2014/9 onzorgvuldig

Samenvatting

 
In het artikel “Artikel 1 in de politiek wordt nu Eigen Kracht”, dat gaat over het beeldende kunstklimaat in Hengelo, heeft de Roskam feiten en meningen door elkaar gehaald. Verder bevat de publicatie een aantal onjuistheden. De klacht was voorgelegd door A. Olszanowski en Stichting Artikel 1 Overijssel, die in de publicatie in een negatief daglicht worden gesteld. De Raad voor de Journalistiek vindt dat de Roskam journalistiek onzorgvuldig heeft gehandeld en doet de aanbeveling aan de Roskam om deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
A. Olszanowski en Stichting Artikel 1 Overijssel
 
tegen
 
de hoofdredacteur van de Roskam
 
De heer A. Olszanowski te Enschede heeft bij klachtformulier van 9 september 2013 met drie bijlagen mede namens Stichting Artikel 1 Overijssel (hierna: klagers) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van de Roskam. Hierop heeft H. Pape, hoofdredacteur, geantwoord in een e-mail van 23 oktober 2013 met één bijlage.
 
De zaak is behandeld op de zitting van de Raad van 22 november 2013 in aanwezigheid van Olszanowski, directeur-bestuurder van Stichting Artikel 1 Overijssel. Aan de zijde van de Roskam is niemand verschenen.
 
DE FEITEN
 
Op 30 augustus 2013 is in de Roskam een artikel verschenen met de kop “Artikel 1 in de politiek wordt nu Eigen Kracht” en de bovenkop “De ondergang van de gesubsidieerde koninkrijkjes in Hengelo”. Het artikel is als volgt ingeleid:
“De gemeente Hengelo wil de bovenwettelijke bijdrage aan de Stichting Artikel 1 Overijssel stopzetten. Het gaat om een jaarlijks bedrag van 36.000 euro dat het Anti-Discriminatiebureau tot dusver besteedt aan voorlichtingsprogramma’s op scholen over gelijke behandeling. De toekenning van de subsidie was jarenlang een hamerstuk. Strijden tegen discriminatie kon immers nooit verkeerd zijn, er was geld genoeg. Vanwege de crisis voert de gemeenteraad nu een keer een inhoudelijke discussie. Het werd tijd.”
Het artikel bevat verder onder meer de volgende passages:
“Antek Olszanowski is directeur en voorzitter van de Stichting Artikel 1. Hij mobiliseerde zijn trouwe aanhang om het tij te keren. De sympathisanten zijn met name te vinden in de plaatselijke kunstwereld. Daarin is Olszanowski actief als bestuurslid en organisator van evenementen en projecten met zijn kompaan Pier van Dijk. Toen de gemeente eind vorig jaar stopte met de subsidie aan Kunstcentrum AkkuH richtten Olszanowski en Van Dijk hun Bureautje Voorwaarts op. En ze timmeren daarmee behoorlijk aan de weg. De beeldende kunst in Hengelo bloeit als nooit tevoren.”
en
“Dit moet de gemeente als muziek in de oren klinken na de teloorgang van AkkuH. Ook daar was het Olszanowski die al die dure baantjes maar weggegooid geld vond. Maar dat zul je dan altijd zien: het succes keert zich tegen de klokkenluider. Met het schrappen van de gemeentelijke bijdrage werd vooruitgelopen op het schrappen van zijn eigen gesubsidieerde baantje.”
en
 “Tot zover de onbezoldigde anti-discriminatie. Terug naar de subsidiefuik Artikel 1. Olszanowski en de zijnen liggen voorlopig nog goed bij de gestaalde 1 mei-kaders van de PvdA. Voor wat het waard is, want voor rechts in de Provinciale Staten is het opheffen van Bureau Artikel 1 een verleidelijke optie om ergens anders nare bezuinigingen te vermijden.”
en
“Artikel 1 is de spin in een regionaal web, zeggen ze zelf. Zeker in komkommertijd hebben ze altijd nieuwe schokkende cijfers die de noodzaak van discriminatiebestrijding onderstrepen. Daarom er maar weer eens een projectje tegenaan gegooid met halal-hapjes en een bekende rapper. Jammer dat er dan nog steeds mensen verveeld staan te geeuwen. Een kostbare rechtszaak tegen iemand met een Hitler-snorretje en Artikel 1 staat weer op de kaart, denken ze zelf.”
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klagers menen dat de verslaggever in zijn analyse feiten en fictie heeft vermengd en dit vervolgens als waarheid heeft gepresenteerd. Het resultaat daarvan is een tendentieus artikel, dat de lezer op het verkeerde been zet. Bovendien is ten onrechte geen wederhoor toegepast, waardoor het artikel diverse onjuistheden bevat.
Klagers lichten onder meer toe dat aan de toekenning van subsidies een subsidieverordening ten grondslag ligt en dat deze toekenning door de gemeenteraden wordt gecontroleerd. Het toekennen van subsidie was dus geen ‘hamerstuk’. Verder is onjuist dat er ‘geld genoeg was’. Om discriminatie effectief te bestrijden waren financiële middelen noodzakelijk, die ook in het recente verleden in onvoldoende mate werden toegekend. Dat ‘sympathisanten met name te vinden zijn in de plaatselijke kunstwereld’ klopt ook niet. Artikel 1 Overijssel wordt gedragen en gesubsidieerd door de 25 gemeenten in Overijssel. Ook kan niet worden gezegd dat ‘de beeldende kunst in Hengelo bloeit als nooit tevoren’. Het budget voor beeldende kunstproducties, het beeldende kunstcentrum AkkuH en de beleidsmedewerker beeldende kunst Hengelo zijn wegbezuinigd. Olszanowski is geen klokkenluider en heeft niet gezegd dat hij ‘al die dure baantjes maar weggegooid geld vond’. Overigens is Olszanowski geen directeur en voorzitter van de stichting, de wet staat die combinatie niet toe. De zin dat ‘Artikel 1 Overijssel voorlopig nog goed ligt bij de gestaalde 1 mei-kaders van de PvdA’ kunnen klagers niet plaatsen. Het bestuur van Artikel 1 Overijssel wordt gevormd door een Raad van Toezicht samengesteld uit twee vertegenwoordigers van de PvdA, twee van de VVD en vanwege een vacature wordt actief naar een CDA vertegenwoordiger gezocht. Artikel 1 Overijssel heeft nooit een ‘projectje met halal-hapjes en een bekende rapper’ georganiseerd. Ook heeft nooit een rechtszaak plaatsgevonden tegen iemand met een Hitler-snorretje. Klagers vinden deze laatste suggestie bovendien ongepast.
Klagers menen dat zij als gevolg van de subjectieve berichtgeving imagoschade hebben geleden. Zij hebben de Roskam in de gelegenheid gesteld haar excuus aan te bieden en een rectificatie te plaatsen, de Roskam heeft dat geweigerd.
 
