2007/41 deels gegrond onthouding oordeel

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
Zekere Zaken B.V. (h.o.d.n. VB’s Juridisch Advies) en mr. G.J. van Broekhoven
 
tegen
 
de omroepvereniging TROS, E. Hemmer, P. de Bie en A. Hertsenberg, en de producent van ‘Opgelicht?!’ PS Media Producties B.V.
 
Bij brief van 30 april 2007 hebben Zekere Zaken B.V. en mr. G.J. van Broekhoven, gevestigd te Apeldoorn (hierna: klagers) een klacht ingediend tegen de omroepvereniging TROS, E. Hemmer, P. de Bie en A. Hertsenberg, en tegen de producent van ‘Opgelicht?!’, PS Media Producties B.V. (hierna: verweerders).
Hierop heeft mw. mr. C.C. Goes, TROS Juridische Zaken, namens verweerders geantwoord in een brief van 30 mei 2007, waarin zij heeft aangegeven dat verweerders geen inhoudelijk verweer voeren tegen de klacht.
Hierop hebben klagers gereageerd bij brieven van 10 mei 2007, 12 mei 2007, 26 mei 2007 en 28 mei 2007, met diverse bijlagen.
 
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 8 juni 2007, waar mr. Van Broekhoven is verschenen en een pleitnotitie heeft overgelegd. Verweerders zijn daar niet verschenen. Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad een opname van de gewraakte uitzending bekeken.
 
