2017/21 deels-onzorgvuldig

Samenvatting

J. Dijke en Leidsch Dagblad hebben in het artikel “Kuipers’ beroemde ijsfoto gekaapt” op journalistiek zorgvuldige wijze aandacht besteed aan een dispuut tussen klager en fotograaf Kuipers over het makerschap op de in kop bedoelde ‘ijsfoto’. Dijke mocht putten uit de informatie op de Facebookpagina van Kuipers, waarin deze klager daadwerkelijk van het ‘kapen’ van zijn foto beschuldigde, en zij heeft het wederhoor van klager adequaat in de publicatie verwerkt.
De Raad vindt echter de vermelding van de naam van klager wel journalistiek onzorgvuldig. Het artikel had eenvoudig geanonimiseerd kunnen worden, zonder dat dit afbreuk zou hebben gedaan aan de inhoud en nieuwswaarde ervan. Dijke had ermee rekening moeten houden dat klager niet zelf heeft gezorgd voor de publiciteit op Facebook en dat de zakelijke Facebookpagina van Kuipers op het moment van de publicatie tijdelijk ‘op zwart’ was gezet. Het had dan ook op de weg van Dijke en de krant gelegen het verzoek van klager tot anonimisering te honoreren en zij hebben dat ten onrechte niet gedaan.
De Raad doet de aanbeveling aan Leidsch Dagblad deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

J. Dijke en de hoofdredacteur van Leidsch Dagblad

De heer X te (…) (klager) heeft op 2 februari 2017 een klacht ingediend tegen mevrouw J. Dijke en de hoofdredacteur van Leidsch Dagblad. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van klager en van de heer A. Paans, algemeen-hoofdredacteur, betrokken van 24 februari 2017 en van 3 maart 2017.

De zaak is behandeld op de zitting van de Raad van 21 april 2017 in aanwezigheid van mevrouw Dijke en de heer Paans. Klager is daar niet verschenen.

DE FEITEN

Op 16 januari 2017 heeft fotograaf Hielco Kuipers het volgende bericht op zijn zakelijke, openbare Facebookpagina geplaatst:
“Wat heb ik nu aan mijn fiets hangen... ?
De beroemde terras op ijs foto op het ijs voor Annies die ik 6 februari 2012 maakte en die de wereldpers haalde wordt nu door ene [X] gekaapt! Let op, dit schrijft hij mij per mail:
Dear Mr Kuipers
A few days ago i found on Facebook a picture, published by the city of Leiden, that i know very well since it has been taken by me few years ago!! The city indicates that it was taken by you. I would like to understand how you got it and if you confirm you are claiming the authorship and ownership. The picture is attached to my message for you to recognise it. I took it in Leiden in February 2012, i use it on my Facebook account since many years, where it has been stolen. I would like to ask you to remove the picture. Thanks for your understanding. I'm waiting for your feedback,
Regards
[X]
Hoe brutaal kan je zijn zeg...”

Vervolgens verscheen op 18 januari 2017 in Leidsch Dagblad een artikel van de hand van Dijke met de kop “Kuipers’ beroemde ijsfoto gekaapt”. Het artikel bevat onder meer de volgende passages:
“Een foto kapen waarvan heel Leiden weet dat hij van de hand van fotograaf Hielco Kuipers is. [X] probeerde het, maar zonder succes. Op Facebook regent het steunbetuigingen aan Kuipers’ adres. Het gaat om de beroemde foto die Kuipers in februari 2012 maakte van het ijsterras bij Annies op de Nieuwe Rijn. Kuipers zag er een mooie foto in en stuurde die naar het Leidsch Dagblad, waar de foto op Facebook werd gezet.”
en
“Een paar dagen geleden werd hij er echter door Leiden Marketing op gewezen dat [X] zich uitgaf als de maker van de foto. Kuipers nam contact met hem op en kreeg meteen een reactie van [X]: ‘verwijder de foto, hij is van mij.’ Kuipers zegt dat hij niets op de spits wil drijven. ,,Maar ik wil dit wel rechtzetten.” Daarom plaatste hij er iets over op Facebook, waarop heel veel mensen reageerden.”
en
“[X] verweert zich door te zeggen dat hij zich nog goed kan herinneren dat hij de foto nam. ,,Ik kan alleen het origineel niet meer vinden. Misschien is het verdwenen bij een computercrash of bij mijn scheiding.” Maar hij twijfelt ook. ,,Misschien heb ik de foto lang geleden gedownload en ben ik dat vergeten.” Hij is boos op Kuipers, die zijn e-mail online heeft gezet. Zijn Facebookaccount heeft hij opgeheven. ,,Ik werd beschuldigd.” De zakelijke Facebookpagina van Kuipers is door Facebook tijdelijk op zwart gezet.”

