2011/74 onthouding oordeel

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
E. van Geel, C. Tatsakis, P. de Kuyper en M. Thomaïdis-Zeebregts
 
tegen
 
W. Hack en de hoofdredacteur van het Brabants Dagblad
 
Bij brief van 22 juli 2011 met elf bijlagen heeft mw. M. Thomaïdis-Zeebregtste Lagonisi, Griekenland, mede namens E. van Geel, C. Tatsakis en mw. P. de Kuyper (hierna: klagers) een klacht ingediend tegen W. Hack en de hoofdredacteur van het Brabants Dagblad (hierna: verweerders). Hierop heeft T. Rooms, hoofdredacteur a.i., namens verweerders geantwoord in een brief van 7 september 2011 met één bijlage. Vervolgens hebben klagers daarop gereageerd in een e-mail van 8 september 2011. Verweerders hebben ten slotte nog een bijlage overgelegd per e-mail van 16 september 2011.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 16 september 2011. Partijen zijn daar niet verschenen.
 
DE FEITEN
 
Op 24 juni 2011 is in het Brabants Dagblad een artikel van de hand van Hack verschenen onder de kop “Het is ‘onderwijs, brood en vrijheid’ bij de Grieken”.
Het artikel opent met:
“Vooral Brabanders die rond Athene wonen hebben te lijden onder de crisis in Griekenland. Ze uiten zich voorzichtig, bang dat het beeld nog meer wordt verstoord.”
Alle klagers worden in het artikel genoemd en een van hen wordt geciteerd.
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klagers stellen geschokt te zijn dat hun namen en persoonlijke informatie zonder toestemming of medeweten in de gewraakte berichtgeving zijn verschenen. Klaagster Thomaïdis-Zeebregts is, in haar hoedanigheid als secretaris van de Nederlandse Vereniging in Griekenland, gebeld door Hack met het verzoek hem te helpen bij het vinden van Brabanders die geïnterviewd willen worden over de crisis in Griekenland. Thomaïdis-Zeebregts heeft toen verteld dat zij zelf Brabantse is, maar dat zij al was benaderd door een aantal andere media en dat zij niet nog eens geïnterviewd wil worden. Zij heeft vervolgens wel met Hack over de crisis gesproken en dat gesprek is kennelijk zonder haar medeweten of toestemming opgenomen en gebruikt in het artikel. Daarbij hebben verweerders zeer persoonlijke informatie, zoals haar bron van inkomsten, vermeld.
Klaagster Thomaïdis-Zeebregtsheeft Hack verder het telefoonnummer van klager Tatsakis verstrekt, die echter ook geen interview wilde geven en niet met zijn naam in de media wilde verschijnen. Verweerders hebben dit niet gerespecteerd en hebben foutieve informatie over Tatsakis vergaard en gepubliceerd. Zo is onder meer onjuist dat Tatsakis zonder werk heeft gezeten. Hack heeft bovendien in een e-mailwisseling ten onrechte gemeld dat deze informatie afkomstig was van klaagster Thomaïdis-Zeebregts.
Vervolgens heeft Hack contact opgenomen met klaagster De Kuyper, maar ook zij heeft geweigerd informatie te geven. Ook in haar geval is Hack zelf achter de informatie aangegaan.
Klager Van Geel heeft weliswaar een interview gegeven, maar heeft verweerders uitdrukkelijk verzocht om anoniem te blijven. Van Geel heeft de vraag van Hack naar de reden hiervoor schertsend beantwoord met de mededeling dat ‘er mensen zijn die dreigbrieven hebben ontvangen’. Verweerders hebben het verzoek tot anonimisering genegeerd en hebben bovendien gemeld dat ‘een bestuurslid van de Nederlandse Vereniging is bedreigd omdat hij zich te negatief uitliet over Griekenland’. Volgens klagers is dit nonsens.
Klagers achten het een schending van hun privacy en persoonlijke waardigheid dat zij via familie en bekenden te horen hebben gekregen dat hun namen en persoonlijke informatie zonder toestemming of medeweten zijn gepubliceerd. Zij vragen om een rectificerend artikel met excuses van Hack.
 
