De Mores: Het lastige afscheid van columnisten

door Frits van Exter

Frits van Exter

Voorzitter Raad voor de Journalistiek

Het rumoer om Seada Nourhussen en Philip Freriks roept de vraag op of een columnist wel op een goede manier kan vertrekken. Het komt zelden voor.

Onder de titel ‘de mores’ schrijft Frits van Exter over dilemma’s in de journalistiek, gebaseerd op de praktijk van de Raad voor de Journalistiek. De serie verschijnt twee keer per maand op villamedia.nl, één keer per maand in Villamedia Magazine en op deze site.


Het is geen vraag voor een voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. In onze Leidraad staat niets over het personeelsbeleid van redacties. Het gaat om andere mores dan louter journalistieke. Ik schrijf er toch over omdat columnisten aanblik en aanzien van media helpen bepalen. De lezer, luisteraar, kijker, bezoeker heeft direct belang bij hun wel en wee.
 
Columnisten zijn vertrouwde gezichten, goede bekenden van vele jaren – al zijn er inmiddels zoveel dat het even duurt voor je ze uit elkaar kunt houden. Het is vreemd dat zij abrupt weer uit je leven kunnen verdwijnen, vaak zonder waarschuwing of bevredigende verklaring. Hoofdredacties en columnisten komen immers slechts zelden gezamenlijk con amore tot de slotsom dat het mooi is geweest en dat zij de scheiding netjes willen afhandelen: een tijdige aankondiging, een wellevende afscheidsbijdrage, een waarderend woordje van de hoofdredacteur. Prettig uit elkaar gaan is een kunst die weinig hoofdredacties en columnisten gegeven is.
 
Zo liet Trouw eerst weten dat Seada Nourhussen eigener beweging was gestopt wegens ‘extreme, negatieve en soms racistische reacties’ op haar bijdragen. Later schrijft zij elders dat het niet ‘soms’ was maar ‘vaak’ en dat zij er een zin aan had willen toevoegen: ‘Ook voelde Nourhussen te weinig bewustzijn vanuit de redactie van Trouw voor haar kwetsbare positie als zwarte, vrouwelijke opiniemaker.’ Het is een zin die de lezer met vele vragen achterlaat.
 
En ook het ‘misverstand’ tussen VPRO en zijn columnist Philip Freriks is nog niet opgehelderd. Wilden ze hem nu wel of niet kwijt? Freriks heeft in ieder geval de eer aan zichzelf gehouden. De onnavolgbare woorden van de OVT-presentator galmen hem na: ‘De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat wij tot onze grote spijt afscheid van je gaan nemen als columnist, omdat je carrière zo’n ontzettend hoge vlucht heeft genomen in de finale van je bestaan.’ Over welke ‘eerlijkheid’ sprak hij eigenlijk live op de radio? Hoogstens die van de onwetende.
 
‘Als de hoofdredacteur je onverwachts belt weet je dat het wel eens afgelopen kan zijn met je column’, schreef Paul de Leeuw in september in het AD. Het deed hem pijn, maar ach ‘iedereen is vervangbaar’. Het laatste kan hij hoogstens in theorie menen: elke columnist moet ten diepste overtuigd zijn van zijn eigen onvervangbaarheid (en nog dieper daarover in groter onzekerheid verkeren).
 
Ik heb, als hoofdredacteur van Trouw en Vrij Nederland, van verschillende columnisten afscheid genomen. Ik kan ter verdediging zeggen dat ik meer columnisten heb aangenomen en vele ook heb aangehouden, soms langer dan lezers of collega’s raadzaam vonden.
 
Hoe redelijk het besluit misschien ook was (de krant gaat op de schop, we moeten bezuinigen, we willen diverser zijn) ik was me ervan bewust dat ik iemand iets kostbaars ontnam: zijn vaste plek, zijn naam, zijn foto, zijn ritme, zijn houvast, zijn lezers, zijn vrijheid, zijn status. Of hij nu schrijft voor de landelijke kwaliteitskrant of een huis-aan-huisblad, over handelsbetrekkingen met China of over de aftakeling van zijn moeder, de column kan de identiteit van de auteur mede bepalen.
 