De klacht is gericht tegen het artikel in Leidsch Dagblad.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager voert – kort samengevat – aan dat hij in het artikel ten onrechte ervan wordt beschuldigd een poging te hebben gedaan de foto te kapen en dat onvoldoende recht wordt gedaan aan zijn kant van het verhaal. De foto is al jaren, in een lage resolutie, opgeslagen tussen zijn bestanden en daarom was hij in de war over de oorsprong van de foto. Hij heeft oprecht gedacht dat hij de maker van de foto was, maar daarin heeft hij zich vergist. Nadat bleek dat hij het origineel niet kon vinden en dus niet kon bewijzen dat hij de maker was, heeft hij dit snel en publiekelijk erkend. De beschuldiging van ‘diefstal’ is in dit verband disproportioneel. Overigens heeft hij contact opgenomen met Kuipers – en niet andersom, zoals in het artikel vermeld – in de hoop dat de kwestie zo snel mogelijk zou worden opgelost. Het gaat om een privékwestie, die niet in de krant terecht had moeten komen, aldus klager.
Verder wijst hij op het sms- en WhatsApp-contact dat hij op 17 januari 2017 met Dijke heeft gehad. Klager begrijpt niet dat Dijke is uitgegaan van de juistheid van het verhaal van Kuipers vanwege het enkele feit dat zij hem kende. Ook begrijpt hij niet dat Dijke het makerschap van Kuipers beschouwt als een evident feit voor iedereen in Leiden.
Klager maakt zich zorgen over de enorme vertekening van de werkelijkheid in het artikel en de negatieve teneur jegens hem. Hij wijst erop dat hij in talloze reacties op de Facebookpagina van Kuipers is beledigd en bedreigd, terwijl in het artikel alleen wordt gerept over steunbetuigingen aan Kuipers. Klager voelt zich aangevallen door de publicatie, waarin hij wordt beschuldigd van iets ernstigs – het kapen van de foto – terwijl hij dat niet had zo had bedoeld. Na de publicatie heeft hij nog verzocht om te mogen reageren op de beschuldigingen, maar dat verzoek is afgewezen.
Ten slotte maakt klager er bezwaar tegen dat Dijke zijn herhaaldelijk verzoek om anoniem te blijven, niet heeft gehonoreerd. Volgens klager is de vermelding van zijn naam niet nodig voor de berichtgeving. Dat zijn naam uiteindelijk is verwijderd uit de internetpublicatie vindt klager onvoldoende.