DE FEITEN
 
Op 24 april 2007 is in de uitzending van ‘TROS Opgelicht?!’ aandacht besteed aan twee horecaondernemers die via het internet een investeerder vonden voor de overname van een discotheek in Heerlen. Deze geldschieter stelt Johan Teleng te heten. In de uitzending wordt gemeld dat deze investeerder in Spanje woont en dat daarom de bemiddeling via “een in Apeldoorn gevestigd juridisch adviesbureau van Gert Jan van Broekhoven” gaat. Vervolgens wordt verteld dat het contract door klager Van Broekhoven wordt ondertekend en dat daarin onder meer is vastgelegd dat de ondernemers  € 6.000,-- aan rente dienden te betalen. “Ook dat was allemaal geen probleem, dus het geld is betaald en toen was het wachten op de 100.000 euro om binnen te komen”, zeggen de ondernemers. Daarna wordt gemeld dat de ondernemers het geld niet ontvangen en verhaal gaan halen bij Van Broekhoven om te weten te komen waar Teleng woont. De voice-over meldt: “Van Broekhoven houdt de boot af, maar na enig aandringen geeft hij een kopie van Telengs paspoort.” Dit paspoort blijkt afkomstig van ene Johan Terleng uit Almere die onschuldig beweert te zijn. Vervolgens komen wederom afwisselend Teleng uit Almere en de ondernemers aan het woord. Terug in de studio zegt de presentatrice:
“De man die zich uitgeeft voor John Teleng uit Spanje heeft nog veel meer mensen   benadeeld die op zoek zijn naar een investeerder. Telkens gaat de bemiddeling via ene Gert Jan van Broekhoven (…) Van Broekhoven bemiddelt dus in zaken, waarbij je voordat je geld ontvangt eerst rente moet betalen. Als de lening vervolgens uitblijft, wordt de rente niet teruggestort. Wij vragen Van Broekhoven een verklaring voor zijn bijzondere manier van zaken doen.”
Daarna zijn beelden te zien van de woning van Van Broekhoven, waarbij een voice-over meldt:
“Van Broekhoven is niet gemakkelijk te vinden. Het adres waarop z'n adviesbureau staat ingeschreven, is een gewoon woonhuis. En op het adres waar hij volgens de Kamer van Koophandel zou wonen, woont iemand anders. Via een tip komen we toch aan z'n adres.”
Te zien is vervolgens dat een man naar de deur van de woning loopt en aanbelt. Van Broekhoven doet open. De camera komt daarna dichterbij. De man stelt zich voor als De Bie, vertelt waarom hij bij hem aan de deur staat en laat een kopie van een paspoort zien.
De Bie: “Kent u deze meneer.”
Van Broekhoven bestudeert de kopie en zegt: “ehhh, die ken ik, maar (…) het komt nou eigenlijk niet zo goed uit. Zou ik met u een afspraak kunnen maken? Ik zou het even op prijs stellen als er even geen opnames nu worden gemaakt. Ik wil best een opname, maar als we een afspraak maken voor als ik me weer wat beter voel.”
De Bie: “U ziet er anders best gezond uit, hoor.
Van Broekhoven: “Ja ehh, nee, ik ken die meneer, alleen nu is de vraag….”
De Bie: “Want er is een beetje gedonder, dat weet u he.
Van Broekhoven: “Ja, wie wie is (…) Ik heb iemand in Spanje ontmoet. (…) en die meneer, nu is er dus iemand in Nederland die zegt dat hij Teleng is en die ander zegt ook dat hij Teleng is. En dat is dus het probleem.”
Vervolgens wordt verder gesproken over wie de man op het paspoort is, over de kopie en wie Van Broekhoeven in Spanje ontmoet heeft.
De Bie: “Maar u gaat toch niet als jurist bemiddelen voor mensen die u nog helemaal nooit gezien of gekend heeft.”  en vervolgens “Gaat u er nu wel voor zorgen dat die jongens hun geld terug krijgen. Want de lening hebben ze nooit ontvangen, dat is u duidelijk. En u bent als advocaat… he, tenminste, u zegt dat u advocaat bent… u bent geen advocaat he.”
Van Broekhoven: “Ik heb nooit gezegd dat ik advocaat ben.”
De Bie: “Heeft u wel ooit de studie afgemaakt? (…) u bent meester in de rechten. Nou, dan weet u, dat als u nu eenmaal een handtekening zet om zo'n lening mogelijk te maken en daar de rente van ontvangt, dat u ook verantwoordelijk er voor bent. Dat weet u als jurist donders goed. Kortom u moet zorgen dat het geld terug komt.”
Van Broekhoven: “Ik ga in ieder geval, wat ik nu zeg, ik ga in ieder geval het onderzoeken en dat is het enige dat ik nu zeg.”
De Bie: “Maar wat gaat u dan onderzoeken.”
Van Broekhoven: “Nou ja, wat er precies aan de hand is.”
De Bie: “Maar dat kan ik u wel vertellen. (…) Die centen zijn bij u namelijk gewoon aangekomen en vanaf dat moment is het zoek. Dus ja…”
Van Broekhoven: “Ik heb het overgeboekt naar degene…”
De Bie: “U bent echt de enige op de wereld die dat verhaal gelooft.”
Daarna wordt nog kort gesproken over wat Van Broekhoven gaat onderzoeken en wordt hem een aantal keren gevraagd of hij er garant voor wil staan dat de ondernemers hun geld terug krijgen.
Vervolgens wordt in de studio aan Teleng uit Almere gevraagd of hij denkt dat Van Broekhoven de waarheid spreekt en wordt aan de ondernemers gevraagd of zij denken hun geld nog terug te zien. Daarna meldt de presentatrice dat Van Broekhoven na het bezoek contact heeft opgenomen met de redactie en heeft gezegd dat hij er achter is gekomen dat de man die zich uitgeeft voor Teleng in het echt anders heet.
Vervolgens is een geluidsfragment te horen van een telefoongesprek tussen Van Broekhoven en een TROS-medewerker:
Van Broekhoven: “Ik heb tegen hem gezegd, ja, ehh allemaal heel wonderlijk wat hier gebeurt. En toen heeft hij gezegd hij heet inderdaad hij was niet dhr. Teleng. Want hij zou een zekere Rene van de of van der Meer zijn. Alleen nu weet ik niet of die naam klopt.”
TROS-medewerker: “Nou ja, als hij zegt dat hij Teleng is en daarna zegt ie wat anders, dat kan alle kanten op gaan. Waar ik heel erg benieuwd naar ben, ik wil namelijk heel graag met degene die u dus gesproken heeft die zegt Rene van der Meer te heten, zou ik heel graag spreken.”
Van Broekhoven: “Ehh, ik moet het telefoonnummer opzoeken. Is 003..”
Daarmee eindigt het geluidsfragment. De presentatrice meldt ten slotte:
“Nou, we hebben het nummer uiteraard direct gebeld en u raadt het al. Wij kregen niemand aan de lijn en het nummer is zelfs afgesloten. Het heeft er alle schijn van dat Van Broekhoven z'n straatje probeert schoon te vegen. In ieder geval bent u gewaarschuwd en blijft Opgelicht de zaak volgen.”
 
