2010/16 ongegrond onthouding oordeel

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
P. van Schaik
 
tegen
 
S. Mulder en de hoofdredacteur van RTV Rijnmond
 
Bij brief van 8 december 2009 heeft P. van Schaik (hierna: klager) een klacht ingediend tegen S. Mulder en de hoofdredacteur van RTV Rijnmond (hierna: verweerders). Vervolgens heeft klager in een e-mail van 14 december 2009 correspondentie tussen hem en verweerders overgelegd. J. de Koster, hoofdredacteur, heeft op de klacht geantwoord in een brief van 19 januari 2010 met drie bijlagen.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 12 februari 2010. Klager is daar verschenen. Van de kant van verweerders is R. Brouwers – adjunct-hoofdredacteur – verschenen, die het standpunt van verweerders heeft toegelicht aan de hand van een notitie.
 
Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad een dvd-opname van de gewraakte uitzending bekeken.
 
Vanwege de plotselinge ontstentenis van één van de leden van de Raad hebben partijen desgevraagd laten weten geen bezwaar te hebben tegen de behandeling van de zaak door de voorzitter en drie leden.
 
DE FEITEN
 
Op 23 november 2009 is in een televisie-uitzending van RTV Rijnmond in de rubriek ‘Wat een weekend’ aandacht besteed aan de presentatie van het boek ‘De Glamourpresident, John F. Kennedy’ van de hand van klager. De presentatrice leidt het item in als volgt:
“In de Rotterdamse boekhandel Donner werd afgelopen zaterdag wéér een boek over president John F. Kennedy gepresenteerd. Schrijver Paul van Schaik beloofde de wereld op z'n kop te zetten met onthullingen over het amfetaminegebruik van deze voormalige president van de Verenigde Staten en de link te leggen naar zijn niet te stillen drang naar seks. Met de beloofde White House Party in het vooruitzicht ging Suzanne Mulder op de boekpresentatie af.”
Vervolgens komt verslaggeefster Mulder in beeld, die haar verslag van de presentatie inleidt met de tekst:
“Dat John F. Kennedy een wijvendief was en van gezellige versnaperingen hield, dat weten we wel. Schrijver van het boek doet er nog een schepje bovenop: noemt hem een van de meest succesvolle artiesten van de wereld en een weergaloos performer. Nou, laat het hem maar bewijzen, zou ik zeggen.”
Mulder meldt verder dat op de rode draad van het boek, de amfetamine- en medicijnverslaving van Kennedy, kritisch wordt gereageerd. Zij interviewt een bezoeker, die zegt dat een bespreking tussen Chroesjtsjov en Kennedy misliep omdat Kennedy niet aanspreekbaar was. Mulder vraagt daarop: “Kom eens met wat nieuws, zegt u?”, waarop de bezoeker antwoordt: “Kom eens met wat nieuws dan, want ja, dit weten we al.”
Hierna wordt klager aan het woord gelaten, die vertelt wat er naar zijn mening nieuw is in zijn boek ten opzichte van andere boeken over Kennedy.
Verder is te zien dat enkele bezoekers van de presentatie lopend naar de feestlocatie gaan en worden beelden getoond van het feest. Mulder concludeert, samengevat weergegeven, dat het feest niet van de grond kwam en niet voor een galafeest kon doorgaan.
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager betoogt dat het item niet waarheidsgetrouw, eenzijdig en tendentieus is en dat beelden zijn gemanipuleerd. Volgens hem wordt ten onrechte het beeld geschetst dat de boekpresentatie in de boekhandel en het daaropvolgende feest een mislukking waren. Zo wordt op klagers familie ingezoomd als voorbeeld van ‘geen John. F. Kennedy-publiek’ en worden lege stoelen getoond, terwijl de rest van het publiek niet in beeld is gebracht. Volgens klager werd de presentatie, anders dan het item doet voorkomen, druk bezocht. Ook zijn met veel luister bijgezette entree bij de feestlocatie is niet in de uitzending te zien. Verder is een beeld getoond van de lege feestlocatie, voordat het feest van start ging. Tijdens het feest is de camera opzettelijk van de glamoureuze momenten afgewend en zijn de niet-glamoureuze elementen uitvergroot. Klager wijst er verder op dat op de uitnodiging voor de presentatie en het feest was aangegeven dat het de ‘meest glamoureuze boekpresentatie ooit’ zou worden. De verslaggeefster heeft dit volgens hem veel te letterlijk genomen. Klager meent dat de kijker de uitnodiging beter had kunnen plaatsen als deze kort, aan het begin van het item, was getoond.
Verder stelt klager dat ten onrechte is gesuggereerd dat zijn boek niets nieuws meldt. De kritiek van de geïnterviewde bezoeker duidt erop dat deze het boek niet heeft gelezen. In het boek staat juist het tegendeel van hetgeen de bezoeker en schrijvers vóór klager hebben gesteld. Klager meent dat hij geen gelegenheid heeft gehad om zich tegen deze specifieke kritiek te verweren. Bovendien werd hij door Mulder overvallen terwijl hij handtekeningen uitdeelde. Het weerwoord dat hij voor de camera lijkt te geven, is geen reactie op de kritiek van de bezoeker, maar een antwoord op de stelling dat zijn boek niets nieuws brengt.
Klager stelt dat ook indien het item als een recensie moet worden aangemerkt, rekening had moeten worden gehouden met zijn belangen.
Ter zitting heeft klager hieraan nog toegevoegd dat hem ten onrechte een bewijslast wordt opgelegd ten aanzien van de stelling dat Kennedy een glamour-president was en dat zijn boek iets nieuws toevoegde. Volgens klager is dit bewijs niet aan hem. Verder deelt hij desgevraagd mee dat hij zijn woede over de handelwijze van verweerders heeft verwoord op zijn website, maar dat hij die publicatie heeft verwijderd, toen hij door verweerders daarop werd aangesproken.
 
