2009/15 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
X
 
tegen
 
R. Simoen en de hoofdredacteur van Dagblad De Limburger
 
Bij brief van 18 november 2008 met een bijlage heeft mr. S. Smeets, advocaat te Venlo, namens de heer X (hierna: klager) een klacht ingediend tegen R. Simoen en de hoofdredacteur van Dagblad De Limburger (hierna: verweerders). Hierop heeft H. Driessen, adjunct hoofdredacteur, namens verweerders geantwoord in een brief van 15 december 2008 met drie bijlagen.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 30 januari 2009. Klager noch verweerders zijn daar verschenen.
 
DE FEITEN
 
Op 22 september 2008 is in Dagblad De Limburger een artikel van de hand van Simoen verschenen onder de kop “De knuppel in het friethok”, waarvan de intro luidt:
“Nederlandse snackbars zijn hopeloos verouderd, saai en ongezond. Zeggen Pierre Wind en Bart Chabot in hun boek Patatje Oorlog. Het wordt tijd dat de kroketten plaats gaan maken voor tagliatelli-lolly’s en plaatpatat.”
Bij het artikel is een foto geplaatst waarop is te zien dat klager zout over bakjes friet strooit.
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager stelt dat het artikel niets met hem of de zaak waarin hij werkt te maken heeft, maar dat de titel anders doet vermoeden. Klager wijst erop dat hij een bijbaan heeft in een cafetaria. De geplaatste foto is gemaakt toen hij daar werkte. Volgens klager is hem verteld dat een foto zou worden genomen van de bakjes met friet waarover hij het zout zou strooien. Klager benadrukt dat hij dus onherkenbaar in beeld zou komen. Pas op het moment dat de krant werd bezorgd, ontdekte hij dat hij volledig en zeer herkenbaar in beeld was. Klager stelt dat hij nooit zijn toestemming voor het plaatsen van de foto zou hebben gegeven, als hij had geweten dat hij herkenbaar zou worden afgebeeld.
Voorts acht klager de titel zeer ongepast. Hij stelt dat daarmee zijn eer en goede naam worden aangetast, nu de kop de indruk wekt dat hij een ‘knuppel’ is; een ander woord voor knuppel is immers knurft, lomperd of lummel. Sinds de publicatie wordt hij regelmatig uitgemaakt voor ‘knuppel’, door zowel onbekenden als bekenden.
Klager stelt dat het in beginsel om een onschuldige foto gaat, maar dat deze foto – gezien de context en meer in het bijzonder de kop van het artikel – als bezwaarlijk is aan te merken. Daarom moet worden geoordeeld dat zijn recht op privacy zwaarder moet wegen dan het belang van verweerders om de foto te publiceren, aldus klager.
 
Verweerders stellen voorop dat onomwonden toestemming is verleend voor de foto. Simoen heeft vooraf contact gehad met klager over het maken van de foto. Daarbij is ook nadrukkelijk gesproken over de aard van het artikel. In dat verband achten verweerders van belang dat de cafetaria waar de foto is genomen en waar klager werkt, er in het boek van Chabot en Wind genadig vanaf is gekomen. Volgens verweerders zijn geen afspraken gemaakt over onherkenbaar fotograferen. Zou daar wel om gevraagd zijn, dan is de kans groot dat dit verzoek ook gehonoreerd zou zijn, zo stellen verweerders. Niet omdat verweerders van mening zijn dat iemand door de foto wordt geschaad, maar omdat een onherkenbare frietbakker geen afbreuk zou doen aan de illustratieve waarde van de foto. Zo’n verzoek heeft verweerders echter niet bereikt. Gezien de wijze waarop klager in beeld is gebracht, hebben verweerders overigens niet de indruk dat klager zich onbewust is van het feit dat hij herkenbaar wordt vastgelegd.
Wat de aanduiding ‘knuppel’ betreft, merken verweerders op dat de titel verwijst naar de uitdrukking ‘de knuppel in het hoenderhok gooien’. Volgens verweerders hebben de auteurs van het boek ‘Patatje Oorlog’ dit gedaan door de aanval te openen op de vette hap. De kop dekt dan ook volledig de lading van het artikel. Dat lezers een rechtstreekse lijn zouden leggen naar klager als zijnde een ‘knuppel’, achten verweerders ver gezocht.
Voorts achten verweerders het van belang te vermelden dat klager zich twee maanden na de publicatie heeft gemeld met het verzoek om 1000 euro aan hem over te maken. Over eventuele rechtzetting van het artikel werd toen niet gerept. Verweerders begrijpen niet waarom klager zich niet direct na de publicatie heeft gemeld.
Tot slot wijzen verweerders erop dat bij het artikel een inbouwkader is geplaatst, waarin wordt vermeld dat de werkgever van klager door Chabot en Wind als kwalitatief goed wordt beoordeeld. Er is dus, anders dan wordt gesuggereerd, niet willekeurig een frietbakker gefotografeerd, aldus verweerders.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
Kern van de klacht is dat jegens klager onzorgvuldig is gehandeld, door een herkenbare foto van hem te plaatsen bij het artikel met de kop “De knuppel in het friethok”.
 
De Raad stelt voorop dat een journalist de privacy van personen niet verder zal aantasten dan in het kader van zijn berichtgeving redelijkerwijs noodzakelijk is. Een inbreuk op de privacy overschrijdt de grenzen van zorgvuldige journalistiek wanneer deze niet in redelijke verhouding staat tot het maatschappelijk belang van de publicatie. (zie punt 2.4.1. van de Leidraad van de Raad)
 
Niet ter discussie staat dat partijen vooraf contact hebben gehad over het maken van de foto en dat aan Simoen toestemming is verleend om een foto te plaatsen die is gemaakt in de cafetaria waar klager werkzaam is. Partijen verschillen van mening over de vraag of daarbij afspraken zijn gemaakt over de (on)herkenbaarheid van klager en er is geen materiaal beschikbaar op grond waarvan de Raad kan vaststellen welk standpunt juist is.
 
Naar het oordeel van de Raad is van een disproportionele aantasting van de privacy van klager echter geen sprake. Daarbij neemt de Raad in aanmerking dat er een duidelijk verband bestaat tussen de kop van het artikel en het boek dat daarin wordt besproken. Die relatie wordt de lezer al in de intro van het artikel duidelijk gemaakt. De Raad acht het niet aannemelijk dat de gemiddelde lezer de kwalificatie ‘knuppel’ in verband zal brengen met klager persoonlijk. Bovendien is klager op een volkomen onschuldige wijze in beeld gebracht.
 
Er bestaat aldus geen grond voor het oordeel dat verweerders grenzen hebben overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.

BESLISSING
 
De klacht is ongegrond.
 
De Raad verzoekt verweerders deze beslissing integraal of in samenvatting in Dagblad De Limburger te publiceren.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 27 februari 2009 door mr. C.A. Streefkerk, voorzitter, drs. G.T.M. Driehuis, prof. dr. mr. B. de Gaay Fortman, mw. drs. M.G.N. Mathot, en drs. L.W. Verhagen, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mw. mr. P.J. Blok, plaatsvervangend secretaris.