2015/17 onzorgvuldig

Samenvatting

Journalist L. Siepe heeft als onderzoeksjournalist meegewerkt aan een talkshow over ‘de duistere wereld van de Groninger pandjesbazen’, die vervolgens door OOST TV (onderdeel van Omroep Organisatie Groningen) is uitgezonden. In dat verband heeft Siepe zich ook uitgelaten over klager, die – als een van de bedoelde pandjesbazen – een ‘louche figuur’ zou zijn en studio’s van ‘inferieure’ kwaliteit bouwt. Verder heeft Siepe gemeld dat klager in 2010 is uitverkozen tot ‘huisjesmelker van het jaar’, waarbij hij bewust heeft nagelaten te vermelden dat de (voornaamste) klachten over klager ongefundeerd waren en dat door de organisaties die verantwoordelijk waren voor de verkiezing ten aanzien van die verkiezing publiekelijk excuses aan klager zijn aangeboden. Voor de diskwalificaties aan het adres van klager bestond onvoldoende grondslag. Bovendien heeft Siepe ten onrechte nagelaten wederhoor toe te passen. Met zijn uitlatingen over klager heeft Siepe journalistiek onzorgvuldig gehandeld. De Raad doet de aanbeveling aan Siepe om deze conclusie ruimhartig te (laten) publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

L. Siepe

De heer mr. J.S. Knot, advocaat te Groningen, heeft op 13 mei 2015 namens de heer X (klager) een klacht ingediend tegen de journalist L. Siepe over uitlatingen die Siepe heeft gedaan in een talkshow die door OOG TV is uitgezonden. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van klager en de heer Siepe betrokken van 20 mei 2015 en van 6 juni 2015.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 21 augustus 2015 in aanwezigheid van klager, diens echtgenote, mr. Knot en de heer Siepe. Mr. Knot heeft het standpunt van klager toegelicht aan de hand van een notitie.

Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad een opname van de uitzending bekeken.

FEITEN

Op 19 april 2015 is door OOG TV – onderdeel van Omroep Organisatie Groningen – een aflevering van de talkshow ‘Stand van Stad’ opgenomen. In deze aflevering, die een dag later door OOG TV is uitgezonden, is onder meer aandacht besteed aan ‘de duistere wereld van de Groninger pandjesbazen’. Dit item is door de presentator ingeleid als volgt:
“U heeft ze vast gezien, die posters in de Schilderswijk met ‘Stop de Optop’. En het is u vast ook opgevallen dat appartementen voor jongeren de laatste tijd als bosjes uit de grond gestampt worden. We hebben het er aan deze tafel ook al eerder over gehad, maar vroegen ons nu specifiek af: wie zijn nou die ontwikkelaars van al die panden? Hoeveel woningen hebben ze? Wat zijn hun plannen? En wat doet dit met de stad? Journalist Lejo Siepe, bekend van onthullende reportages bij Argos, Radio 1, dook er voor ons in.”
Siepe zegt vervolgens:
“Ik keek ervan op vanwege het grote aantal woningen dat in het bezit is van de nieuwe eigenaren, de pandjesbazen, de huisjesmelkers worden ze ook wel genoemd. (…)”
Terwijl een overzicht met de kop “Bezit grote eigenaren” in beeld wordt gebracht waarbij als eerste is vermeld “[X] – 391”, zegt Siepe onder meer:
“Wat je dan ziet is dat deze mensen vaak buiten de stad wonen, absoluut geen binding hebben met de stad.(…)”
En even later vervolgt hij:
“Als je ziet naar de kwaliteit van de woningen die deze mensen aan het bouwen zijn, deze pandjesbazen, dan kun je daar grote vraagtekens bij stellen. De studio’s die ze bouwen is vaak van inferieure kwaliteit. (…)”
Hierna wordt een aantal foto’s getoond, waaronder een foto van een gevel met scheuren waarbij wordt vermeld dat dit een pand van klager zou zijn. De foto’s zouden volgens Siepe ‘exemplarisch zijn voor de staat van de pandjes’.
Wat verder in het gesprek zegt Siepe, terwijl een portretfoto van klager wordt getoond:
“[X] is in 2010 uitgeroepen tot ‘huisjesmelker van het jaar’ door de Landelijke Studentenvereniging en door de SP vanwege intimidatie van studenten, vanwege dat hij geprobeerd heeft om studenten eruit te werken, ook vanwege het feit dat hij allerlei manieren heeft verzonnen om die panden in zijn bezit te krijgen. Hij is vorig jaar in opspraak gekomen omdat hij bij een voetbalwedstrijd iemand een kaakslag toediende. (…) Een hele gezellige man. Je merkt wel dat die pandjesbazen, ze hebben iets louche over zich heen. En de vraag is ook: hoe kan het in godsnaam dat er vergunningen worden verleend aan dit soort louche figuren?”