HET STANDPUNT VAN KLAGERS
 
Klagers stellen dat zij door verweerders in diskrediet zijn gebracht en onheus zijn bejegend. Daartoe stellen zij dat in de gewraakte uitzending geen recht wordt gedaan aan de werkelijkheid en dat zij op zeer negatieve wijze in beeld worden gebracht. Bovendien is hun niet op deugdelijke wijze de gelegenheid geboden om de andere zijde van het verhaal te belichten. In dit kader achten klagers van belang dat zij meerdere keren contact hebben gehad met verweerders. Anders dan de uitzending doet vermoeden, heeft dit contact ook vóór de uitzending plaatsgevonden. Verweerders beschikten dus over hun telefoonnummer en e-mail-adres, maar stellen niettemin dat het moeilijk is om klagers te vinden en dat zij hen uiteindelijk via een tip hebben gevonden. Dit is volgens klagers dan ook pertinent onjuist.
Volgens klagers hebben verweerders geen deugdelijk onderzoek naar de relevante feiten gedaan. Zij lijken klagers altijd als spin in het web van de hele zaak te hebben beschouwd en zijn daarbij uitgegaan van de juistheid van één bron. Kennelijk was het voor de uitzending noodzakelijk om een dader aan te kunnen wijzen, aldus klagers. Klagers benadrukken in dit verband dat zij, gelet op de aan hen overgelegde kopie van het paspoort, nooit anders hebben geweten dan dat zij in contact waren met ene Teleng. Nu dit niet zo blijkt te zijn, zijn ook zij op zoek gegaan naar het antwoord op de vraag met wie zij dan wel contact hebben gehad en waar het geld is gebleven. Daarbij betwisten klagers dat zij geld achter hebben gehouden. Ten onrechte hebben verweerders deze zijde van het verhaal niet belicht, terwijl zij wel deze informatie aan verweerders hebben verschaft. Van deze informatie is evenwel niet dan wel selectief, suggestief en misleidend gebruik gemaakt, aldus klagers. Hiertoe wijzen zij onder meer op de vele telefoongesprekken die zij met één van de verweerders hebben gevoerd. In die gesprekken zijn klagers uitvoerig op de zaak ingegaan en hebben ook aangeboden om verdere informatie, al dan niet in een interview, te verschaffen. In plaats daarvan hebben verweerders volgens klagers opzettelijk en welbewust er voor gekozen hen te overrompelen door hen thuis te overvallen met een cameraploeg. Volgens klagers dient deze werkwijze te worden aangemerkt als overvaljournalistiek. Daarvoor bestond evenwel geen noodzaak, aangezien ook toen door klager Van Broekhoven is gemeld dat hij op dat moment, in verband met ziekte, geen mogelijkheid had om te reageren, maar graag bereid was tot een afspraak. Daar is niet op ingegaan. In plaats daarvan zijn klagers naar hun mening onheus bejegend door De Bie van de TROS. Daarbij wijzen zij op de uitlatingen van De Bie, waarmee hij insinueert dat klager Van Broekhoven niet ziek was en waarbij hij zijn juridische achtergrond in twijfel trekt. Ook wat de telefoongesprekken betreft, stellen klagers onheus te zijn bejegend. Volgens hen is hun nimmer gemeld dat de telefoongesprekken opgenomen werden dan wel anderszins mogelijk voor de uitzending zouden worden gebruikt. Dit klemt volgens klagers te meer, nu in de uitzending slechts een deel van de gesprekken is uitgezonden. De wijze waarop in de gesprekken is geknipt, achten klagers ook suggestief en insinuerend. Mede gelet hierop is van deugdelijk hoor en wederhoor volgens klagers ook geen sprake geweest. Zij hebben ook nooit de gelegenheid gehad om nogmaals voor de camera een nadere toelichting te geven dan wel in de uitzending een weerwoord te bieden.
Daarnaast stellen klagers dat verweerders niet van de juistheid van de door hen gebruikte bronnen hadden mogen uitgaan. Zo betogen zij dat de "echte dhr. Teleng" niet bij de hele zaak betrokken is geweest. Bovendien blijkt uit een krantenbericht, waarin ook verslag wordt gedaan van de zaak, dat de twee jonge ondernemers die de lening zijn aangegaan het niet onjuist achten dat een bepaald voorschot op de rente wordt gegeven. In de uitzending wordt evenwel de indruk gewekt dat dit een rare gang van zaken zou zijn. Ook dit illustreert naar de mening van klagers de onzorgvuldige en eenzijdige werkwijze van verweerders, waarbij geen volledig beeld van de hele zaak wordt gegeven.
Volgens klagers is door al dit onzorgvuldig en misleidend handelen en tevens de onjuiste berichtgeving die de uitzending bevat, bij het publiek de indruk ontstaan dat zij hoofdverdachte zijn in een oplichtingzaak. Mede gelet hierop is, naar de mening van klagers, hun privacy verder aangetast dan redelijkerwijs voor de uitzending noodzakelijk kan worden geacht. Daarbij benadrukken zij wederom dat geen recht is gedaan aan de informatie die zij hebben overgelegd teneinde duidelijk te maken dat hun geen blaam treft. Zo zijn aan verweerders meerdere e-mailberichten overgelegd waaruit blijkt dat de man die zich voordeed als "Teleng" hen heeft bedreigd voor het geval zij zijn echte naam bekend maken. Ook de informatie die hij heeft overgelegd, waaruit blijkt dat de twee jonge ondernemers weer contact voor bemiddeling met hen hebben gezocht, is niet door verweerders gebruikt. Evenmin is vermeld welke afspraken klagers hadden gemaakt met de man die zich voordeed als Teleng.
Al met al bevat de uitzending naar de mening van klagers suggestieve en tendentieuze berichtgeving en geeft de uitzending geen blijk van journalistiek zorgvuldig handelen.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
De klacht spitst zich toe op de tendentieuze berichtgeving zonder dat deugdelijk hoor en wederhoor is geboden. Tevens wordt geklaagd over de misleidende weergave van de feiten.
 
