2012/47 niet-ontvankelijk onthouding-oordeel

Samenvatting

In januari 2010 is op de website www.emerce.nl een artikel verschenen over het faillissement van een bedrijf waarvan klager op dat moment aandeelhouder was. In september 2010 heeft verweerder reacties onder dit artikel geplaatst. De klacht is niet tijdig bij de Raad binnengekomen. Er is onvoldoende grond voor het oordeel dat de termijnoverschrijding klager redelijkerwijs niet kan worden tegengeworpen. Klager is in dit onderdeel van zijn klacht niet-ontvankelijk.
Verder heeft klager aangevoerd dat verweerder oprichter is van de website http://ihate[X].com en kan worden aangesproken op het publiceren van teksten op deze site. Verweerder heeft dat gemotiveerd betwist. De Raad kan onvoldoende beoordelen welk standpunt juist is. Niet kan worden vastgesteld of de website http://ihate[X].com c.q. de daar op verschenen teksten door verweerder zijn gemaakt dan wel dat verweerder op enigerlei wijze aan deze website is verbonden. De Raad onthoudt zich daarom op dit punt van een oordeel.

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

J. Veenstra

Bij brief van 18 mei 2012 met drie bijlagen heeft X (hierna: klager) een klacht ingediend tegen J. Veenstra (hierna: verweerder), waarbij hij heeft verzocht om een versnelde behandeling. Gelet op artikel 2 lid 3 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad, heeft de voorzitter van de Raad dit verzoek afgewezen. Verweerder heeft op de klacht geantwoord in een brief van 6 juni 2012 met een bijlage. Daarop heeft klager nog gereageerd in een brief van 3 juli 2012 met een bijlage.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 6 juli 2012 waar klager in persoon is verschenen. Verweerder is samen met zijn partner mw. I. Veenstra verschenen.

DE FEITEN

Op 4 januari 2010 is op de website www.emerce.nl een artikel verschenen onder de kop “Faillissement [bedrijf Y] aangevraagd”. Daaronder heeft verweerder op 21 en 30  september 2010 reacties geplaatst.

Verder heeft klager prints overgelegd van een website genaamd http://ihate[X].com, die opent met: “He has to be stopped – Posted on May 1, 2012 by [X]blog”. Daarna is vermeld:
“Well, I couldn’t take it anymore. So many victims. So many people that believed his lies. So many investers lost their money. And nobody that tries to stop him. [X] had been busy for years and years. And I bet he took millions of dollars and a lot of cracked souls in these years.”
Op de site was verder – via hyperlinks – informatie te vinden onder de volgende kopjes ‘For the (ex)employees’, ‘For the interns’ en ‘For the investors’.
Ten tijde van de behandeling van de klacht was de site niet meer (openbaar) toegankelijk.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager is mede-oprichter van [bedrijf Y] (hierna: Y). Tot zes maanden vóór het faillissement was hij CEO en op het moment van faillissement aandeelhouder van dat bedrijf. Hij stelt dat verweerder bij [Y] in dienst is geweest en in 2007 zelf ontslag heeft genomen. Verweerder heeft toen een ‘separatie-overeenkomst’ ondertekend, maar zich daaraan niet gehouden. Nadien heeft verweerder zich veelvuldig negatief over zijn voormalige werkgever en klager uitgelaten. Naar de mening van klager kwam dit doordat verweerder er zelf voor had gekozen een stock-optie niet uit te oefenen en daardoor geld is misgelopen. De frustratie van verweerder nam ernstige vormen aan toen hij op internet een haatcampagne tegen klager begon. Dit deed verweerder allereerst door op 21 en 30 september 2010 reacties te plaatsen op de website www.emerce.nl.
Verder stelt klager dat verweerder hem recentelijk op [plaats] heeft bezocht, zwaaiend met papieren en eisend dat klager bepaalde documenten onmiddellijk in moest vullen voor een door hem ontslagen werknemer. Klager heeft daarop verweerder de deur gewezen.
Volgens klager heeft verweerder vervolgens de website http://ihate[X].com opgericht. Op deze site worden ongefundeerde aantijgingen gedaan die schade toebrengen aan hem zelf en zijn bedrijven. Volgens klager blijkt uit de gebruikte verhalen op de site en het gebrekkige Engels dat de teksten afkomstig zijn van verweerder.
Ter zitting deelt klager mee dat op dit moment een procedure loopt om het IP-adres van de maker van de site te achterhalen, zodat verdere stappen ondernomen kunnen worden. Doordat verweerder ook inhoudelijk verweer heeft gevoerd met betrekking tot de website kan er  vanuit worden gegaan dat hij de maker daarvan is, aldus klager.
Hij stelt ten slotte dat verweerder journalist van beroep is, zodat elke tekst die hij schrijft kan worden beschouwd als een journalistieke gedraging. Dit geldt zowel voor de website als voor de reacties op de website www.emerce.nl.
Klager betoogt dat verweerder door het publiceren van onjuiste, ongefundeerde aantijgingen schade toebrengt aan zijn goede naam en die van zijn bedrijven.

