2008/61 deels gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
W.F. Holleeder
 
tegen
 
K. Scharrenberg en de hoofdredacteur van Panorama
 
Bij brief van 5 september 2008 met een bijlage heeft J-H.L.C.M. Kuijpers, advocaat te Amsterdam, namens W.F. Holleeder (hierna: klager) een klacht ingediend tegen
K. Scharrenberg en de hoofdredacteur van Panorama (hierna: verweerders). Hierop heeft
mevrouw M. van der Werf, Juridische Zaken Sanoma Uitgevers, namens verweerders geantwoord in een brief van 6 oktober 2008.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 17 oktober 2008. Mr. Y. Quint is daar verschenen namens klager. Aan de zijde van verweerders was F. Lomans, hoofdredacteur van Panorama, aanwezig. Ter zitting heeft mr. Quint nog een nader stuk overgelegd.
 
DE FEITEN
 
Op 27 augustus 2008 is in Panorama een artikel van de hand van Scharrenberg verschenen onder de kop “Vermoorde of moordende onschuld?”. De intro van het artikel luidt:
“Hij is volgens justitie de grootste hitman die ons land ooit kende. Zowel als killer en organisator, betrokken bij minstens zes maar mogelijk veel meer liquidaties. Maar is (Y) echt de koelbloedige spin in het moordweb van de Nederlandse criminaliteit?”
Verder is in het artikel onder meer vermeld:
“Want (Y) zou, samen met de kroongetuige (...), deze keiharde liquidatie hebben gepleegd. En hier komt ook, voor het eerst eigenlijk, de inmiddels tot Nederlands Capo di Capo’s verheven Willem Holleeder om de hoek kijken. Houtman, een bekend – voormalig – crimineel, was in het vastgoed gegaan en had naar verluidt een miljoen aan afpersingsgeld betaald. Ook andere getuigen, waaronder Houtmans echtgenote, verklaren over het lastig vallen en bedreigen van de vastgoedhandelaar door mannen op scootertjes uit de ‘Holleedergroep’ – maar het is vrijwel nooit Holleeder zelf die rechtstreeks actief is. Te slim, denkt justitie. Of natuurlijk gewoon niet betrokken, meent zijn advocaat.”
Het artikel is op de cover aangekondigd met de tekst “Onthullend! – Is dit Holleeders huurmoordenaar? – Alle feiten & fabels over (Y) – Verdacht van zes liquidaties”. Daarbij is een afgeblokte foto van (Y) geplaatst.  
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager stelt dat in het artikel, in samenhang met de cover, ten onrechte de suggestie wordt gewekt dat hij betrokken is bij verschillende liquidaties en dat (Y) zijn hitman zou zijn, die de liquidatieopdrachten van klager zou uitvoeren. Klager wordt echter thans van slechts één liquidatie verdacht. En ook de zinsneden ‘capo di capo’s’ en ‘mannetjes op scootertjes uit de ‘Holleedergroep’’ acht klager suggestief.
Volgens klager creëert dan wel versterkt deze wijze van berichtgeving de negatieve beeldvorming over hem, te weten dat hij de hoogste baas van de Nederlandse onderwereld zou zijn. De lezer kan zich aldus geen waarheidsgetrouw beeld vormen over de feiten waarvan klager wordt verdacht.
De suggestieve schrijfwijze in het artikel doet verder afbreuk aan het recht op een eerlijk proces en het beginsel dat iemand voor onschuldig moet worden gehouden zolang diens schuld niet in rechte is komen vast te staan, aldus klager. In dat verband heeft hij gewezen op artikel 6 lid 2 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM).
Klager concludeert dat sprake is van tendentieuze berichtgeving, die in strijd is met de bepalingen van de Leidraad van de Raad.
 
