2012/24 gegrond

Samenvatting

In een uitzending van FullColor Rotterdam is in de rubriek “Belicht” aandacht besteed aan overlast door jonge criminelen, waarbij delen van een interview met klager zijn getoond. Kern van de klacht is dat verweerders het interview met klager op journalistiek onzorgvuldige wijze in een andere context hebben gebruikt.
Klager heeft gemotiveerd en onbetwist aangevoerd dat hij door verweerders is benaderd voor een interview naar aanleiding van zijn opiniestuk. Ter ondersteuning van zijn standpunt heeft klager een print overgelegd van het Twitter-bericht dat hij heeft ontvangen en dat luidt: “@KarimKhaoiri wij zijn bezig met mogelijk een item over http://tinyurl.com/7lftzyh kunnen we daar even over bellen? (…)” De link in het Twitter-bericht leidt naar klagers opiniestuk “Drugsrunners, een Rotterdams product”. Klager mocht er dan ook van uit gaan dat de opnamen van het interview zouden worden gebruikt in de context van hetgeen klager in zijn opiniestuk aan de orde heeft gesteld. Uit de uitzending blijkt echter dat verweerders het interview en de woorden van klager hebben verwerkt in een item over criminaliteit naar aanleiding van een overval op een juwelier en daarmee in een andere context dan klager mocht verwachten. Niet is gebleken dat verweerders voorafgaand aan de uitzending aan klager opnieuw hebben gevraagd of hij ermee instemde dat zijn uitlatingen zouden worden gepubliceerd.
Door zo te handelen en na te laten alsmede klager bovendien ten onrechte aan te duiden als ‘ex-drugsrunner’ – waarvoor overigens excuses zijn aangeboden – hebben verweerders journalistiek ontoelaatbaar gehandeld. (zie punten 2.7.1. en 2.7.2. van de Leidraad van de Raad)

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
K. Khaoiri  

tegen
 
K. Arents, I. Radstake, W. York en de hoofdredacteur van ‘FullColor Rotterdam’ (MTNL)
 
Bij brief van 20 februari 2012 met vijftien bijlagen heeft K. Khaoiri te Rotterdam (hierna: klager) een klacht ingediend tegen K. Arents, I. Radstake, W. York en de hoofdredacteur van ‘FullColor Rotterdam’ (hierna: verweerders). Hierop heeft J. Campman, hoofdredacteur/directeur MTNL, namens verweerders geantwoord bij brief van 5 maart 2012 met een bijlage.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 23 maart 2012 in aanwezigheid van klager. Verweerders zijn daar niet verschenen.
 
Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad de gewraakte uitzending bekeken.
 
DE FEITEN  

Op 7 februari 2012 is in een uitzending van FullColor Rotterdam in de rubriek “Belicht” aandacht besteed aan overlast door jonge criminelen. Het onderwerp opent met een citaat van klager:
“Dat zijn die jongens dus, die je ook heel snel in de smiezen hebben hè, dit zijn die jongens waar je altijd voor op moet passen.”
Vervolgens zegt verslaggeefster York:
“Rotterdam heeft te maken met een nieuwe groep criminelen. Ze zijn jong, gewelddadig en vaak de politie te slim af. Korpschef Pauw maakt zich grote zorgen. Hij wil dat de politie de groep in 2012 harder aanpakt.”
Waarop korpschef Pauw zegt:
“Jong volwassenen die met elkaar, maar in veel lossere verbanden, gewoon criminaliteit, ook overlast plegen, soms zich ook onaantastbaar wanen, dat is allemaal niet te accepteren. Die gaan aangepakt worden.”
Verslaggeefster York bericht:
“Bij de slachtoffers van de nieuwe criminelen laten de gebeurtenissen diepe sporen na. Ze kampen met de emotionele gevolgen van de vaak gewelddadige overvallen.”
De voice-over meldt:
“Ersin Koçak is eigenaar van Juwelier Jansen op de Beijerlandselaan. In november van vorig jaar werd zijn zaak gewelddadig overvallen.”
Vervolgens geeft Koçak een beschrijving van de gewelddadige overval van zijn winkel waarbij is geschoten.
De voice-over bericht:
“Een groot deel van de nieuwe criminelen zet hun eerste stappen in het drugsrunnercircuit. Zo ook Karim Khaoiri, die vijf jaar lang vanuit Crooswijk actief was. Uit veiligheidsoverwegingen wil hij alleen in een auto met ons door de wijk om zijn verhaal te doen.”
De verslaggever vraagt:
“Waar rijden we nu?”
Waarop klager antwoordt:
“We rijden nu richting Generaal van der Heijdenplein.”
In de uitzending verschijnt de naam van klager, met daaronder: ‘Ex-drugsrunner’.
Klager vervolgt:
”Generaal van der Heijdenplein dat is een groot plein, wat je hier al ziet. Ik kwam bij de mensen die dat deden, die in het wereldje zaten, die de grote… waarbij het ging om grote hoeveelheden, dus dat ik op mijn dertiende begon was dat misschien voor sommigen zelfs laat. Ik ken jongens die waren elf.”
De voice-over meldt:
“Naast jonger en gewelddadiger laten overvallers het vaak niet bij één keer. De jonge criminelen zijn de nieuwe veelplegers van Rotterdam. Een probleem waar alle deelgemeentes mee te maken hebben. Ook bijvoorbeeld in Kralingen-Crooswijk.”
Vervolgens geeft de bestuursvoorzitter van Kralingen-Crooswijk zijn visie op de problematiek rond jonge criminelen. Koçak geeft vervolgens weer wat de gevolgen zijn van de overval op zijn winkel en noemt voorbeelden van de preventiemaatregelen die hij heeft getroffen.
Vervolgens meldt de voice-over:
“Volgens Karim worden de straatjongeren uit de wijk met name door grote families de criminaliteit ingetrokken.”
Klager zegt:
“De bankjes hier, daar staan ze regelmatig. Je hebt een aantal families, die zijn echt nog behoorlijk belangrijk. Je ziet dat die mensen zorgen voor een straatventje wat niet aan zijn schoentjes kan komen.”
Vervolgens vraagt de verslaggever:
“En zijn het dan ook de jongens waar het nu volgens de korpschef om gaat? (…)”
Waarop klager antwoordt:
“Ja. Absoluut. Absoluut. Dat soort jongens zijn ontzettend loyaal. Ontzettend loyaal aan bijvoorbeeld de groep, de familie, waar ze zaken voor doen.”
Nadat de bestuursvoorzitter opnieuw aan het woord is over de rol van de deelgemeente, vraagt de verslaggever aan klager:
“Wat vind je eigenlijk van de aanpak nu?”                                                  
Klager zegt:
“Ik vind hem baggerslecht. Bij heel veel mensen op straat die werken met jongeren, die niet begrijpen wat ze doen, en dat is het probleem. Je hebt wel het overwicht, alleen je hebt niet de capaciteit om iets met die kinderen te doen. En daar gaat het mis.”
Het item sluit af met de toekomstplannen van Koçak.
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager stelt dat hij op 3 februari 2012 een Twitter-bericht van verweerders heeft ontvangen waarin stond vermeld dat zij een item wilden maken over het opinieartikel van klager met de kop“Drugsrunners, een Rotterdams product” dat hij op 26 januari 2012 schreef voor de opiniewebsite Joop.nl en een dag later op zijn eigen website heeft geplaatst.
Direct na ontvangst van het Twitter-bericht heeft hij telefonisch contact opgenomen en in een gesprek van 37 minuten uitgebreid met Arents gesproken over zijn opiniestuk, zijn visie op jongerenproblematiek, de eenzaamheid als je uit het criminele milieu stapt, de uitspraken van een korpschef, status onder criminelen en over een jongen die maanden terug anoniem bij FullColor Rotterdam zijn verhaal deed over het drugsrunners probleem. Arents laat weten dat ze daaraan graag een vervolg willen geven en klager stemt in daaraan mee te werken. Arents deelt mee dat hij klager op 6 februari zou willen ontmoeten om enkele Rotterdamse wijken te bezoeken. Klager is in een van deze wijken opgegroeid en kent de andere wijken alsmede de jongerenproblematiek en de betrokkenen goed. Hij maakt in het telefoongesprek direct kenbaar dat hij niet met een cameraploeg door de wijken wil lopen, omdat het hem niet verstandig lijkt op deze wijze over drugsrunners te spreken. In een telefoongesprek met Arents van 4 februari stelt klager daarom voor het interview te houden in de Centrale Bibliotheek, waarop Arents meedeelt dat hij het interview graag wandelend door het Kralingse Bos afneemt. Klager laat weten dat liever niet te doen, waarop Arents zegt dat hij een alternatief zal bedenken. Uiteindelijk vindt het interview plaats in een auto die door de wijken rijdt, waarbij York de auto bestuurt en klager door Arents wordt ondervraagd.
