idee hoe dat bevalt.
 
De meeste geïnterviewden keken bij voorbaat op tegen de media. Journalisten mogen denken dat zij aan de goede kant staan en het opnemen tegen de macht, maar in de ogen van deze mensen zijn zij geen bondgenoten; zij maken deel uit van de gevestigde orde. Zij kunnen aardig zijn, maar worden toch vooral gedreven door eigenbelang.
 
Veel mensen vinden het, ook nu nog, bijzonder om in de krant of op televisie te komen. Het kan je aanzien in familie- of vriendenkring verhogen. Het is een gok, want het tegenovergestelde kan ook gebeuren. Zij werken mee omdat zij het belangrijk vinden dat hun verhaal verteld wordt, maar daarmee geven zij ook de controle op. Ze moeten afwachten wat het resultaat is. Ze hebben geen idee van het redactionele proces: het knippen en plakken van hun woorden.
Het valt op dat mensen nauwelijks vallen over feitelijke fouten, als ‘de waarheid’  van hun boodschap maar overkomt. Daarom hebben ze ook moeite met verslaggevers die zeggen dat zij omwille van de objectiviteit beide kanten aan bod willen laten komen.
 
Jezelf terug zien in de media is een gemengd genoegen. Mensen zijn niet voorbereid op de soms onaangename gevolgen van publiciteit. Ze voelen zich daarin alleen; de journalist is al weer op weg naar het volgende verhaal.

Tips

  •  Het komt eigenlijk neer op: wat u niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.
  • Vraag bij heftige gebeurtenissen eerst of mensen in orde zijn en pas dan of je ze kunt interviewen.
  • Laat je contactgegevens achter na een interview.
  • Lees het boek 'Becoming the news' van Ruth Palmer of bekijk tenminste haar presentatie op het internationale journalistiek-festival in Perugia (en probeer je niet te storen aan de interviewer).
  • En mooie voorbeelden van ervaringen met media, lees je natuurlijk ook in de serie de Lessen voor de Pers in Villamedia.
Frits van Exter is voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. Hij heeft geen stem in de beoordeling van klachten en verwoordt hier zijn persoonlijke mening.

Reacties

Nog geen reacties



Wij stellen prijs op een pluriform debat, uw reactie is daarom van harte welkom. Wel hanteren wij een aantal spelregels:

  1. Wij modereren alle reacties vóór publicatie. Daarom kan het soms even duren voordat uw reactie wordt geplaatst. Onbeduidende correcties – zoals taalkundige aanpassingen – leggen we níet eerst aan u voor, ingrijpende wijzigingen wél.
  2. Onderteken uw reactie met uw echte voor- en achternaam en houd u er rekening mee dat uw reactie tot in lengte van dagen op internet toegankelijk blijft. Verzoeken tot verwijdering van eigen bijdragen honoreren wij in principe niet. Dat geldt ook voor het anonimiseren van uw naam.
  3. Houd het beknopt, zakelijk en blijf bij het onderwerp. Reageert u op een andere reageerder, maak dat dan duidelijk in uw bericht (bijvoorbeeld met @naam).
  4. Houd het beschaafd. Reacties die discriminerende uitlatingen, beledigingen of scheldwoorden bevatten, worden niet geplaatst. Dit geldt ook voor reacties die oproepen tot geweld of provoceren.
  5. Het is de bedoeling dat uw reactie de discussie bevordert. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

Reacties die niet aan deze spelregels voldoen, worden niet geplaatst. Bent u van mening dat een bepaalde reactie van een ander verwijderd moet worden, stelt u ons daarvan dan op de hoogte via raad@rvdj.nl.

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt