2013/53 ongegrond

Samenvatting

In het programma Ontvoerd is aandacht besteed aan het zoeken en terughalen van de dochter van klager, die zich samen met klager in Turkije bevond. Voor zover klager namens zijn dochter bezwaar heeft gemaakt overweegt de Raad allereerst dat klager naar zijn zeggen over zijn dochter mede het ouderlijk gezag heeft. De uitzending is tot stand gekomen met de uitvoerige medewerking van de ex-vrouw van klager, die kennelijk eveneens het ouderlijk gezag over de dochter heeft. Onder deze omstandigheden acht de Raad het niet gepast de klacht op dit punt te beoordelen en onthoudt hij zich van een oordeel.
Verder heeft klager gesteld dat de uitzending onzorgvuldig is gemaakt, doordat niet waarheidsgetrouw is gehandeld. Volgens de Raad is voor de kijker duidelijk dat het geschetste beeld over de achtergrond van de kwestie de persoonlijke visie van de ex-vrouw van klager betreft. Bovendien is klager eveneens aan het woord gelaten en is zijn verhaal aan bod gekomen. Het moet voor klager duidelijk zijn geweest wat de strekking en inhoud van het programma zouden zijn. Hij heeft vervolgens daaraan zijn medewerking verleend. Er bestaat daarom geen aanleiding voor de conclusie dat verweerder journalistiek onzorgvuldig ten opzichte van klager heeft gehandeld.

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

Simpel Media B.V.

Bij brief van 20 juni 2013 met drie bijlagen heeft mr. F.G.W.M. Huijbers, advocaat te Nijmegen, namens X (hierna: klager) een klacht ingediend tegen Simpel Media B.V. (hierna: verweerder). Hierop heeft P. Gallas, uitvoerend producent, geantwoord in een brief van 5 augustus 2013.

De zaak is behandeld op de zitting van de Raad van 20 september 2013. Klager was daar aanwezig samen met mr. Huijbers. Aan de zijde van verweerder zijn Gallas en J. van den Heuvel, presentator, verschenen.

Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad de omstreden uitzending bekeken.

DE FEITEN

Op 27 januari 2013 is in het programma Ontvoerd aandacht besteed aan het zoeken en terughalen van de dochter van klager, die zich samen met klager in Turkije bevond. Presentator Van den Heuvel opent de uitzending als volgt:
“Als je kind wordt ontvoerd naar het buitenland dan is dat voor de achterblijvende ouder vaak een nachtmerrie. De procedures om je kind weer terug te krijgen duren eindeloos. En dat ondervond ook [Y], die haar dochter al meer dan een jaar niet heeft gezien. [Z]’s vader nam haar dochter zogenaamd mee naar de tandarts voor een afspraak. Maar daarna kreeg moeder haar kind niet meer te zien.”
De voice-over vertelt verder:
“[Z] is de 11-jarige dochter van het Nederlands-Turkse stel [Y] en [X]. Haar ouders leerden elkaar kennen in Nederland, trouwen en zien hun liefde bekroond met de geboorte van een prachtige dochter. Maar al snel komen er haarscheurtjes in de relatie. [X] blijkt een gokprobleem te hebben en jaagt al [Y]’s familiegeld er door heen. Als hij haar begint te slaan is de maat vol voor [Y], ze scheidt van hem. [Z] gaat bij haar moeder wonen. Vader krijgt een omgangsregeling. Dat gaat goed totdat [Y] een nieuwe relatie krijgt. [X] is jaloers en kan niet met de situatie omgaan. In december 2011 neemt hij zijn dochter onder valse voorwendselen mee naar Turkije. Vlak bij de Syrische grens. Ruim een jaar later zit [Z] er nog steeds.”
In de uitzending komt de ex-vrouw van klager uitgebreid aan het woord. Verder is haar advocaat aan het woord gelaten, die de juridische situatie schetst. Volgens de advocaat is er een positieve beslissing van de Turkse rechter, zodat moeder en kind herenigd kunnen worden. Dat is nog niet gebeurd, omdat er nog een paspoort in bewaring is en er een overdracht tussen moeder en vader moet zijn. Van den Heuvel stelt voor als bemiddelaar op te treden. Hierna is te zien hoe Van den Heuvel en zijn medewerker bespreken hoe zij de dochter het beste kunnen lokaliseren en wordt in beeld gebracht dat de medewerker op zoek gaat naar de locatie van de dochter.
Van den Heuvel voert ook een gesprek met de directeur van het Centrum voor Internationale Kinderontvoering. Volgens haar is het het beste dat contact wordt gezocht met de vader en dat wordt geprobeerd te bemiddelen, zodat de vader toestemming geeft het kind mee te nemen. De medewerker heeft inmiddels de dochter gelokaliseerd en gefilmd. De moeder bevestigt na het zien van de beelden dat het inderdaad haar dochter is.
Van den Heuvel vertrekt vervolgens naar Turkije, waar hij onder meer een advocaat spreekt, die laat weten dat er een positieve uitspraak ligt maar dat nog hoger beroep kan worden ingesteld. Later blijkt dat klager van die mogelijkheid gebruik heeft gemaakt en bovendien van de Turkse rechter de voogdij heeft gekregen. Uit gesprekken met de advocaat in Turkije wordt duidelijk dat het voor de moeder niet verboden is contact op te nemen met haar dochter. Dit is voor Van den Heuvel reden om de moeder naar Turkije te laten komen en een ontmoeting met haar dochter te arrangeren. Die ontmoeting vindt plaats als de dochter op weg is naar school. Te zien is hoe de dochter stil blijft staan als ze haar moeder ziet, even twijfelt over wat ze moet doen en vervolgens in de armen van haar moeder loopt. Hierna blijkt dat klager naar school is gereden en in paniek is. Hij heeft de politie gebeld, die denkt dat de dochter door de ex-vrouw van klager is ontvoerd. Er ontstaat discussie of de dochter vanwege alle commotie moet worden teruggebracht naar school. Uiteindelijk belt de advocaat met de mededeling dat de rechter de moeder toestemming heeft gegeven nog 24 uur met haar dochter door te brengen.
Van den Heuvel heeft intussen contact opgenomen met klager en met hem een afspraak gemaakt. Daarbij laat Van den Heuvel weten dat alleen indien klager toestemming geeft en het hoger beroep intrekt, de dochter kan terugkeren naar Nederland. Klager antwoordt dat hij met zijn dochter terug wil naar Nederland en dat hij wellicht verkeerd heeft gehandeld, maar dat voor zijn dochter zo heeft gedaan. Klager wil meewerken aan de terugkeer van zijn dochter, als zij dat zelf ook wil. Hij wil wel dat zijn ex-vrouw de aangifte voor kinderontvoering intrekt, zodat ook hij kan terugkeren naar Nederland. Een dag later komt klager naar het hotel van Van den Heuvel, die laat weten dat de Officier van Justitie in principe bereid is mee te werken en de signalering in te trekken. Klager gaat vervolgens akkoord met de overdracht van zijn dochter. Daarna is te zien hoe klager en zijn ex-vrouw tegenover elkaar staan en hun dochter van vader naar moeder loopt en met beiden knuffelt. Van den Heuvel laat beiden weten dat het belang van hun dochter voorop staat en dat daarnaar gehandeld moet worden. Klager stemt in met het vertrek van zijn dochter naar Nederland, ook al staat de intrekking van zijn signalering nog niet vast, en hij gaat naar de rechtbank om zijn beroep in te trekken. Hierdoor lukt het Van den Heuvel en de ex-vrouw van klager om het paspoort van de dochter te bemachtigen. Uiteindelijk is te zien hoe klager al knuffelend met zijn dochter op het vliegveld in Turkije loopt en zijn dochter naar Nederland vliegt, waar ze wordt opgewacht door bekenden.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt dat het programma onzorgvuldig is gemaakt, doordat niet waarheidsgetrouw is gehandeld. Daardoor is een verkeerd beeld gegeven van de kwestie en van hem. Zijn ex-vrouw heeft een onjuist en zeer gekleurd beeld geschetst van de achtergrond van de kwestie. Zo is hij afgeschilderd als een agressief persoon die zich schuldig heeft gemaakt aan mishandeling. Dit zou voor het oog van zijn dochter hebben plaatsgevonden en hij zou haar een jaar niet mogen zien. Deze beweringen worden niet gestaafd of bevestigd door andere bronnen, terwijl klager niet de gelegenheid is geboden zijn kant van het verhaal te vertellen. Ook de bewering dat zijn dochter in een onveilig dorp met alleen maar oude mensen zou wonen en een vreselijk leven zou leiden, is onjuist en niet gecontroleerd.
Verder is niet volledig bericht over de juridische procedures. Het is juist dat de rechtbank in Turkije had beslist dat klagers dochter terug moest naar Nederland, maar klager was in hoger beroep gegaan waardoor zijn dochter niet weg mocht. De gewekte indruk dat klager in weerwil van de rechterlijke uitspraak zijn dochter in Turkije hield, is dus onjuist. Klager stond in zijn recht en volgde de juiste juridische procedures.
Verder meent klager dat ook de belangen van zijn dochter zijn geschaad. Zij is op straat aangesproken door haar moeder en verleid om in de auto te stappen. Het is duidelijk zichtbaar dat zijn dochter erg schrikt en zeer argwanend is. Bekend was dat de confrontatie niet tot meer kon leiden dan de enkele ontmoeting, omdat de moeder niet gerechtigd was haar dochter mee te nemen naar Nederland. Bovendien is gehandeld zonder te weten wat de dochter wilde. Volgens klager is dan ook volkomen onzorgvuldig en met voorbijgaan aan de belangen van zijn dochter gehandeld.
Pas na al deze acties en verwikkelingen is contact met klager opgenomen. Dan blijkt dat klager volledig openstaat voor overleg en vrij snel een oplossing voor de situatie wordt gevonden. Klager begrijpt dan ook niet waarom hij niet gelijk is benaderd. Het optuigen van een dergelijke uitzending was niet nodig en is alleen maar schadelijk geweest voor klager en zijn dochter. In de uitzending is ook duidelijk te zien dat deskundigen als oplossing aandragen om met hem te praten. Dat is echter niet direct gebeurd, maar pas veel later. Alles duidt erop dat op deze wijze is gehandeld om een programma-format te vullen en dat niet de belangen van klager en zijn dochter voorop hebben gestaan.