Dijke en Leidsch Dagblad stellen daar tegenover dat het bericht van Kuipers op zijn Facebookpagina en de vele reacties daarop aanleiding waren om over de kwestie te publiceren. Zij hebben op journalistieke wijze aandacht besteed aan het dispuut over de herkomst van de foto. Op de zitting licht Paans toe dat het gaat om een iconische foto, die doet denken aan een werk van een 17e-eeuwse meester. Het is in de regio nieuwswaardig dat er een discussie bestaat over het auteursrecht op de foto en het is dan ook journalistiek relevant om daarover te berichten. De beschuldiging dat klager de foto zou hebben ‘gekaapt’ is afkomstig van Kuipers en daarvan heeft de krant verslag gedaan. Het staat bovendien vast dat de gewraakte foto door Kuipers gemaakt is. Leidsch Dagblad heeft zijn foto destijds als eerste krant gepubliceerd. Dijke en de krant vinden het vervelend voor klager dat hij op Facebook op onhebbelijke wijze is aangevallen, maar daarvoor zijn zij niet verantwoordelijk. Uit de heftige reacties is een van de mildere gekozen om de steun voor Kuipers op de sociale media te illustreren.
Verder voeren Dijke en de krant aan dat wederhoor is toegepast. Op 17 januari 2017 heeft Dijke met klager gebeld en hem vervolgens, omdat hij niet opnam, per sms benaderd. Aanvankelijk gaf hij aan geen tijd te hebben, maar drie uur later reageerde hij per WhatsApp. Langs die weg is hem om commentaar gevraagd, waarvan de kern in het artikel is verwerkt. Op zijn verzoek heeft klager inzage in het artikel gekregen. Aan de door hem geuite wensen om de invalshoek van het artikel te veranderen of met zijn vrienden te spreken is niet voldaan. Daarvoor was geen aanleiding, omdat de feiten duidelijk waren.
Ten aanzien van de vermelding van klagers naam wijzen Dijke en de krant erop dat deze door de berichtgeving op Facebook al ‘op straat’ lag. Het was daarom niet nodig klager (direct) te anonimiseren. De naam hoefde echter niet onnodig lang in de internetpublicatie te staan en daarom is deze, ter bescherming van klager, alsnog verwijderd. Op de zitting deelt Paans desgevraagd mee dat de krant zo min mogelijk anonimiseert ten behoeve van de betrouwbaarheid van de berichtgeving richting de lezers.
Volgens Dijke en de krant was de berichtgeving correct en zorgvuldig. Er was dan ook geen aanleiding voor een rectificatie, het maken van excuses of verwijdering van het artikel van de website van de krant. Na publicatie heeft klager om een vervolgverhaal gevraagd, waarin hij opnieuw zijn visie kon geven. Daar heeft de redactie van afgezien, omdat hij al uitgebreid aan het woord was gelaten en de kwestie geen follow-up rechtvaardigde.
Dijke en Leidsch Dagblad concluderen dat zij journalistiek zorgvuldig hebben gehandeld.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad stelt voorop dat de journalist en zijn redactie vrij zijn in de selectie van nieuws. Het is aan de redactie om te bepalen vanuit welke invalshoek(en) een onderwerp wordt belicht en in welke context het bericht wordt gebracht.
Het is voorstelbaar dat de door Dijke gekozen invalshoek klager niet welgevallig is. In het geheel bezien is echter geen vertekend beeld of onzorgvuldige weergave van de kwestie gegeven, waardoor sprake zou zijn van niet-waarheidsgetrouwe berichtgeving. Dijke mocht putten uit de informatie op de Facebookpagina van Kuipers, waarin deze klager daadwerkelijk van het ‘kapen’ van zijn foto beschuldigde. Daarbij komt dat klager door zijn handelwijze deze beschuldiging min of meer over zichzelf heeft afgeroepen, ook al waren zijn bedoelingen integer, zoals hij heeft benadrukt. Verder heeft Dijke het wederhoor van klager adequaat in de publicatie verwerkt. Aan de lezer is voldoende duidelijk gemaakt dat klager erover twijfelde of hij de maker van de foto was en dat hij zich dus mogelijk had vergist. In dit opzicht hebben Dijke en de krant journalistiek zorgvuldig gehandeld.

Het voorgaande neemt niet weg dat een journalist steeds een afweging moet maken tussen het belang dat met de publicatie is gediend en de belangen die door de publicatie zouden kunnen worden geschaad. Daarbij moet rekening worden gehouden met alle omstandigheden. Ook brengt de journalistieke verantwoordelijkheid met zich mee dat de persoonlijke levenssfeer over wie wordt gepubliceerd niet verder mag worden aangetast dan in het kader van een open berichtgeving nodig is.
De Raad acht de vermelding van de naam van klager in dit geval niet relevant. Het artikel had eenvoudig geanonimiseerd kunnen worden, zonder dat dit afbreuk zou hebben gedaan aan de inhoud en nieuwswaarde ervan. Daarbij had Dijke ermee rekening moeten houden dat klager niet zelf heeft gezorgd voor de publiciteit op Facebook en dat de zakelijke Facebookpagina van Kuipers op het moment van de publicatie tijdelijk ‘op zwart’ was gezet. Het had dan ook op de weg van Dijke en de krant gelegen het verzoek van klager tot anonimisering te honoreren. Door toch de naam van klager te vermelden hebben Dijke en Leidsch Dagblad journalistiek onzorgvuldig gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: A., B.3 en C.1
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2016/34 en RvdJ 2016/12 

CONCLUSIE

Voor zover de klacht is gericht tegen de vermelding van de naam van klager hebben Dijke en Leidsch Dagblad journalistiek onzorgvuldig gehandeld. Verder was hun handelwijze zorgvuldig.

De Raad doet de aanbeveling aan Leidsch Dagblad om deze conclusie integraal of in samenvatting te publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 30 juni 2017 door mw. mr. A.E. van Montfrans, voorzitter, M.C. Doolaard, mw. dr. Y.M. de Haan, mw. M.E.L. Kogeldans en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.


 

Publicatie in Leidsch Dagblad d.d. 1 juli 2017