2013/46 ongegrond

Samenvatting

De klacht gaat over het artikel “Tien jaar Managementboekengala”. In het artikel wordt de heer Visser – directeur van Managementboek – geciteerd, die uitlatingen doet over klager. Het citaat bevat een weergave van wat Visser heeft ervaren van het gedrag van klager toen diens boek was genomineerd voor Managementboek van het Jaar. De uitlatingen zijn niet zodanig beschuldigend van aard dat klager daardoor wordt gediskwalificeerd. Verweerders hebben niet onzorgvuldig gehandeld door het citaat te publiceren zonder wederhoor bij klager toe te passen. 

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

M.A.H.M. Metze

tegen

R. Buitenhuis en de hoofdredacteur van Managementboek Magazine

Bij online klachtenformulier van 21 mei 2013 met een bijlage heeft M.A.H.M. Metze te Ooij (hierna: klager) een klacht ingediend tegen R. Buitenhuis en de hoofdredacteur van Managementboek Magazine (hierna: verweerders). Klager heeft bij brief van 31 mei 2013 zijn klacht toegelicht. Drs. J.P.N.M. Pieterse, hoofdredacteur, heeft op de klacht geantwoord in een e-mail van 20 juni 2013.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 12 juli 2013. Partijen zijn daar niet verschenen.

DE FEITEN

Op 27 maart 2013 is op de website Managementboek.nl een artikel van de hand van Buitenhuis verschenen onder de kop “Tien jaar Managementboekengala”.
Het artikel bevatte in de versie die op 21 mei 2013 nog op de website stond de volgende passage, waarin K. Visser, directeur van Managementboek, wordt geciteerd:
“Tien jaar Managementboek van het Jaar, tien jaar louter hoogtepunten? ‘Nee. De manier hoe Marcel Metze omging met de nominatie, is voor mij een dieptepunt. Direct nadat wij hem op de hoogte brachten van zijn nominatie reageerde hij positief. Maar vanaf twee weken voordat het gala plaatsvond, begonnen de terugtrekkende bewegingen. Hij wist niet zeker of hij kon komen, vroeg zich af hoe het met vervoer moest, hij hintte dat als we zouden zeggen of hij gewonnen had, dit zijn beslissing om te komen zou beïnvloeden, enzovoort. Enfin, het eind van het liedje was dat zijn boek won, maar Metze niet aanwezig was. Ook de uitgever was er niet, met als gevolg dat uiteindelijk iemand het bronzen beeldje in de lucht hield en riep ‘Wil dan niemand dat beeldje?’ Toen wij de dag erop Metze feliciteerden met zijn overwinning, gaf hij aan dat hij zou zijn gekomen als hij had geweten dat hij zou winnen. Ik vond het niet erg sympathiek om wel te willen komen om het applaus op te halen, maar niet bereid te zijn de prestatie van anderen te lauweren door aanwezig te zijn.’”

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt dat de heer Visser in het artikel kritiek heeft geuit over zijn afwezigheid op de uitreiking en daarbij vrijelijk speculeert over zijn motieven. Volgens klager hebben verweerders het verhaal van Visser kritiekloos opgetekend en ten onrechte geen wederhoor toegepast. Naar aanleiding van de publicatie heeft klager Buitenhuis en Visser op 13 april 2013 een e-mail gestuurd, waarin hij zijn klacht heeft kenbaar gemaakt. Vervolgens heeft klager nog een herinnering gestuurd en met de hoofdredacteur gecorrespondeerd. Toen hij op 21 mei 2013 de website nog eens raadpleegde, bleek dat een deel van de gewraakte passage was verwijderd. Klager beschikt niet meer over de oude tekst, zodat hij niet kan laten zien hoe die precies luidde. Los daarvan meent klager dat het citaat van de heer Visser nog altijd onjuistheden bevat en geen correcte weergave is van zijn toenmalige motieven, zodat ook voor de huidige tekst wederhoor had moeten worden toegepast.
 
Verweerders stellen dat met het citeren van een uitspraak van de heer Visser geen plicht tot wederhoor ontstaat. Bovendien werd de uitspraak van Visser gedaan in de marge van het artikel. Naar aanleiding van de e-mails van klager hebben zij besloten de gewraakte uitspraken uit het online artikel te verwijderen. Daarmee zijn zij tegemoetgekomen aan klager.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Kern van de klacht is dat in het artikel onjuiste uitspraken over klager zijn gedaan zonder dat wederhoor is toegepast. Geen van de partijen heeft het artikel overgelegd zoals dat luidde op 27 maart 2013. De Raad gaat daarom bij de beoordeling van de klacht alleen uit van de door klager overgelegde tekst, te weten de versie van het artikel van 21 mei 2013.

De Raad stelt vast dat in het artikel de heer Visser wordt geciteerd, die uitlatingen doet over klager. Het citaat bevat als zodanig een weergave van wat Visser heeft ervaren van het gedrag van klager toen zijn boek was genomineerd voor Managementboek van het Jaar. Volgens de Raad zijn de uitlatingen niet zodanig beschuldigend van aard dat klager daardoor wordt gediskwalificeerd. Er is dan ook geen aanleiding voor de conclusie dat verweerders journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld door het citaat te publiceren zonder wederhoor bij klager toe te passen. (zie punt 2.3.1. van de Leidraad van de Raad)

BESLISSING

De klacht is ongegrond.

Aldus vastgesteld door de Raad op 10 september 2013 door mr. C.A. Streefkerk, voorzitter, drs. G.J.P. Kloosterhuis, drs. ir. M.C.N. Mokveld, mw. H.M.M. Nietsch en mw. J.R. van Ooijen, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mw. mr. J.M. Leurs, plaatsvervangend secretaris.