Verweerders stellen dat het voor hen onmogelijk is om vast te stellen hoe de contacten tussen klagers en Hack precies zijn gelopen.
Volgens Hack heeft hij aan de personen met wie hij contact heeft opgenomen, duidelijk kenbaar gemaakt dat een artikel zou verschijnen. Voor niemand is dit reden geweest om vooraf inzage te vragen, aldus Hack.
Hij heeft diverse keren contact gehad met klaagster Thomaïdis-Zeebregts. Zij heeft Hack een aantal telefoonnummers gegeven van Brabanders in de buurt van Athene en achtergrondinformatie verstrekt. Daarnaast heeft zij haar eigen verhaal gedaan.
Alleen klager Tatsakis heeft duidelijk gemeld dat hij niet in de krant geciteerd wilde worden. Tatsakis verklaarde aan de telefoon dat hij er genoeg van kreeg om steeds over het Griekse drama te vertellen. Conform zijn wens is hij niet geciteerd in de berichtgeving. In het artikel is slechts opgenomen dat Tatsakis zijn mening reeds had gegeven en dat genoeg vond. Kennelijk heeft Tatsakis bedoeld te zeggen dat hij niet in de krant wilde verschijnen. In een e-mail aan de redactie heeft hij kenbaar gemaakt dat hij ontevreden is met de wijze van verslaggeving van de Nederlandse media over het onderwerp. Zijn ontevredenheid over de gewraakte berichtgeving vloeit daar kennelijk uit voort. Uit de e-mailwisselingen valt af te leiden dat Tatsakis andere leden van de vereniging heeft gemobiliseerd om in actie te komen, aldus verweerders.
Volgens hen heeft De Kuyper geen interview geweigerd. Bovendien is zij niet sprekend in het artikel opgevoerd.
Ten slotte stellen verweerders dat Hack naar aanleiding van de opmerking van Van Geel over het ontvangen van dreigbrieven, daarover heeft doorgevraagd. Hack heeft uit de reactie van Van Geel niet kunnen afleiden dat het een schertsende opmerking betrof.
Verweerders constateren dat de communicatie niet helder is verlopen, maar kunnen niet beoordelen of en in hoeverre de schuld bij Hack ligt. Verweerders betreuren dat een en ander tot een onbevredigend resultaat heeft geleid. Hoewel verweerders het als hun taak beschouwen om misverstanden te beperken, kunnen zij die niet altijd voorkomen. Rectificatie is niet op zijn plaats, omdat de berichtgeving geen feitelijke onjuistheden bevat en zij niet hebben gehandeld in strijd met journalistieke gedragscodes, aldus verweerders. 

BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
Kern van de klacht is dat klagers onjuist en in strijd met hetgeen zij daarover met Hack hebben afgesproken in de berichtgeving zijn genoemd en geciteerd. Klagers hebben in dat verband uitvoerig uiteen gezet hoe hun contacten met Hack zijn verlopen.
Verweerders hebben de lezing van klagers over de gang van zaken gemotiveerd weersproken en betoogd dat Hack niet onethisch heeft gehandeld.
 
De standpunten van partijen over de contacten tussen klagers en Hack staan lijnrecht tegenover elkaar en er is geen materiaal voorhanden op grond waarvan de Raad kan vaststellen welk standpunt juist. De Raad kan zich aldus niet uitlaten over de vraag of verweerders met hun handelwijze jegens klagers journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld en onthoudt zich daarom van een oordeel.
 
BESLISSING
 
De Raad onthoudt zich van een oordeel.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 11 november 2011 door mr. V.H.G. Lebesque, voorzitter, H. Blanken, dr. H.J. Evers, mr. T.E. Klein en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. H. Osinga, plaatsvervangend secretaris.