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager heeft – samengevat – aangevoerd dat de uitlatingen van Siepe ten onrechte zijn gedaan. Ze pretenderen ‘feiten’ dan wel ‘onderzoeksresultaten’ te zijn, terwijl sprake is van suggestieve en tendentieuze meningen c.q. geruchten van Siepe en van derden. Daarnaast zijn enkele uitingen feitelijk onjuist. Hij licht toe dat hij in 2010 door ROOD, de jongerenorganisatie van SP, in samenwerking met de landelijke studentenvakbond LSVB aanvankelijk was uitverkoren tot ‘huisjesmelker van het jaar’. Siepe heeft echter nagelaten te vermelden dat daarna duidelijk is geworden dat de tip die ROOD had ontvangen een ‘hospiteergrap’ bleek te zijn en niet op feiten was gebaseerd. ROOD en LSVB hebben daarom vervolgens, zoals blijkt uit een door klager overgelegd persbericht van ROOD, uitgebreid hun excuses gemaakt aan het adres van klager. Een jaar later kreeg klager zelfs van ROOD een prijs, de Gouden Pluim 2011, uitgereikt omdat er – in het kader van dezelfde verkiezing een jaar later – geen klachten over hem waren binnengekomen. De berichtgeving van Siepe is op dit punt niet alleen onjuist, maar ook onvolledig, waardoor een eenzijdig en tendentieus beeld over klager is ontstaan. Ook in zijn reactie op de klacht vermeldt Siepe onjuistheden; zo berekent klager de laagste administratiekosten van alle verhuurders in Groningen.
Voor wat betreft de getoonde foto van de gevel met scheuren wijst klager erop dat dit pand niet van hem is en bovendien nog afgestuct moest worden. Aan de hand van die foto heeft Siepe ten onrechte beweerd dat klager panden van een inferieure kwaliteit zou leveren.
Voorts meent klager dat Siepe onvoldoende onderscheid heeft gemaakt tussen feiten, beweringen en meningen. Zo heeft Siepe onder meer ten onrechte als feit gepresenteerd dat klager geen binding zou hebben met de stad en zonder onderbouwing gesteld dat de pandjesbazen iets ‘louche’ over zich hebben. Siepe pretendeert onderzoek te hebben gedaan, maar heeft in het geheel geen bronnen onthuld. Daarbij heeft Siepe zijn positie en achtergrond als Argos-onderzoeksjournalist misbruikt, aldus klager.
Hij vindt verder dat Siepe heeft nagelaten hem de mogelijkheid te geven om de beschuldigingen te weerspreken en dat die beschuldigingen vervolgens ten onrechte als onbetwiste feiten zijn gepresenteerd. Weliswaar heeft OOG TV – en dus niet Siepe – op 21 april 2015 aangeboden om klager te interviewen, maar toen was het kwaad al geschied. Volgens klager had Siepe vóórdat hij in de talkshow verscheen, kunnen en moeten overgaan tot het toepassen van wederhoor.
Bovendien is sprake van onnodig grievende berichtgeving; er is ‘op de man’ gespeeld, onder meer door het tonen van een uitvergrote portretfoto. Hierdoor is zijn privacy ernstig geschaad, aldus klager. Hij betoogt ten slotte dat Siepe heeft geweigerd een passende en ruimhartige rechtzetting te publiceren.
Klager concludeert dat Siepe diverse artikelen uit de Leidraad van de Raad op ernstige wijze heeft geschonden. Desgevraagd licht hij op de zitting nog toe dat hij zijn klacht heeft gericht tot Siepe (en niet tot OOG TV), omdat deze wellicht in het radioprogramma Argos nog aandacht aan de kwestie gaat besteden.
 