Verweerder stelt dat de uitzending aan alle voorwaarden van journalistieke waarborgen voldoet. Het stond vast dat klager zonder toestemming van de moeder zijn dochter meenam naar Turkije. De moeder heeft daarvan aangifte gedaan bij de politie, op basis waarvan een strafrechtelijk onderzoek is ingesteld. In dit onderzoek is klager aangemerkt als verdachte van internationale kinderontvoering en zijn dochter stond internationaal gesignaleerd.
Volgens verweerder lag het niet voor de hand om tijdens het onderzoek naar de verblijfplaats van de dochter contact op te nemen met klager. De kans was dan groot dat klager nog meer pogingen zou ondernemen om zijn dochter weg te houden van haar moeder. Ter zitting heeft Van den Heuvel benadrukt dat dit risico in soortgelijke situaties zeer groot is gebleken. Primair was het doel verslag te doen van de pogingen van de moeder haar kind terug te vinden, haar in praktische zin te helpen en een veilige hereniging tot stand te brengen. De moeder stond juridisch volledig in haar recht.
Uitgangspunt van het programma is zorgvuldig en veilig handelen, waarbij de belangen van het kind voorop staan. Dat is ook hier gebeurd. Ter zitting heeft Van den Heuvel duidelijk gemaakt dat bij het maken van het programma diverse instanties en personen worden geconsulteerd. Zo wordt ook een kinderpsycholoog geraadpleegd, met wie de te ondernemen stappen worden besproken, zodat de belangen van het kind worden gewaarborgd. Dit is ook de reden dat kinderen niet in de uitzending worden geïnterviewd. Ook heeft de ontmoeting tussen de dochter en haar moeder niet in de directe nabijheid van camera’s en medewerkers plaats gevonden. Deze ontmoeting kan weliswaar heftig zijn, maar is niet zo heftig als het meenemen naar een ander land. Bij de ontmoeting worden de juridische regels en uitspraken in acht genomen. De rechter in Turkije had beslist dat de dochter terug moest naar haar moeder. Alle op dat moment lopende juridische procedures vormden geen belemmering om te handelen zoals door de redactie is gedaan. Overigens is verweerder verbaasd dat klager ook namens zijn dochter bezwaren heeft geuit tegen de handelwijze van de redactie. Er is nog een vervolguitzending geweest en het gaat goed met de dochter.
Verder stelt verweerder dat Van den Heuvel in Turkije twee keer langdurige gesprekken heeft gevoerd met klager om de situatie te bespreken. Dit heeft ertoe geleid dat de dochter mee kon naar Nederland. De reactie van klager en zijn kant van het verhaal zijn afdoende in de uitzending naar voren gekomen. Klager heeft ook op geen enkele wijze duidelijk gemaakt daartegen bezwaar te hebben.
Volgens verweerder is de redactie zorgvuldig met klager omgegaan en is van het bewust schaden van de naam van klager geen sprake. Bepaalde voor klager nadelige informatie is juist niet vermeld. Er was ook geen aanleiding om klager onherkenbaar te maken; dat zou hebben bijgedragen aan een extra criminalisering van klager, wat niet de bedoeling was.
Ten slotte meldt verweerder dat klager ook nog een mediation-traject is aangeboden om het contact tussen beide ouders en hun dochter te normaliseren. Ook op dit moment bestaat bij de redactie nog de bereidheid om in praktische zin ondersteuning te bieden.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT

Voor zover klager namens zijn dochter bezwaar heeft gemaakt tegen de handelwijze van verweerder overweegt de Raad allereerst het volgende. Klager heeft gesteld dat hij over zijn dochter mede het ouderlijk gezag heeft. De uitzending is tot stand gekomen met de uitvoerige medewerking van de ex-vrouw van klager, die kennelijk eveneens het ouderlijk gezag over de dochter heeft. Onder deze omstandigheden acht de Raad het niet opportuun de klacht op dit punt te beoordelen en onthoudt hij zich van een oordeel.

Verder is de kern van de klacht dat de uitzending onzorgvuldig is gemaakt, doordat niet waarheidsgetrouw is gehandeld.

Volgens de Raad is voor de kijker duidelijk dat het in de uitzending geschetste beeld over de achtergrond van de kwestie de persoonlijke visie van de ex-vrouw van klager betreft. Bovendien is klager eveneens aan het woord gelaten en is zijn verhaal aan bod gekomen. Uit de lezingen van partijen maakt de Raad op dat het voor klager duidelijk moet zijn geweest wat de strekking en inhoud van het programma zouden zijn en dat hij daaraan vervolgens zijn medewerking heeft verleend.

Er bestaat daarom geen aanleiding voor de conclusie dat verweerder journalistiek onzorgvuldig ten opzichte van klager heeft gehandeld.

BESLISSING

De klacht is ongegrond.

Aldus vastgesteld door de Raad op 20 november 2013 door mr. Th. Groeneveld, voorzitter, M.C. Doolaard, dr. H.J. Evers, A. Mellink MPA, mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. M. Steenbergen, plaatsvervangend secretaris.