De columnist is ook kwetsbaar. Hij staat met zijn mening in de etalage. Redacties zijn niet altijd even goed en gul in feedback. Kritiek komt altijd harder aan dan lof. Hij kan doelwit zijn van trollen. En hij moet al zoveel andere columnisten het hoofd bieden.
 
Het afscheid is bijna altijd lastig, vooral als je niet echt een overtuigende reden hebt, maar je eigenlijk alleen maar een beetje op de column bent uitgekeken. Het is makkelijker als er knallende ruzie is. Je proeft haast de opluchting in de woorden van Volkskrant-hoofdredacteur Philippe Remarque (9 november) over het vertrek van Derk Jan Eppink, die na vele botsingen met de redactie liet weten dat hij Europees lijsttrekker voor het Forum voor Democratie wordt: ‘Een actieve politicus als columnist, dat doen wij nooit. Dus zo komt aan deze column, ongemakkelijk maar waardevol, een natuurlijk einde.’
 
Het is zelden natuurlijk. Het is vaker pijnlijk omdat het persoonlijk is, ook als iedereen zegt dat het dat niet is. Sommigen koesteren hun wrok, eisen smartengeld of gaan in andere media klagen over hun lot. Maar de meeste columnisten stappen er soeverein overheen en gaan monter verder. Zij weten dat hoofdredacteuren ook domme beslissingen kunnen nemen.
 
PS Overigens is dit een rubriek, geen column.

Tips voor (hoofd)redacties:

  • Bel niet onverwacht. Bel geregeld. Drink koffie. Hoe meer contact des te minder risico op vervelende verrassingen. Probeer eerlijke feedback te geven.
  • Blijf ook zakelijk. Wees duidelijk in je verwachtingen van de column. Spreek termijnen af en verleng ze alleen voor bepaalde tijd, na een goed gesprek.
  • Het afscheid is makkelijker te accepteren als het onderdeel is van iets groters. Maar wees dan wel consistent: als je zegt dat je diverser wilt zijn, zorg dan ook voor een hele andere opvolger.  
  • Afscheid is zo definitief. Je kunt ook een pauze voorstellen. Even een jaartje geen columns kan voor beide partijen heilzaam zijn.

Tips voor columnisten:

  • Wees ze voor. Stop op tijd. Je kunt ook makkelijker iets anders vinden zolang je nog columnist bent. Neem een voorbeeld aan Bas Heijne en Esther Gerritsen.
  • Geen nieuws is slecht nieuws. Als je te weinig van de redactie hoort, ga er dan zelf verhaal halen.
Frits van Exter is voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. Hij heeft geen stem in de beoordeling van klachten en verwoordt hier zijn persoonlijke mening.
 

Reacties

Nog geen reacties



Wij stellen prijs op een pluriform debat, uw reactie is daarom van harte welkom. Wel hanteren wij een aantal spelregels:

  1. Wij modereren alle reacties vóór publicatie. Daarom kan het soms even duren voordat uw reactie wordt geplaatst. Onbeduidende correcties – zoals taalkundige aanpassingen – leggen we níet eerst aan u voor, ingrijpende wijzigingen wél.
  2. Onderteken uw reactie met uw echte voor- en achternaam en houd u er rekening mee dat uw reactie tot in lengte van dagen op internet toegankelijk blijft. Verzoeken tot verwijdering van eigen bijdragen honoreren wij in principe niet. Dat geldt ook voor het anonimiseren van uw naam.
  3. Houd het beknopt, zakelijk en blijf bij het onderwerp. Reageert u op een andere reageerder, maak dat dan duidelijk in uw bericht (bijvoorbeeld met @naam).
  4. Houd het beschaafd. Reacties die discriminerende uitlatingen, beledigingen of scheldwoorden bevatten, worden niet geplaatst. Dit geldt ook voor reacties die oproepen tot geweld of provoceren.
  5. Het is de bedoeling dat uw reactie de discussie bevordert. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

Reacties die niet aan deze spelregels voldoen, worden niet geplaatst. Bent u van mening dat een bepaalde reactie van een ander verwijderd moet worden, stelt u ons daarvan dan op de hoogte via raad@rvdj.nl.

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt