2014/14 onzorgvuldig

Samenvatting

Dagblad van het Noorden heeft op journalistiek onzorgvuldige wijze aandacht besteed aan een uitspraak van de Raad. In het bericht “In het nieuws - Klacht tegen ‘Dagblad van het Noorden’ gegrond” zijn beschuldigingen over klager herhaald, is tegen de wens van klager in zijn naam vermeld en is de krant indirect met de Raad in discussie gegaan. Hierdoor bevat het bericht geen evenwichtige weergave van de uitspraak. De Raad voor de Journalistiek doet de aanbeveling aan Dagblad van het Noorden om deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
X
 
tegen
 
de hoofdredacteur van Dagblad van het Noorden
 
De heer X (klager) heeft bij klachtformulier van 18 september 2013 met vier bijlagen een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van Dagblad van het Noorden. P. Sijpersma, hoofdredacteur, heeft bij brief van 22 november 2013 op de klacht geantwoord. Klager heeft daarop per e-mail van 16 december 2013 gereageerd.
 
De zaak is behandeld op de zitting van de Raad van 20 december 2013. Namens klager was daar de heer H. Alderkamp van Werkgroep Vluchtelingen Vrij aanwezig. Aan de zijde van Dagblad van het Noorden is niemand verschenen.
 
Een lid van de Raad was onverwachts afwezig. De heer Alderkamp heeft desgevraagd namens klager laten weten geen bezwaar te hebben tegen de behandeling van de zaak door de voorzitter en de overige drie leden.
 
DE FEITEN
 
Op 18 april 2013 heeft de Raad uitspraak gedaan in de zaak van klager tegen J. van Schilt en de hoofdredacteur van Dagblad van het Noorden (RvdJ 2013/17). De Raad heeft de klacht gegrond verklaard en daartoe onder meer het volgende overwogen:
“(…) dat verweerders het artikel vooral hebben gebaseerd op informatie van en beschuldigingen geuit door één bron. De beschuldigingen van deze bron zijn gericht tegen klager, terwijl die bron – zoals ook uit het artikel blijkt – ten tijde van de verstrekking van de informatie in conflict was met klager. Gezien de hiervoor geformuleerde uitgangspunten hadden verweerders bijzondere zorgvuldigheid moeten betrachten, maar zij hebben daarvan geen blijk gegeven. Gelet op de aard van de beschuldigingen had het op de weg van Van Schilt gelegen meer onderzoek te doen naar de deugdelijkheid van de beschuldigingen. Dat heeft hij onvoldoende gedaan.
Ook is onvoldoende wederhoor toegepast. Nu klager wordt beschuldigd van strafbare feiten hadden verweerders meer moeten ondernemen om de reactie van klager op die beschuldigingen te krijgen, voordat zij tot publicatie waren overgegaan. Verweerders hebben niet aannemelijk gemaakt dat zij niet langer konden wachten met het publiceren van het artikel. Door het artikel te publiceren zonder de reactie van klager, hebben verweerders ten onrechte het belang dat met de publicatie is gediend laten prevaleren boven de belangen van klager. Dit klemt te meer nu de naam van klager is genoemd en de berichtgeving voor klager zeer beschadigend is.
De Raad is van oordeel dat de handelwijze van verweerders getuigt van journalistieke onzorgvuldigheid en vooringenomenheid. Daarbij neemt de Raad mede in aanmerking dat Van Schilt in reactie op een ingezonden brief van de raad van Somalische ouderen een e-mail aan klager heeft gestuurd waarin hij klager onheus heeft bejegend.”
 
De Raad heeft aan Dagblad van het Noorden verzocht de uitspraak integraal of in samenvatting te publiceren en daarbij de uitspraak te anonimiseren.
 
Op 24 april 2013 verscheen in Dagblad van het Noorden onder de kop “In het nieuws - Klacht tegen ‘Dagblad van het Noorden’ gegrond” het volgende bericht:
“De Raad voor de Journalistiek heeft een klacht van [X], penningmeester van de Stichting Somaliërs Groningen, tegen Dagblad van het Noorden gegrond verklaard. In het artikel ‘Stammenstrijd verdeelt Somaliërs’ van 20 september 2012 stelt oud-voorzitter […] dat de penningmeester alle macht naar zich toe heeft getrokken en dat er wordt gefraudeerd. De verslaggever heeft drie dagen lang vergeefs geprobeerd in contact te komen met [X]. Niettemin stelt de raad dat die meer onderzoek naar de beschuldigingen had moeten doen.”
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager vindt dat Dagblad van het Noorden de uitspraak van de Raad op onevenwichtige wijze heeft weergegeven. De overwegingen van de Raad zijn in het bericht niet of nauwelijks terug te lezen. In plaats daarvan heeft de krant ervoor gekozen om de beschuldigingen aan klagers adres te herhalen en hierbij opnieuw zijn naam te vermelden, ondanks het verzoek de uitspraak te anonimiseren. Klager begrijpt niet waarom de krant zo heeft gehandeld. Volgens hem weet de redactie dat hij niet als verdachte wordt gezien, dat er juist een onderzoek loopt naar degene die hem heeft beschuldigd en dat dergelijke beschuldigingen zeer schadelijk zijn binnen zijn gemeenschap. Klager meent dat Dagblad van het Noorden onzorgvuldig heeft gehandeld door zeer selectief over de uitspraak van de Raad te berichten. Ook heeft de krant door het gebruik van woorden als ‘tevergeefs’ en ‘niettemin’ de gegrondverklaring van de klacht ondermijnd.
 
Dagblad van het Noorden stelt daar tegenover dat de krant het recht heeft zelf te verwoorden hoe de uitspraak van de Raad luidt en dat het de krant vrijstaat daar een mening over te hebben. Na lezing van de uitspraak is verder de vraag gerezen hoe de naam van klager te zuiveren. Als hij was aangeduid met initialen had dat criminaliserend kunnen werken. Door hem de voorzitter van de Stichting Somaliërs in Groningen te noemen of dat feit toe te voegen aan de initialen, was hij nog steeds niet geanonimiseerd: via Google zou zijn volledige naam eenvoudig zijn te achterhalen. Hem ‘een inwoner van Groningen’ noemen zou het zuiverend effect volledig teniet doen en het bericht vrijwel loos maken. Bovendien is voor het zuiveren van een naam nu eenmaal een naam nodig. Pas dan weet de buitenwacht om wie het gaat en sorteert de publicatie het door klager beoogde effect.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
Kern van de klacht is dat Dagblad van het Noorden op selectieve, onevenwichtige wijze heeft bericht over een eerder door de Raad gegrond verklaarde klacht van klager.
 
Duidelijk is dat Dagblad van het Noorden zich niet kan vinden in de uitspraak van de Raad van 13 april 2013 (RvdJ 2013/17). Het staat de krant vrij haar mening over de uitspraak te verkondigen. Echter, de Raad heeft eerder overwogen dat indien een uitspraak in samenvatting wordt gepubliceerd, deze samenvatting een evenwichtige weergave van de uitspraak moet zijn. Het bericht van 24 april 2013 voldoet daar niet aan. De krant heeft het verzoek tot publicatie van de uitspraak gehonoreerd en heeft vervolgens in die publicatie de beschuldigingen aan het adres van klager herhaald, de naam van klager vermeld – tegen diens wens in – en een duidelijk aan de uitspraak van de Raad tegengestelde mening laten doorschemeren. De krant heeft daarmee niet een evenwichtige samenvatting van de uitspraak van de Raad gegeven waar die het journalistieke handelen van de krant betrof. Deze werkwijze is journalistiek unfair.
 
Een en ander betekent dat Dagblad van het Noorden journalistiek onzorgvuldig heeft gehandeld.
 
Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: 1.1. en 1.5.
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2008/58, 2004/41
 
CONCLUSIE
 
Dagblad van het Noorden heeft journalistiek onzorgvuldig gehandeld.
 
De Raad doet de aanbeveling aan Dagblad van het Noorden om deze conclusie integraal of in samenvatting te publiceren.
 
Zo vastgesteld door de Raad op 14 februari 2014 door mr. Th. Groeneveld, voorzitter, drs. ir. M.C.N. Mokveld, mw. H.M.M. Nietsch en mw. J.G.T.M. Wartenbergh, leden, in aanwezigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris en mw. mr. J.K. N’Daw, plaatsvervangend secretaris.