2016/12 onzorgvuldig

Samenvatting

S. Quekel en Omroep Brabant hebben journalistiek onzorgvuldig gehandeld door in berichtgeving over criminaliteit en onrust in een bepaalde straat in Geldrop de naam en andere persoonlijke gegevens van klaagster te vermelden, waardoor zij in het artikel herkenbaar was. Klaagster had laten weten dat zij destijds uit angst was verhuisd. Daarom hadden Quekel en de omroep rekening moeten houden met de mogelijkheid dat klaagster, door de wijze waarop zij werd aangeduid, onnodig werd benadeeld. De omroep heeft ook erkend dat zij het artikel op haar Facebook-pagina ten onrechte niet direct heeft aangepast. De Raad doet de aanbeveling aan Omroep Brabant om deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

S. Quekel en de hoofdredacteur van Omroep Brabant

Op 5 januari 2016 heeft mevrouw Y namens haar moeder mevrouw X (klaagster) een klacht ingediend tegen de heer S. Quekel en de hoofdredacteur van Omroep Brabant. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie betrokken van klaagster en mevrouw M. L’Homme, adjunct-hoofdredacteur, van 3 en 9 februari 2016.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 19 februari 2016 in aanwezigheid van de heer Quekel en mevrouw A. Moerel, eindredacteur. Klaagster is daar niet verschenen.

DE FEITEN

Op 23 november 2015 verscheen op de website van Omroep Brabant een bericht van de hand van de heer Quekel met de kop “’Ik stond doodsangsten uit’, vertelt […aanduiding en leeftijd klaagster…] Geldrop” en de intro:
“Het huis aan de […]straat in Geldrop waar vlak voor een auto ontplofte, is al jaren een bron van criminaliteit en onrust. Dat zegt […aanduiding…] [X] [(leeftijd)] tegen Omroep Brabant. De […]-jarige vrouw verhuisde jaren geleden omdat ze zich er niet meer veilig voelde. “Ik durfde niet tegen ze (te) praten, omdat ik vreesde voor de veiligheid van mijzelf en van mijn kleinkinderen.””

Het bericht is vervolgens aangepast, waarbij de naam van klaagster is verwijderd.

Daarna is het bericht nogmaals aangepast, waarbij de kop is gewijzigd in “’Ik stond doodsangsten uit’, vertelt kennis van ‘probleemhuis’ in Geldrop” en de intro in:
“Het huis aan de […]straat in Geldrop waar zaterdagnacht in de buurt een Renault Twingo ontplofte, is al jaren een bron van criminaliteit en onrust. Dat schetsen anonieme bronnen in gesprek met Omroep Brabant. Jaren geleden vertrok er zelfs iemand uit de buurt omdat diegene zich niet meer veilig voelde. “Ik durfde niet tegen ze (te) praten, omdat ik vreesde voor de veiligheid van mijzelf.””

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster voert aan dat zij na het voorval door verslaggever Quekel is gebeld, die zich in eerste instantie zou hebben voorgedaan als iemand van de politie die meer wilde weten over de straat. Zij heeft toen haar verhaal verteld en uitgelegd waarom zij destijds is verhuisd. In dat gesprek heeft hij haar gevraagd om haar naam te spellen en dat heeft zij gedaan, omdat ze dacht dat ze met iemand van de politie sprak. Daarna heeft de heer Quekel haar nogmaals gebeld, waarbij hij meedeelde dat hij voor Omroep Brabant werkt. Ze heeft een en ander verteld aan haar dochter, die er vervolgens achter kwam dat de naam van haar moeder in het bericht op de website van de omroep was vermeld. Zij heeft direct contact opgenomen met de omroep en bezwaar gemaakt tegen de naamsvermelding van haar moeder. Er is toen gezegd dat het bericht zou worden aangepast. Hoewel dat uiteindelijk ook is gebeurd, was het leed al geschied. Een gelijkluidend bericht op de Facebook-pagina van de omroep was niet aangepast. De dochter van klaagster heeft ook verzocht om verwijdering van het bericht, maar dat heeft de omroep geweigerd. Daarop heeft klaagster contact opgenomen met de politie, die heeft geprobeerd te bemiddelen door de omroep uit te nodigen voor een gesprek. De omroep wilde hier niet aan meewerken.
Klaagster vindt dat door de berichtgeving haar privacy is geschonden. Zij loopt hierdoor nu met angst over straat.

De heer Quekel en Omroep Brabant vinden dat zij in deze zaak juist hebben gehandeld. weet zeker dat hij zich ook in het eerste telefoongesprek met klaagster heeft voorgesteld als verslaggever van de omroep. Mevrouw Moerel bevestigt dat; zij heeft met dat gesprek meegeluisterd. Quekel sluit niet uit dat, gezien de leeftijd van klaagster, het kan dat ze dacht dat ze met de politie sprak. Het was een ontspannen gesprek, dat ongeveer een kwartier heeft geduurd. In dat gesprek heeft klaagster ook nog uitdrukkelijk haar naam gespeld voor het bericht. Quekel had de indruk dat klaagster goed begreep wie hij was en ze wilde kennelijk haar informatie delen. Daarna heeft hij klaagster teruggebeld om te vragen naar haar leeftijd. Zij heeft nooit laten weten dat ze anoniem wilde blijven. Van een privacyschending is dan ook geen sprake. Op de zitting voegt Quekel hieraan toe dat een journalist altijd zo volledig mogelijk moet zijn en dat klaagster zelf aan de berichtgeving wilde meewerken. Achteraf bezien had hij wellicht meteen tot anonimisering over kunnen gaan, maar op dat moment achtte hij dat niet nodig. Hij vindt het bijzonder vervelend dat klaagster door de berichtgeving in de problemen is gebracht, maar vindt niet dat hij fout heeft gehandeld. 
De omroep heeft het bericht niet verwijderd, omdat zij dit alleen doet als een bericht inhoudelijk niet klopt. Dat was hier niet het geval. In overleg met de hoofdredactie is, als gebaar naar klaagster toe, besloten om het bericht te anonimiseren. Er zaten ongeveer 40 minuten tussen de plaatsing van het bericht met de naam van klaagster en het geanonimiseerde bericht. Moerel heeft het beleid met betrekking tot het verwijderen van berichten uitgelegd aan de dochter van klaagster. Ook Quekel heeft op de betreffende dag verschillende malen gesproken met de dochter. Na aanpassing van het bericht op de website en de apps, is de redactie vergeten dit ook op Facebook te doen. Daarover belde vervolgens de schoonzoon van klaagster. Moerel heeft hiervoor meteen excuses aangeboden en toegezegd dit alsnog te doen.
De omroep heeft de uitnodiging van de politie voor een persoonlijk gesprek afgeslagen, omdat niet alle telefoongesprekken met de dochter en schoonzoon van klaagster prettig waren verlopen. Wel is voorgesteld om de familie nog eens telefonisch te woord te staan, maar van dat aanbod wilden zij geen gebruik maken.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Kern van de klacht is dat met de vermelding van klaagsters naam en de aanduiding [‘…’] in combinatie met haar leeftijd, haar privacy is aangetast. Quekel heeft in dat verband aangevoerd dat klaagster in een van de telefoongesprekken uitdrukkelijk haar naam heeft gespeld en nooit heeft laten weten dat ze anoniem wilde blijven. Volgens klaagster heeft ze dat gedaan omdat ze dacht dat ze met iemand van de politie sprak.

De Raad kan niet vaststellen welk standpunt juist is. De vraag is nu of Quekel uit eigen beweging tot anonimisering had moeten overgaan, ook als klaagster haar naam zou hebben gespeld in de wetenschap dat ze met een verslaggever van Omroep Brabant sprak.

Een journalist moet, naar het oordeel van de Raad, steeds een afweging maken tussen het belang dat met de publicatie is gediend en de belangen die door de publicatie zouden kunnen worden geschaad. Hierbij moet rekening worden gehouden met alle omstandigheden. Ook brengt de journalistieke verantwoordelijkheid met zich mee dat de persoonlijke levenssfeer over wie wordt gepubliceerd niet verder mag worden aangetast dan in het kader van een open berichtgeving nodig is.

De Raad acht de vermelding van de naam van klaagster in dit geval niet relevant en zelfs disfunctioneel. Het artikel had eenvoudig geanonimiseerd kunnen worden, zonder dat dit afbreuk zou hebben gedaan aan de inhoud en nieuwswaarde ervan. Daarbij had Quekel rekening moeten houden met de mogelijkheid dat de naamsvermelding – gelet op de leeftijd van klaagster, haar ervaringen in het verleden en het feit dat zij uit angst is verhuisd – tot onevenredig nadeel voor klaagster zou leiden. Door haar volledige naam te vermelden hebben Quekel en Omroep Brabant journalistiek ontoelaatbaar gehandeld.
Dit is onvoldoende rechtgezet in de eerste aanpassing, waarbij alleen de naam van klaagster is verwijderd. Volgens de Raad was zij door de aanduiding [‘…’] in combinatie met haar leeftijd zodanig herkenbaar, dat klaagster daardoor nog steeds onnodig werd benadeeld. Verder heeft de omroep erkend dat zij het artikel op haar Facebook-pagina ten onrechte niet direct heeft aangepast. Quekel en de omroep hebben hiermee onvoldoende blijk gegeven dat zij oog hadden voor de nadelige gevolgen die klaagster als gevolg van de berichtgeving – mede gezien de invloed van internet – zou kunnen ondervinden.

Een en ander leidt tot de conclusie dat Quekel en Omroep Brabant journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld. Het had hen gesierd als ze op uitnodiging van de politie het gesprek met klaagster waren aangegaan dan wel zelf het initiatief tot een nieuw telefoongesprek hadden genomen.

Relevant punt uit de Leidraad van de Raad: C.1
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2006/25 en RvdJ 2005/55

CONCLUSIE

Quekel en Omroep Brabant hebben journalistiek onzorgvuldig gehandeld.

De Raad doet de aanbeveling aan Omroep Brabant om deze conclusie integraal of in samenvatting op haar website te publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 13 april 2016 door mw. mr. A.E. van Montfrans, voorzitter, mw. M.J.H. Doomen, mw. drs. J.X. Nabibaks, mw. J.R. van Ooijen en H.P.M.J. Schneider, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.