Siepe stelt daar tegenover dat bij de totstandkoming van de talkshow meerdere partijen waren betrokken: Platform Gras, Dagblad van het Noorden, Groninger Forum en OOG TV. Hij heeft in samenwerking met Platform Gras gedegen onderzoek gedaan in het kadaster naar ‘de vermogenspositie’ van enkele grote pandjesbazen in de stad Groningen. Hij beschikt over uitvoerige Excell-bestanden met kadastrale gegevens, uitgesplitst per eigenaar, die hij heeft bestudeerd. In de talkshow heeft hij daarvan een aantal voorbeelden genoemd. Verder heeft hij onderzoek verricht bij diverse commissies, waaronder de Welstandscommissie. Uitgangspunt van het thema was de vraag of in Groningen huisjesmelkers de rol van woningcorporaties gaan overnemen. Siepe heeft klager uitgelicht omdat klager als grote verhuurder een relevante rol speelt in de stad Groningen. Daarom heeft hij in de talkshow een aantal feitelijke omstandigheden genoemd over de werkwijze van klager en informatie over het verleden van klager vermeld. Zo is klager in het voorjaar van 2010 uitgeroepen tot ‘huisjesmelker van het jaar’. Enige tijd na de uitreiking bleken enkele serieuze klachten niet te kloppen. Hoewel hij daarvan op de hoogte was heeft hij dit niet in de talkshow vermeld, omdat de uitverkiezing van klager nu eenmaal een feit was, gebaseerd op een groot aantal incidenten. Dat enkele daarvan later zijn herroepen, doet daaraan volgens Siepe niet af. Hij wijst erop dat klager tot op de dag van vandaag hoge administratie- en huurkosten vraagt en klachten van studenten over huisvesting terzijde schuift. Desgevraagd deelt Siepe op de zitting nog mee dat er in de talkshow een beperkte tijd was voor een toelichting. Ten aanzien van de uitverkiezing van klager tot ‘huisjesmelker van het jaar’ bleken een paar elementen onjuist, maar zijn andere feiten overeind gebleven. Er was dus slechts sprake van een ‘gedeeltelijke vrijspraak’, aldus Siepe.
Een ander feit dat hij naar voren heeft gebracht is de betrokkenheid van klager bij een vechtpartij tijdens een voetbalgala. Die vechtpartij is door RTV Noord geregistreerd. In die context heeft hij klager getypeerd als ‘een hele gezellige man’. En dit gedrag van klager rechtvaardigt ook de typering ‘louche type’, aldus Siepe. Hij meent dat het vermelden van die vechtpartij daarom – ter onderbouwing van de kwalificatie van klager – relevant was in het kader van de talkshow.
Verder heeft Siepe in de talkshow zijn persoonlijke mening gegeven over de staat dan wel uitstraling van verschillende panden die door pandjesbazen zijn gebouwd. Daarbij heeft hij vermeld dat het rendementsdenken voorop staat en dat bouwen onder architectuur niet voorkomt in het beleid van de pandjesbazen. Die mening werd ondermeer onderbouwd door een interview met een bewoonster, maar is ook gebaseerd op het meest recente jaarverslag van de Welstandscommissie.
Siepe voert voorts aan dat hij op 20 april 2015 in de ochtend is gebeld door de hoofdredacteur van OOG TV, nadat klager contact met de omroep had opgenomen. Siepe heeft toen aan de hoofdredacteur laten weten dat de feiten ten aanzien van klager klopten. Daarop heeft OOG besloten de talkshow integraal uit te zenden. Een dag later heeft de hoofdredacteur klager aangeboden hem in het kader van hoor en wederhoor te interviewen. Klager wilde de kwestie een aantal dagen laten bezinken en heeft daarna geen contact meer opgenomen met OOG. Er is dus wel degelijk een aanbod tot wederhoor gedaan, aldus Siepe. Op de zitting licht hij desgevraagd toe dat het niet nodig was om voorafgaand aan de talkshow wederhoor toe te passen, omdat het ging om feiten – het presenteren van onderzoeksresultaten – aangevuld met zijn persoonlijke mening.
Op de zitting laat Siepe nog weten dat hij bezig is met een onderzoek in andere steden. In Argos zal hij naar verwachting aandacht besteden aan het thema dat huisjesmelkers in grote studentensteden de rol van woningcorporaties overnemen.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad stelt voorop dat de (hoofd)redactie van OOG TV in eerste instantie verantwoordelijk is voor de gehele inhoud van de uitzending. De klacht is echter niet gericht tegen de (hoofd)redactie van het programma, maar tegen Siepe die in de talkshow werd geïnterviewd. Siepe was nadrukkelijk in zijn rol van onderzoekjournalist – en dus in de uitoefening van zijn beroep – te gast, zodat zijn optreden moet worden beschouwd als een ‘journalistieke gedraging’ in de zin van de Statuten en de Raad daarover kan oordelen.
In dit verband merkt de Raad op dat een journalist uiteraard in een talkshow zijn persoonlijke mening mag verkondigen. Als de journalist daarbij optreedt in de uitoefening van zijn beroep, zal hij echter wel journalistiek zorgvuldig behoren te handelen en dus onder meer voldoende onderscheid moeten maken tussen door hem gepresenteerde feiten en die persoonlijke mening.