Volgens klager is tijdens het interview gesproken over onder meer kruimeldealers, een steekpartij die hij als jonge tiener heeft meegemaakt en invloedrijke families binnen de drugsscene. Verder is uitvoerig gesproken over klagers visie op het gebied van de jongerenproblematiek, gebruikmaking van informanten door justitie en zijn beweegredenen om uit het criminele milieu te stappen. Ter zitting wijst klager erop dat hij als opiniemaker altijd open is geweest over zijn achtergrond. Hij benadrukt dat hij tijdens het interview duidelijk heeft gemaakt dat hij geen antwoord wenst te geven op de vraag van York waaraan je de criminele jongeren kunt herkennen en dat hij niet wenst mee te werken aan dat soort stereotypering.
Klager stelt verder dat de camera kennelijk niet onopgemerkt is gebleven: in een van de wijken is er een auto naast hen komen staan, waarbij jongens met bedekte gezichten vanuit de binnenkant van die auto op de ruiten sloegen om vervolgens hard weg te rijden. Klager heeft naar aanleiding van het korte incident onnadenkend gezegd dat dit het soort jongens is, waarvoor je moet oppassen, omdat ze je altijd snel in de smiezen hebben. Zij kennen nu eenmaal hun wijk goed en letten op alles.
Klager betoogt dat met het gebruik van de opnamen in de uitzending een onrealistisch beeld is geschetst, omdat de jongens niets hebben gedaan. Hij heeft verweerders onbedoeld aan de stereotypering geholpen en daarvan is dankbaar gebruik gemaakt.
Na afloop van het interview heeft klager met verweerders afgesproken dat hij de dvd zou ontvangen nadat het item is afgemonteerd en dat hij zou worden gebeld als het item zou worden uitgezonden, zodat hij wat voorzichtiger zou zijn. Na afloop van het interview heeft klager echter niets meer van verweerders vernomen. Ter zitting stelt klager dat hij hierdoor geen voorzorgsmaatregelen heeft kunnen treffen.
Klager is op zondag 19 februari 2012 ‘s nachts telefonisch met de dood bedreigd door een onbekende beller. Naar aanleiding van het gesprek heeft klager de website van verweerders bezocht en is hij geschrokken van de gewraakte uitzending. Anders dan was afgesproken had de uitzending niet zozeer betrekking op drugsrunners- en jongerenproblematiek, maar vooral over de overval op een juwelier. Volgens klager hebben de opnamen van zijn interview – dat ongeveer twee uur duurde – in de uitzending slechts een minuut gevuld, waarbij de nuances van zijn verhaal zijn verdwenen en zijn woorden in een andere context zijn geplaatst. Zo had de uitdrukking ‘baggerslecht’ volgens klager betrekking op een voorbeeld uit de praktijk van jongerenproblematiek en sociaal werk.
Voorts stelt klager dat hij ten onrechte in verband is gebracht met het drugsrunnercircuit. Hij wijst erop dat hij weliswaar in zijn vroege tienerjaren heeft gedeald, maar dat hij nimmer drugsrunner is geweest. Hij wijst er in dat kader op dat drugsrunners Zuid-Limburg teisteren en extreem gewelddadig zijn. Bovendien is voor het publiek niet (voldoende) duidelijk dat hij is gestopt met dealen. Klager benadrukt dat veel drugsrunners afkomstig zijn uit de wijk waar hij is opgegroeid. Hij maakt echter al jaren geen onderdeel meer uit van de criminaliteit en tracht juist het debat te openen, laat jongeren hun verhaal doen en ageert tegen populisten met simplistische maatregelen als harder straffen en het wegkijken voor problemen. Hij betwijfelt of hij nog serieus is te nemen als het publiek het geschetste beeld voor waar aanneemt en maakt zich zorgen om zijn toekomstige stage.
Klager benadrukt dat Arents de indruk heeft gewekt dat het item een follow-up zou behelzen van het interview dat FullColor Rotterdam eerder had gehouden met een drugsrunner die anoniem zijn verhaal deed. Daarover had klager geschreven en naar aanleiding van dat stuk was hij benaderd. Hij had niet meegewerkt aan de uitzending als hij de ware insteek ervan had geweten.
In de ochtend van zondag 19 februari 2012 heeft klager per sms aan Arents zijn bezwaren geuit tegen de uitzending. Daarna is er veelvuldig contact – per sms, voicemail en e-mail – geweest tussen partijen. In een e-mail van 19 februari heeft Arents excuses gemaakt voor het niet verzenden van een e-mail met daarin een link naar de uitzending, omdat dit per abuis was opgeslagen als concept. Klager wijst erop dat Arents daarbij vergeet dat was afgesproken dat klager vóór de uitzending zou worden gebeld. Verder kan klager het niet plaatsen dat verweerders het conceptbericht in de twaalf dagen die inmiddels na de uitzending waren verstreken niet is opgevallen.
Op maandag 20 februari 2012 heeft klager driemaal telefonisch contact gehad met York. Zijn verzoek om te spreken met producent Radstake werd afgewezen, omdat deze het verhaal eerst op papier wilde lezen. Nadat klager het verhaal had verstuurd en op zijn website had geplaatst, heeft Radstake zijn excuses aangeboden vanwege de nalatigheid om hem voorafgaand aan de uitzending daarover te informeren, aldus klager. Ter zitting wijst hij erop dat verweerders ten onrechte naar voren hebben gebracht dat hij nimmer contact heeft gezocht met de eindverantwoordelijke.
Verder stelt klager dat verweerders de ernst van de zaak miskennen door te stellen dat hij in het item goed uit de verf komt. Verweerders hebben excuses gemaakt voor het gebruik van de term ‘ex-drugsrunner’ in plaats van ‘ex-drugsdealer’. Ze hadden hem echter ook als ‘opiniemaker’ kunnen aanduiden. Hij betreurt het dat de producent geen gesprek met hem wilde voeren.
Ter zitting benadrukt klager dat hij er bezwaar tegen heeft dat het interview is uitgezonden in een volstrekt andere context dan was afgesproken. Hij ging uit van een vullend programma over zijn visie op jongerenproblematiek, naar aanleiding van het opiniestuk dat hij had geschreven.
 
