2014/38 deels-onzorgvuldig

Samenvatting

Het televisieprogramma 3Onderzoekt (EO) heeft journalistiek onzorgvuldig gehandeld door in de uitzending geen credits op te nemen voor de medewerking van M. van der Werff (klager). De redactie heeft hiervoor terecht excuses aangeboden. Maar de opstelling van klager na de uitzending heeft een adequate rechtzetting van de fout bemoeilijkt zo niet onmogelijk gemaakt. Op dit punt kan de redactie geen journalistiek ontoelaatbaar handelen worden verweten.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van  

M. van der Werff

tegen

de hoofdredacteur van 3Onderzoekt (EO)

De heer M. van der Werff te Heteren (klager) heeft op 4 april 2014 een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van 3Onderzoekt (EO). Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van de heer A. Rijneveld, eindredacteur bij 3Onderzoekt, van 29 april 2014 betrokken.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 23 mei 2014 in aanwezigheid van de heer Rijneveld. Klager kon daar niet aanwezig zijn en heeft zich ook niet laten vertegenwoordigen.

DE FEITEN  

Op 29 januari 2014 is in het televisieprogramma 3Onderzoekt een reportage uitgezonden met de titel “Oorlogsheld of oorlogsmisdadiger”.

Klager heeft op 2 februari 2014 zijn bezwaren over de uitzending voorgelegd aan de directie van de EO. Hierop heeft Rijneveld geantwoord in een e-mail van 6 maart 2014, die hij als ‘vertrouwelijk’ heeft aangeduid. In zijn reactie heeft Rijneveld voor zover nog van belang het volgende geschreven:
“Het is duidelijk dat u grote moeite hebt met onze uitzending ‘Is Mijn Opa Een Oorlogsmisdadiger?’ Ook is duidelijk dat u zich tekort gedaan voelt. Dat spijt me. De manier waarop u daar vervolgens aandacht voor vraagt ervaar ik, op mijn beurt, weer als niet zo prettig. Als u contact had opgenomen en met ons in gesprek was gegaan, direct na de uitzending, dan zou dat wellicht tot een meer bevredigend resultaat voor u hebben geleid. Nu rest mij niet veel meer dan een vrij formele reactie. Jammer, want een goed gesprek is zo veel beter. (…)
 
De Klachten
(…)
4 – De onderzoekers die op vrijwillige basis tijd, energie, financiën en kennis investeren om de EO in de gelegenheid te stellen een goed product af te leveren, verdienen daarvoor credits. Zou de EO de naar schatting 200 manuren op commerciële basis moeten inkopen, dan zou het maken van dit programma niet mogelijk zijn geweest. De credits zijn toegezegd, maar de belofte is niet nagekomen.
 
Dit is het enige punt dat deels terecht is. Wij betwisten dat er 200 uur ingestoken zou zijn. Wel moet erkend worden dat toegezegd is dat er een verwijzing zou komen, terwijl het daar door een communicatie misverstand niet van is gekomen. Daarvoor past het onze excuses aan te bieden.
Ik had u graag aangeboden om op onze website alsnog een verwijzing te plaatsen naar uw website en melding te maken van uw medewerking aan het programma. Maar gezien uw kritiek op onze uitzending ga ik er van uit dat u niet meer geassocieerd wil worden met de uitzending. Daar komt bij dat ik niet graag verwijs naar een website waarop u ons van alles verwijt en ook nog eens citeert uit vertrouwelijke mailtjes tussen u en mijn collega Elma.”

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager voert aan dat hem is gevraagd aan het progamma mee te werken. In ruil voor zijn inspanningen zou een duidelijke credit in het programma worden opgenomen. Deze belofte is niet nagekomen. Hij vindt de manier waarop de redactie zijn klacht heeft afgehandeld volstrekt onacceptabel. Excuses aanbieden na vijf weken en eisen dat deze excuses vertrouwelijk blijven is onredelijk en compenseert op geen enkele manier de nadelen die hij heeft ondervonden. Het niet nakomen van de belofte door de EO is voor zijn onderzoeksproject zeer nadelig. Hij zou niet zoveel uren hebben geïnvesteerd zonder toezegging van de credits.
Volgens klager heeft de EO geweigerd hem op een redelijke manier tegemoet te komen. Hij vraagt de Raad te beoordelen of het gedrag van de EO laakbaar is, en zo ja: in welke mate, en om te bepalen op welke wijze de EO alsnog voor genoegdoening moet zorgen.

Rijneveld stelt daar tegenover dat het hem betreurt dat de afspraak met klager niet is nagekomen. Klager was toegezegd dat hij de credits zou krijgen voor zijn medewerking aan het programma. Dit zou in de uitzending gebeuren in de vorm van een verwijzing naar bijvoorbeeld de website van de stichting van klager. Dit is door een interne communicatiefout niet gebeurd. Dit heeft hij ook aan klager laten weten.
Op de zitting voegt Rijneveld hieraan toe dat hij pas na een aantal weken op de bezwaren van klager heeft gereageerd, omdat deze veel meer omvattend waren dan de klacht zoals die nu bij de Raad is ingediend. Nadat de brief van klager van 2 februari 2014 was ontvangen, moest de redactie een en ander goed uitzoeken, ook omdat klager had aangekondigd zijn klacht eventueel voor te leggen aan de Raad. Verder benadrukt Rijneveld dat hij achteraf bereid was geweest alsnog op de website van 3Onderzoekt te verwijzen naar de website van klager. Daarvan heeft hij afgezien omdat klager inmiddels op zijn website e-mailcorrespondentie met een medewerkster van het programma had geplaatst en uitvoerig zijn grieven tegen de uitzending kenbaar had gemaakt. Rijneveld vindt de gang van zaken heel vervelend, maar kan geen andere tegemoetkoming richting klager bedenken. Hij is naar de zitting gekomen om nog eens toe te geven dat er een fout is gemaakt en daarvoor excuses aan te bieden. Dat wil hij ook nog wel opnieuw aan klager doen.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT

Niet ter discussie staat dat klager was toegezegd dat hij credits zou krijgen voor de medewerking aan het programma. Die credits zouden eruit bestaan dat in de uitzending zou worden verwezen naar de website van klager. Een journalist behoort gemaakte afspraken na te komen en dat is hier niet gebeurd. Rijneveld heeft dit ook erkend. De handelwijze van de redactie is op dit punt niet fair en journalistiek onzorgvuldig. Rijneveld heeft hiervoor terecht excuses aangeboden.

Verder heeft Rijneveld aangevoerd dat de redactie bereid was de fout recht te zetten door alsnog op de website van het programma te verwijzen naar de website van klager, maar dit heeft nagelaten vanwege de wijze waarop klager op die website over de kwestie heeft bericht. Klager heeft hierop niet gereageerd en was ook niet op de zitting om zijn standpunt nader toe te lichten. De Raad vindt het aannemelijk dat klager een adequate oplossing van het geschil danig heeft bemoeilijkt zo niet onmogelijk heeft gemaakt. De redactie kan daarom ten aanzien van de afhandeling van de klacht niet worden verweten journalistiek onzorgvuldig te hebben gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: 6.1.
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2013/2, RvdJ 2010/21
 
CONCLUSIE

3Onderzoekt heeft journalistiek onzorgvuldig gehandeld voor zover de klacht gaat over het niet nakomen van afspraken.
Ten aanzien van het afhandelen van de klacht heeft 3Onderzoekt journalistiek zorgvuldig gehandeld.

De Raad beveelt 3Onderzoekt aan om aan deze conclusie aandacht te besteden in een uitzending van het programma en anders deze conclusie integraal of in samenvatting op zijn website dan wel in een ander daartoe geëigend medium te publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 27 juni 2014 door mw. mr. C.C.W. Lange, voorzitter, mw. M.J.H. Doomen, mw. dr. Y.M. de Haan, mw. M.E.L. Kogeldans en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.