2014/29 onzorgvuldig

Samenvatting

A. Wellens en 925.nl hebben voorafgaand aan het plaatsen van het artikel “Jordin van Zwol iets minder geweldig dan gedacht” op onjuiste wijze wederhoor toegepast. Wellens heeft in een Twitterbericht aan klager niet gemeld dat hij van plan was de volgende dag te publiceren en klager niet verzocht om vóór een bepaald tijdstip te reageren. Bovendien had de redactie klager niet alleen ná, maar ook vóór publicatie via Facebook kunnen benaderen. Verder is niet gebleken dat sprake was van een zodanige actuele gebeurtenis, dat 925.nl niet langer kon wachten met het plaatsen van het artikel. Ten onrechte is in het artikel beweerd dat klager alle gelegenheid heeft gehad om te reageren, maar niet bereikbaar was. De Raad voor de Journalistiek doet de aanbeveling aan 925.nl om deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van                                                                      

J. van Zwol  

tegen
 
A. Wellens en de hoofdredacteur van 925.nl
 
De heer mr. F. Schneider, advocaat te Bussum, heeft op 9 januari 2014 namens de heer J. van Zwol (klager) een klacht ingediend tegen A. Wellens en de hoofdredacteur van de website 925.nl. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van mr. Schneider en de heer Wellens (mede namens 925.nl) van 26 januari en 18 februari 2014 betrokken.
 
De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 21 februari 2014 in aanwezigheid van mr. Schneider. Namens 925.nl waren de heer Wellens, R. van de Laar (mede-eigenaar), M. Sanders (redacteur) en D. Severius (redacteur) aanwezig. Mr. Schneider heeft het standpunt van klager toegelicht aan de hand van een notitie.
 
DE FEITEN  

Op 17 december 2013 om 15:15 uur verscheen op de website www.925.nl een artikel van de hand van Wellens met de kop “Jordin van Zwol iets minder geweldig dan gedacht”. Het artikel bevat onder meer de volgende passages:
“Pijnlijk. Je wilt het graag geloven, maar dan blijkt het toch weer niet zo te zijn. Eerder schreven we over internetmiljonair Jordin van Zwol, die al voor zijn dertigste oprichter, CEO, investeerder, eigenaar of commissaris was bij een tiental bedrijven. Al met al gaat het om ‘veel geld, miljoenen’. Dat blijkt toch een beetje tegen te vallen.”
en
“In de namiddag van 16 december 2013 kleppert de brievenbus van de 925-redactie en een gebochelde regenjas springt terug een auto in. Hij slaat te snel het hoekje op de regenachtige gracht om om ons een nummerbord te laten ontwaren. Op de mat liggen twee enveloppen met aangiften, gedaan bij de Groningse politie. Deze werpen een wat ander licht op de carrière van van Zwol. Afijn, een gedeeltelijk screenshot van een van de aangiftes vertelt het verhaal wel. Omwille van de privacy zijn (bedrijfs)namen door ons onherkenbaar gemaakt. Het betreft een van de bedrijven, waar van Zwol directeur of aandeelhouder van is of was (volgens hemzelf).”
Het slot van het artikel luidt:
“Nu zijn we allemaal wel eens te optimistisch over het eigen cv, maar van Zwol maakt het wel heel bont. Hij wist u ook nog eens iets wijs te maken over Bitcoins. Overigens heeft hij alle kans gekregen om te reageren, maar op geen van de (mobiele) nummers die bij de bedrijven horen wordt opgenomen. De meeste zijn afgesloten.”
 
Mr. Schneider heeft de bezwaren van klager tegen het artikel op 18 december 2013 voorgelegd aan Wellens en de redactie van 925.nl met het verzoek het bericht van de website te verwijderen. Nadat partijen hierover veelvuldig per e-mail hebben gecorrespondeerd, heeft Wellens uiteindelijk in een e-mail van 2 januari 2014 aan mr. Schneider onder meer het volgende geschreven:
“De strekking van uw bericht is dusdanig belachelijk en pathetisch dat ik er geen aandacht meer aan ga geven. Uw cliënt was niet bereikbaar bij bedrijven waar hij CEO etc. zou zijn. Ik heb dan aan mijn plicht voldaan. (…) Ik was graag met hem en u in discussie gegaan over de publicatie, en om een manier te zoeken waarop het makkelijker wordt voor uw cliënt om zijn leven weer op te pakken. Nu u met vage dreigementen aan gaat komen terwijl u mijn verzoek tot contact (zie vorige mails) negeert zie ik geen enkele reden om nog met u in contact te treden.(…)”
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager maakt bezwaar tegen de laatste zin van het artikel, waarin wordt gesuggereerd dat hij onbereikbaar is geweest voor wederhoor. De mededeling is opzettelijk onjuist in het artikel opgenomen. Op 16 december 2013 om 17:14 uur heeft hij via Twitter een bericht van Wellens ontvangen dat luidde: “Dag Jordin, zou ik je mogen bellen, om je namens 925 een paar vragen te stellen? Groet Arno Wellens, 06 […]”. Hij heeft 3 minuten later, om 17:19 uur, via Twitter geantwoord met het bericht: “Dag Arno, ik lig met longontsteking en griep in bed. Mail me anders even mail@[...]”. Klager wijst in dit verband op de screenshots die hij van deze berichten heeft gemaakt. Volgens klager volgt hieruit dat Wellens wel degelijk contact met hem heeft gehad, dat hij hierop heeft gereageerd en zich juist niet onbereikbaar heeft gehouden. Ter zitting licht mr. Schneider toe dat klager inmiddels zijn Twitteraccount heeft opgeheven, maar niet om opzettelijk zijn eigen ‘bewijsmateriaal’ te vernietigen. Het is aannemelijker dat Wellens de reactie van klager heeft verwijderd. Klager heeft het Twitterbericht verstuurd als een ‘Direct Message’. Als de ontvanger van een dergelijk bericht dat verwijdert, dan wordt dit automatisch ook bij de verzender verwijderd. Wellens heeft overigens nooit eerder ontkend dat hij het bericht van klager heeft ontvangen, terwijl mr. Schneider al in zijn brief van 18 december 2013 daarnaar heeft verwezen en ook in zijn vervolgcorrespondentie daaraan heeft gerefereerd. Daarnaast heeft Wellens geen bewijs aangedragen voor de stelling dat de redactie heeft geprobeerd klager te benaderen bij een van de in zijn reactie genoemde bedrijven. Zo beschikt een van de bedrijven over een voicemaildienst, terwijl nooit een voicemailbericht door de redactie is achtergelaten. Het Facebookbericht dat hij van de redactie heeft ontvangen, is gestuurd ná de publicatie en kan dus niet worden aangemerkt als toepassing van wederhoor.
Klager meent dat ook uit de e-mail van Wellens van 2 januari 2014 kan worden afgeleid dat de redactie de kwestie niet objectief heeft benaderd. Volgens klager leidt het niet (juist) toepassen van wederhoor in dit geval tot eenzijdige, tendentieuze berichtgeving en een ongerechtvaardigde aantasting van zijn privacy.
 
925.nl stelt daar tegenover dat klager niet bereikbaar was bij meerdere bedrijven waarvan hij claimde – bijvoorbeeld op zijn LinkedIn-profiel – een directiefunctie te hebben. Een bedrijf was onvindbaar, bij een bedrijf bleek dat klager had gelogen over zijn functie, bij een ander bedrijf werd hij als receptionist omschreven en bij een aantal bedrijven werd niet opgenomen. Het 06-nummer van klager, waarover Wellens beschikte, was afgesloten. Op het statutaire adres van een van de bedrijven is aangebeld, maar daar werd niet opengedaan.
Verder heeft klager niet gereageerd op een bericht dat op 17 december 2013 om 15:46 uur naar zijn Facebookprofiel is gestuurd en dat door klager is gelezen. Dit bericht luidt: “Hi Jordin, hebben je vandaag enkele malen getracht te bellen maar helaas tevergeefs. Vielen wat documenten bij ons op de mat, hebben we gepubliceerd. Wil je hier nog op reageren? Dan kan dat natuurlijk. Je kunt Arno, de auteur er over bellen (06 […])” En het enige bewijsstuk dat in deze zaak bestond, de reactie via Twitter, heeft klager zelf vernietigd. Als klager zijn social-mediakanalen niet allemaal had opgeheven en op de zitting van de Raad was verschenen, dan had hij kunnen inloggen en aantonen dat hij zijn reactie daadwerkelijk aan Wellens heeft gestuurd. Gezien de gebleken onwaarheden over klager, is het waarschijnlijk dat het antwoord is verzonnen en dat dit Wellens nooit heeft bereikt. Volgens 925.nl is het screenshot van het bericht een zogeheten ‘bitmap’, die makkelijk gemanipuleerd kan worden.
925.nl concludeert dat het toepassen van wederhoor heeft bestaan uit een fysiek aanbellen, het bellen van zes verschillende nummers en het aanspreken van klager op twee social-mediakanalen. Het leek onwaarschijnlijk dat zich op korte termijn een nieuw kanaal zou aandienen, waarop het wachten de moeite waard zou zijn geweest. Dat was aanleiding voor de passage in het artikel waartegen klager bezwaar maakt. Overigens is er ook na publicatie contact geweest, maar daarbij heeft de advocaat zich zeer onwelwillend opgesteld. Hij heeft de kans om met 925.nl in contact te treden bewust onbenut gelaten en is de belafspraak niet nagekomen.
Ten slotte merkt 925.nl op dat Wellens zich terdege bewust is van de macht van internet en de onwenselijkheid van bepaalde publicaties. Daarom vond hij het nodig om in contact te treden met klager. Internet vergeet niets en het is daarom bij uitstek de taak van de journalist om na te denken over de gevolgen van zijn woorden. 925.nl is zeer terughoudend geweest in de woordkeuze en heeft alle niet-zakelijke gegevens uit de aangiftes onherkenbaar gemaakt. Publicatie was onvermijdelijk, omdat klager een reeks feiten liet optekenen die aantoonbaar onjuist zijn. Het was de opzet van 925.nl om het artikel korte tijd te laten staan en weg te halen als klager zijn claims had teruggetrokken. Klager heeft echter gekozen voor een juridische afwikkeling van de zaak.
Op de zitting is nog aan Wellens gevraagd waarom hij het artikel zo snel heeft geplaatst. Wellens antwoordde hierop dat het zijn ervaring is dat als mensen dingen verzinnen, langer wachten geen zin heeft. Bovendien lag de tekst klaar en wilde hij deze publiceren zodat hij zijn aandacht aan andere zaken kon besteden.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
Kern van de klacht is dat onvoldoende wederhoor is toegepast en dat in het artikel ten onrechte is vermeld dat Wellens voorafgaand aan de publicatie geen contact met klager heeft gehad. De Raad zal zich tot deze kern beperken.
 
Het artikel bevat uitlatingen over klager die hem zeer diskwalificeren. Zo wordt hij onder meer in verband gebracht met strafbare feiten. 925.nl heeft aannemelijk gemaakt dat op basis van het door de redactie verrichte onderzoek voldoende aanleiding bestond om zo over klager te berichten. Dat neemt niet weg dat in een dergelijk geval wederhoor moet worden toegepast, zodat de betrokkene zijn visie op de kwestie kan geven. Door het wederhoor kunnen zaken in een ander daglicht worden geplaatst, hetgeen bijdraagt aan een meer evenwichtige berichtgeving.
 
Kennelijk heeft 925.nl het ook nodig gevonden om wederhoor toe te passen. De redactie heeft daartoe zelf het initiatief genomen en geprobeerd klager op diverse manieren te benaderen. Volgens 925.nl was klager echter niet bereikbaar, wat tot uitdrukking is gebracht in de slotzin van de publicatie. Klager heeft daar tegenover gesteld dat hij heeft gereageerd op het Twitterbericht van Wellens, met het verzoek hem per e-mail te benaderen en vervolgens niets meer van Wellens heeft vernomen.
 
Er zijn grenzen aan de inspanningen die een journalist zich moet getroosten om bij een voorgenomen publicatie in contact te komen met een persoon aan wie de gelegenheid tot wederhoor moet worden geboden. Als zo iemand niet reageert op herhaalde en reële pogingen tot contact, komt er een moment dat die grens is bereikt. Daar komt bij dat sprake kan zijn van een zodanige actuele gebeurtenis, dat de voorgenomen publicatie niet te lang kan worden uitgesteld.
 
Anders dan 925.nl blijkbaar meent, valt het benaderen van bedrijven om informatie óver klager te vergaren, niet onder het toepassen van wederhoor bíj klager. De Raad kan niet met zekerheid vaststellen of klager daadwerkelijk heeft gereageerd op het Twitterbericht van Wellens en zo ja, of dat bericht Wellens heeft bereikt. Wel constateert de Raad dat Wellens in zijn Twitterbericht niet heeft gemeld dat hij van plan was een dag later te publiceren. Wellens heeft aan klager ook niet verzocht om vóór een bepaald tijdstip te reageren. Bovendien valt niet in te zien waarom de redactie klager alleen na de publicatie, maar niet ook daarvóór via Facebook heeft benaderd. Ten slotte is niet gebleken dat sprake was van een zodanige actuele gebeurtenis, dat 925.nl niet langer kon wachten met het plaatsen van het artikel.
 
Gegeven al deze omstandigheden heeft 925.nl niet op juiste wijze wederhoor toegepast en ten onrechte aan het slot van het artikel beweerd dat klager alle gelegenheid heeft gehad om te reageren, maar niet bereikbaar was. Dit leidt tot de conclusie dat Wellens en 925.nl journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld.
 
Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: 1.1. en 2.3.1.
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2013/17
 
CONCLUSIE
 
Wellens en 925.nl hebben journalistiek onzorgvuldig gehandeld.
 
De Raad doet de aanbeveling aan Wellens en 925.nl om deze conclusie integraal of in samenvatting te publiceren.
 
Zo vastgesteld door de Raad op 1 mei 2014 door prof. mr. B.E.P. Myjer, voorzitter, mw. dr. Y.M. de Haan, mw. M.E.L. Kogeldans, mw. H.M.M. Nietsch en drs. P. Olsthoorn, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.