Verweerders stellen dat alleen de hoofdredacteur aanspreekbaar is op fouten en dat het onnodig c.q. ongewenst is dat klager zijn beklag doet bij de Raad. Zij wijzen erop dat klager geen poging heeft ondernomen om contact te krijgen met de eindredacteur van het programma of de hoofdredacteur van MTNL. Daarmee heeft klager verweerders bewust geen mogelijkheid gegeven om naar aanleiding van zijn bezwaren een oplossing te zoeken.
Verweerders stellen verder dat uit het klaagschrift blijkt dat zij voor de onjuiste naamtitel en het ontbreken van contact voorafgaand aan de uitzending inmiddels verontschuldigingen hebben aangeboden. Zij wijzen er verder op dat klager uiteindelijk zelf akkoord is gegaan met het tijdstip en de locatie van het interview. Daarom blijft er volgens hen slechts inhoudelijke kritiek op de reportage over. Zo vindt klager het onnodig dat beelden zijn uitgezonden van jongeren die een poging tot intimidatie hebben ondernomen. De verslaggever vond dit juist tekenend voor de sfeer in de wijk en de keuze is uiteindelijk aan de redactie, aldus verweerders.
Zij wijzen er ten slotte op dat de uitvoerige publicaties van klager op Joop.nl en berichten via social media de indruk kunnen wekken dat er echt iets aan de hand is. Voor zover klager zich heeft afgevraagd of zijn stage in gevaar komt door de reportage, is de hoofdredacteur bereid – mocht klager dat nodig vinden – tekst en uitleg te geven.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
Kern van de klacht is dat verweerders het interview met klager op journalistiek onzorgvuldige wijze in een andere context hebben gebruikt.
 