Volgens Pape heeft de Roskam zorgvuldig gehandeld. De analyse bevat de mening van de verslaggever op basis van vergaarde informatie. De rode draad is de opvatting dat in deze tijd de afbouw van subsidie goed is en dat antidiscriminatie-acties uit ‘eigen kracht’ moeten voortkomen. Toepassing van wederhoor was daarom niet nodig.
In zijn reactie loopt Pape alle door klagers genoemde feitelijke onjuistheden langs. Hij concludeert dat slechts twee daarvan (min of meer) steek houden: de functie van Olszanowski is verkeerd beschreven en over het gebruik van de term ‘klokkenluider’ valt te twisten. Deze punten zijn in de analyse echter niet van wezenlijk belang, aldus Pape.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
De Raad stelt vast dat het artikel niet alleen de persoonlijke mening van de verslaggever bevat, maar dat ook over feiten wordt bericht. Daarbij is geen duidelijk onderscheid aangebracht tussen feiten en meningen.
 
Verder hebben klagers aannemelijk gemaakt dat de berichtgeving een aantal feitelijke onjuistheden bevat. Pape heeft dit ten aanzien van twee punten ook erkend. De Roskam had dit kunnen voorkomen door beter onderzoek te verrichten, bijvoorbeeld door klagers te benaderen en hen een aantal punten ter verificatie voor te leggen. De Roskam heeft dat ten onrechte niet gedaan.
 
De Raad vindt de gevolgde werkwijze niet nauwgezet. Die werkwijze leidde tot berichtgeving die onvoldoende waarheidsgetrouw is. Dit klemt te meer nu klagers in het artikel in een negatief daglicht worden gesteld.
 
Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: 1.1., 1.4. en 1.5.
 
CONCLUSIE
 
De Roskam heeft journalistiek onzorgvuldig gehandeld.
 
De Raad doet de aanbeveling aan de Roskam om deze conclusie integraal of in samenvatting in de Roskam te publiceren.
 
Zo vastgesteld door de Raad op 3 februari 2014 door mw. mr. A.E. van Montfrans, voorzitter, dr. H.J. Evers, A. Mellink MPA, drs. P. Olsthoorn en drs. H. Snijder, leden, in aanwezigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris en mw. mr. J.K. N'Daw, plaatsvervangend secretaris.