Verweerder stelt dat het door klager geschetste beeld van een gefrustreerde ex-werknemer onjuist is. Volgens verweerder heeft hij de ‘separatie-overeenkomst’ nooit ondertekend. Dat hij de aandelenoptie niet heeft uitgeoefend heeft hem geen enkel nadeel opgeleverd omdat het bedrijf nooit naar de beurs is gegaan. Het verhaal dat hij zwaaiend met papieren voor klager is verschenen klopt evenmin, aldus verweerder. Hij heeft zich netjes gemeld bij de balie met het verzoek aan klager papieren in te vullen voor een ontslagen werknemer. Aangezien deze werknemer geen Nederlands kan lezen en de papieren in het Nederlands waren heeft hij die werknemer geholpen. De papieren zijn overhandigd aan klager, die deze vervolgens heeft meegenomen.
Met betrekking tot de op de website emerce.nl geplaatste reacties is verweerder van mening dat klager niet-ontvankelijk verklaard moet worden, nu klager zijn klacht ter zake te laat heeft ingediend. Overigens zijn er vele reacties van allerlei ‘gedupeerden’ op die website geplaatst, die niet van zijn hand zijn, aldus verweerder.
Verweerder betwist dat hij de oprichter is van de website http://ihate[X].com. Op die site komt zijn naam niet voor en ook verder blijkt niet dat hij op enige wijze iets met de website te maken heeft. Ter zitting heeft verweerder ten aanzien van het verhaal over een ontslagen beveiligingsmedewerker erop gewezen dat honderden mensen deze man kennen. Hieruit kan dan ook niet de conclusie worden getrokken dat de site door hem is gemaakt, aldus verweerder.
Voor zover de Raad toch van oordeel mocht zijn dat verweerder op de website kan worden aangesproken, is hij van mening dat het publiceren van deze website geen journalistieke gedraging is als bedoeld in de statuten. Uit de website blijkt nergens dat het hier gaat om een beroepsmatige publicatie. Nergens wordt een naam van een schrijver of een werkgever vermeld. Bovendien staat het een journalist vrij om over een bepaald feit zijn persoonlijke opvatting te verkondigen. De Raad dient zich dan ook onbevoegd te verklaren over de klacht te oordelen dan wel de klacht af te wijzen.

BEOORDELING VAN DE ONTVANKELIJKHEID voor zover de klacht is gericht tegen de reacties van verweerder van 21 en 30 september 2010 op de website www.emerce.nl

Artikel 2a van het Reglement voor de werkwijze van de Raad voor de Journalistiek luidt:
  1. Een klaagschrift moet worden ingediend binnen 6 maanden nadat de journalistieke gedraging, waartegen de klacht is gericht, heeft plaatsgevonden.
  2. Een klaagschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn door het secretariaat van de Raad voor de Journalistiek is ontvangen.
  3. Indien een klaagschrift niet tijdig is ingediend, is de klager in zijn klacht niet-ontvankelijk.
  4. Ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend klaagschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de klager in verzuim is geweest.

Vaststaat dat de klacht tegen de reacties van 21 en 30 september 2010 niet binnen zes maanden na de gewraakte publicatie bij de Raad is binnengekomen.

Klager heeft aangevoerd dat door het oprichten van de website http://ihate[X].com de maat vol was en dat hij alsnog zijn klacht mede heeft gericht tegen voornoemde reacties.

Naar het oordeel van de Raad kunnen de door klager aangevoerde omstandigheden niet worden aangemerkt als bijzondere omstandigheden die de termijnoverschrijding verschoonbaar doen zijn. Er is onvoldoende grond voor het oordeel dat de termijnoverschrijding klager redelijkerwijs niet kan worden tegengeworpen. Voor zover de klacht is gericht tegen de reacties van 21 en 30 september 2010 moet klager daarin dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard.

BEOORDELING VAN DE KLACHT voor zover gericht tegen de website http://ihate[X].com

Klager heeft aangevoerd dat verweerder oprichter is van de website http://ihate[X].com en kan worden aangesproken op het publiceren van teksten op deze site. Verweerder heeft dat gemotiveerd betwist.

De Raad is van mening dat hij op basis van hetgeen partijen hebben aangevoerd en de stukken die zij hebben overgelegd onvoldoende kan beoordelen welk standpunt juist is. Uit het beschikbare materiaal kan de Raad niet vaststellen of de website http://ihate[X].com c.q. de daar op verschenen teksten door verweerder zijn gemaakt dan wel dat verweerder op enigerlei wijze aan deze website is verbonden.

Op grond van artikel 9 lid 4 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad onthoudt de Raad zich daarom van een oordeel terzake.

BESLISSING

Voor zover de klacht is gericht tegen de reacties van klager van 21 en 30 september 2010 op de website www.emerce.nl is klager in zijn klacht niet-ontvankelijk.
Voor zover de klacht betrekking heeft op de website http://ihate[X].com onthoudt de Raad zich van een oordeel.

Aldus vastgesteld door de Raad op 24 augustus 2012 door mr. Th. Groeneveld, voorzitter,     H. Blanken, prof. dr. M.J. Broersma,  ir. B.L. Hooghoudt en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. M. Steenbergen,  plaatsvervangend secretaris.