De Raad stelt voorop dat de journalist die iemand wil interviewen, de geïnterviewde laat weten met welk doel hij informatie vergaart. De te interviewen persoon moet voldoende geïnformeerd kunnen beslissen of hij aan een publicatie of uitzending wil meewerken. Van onzorgvuldige journalistiek is sprake wanneer een citaat van de geïnterviewde wordt gebruikt in een andere context dan hij mocht verwachten op grond van hetgeen hem door de interviewer is meegedeeld. De geïnterviewde moet opnieuw worden gevraagd of hij ermee instemt dat zijn uitlatingen worden gepubliceerd indien de aard of inhoud van een publicatie in de loop van het redactionele proces zozeer wordt gewijzigd dat niet meer wordt voldaan aan wat hij redelijkerwijs mocht verwachten. (zie punten 2.7.1. en 2.7.2. van de Leidraad van de Raad)
 
Klager heeft gemotiveerd en onbetwist aangevoerd dat hij door verweerders is benaderd voor een interview naar aanleiding van zijn opiniestuk. Ter ondersteuning van zijn standpunt heeft klager een print overgelegd van het Twitter-bericht dat hij op 3 februari 2012 heeft ontvangen en dat luidt:
“@KarimKhaoiri wij zijn bezig met mogelijk een item over http://tinyurl.com/7lftzyh kunnen we daar even over bellen? (…)”
De link in het Twitter-bericht leidt naar klagers opiniestuk “Drugsrunners, een Rotterdams product”, waarvan de eerste alinea’s luiden:
“Eindelijk, het begint steeds meer door te dringen bij bestuurders dat het 'bestrijden' van criminaliteit niet louter met hard/ harder/ hardst straffen en 'hoge' geld boetes kan, maar dat er wel degelijk naar de sociale achtergronden gekeken dient te worden.
Zondag 22 januari besteedde Brandpunt aandacht aan het landelijk, maar vooral Limburgs probleem van de drugsrunners. Al jaren schreeuwt Maastricht om hulp, maar kennelijk blijkt het nog altijd niet door te dringen in Den Haag en kan burgervader Onno Hoes nu niets anders, evenals zijn voorganger Gerd Leers dan de noodklok te luiden. Je zou denken dat crime fighter- en staatssecretaris Teeven en minister Opstelten bij hun aantreden hier iets mee gingen doen. Of dat minister Gerd Leers op zijn minst, op zijn mooiste Limburgs, zijn collegae aanschoot om hen op het hart te drukken iets te doen aan de Randstedelijke drugsrunners in het mooie Limburg. Helaas, Brandpunt is kennelijk nodig om hen duidelijk te maken dat dit probleem niet in de vergetelheid mag geraken.”
 
Klager mocht er dan ook van uit gaan dat de opnamen van het interview zouden worden gebruikt in de context van hetgeen klager in zijn opiniestuk aan de orde heeft gesteld.
Uit de uitzending blijkt echter dat verweerders het interview en de woorden van klager hebben verwerkt in een item over criminaliteit naar aanleiding van een overval op een juwelier en daarmee in een andere context dan klager mocht verwachten. Niet is gebleken dat verweerders voorafgaand aan de uitzending aan klager opnieuw hebben gevraagd of hij ermee instemde dat zijn uitlatingen zouden worden gepubliceerd.
 
Door aldus te handelen en na te laten alsmede klager bovendien ten onrechte aan te duiden als ‘ex-drugsrunner’ – waarvoor overigens excuses zijn aangeboden – hebben verweerders grenzen overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.
 
BESLISSING
 
De klacht is gegrond.
 
De Raad verzoekt verweerders bij voorkeur aan deze beslissing aandacht te besteden in een uitzending van FullColor Rotterdam en anders deze beslissing integraal of in samenvatting op hun website dan wel in een ander daartoe geëigend medium te publiceren.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 11 mei 2012 door mr. V.H.G. Lebesque, voorzitter, T.R. Harkema, mr. T.E. Klein, drs. P. Olsthoorn en mw. drs. F. Santing, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. H. Osinga, adjunct-secretaris.