Verweerders stellen dat de zinsnede ‘mannetjes op scootertjes uit de ‘Holleedergroep’’ niet klakkeloos als citaat is neergezet. Uit achtergrondartikelen en stukken die gaan over zaken waarbij klager betrokken is geweest, komen dergelijke statements vaker naar voren. Volgens verweerders is inmiddels zeer veel over klager geschreven en het gewraakte citaat is uit vele gekozen. Ook het feit dat klager is aangemerkt als ‘capo di capo’s’ en door sommigen gezien wordt als de hoogste baas van de Nederlandse onderwereld is niet nieuw voor de lezer. Diverse media hebben immers al over klager en diens handelingen bericht en klager komt veelvuldig voor op internet.
Met betrekking tot de tekst op de cover merken verweerders op dat deze suggestief zou kunnen worden uitgelegd, maar dat – nu de zin in vragende vorm is gesteld – duidelijk is dat deze opmerking in twijfel getrokken dient te worden. Verder plaatst de journalist in het artikel zelf een aantal kanttekeningen bij de betrokkenheid van klager bij de liquidaties. Het is de lezer dan ook meer dan duidelijk dat niet vaststaat dat klager achter de liquidaties zit.
Ten aanzien van de stelling van klager dat hem een eerlijk proces wordt ontnomen, merken verweerders op dat in het artikel op een journalistiek verantwoorde wijze over klager is geschreven. Het voert te ver om aan te nemen dat door de inhoud van dit enkele artikel het recht op een eerlijk proces van klager wordt geschaad. Verweerders vragen zich overigens af of het aan de Raad is om over dergelijke klachten of onderdelen daarvan te oordelen, nu gesteld is dat daarmee het EVRM is overtreden.
Verweerders concluderen dat met de publicatie van het gewraakte artikel geen journalistieke grenzen zijn overschreden.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
De kern van de klacht is dat sprake is van tendentieuze berichtgeving. Klager heeft met name bezwaar tegen de publicatie van de tekst op de omslag van Panorama en de zinsneden ‘capo di capo’s’ en ‘mannetjes op scootertjes uit de ‘Holleedergroep’’.    
 
Ten aanzien van de tekst op de cover stelt de Raad voorop dat het journalistiek gebruikelijk is dat een artikel in de kop scherp wordt aangezet. Daarmee worden alleen de grenzen van journalistieke zorgvuldigheid overschreden als de kop geen enkele grond vindt in het artikel. (vgl. onder meer: RvdJ 2008/49 en 2007/20)
 
Naar het oordeel van de Raad kan de tekst op de cover “Onthullend! – Is dit Holleeders huurmoordenaar? – Alle feiten & fabels over (Y) – Verdacht van zes liquidaties” niet anders worden opgevat dan als de suggestie dat klager verantwoordelijk is voor diverse moorden. Die suggestie wordt – gezien de context van de berichtgeving – niet weggenomen door het vraagteken aan het eind van de zin. De Raad acht het aannemelijk dat de gemiddelde lezer zich moeilijk aan de indruk zal kunnen onttrekken dat de tekst op de cover een kern van waarheid bevat. Aldus bevat de tekst op de cover een zodanig ernstige beschuldiging aan het adres van klager dat verweerders deze niet zonder deugdelijke grondslag hadden mogen publiceren.
 
Die grondslag volgt niet uit de tekst van het artikel, waarin klager in verband wordt gebracht met één moordzaak. En ook overigens is niet gebleken dat voor de tekst op de cover een deugdelijke grondslag bestaat. Klager heeft immers onbetwist aangevoerd dat hij thans wordt verdacht van één moord en dat de rechter nog over deze zaak dient te oordelen.
Aldus moet worden geconcludeerd dat de tekst op de cover zodanig zwaar is aangezet dat deze als onredelijk beschadigend voor klager moet worden aangemerkt. Zoals klager terecht naar voren heeft gebracht, verhoudt de publicatie van die tekst zich bovendien niet met het beginsel dat iemand voor onschuldig moet worden gehouden totdat zijn schuld bewezen is.
Gelet op hetgeen verweerders ter zake hebben aangevoerd, merkt de Raad ten overvloede op dat ook juridische normen hun weerslag kunnen vinden in de (journalistieke) ethiek.
Door de publicatie van de tekst op de cover hebben verweerders derhalve de grenzen overschreden van hetgeen – gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid – maatschappelijk aanvaardbaar is. 
 
De publicatie van de zinsneden capo di capo's’ en ‘mannetjes op scootertjes uit de 'Holleedergroep'’ acht de Raad echter niet journalistiek ontoelaatbaar. Naar het oordeel van de Raad kan moeilijk worden volgehouden dat die zinsneden zodanig diffamerend zijn voor klager dat met de publicatie daarvan jegens hem journalistiek onzorgvuldig zou zijn gehandeld.
Daarbij heeft de Raad gelet op de aard van de strafzaken waarbij klager (beweerdelijk) is betrokken en de aanzienlijke hoeveelheid publiciteit over die strafzaken, aan welke publiciteit klager c.q. zijn advocaat overigens heeft bijgedragen. Voorts is mede in aanmerking genomen dat aan het slot van de passage is vermeld dat klager volgens zijn advocaat bij (een aantal) zaken ‘natuurlijk gewoon niet betrokken’ is.
 
BESLISSING
 
Voor zover de klacht is gericht tegen de aankondiging van het artikel op de cover, is deze gegrond. Voor het overige is de klacht ongegrond.
 
De Raad verzoekt verweerders deze beslissing integraal of in samenvatting in Panorama te publiceren.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 12 december 2008 door mr. A. Herstel, voorzitter, mw. F. Santing, mw. drs. P.C.J. van Schaveren, M. Ülger en mr. drs. G.J. Wolffensperger, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. W.S. van Helvoort, plaatsvervangend secretaris.