De Raad overweegt dat de TROS-medewerker zonder aankondiging met draaiende camera heeft aangebeld bij de woning van klager Van Broekhoven. Zijn verzoek om de camera uit te zetten en het gesprek op een later tijdstip voort te zetten, is niet gehonoreerd. Aldus is sprake van zogeheten 'overvaljournalistiek'. Volgens het vaste oordeel van de Raad hierover kan deze werkwijze, vanwege het intimiderende karakter ervan, slechts dan geoorloofd zijn als die onontbeerlijk is om in het algemeen belang ernstige misstanden aan het licht te brengen en daarvoor geen ander middel open staat. (vgl. onder meer: VGZ Zorgverzekeraar tegen Frequin, RvdJ 2003/59). Verweerders hebben de gevolgde werkwijze gebruikt om klagers in de gelegenheid te stellen te reageren op de vermeende oplichtingpraktijken rond ene Teleng. Van het aan het licht brengen van een ernstige misstand als hiervoor bedoeld, is geen sprake. Bovendien hebben klagers reeds vóór de uitzending meerdere keren contact met verweerders gehad en daarbij aan verweerders medegedeeld mee te willen werken aan een interview of gesprek. Niet is gebleken dat verweerders daartoe bereid waren dan wel anderszins pogingen hebben ondernomen om tot een interview te komen. Ook hebben de TROS-medewerkers er niet voor gekozen om zonder draaiende camera aan te bellen en klagers op dat moment in de gelegenheid te stellen zich op een interview voor te bereiden. Naar het oordeel van de Raad stonden voor verweerders andere middelen open en was het gebruik van de gevolgde werkwijze niet noodzakelijk en onnodig intimiderend.
 
Dit in aanmerking genomen is klagers niet op deugdelijke wijze gelegenheid tot wederhoor geboden. In het verlengde hiervan overweegt de Raad dat klagers, blijkens de door klagers bij hun klaagschrift overgelegde stukken, verschillende keren informatie hebben verstrekt. Deze informatie is niet tot nauwelijks door verweerders in de uitzending aan de orde gebracht. Het voorgaande mede in ogenschouw nemende, is naar het oordeel van de Raad in de uitzending een eenzijdig beeld gegeven, waarbij voor het publiek geen andere conclusie mogelijk lijkt dan dat klagers de hoofdverdachten in de aan de orde gestelde zaak zijn.
 
Gezien het voorgaande hebben verweerders dan ook grenzen overschreden van hetgeen, uit een oogpunt van journalistieke verantwoordelijkheid, aanvaardbaar is.
 
Voor zover klagers betogen dat in de opgenomen telefoongesprekken zodanig is geknipt en geplakt dat een onjuist en misleidend beeld wordt geschetst, overweegt de Raad dat de juistheid van dit betoog door hem niet kan worden vastgesteld. De Raad onthoudt zich dan ook van een oordeel hieromtrent.
 
BESLISSING
 
Voor zover de klacht erop ziet dat in de uitzending beschuldigingen zijn geuit zonder op deugdelijke wijze gelegenheid te bieden tot wederhoor is deze gegrond en voor het overige onthoudt de Raad zich van een oordeel.
 
De Raad verzoekt verweerders bij voorkeur aan deze beslissing aandacht te besteden in een uitzending van ‘Opgelicht?!’ en anders deze beslissing integraal of in samenvatting op hun website dan wel in een ander daartoe geëigend medium te publiceren.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 2 augustus 2007 door mw. mr. H. Troostwijk, voorzitter, mw. A.C. Diamand, mw. drs. J.X. Nabibaks, mw. E.H.C. Salomons en mw. drs. I. Wassenaar, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.M.S. van den Berg, secretaris, en mw. mr. P.J. Blok, plaatsvervangend secretaris.