In de uitzending is aandacht besteed aan de vraag of ‘huisjesmelkers’ de rol van woningcorporaties in de stad Groningen overnemen, vooral ten aanzien van studentenwoningen, en welke effecten dit heeft. Het kan maatschappelijk relevant en journalistiek geboden zijn om journalistiek onderzoek daarnaar te verrichten en daarbij aandacht te besteden aan de rol van klager, als verhuurder van een groot aantal woningen in Groningen. Het is immers een taak van de pers om misstanden aan de kaak te stellen.

Siepe is in de uitzending aangekondigd als onderzoeksjournalist en heeft op de zitting desgevraagd meegedeeld dat hetgeen hij in de uitzending naar voren heeft gebracht is gepresenteerd als journalistiek onderzoek. Voor zover Siepe (tevens) zijn persoonlijke mening heeft willen uiten, is dit voor de gemiddelde kijker waarschijnlijk niet duidelijk geweest.

Siepe heeft aannemelijk gemaakt dat er voldoende aanleiding bestond om aan het algemene probleem betreffende de woningverhuur in Groningen aandacht te besteden. Hij heeft echter onvoldoende aannemelijk gemaakt dat voor de specifieke beschuldigingen aan het adres van klager voldoende grondslag bestond. Zo bevatten de door Siepe overgelegde rapporten geen concrete aantijgingen over klager. Klager heeft verder onbetwist aangevoerd dat de foto van een gevel met scheuren geen pand van hem betrof en dat dit overigens niet te maken had met ‘inferieure’ kwaliteit.

Bovendien heeft Siepe erkend bewust te hebben verzwegen dat na de uitverkiezing van klager in 2010 tot ‘huisjesmelker van het jaar’ is gebleken dat de (voornaamste) klachten die ten grondslag lagen aan die verkiezing over klager ongefundeerd waren en dat de organisaties die verantwoordelijk waren voor die uitverkiezing (de jongerenorganisatie van de SP en de LSVB) daarvoor publiekelijk hun excuses aan klager hebben aangeboden. De door Siepe voor dat verzwijgen aangevoerde rechtvaardiging – de verkiezing was nu eenmaal een feit; aan de verkiezing lagen ook elementen ten grondslag die nog steeds waar waren – snijdt geen hout. De verkiezing was nu net gebaseerd op een verondersteld samenstel van elementen waarvan een aantal niet bleek te kloppen. Door dit onvermeld te laten heeft Siepe zijn toehoorders bewust op een verkeerd been gezet. Hij deed het voorkomen of de uitverkiezing tot ‘huisjesmelker van het jaar’ nog steeds werd gedragen door de organisaties die verantwoordelijk waren voor de uitverkiezing, terwijl hij in feite slechts zijn eigen mening kracht wilde bijzetten. Hij heeft aldus bewust op een zeer wezenlijk punt onvolledig en daarmee tendentieus over klager bericht.

Gezien het voorgaande moet worden geconcludeerd dat de diskwalificatie ‘louche’ ter aanduiding van klager als woningverhuurder, tendentieus en onnodig grievend is geweest. De Raad acht het niet journalistiek toelaatbaar dat Siepe ter onderbouwing van die kwalificatie – gebruikt in het kader van de beroepsuitoefening van klager – heeft meegedeeld dat klager betrokken is geweest bij een vechtpartij die niet (direct) in verband staat met die beroepsuitoefening.

De Raad deelt verder het standpunt van Siepe niet, dat het toepassen van wederhoor voorafgaand aan de talkshow niet nodig was omdat Siepe daarin alleen feitelijke onderzoeksresultaten presenteerde, aangevuld met zijn persoonlijke mening. De uitlatingen aan het adres van klager waren zodanig diskwalificerend dat Siepe deze niet zonder toepassing van wederhoor had mogen doen. Hij had er ook voor kunnen kiezen de uitlatingen minder stellig te brengen en terughoudender over klager te berichten, maar dat heeft hij niet gedaan. Met zijn werkwijze heeft Siepe niet fair tegenover klager gehandeld en eenzijdig over klager bericht.

Een en ander leidt tot de conclusie dat Siepe met zijn uitlatingen over klager journalistiek onzorgvuldig heeft gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: A., B. en C.
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2011/41 en RvdJ 2011/13

CONCLUSIE

Siepe heeft journalistiek onzorgvuldig gehandeld.

De Raad doet de aanbeveling aan Siepe om deze conclusie integraal of in samenvatting te (laten) publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 22 oktober 2015 door prof. mr. B.E.P. Myjer, voorzitter, M.C. Doolaard, mw. M.J.H. Doomen, mw. drs. J.X. Nabibaks en mw. J.G.T.M. Wartenbergh, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.