Verweerders betogen dat er wel degelijk een waarheidsgetrouw verslag is gemaakt van het evenement en zij bestrijden dat met beelden is gemanipuleerd. De beelden zijn niet gebruikt om een bepaald aspect van het evenement extra te benadrukken, aldus verweerders. Zij hebben de intentie gehad om een participerend verslag te maken, waarbij de nadruk op het galafeest zou liggen, en niet om klager of zijn boek in een kwaad daglicht te stellen. Verweerders wijzen erop dat klager in het item meermalen de gelegenheid is geboden op stellingen van de Mulder te reageren.
Verder stellen verweerders dat ook met de conclusie van Mulder dat het feest geen echt galafeest wilde worden, zoals werd beloofd, klager niet in zijn belangen is geschaad. Voorafgaand aan de avond is met diverse partijen contact opgenomen over de aard van het feest. Er is toen bevestigd dat het een gala- en glamourfeest zou worden. De waarnemingen van Mulder waren echter anders, hetgeen in de reportage is verwerkt. Daarbij heeft zij haar conclusie met persoonlijk commentaar gestaafd.
Het boek van klager is slechts zeer kort aan de orde gekomen, door middel van één opmerking van een bezoeker, en klager heeft kunnen reageren op de nieuwswaarde van zijn boek.
Ter zitting hebben verweerders nog opgemerkt dat Mulder vaker soortgelijke items maakt, zodat klager hiermee bekend had kunnen zijn.
Ten slotte hebben verweerders ter zitting aan de Raad verzocht een oordeel te geven over de reactie van klager op de uitzending, die hij op zijn website heeft gepubliceerd en waarin hij zich uitlaat over het privéleven van Mulder.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
In de gewraakte uitzending worden de boekpresentatie van klager en het aansluitende feest besproken. De uitzending moet derhalve als een recensie worden aangemerkt.
 
Aan columnisten, cartoonisten en recensenten komt een grote mate van vrijheid toe om hun mening te geven over gebeurtenissen en personen. Daarbij zijn stijlmiddelen als overdrijven en bewust eenzijdig belichten geoorloofd. De grenzen van het toelaatbare worden overschreden wanneer cartoons en (passages in) columns en recensies in redelijkheid geen ruimte laten voor een andere karakterisering dan dat zij kwetsend en beledigend zijn voor personen of bevolkingsgroepen. Voor recensies geldt bovendien dat zij geen wezenlijke onjuistheden mogen bevatten. (zie punt 3.1. van de Leidraad van de Raad)
 
Naar het oordeel van de Raad blijkt uit de uitzending genoegzaam dat deze met name een persoonlijk oordeel van Mulder bevat en een beschrijving behelst van de wijze waarop zij het gehele evenement heeft beleefd. Het stond Mulder vrij haar mening te uiten op de wijze als zij heeft gedaan. De Raad acht het begrijpelijk dat de uitzending klager niet welgevallig is, maar Mulder behoefde zich bij het geven van haar kritische mening niet te laten weerhouden door de mogelijkheid dat daardoor afbreuk zou kunnen worden gedaan aan de reputatie van klager. Dat in de uitzending fragmenten worden getoond van niet-glamoureuze elementen van de presentatie en het feest, en de omstandigheid dat één bezoeker van de presentatie aan het woord wordt gelaten en opmerkt dat het boek van klager niets nieuws bevat, maakt niet dat verweerders jegens klager journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld. Overigens heeft klager ter zitting desgevraagd beaamd dat hij besefte dat het sturen van een uitnodiging voor de presentatie aan verweerders mogelijkerwijs een negatieve recensie zou opleveren.
Nu voorts niet is gebleken dat de uitzending wezenlijke onjuistheden bevat, bestaat geen grond voor het oordeel dat met de uitzending grenzen zijn overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.
 
De Raad overweegt voorts dat verweerders eerst ter zitting aan de Raad hebben verzocht de gewraakte publicatie op de website van klager te beoordelen. Het Reglement voor de werkwijze van de Raad voorziet niet in het indienen van een zogeheten ‘klacht in reconventie’. De Raad is van oordeel dat een dergelijke klacht – in het kader van een behoorlijke klachtenbehandeling – tijdig voorafgaand aan de zitting schriftelijk moet worden ingediend. Zowel de partijen als de Raadsleden dienen zich immers op de behandeling van een klacht deugdelijk te kunnen voorbereiden. De Raad zal zich derhalve van een oordeel over deze klacht onthouden.
 
BESLISSING
 
De klacht van klager is ongegrond. De Raad onthoudt zich van een oordeel over de ter zitting ingediende klacht van verweerders.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 19 april 2010 door mr. A. Herstel, voorzitter, mr. T.E. Klein, mw. drs. J.X. Nabibaks en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. W.S. van Helvoort, plaatsvervangend secretaris.