2005/61 gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

Escape B.V.

tegen

de hoofdredacteur van www.klokkenluideronline.nl

Bij brief van 21 juli 2005 met zeven bijlagen heeft mr. R.G. Meester, advocaat te Amsterdam, namens Escape B.V. (hierna: klaagster) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van www.klokkenluideronline.nl (hierna: verweerder). Verweerder heeft niet op de klacht gereageerd.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 23 september 2005 in aanwezigheid van mr. Meester. Verweerder is daar niet verschenen.

DE FEITEN

Op 9 juni 2005 is op www.klokkenluideronline.nl een artikel verschenen onder de kop “Noodkreet over frauduleuze cultuur in Amsterdamse discotheek'”. Het artikel bevat onder meer de volgende passages:
Ik heb vele jaren in de Escape Venue in Amsterdam gewerkt. Wat er zich daar afspeelt gaat toch wel heel erg ver. De eigenaren (Poppes) houden de lonen heel laag en knijpen een oogje toe als het personeel zelf fooi ‘genereert’. Dit kunnen zij makkelijk toelaten, aangezien er veel, heel veel drank zwart wordt ingekocht.
en
Dat de bedrijfsleider/eigenaar er niet achterkomt hoeveel geld er ‘gestolen’ wordt door de ‘illegale’ drank verkoop wijst er al op dat er een dubbele boekhouding is. Een aantal jaren geleden is er zelfs een bedrijfsleider geweest die Poppes heeft gechanteerd dat hij naar de belastingdienst zou stappen met de gegevens van de boekhouding. Als ik mij niet vergis hebben zij hem af moeten kopen voor één ton guldens.

DE STANDPUNTEN VAN KLAAGSTER

Klaagster stelt dat het artikel diverse ongefundeerde, lasterlijke aantijgingen bevat die een volstrekt onjuist beeld geven van haar bedrijfsvoering. De publicatie is zeer suggestief en tendentieus, in het geheel niet met objectief verifieerbare feiten onderbouwd en op tal van punten onlogisch of tegenstrijdig, aldus klaagster. Volgens haar treft zij sinds jaar en dag maatregelen om fraude te voorkomen, bijvoorbeeld door op dit punt stringent en kenbaar beleid te voeren en controles uit te voeren. Hierbij is het wel eens voorgekomen dat personeelsleden op fraude/diefstal zijn betrapt, maar dat zijn incidenten. Van een bedrijfscultuur van fraude is echter geen sprake. Daarnaast is ten onrechte gesuggereerd dat sprake zou zijn van onjuiste salarisbetalingen en van aanlengen van bier met water.
Verder stelt klaagster dat als de uitlatingen al afkomstig zijn van een ex-medewerker, het blijkbaar een rancuneus persoon betreft, die via de website van verweerder de gelegenheid is geboden om de goede naam van klaagster te beschadigen.
Klaagster stelt voorts dat verweerder ten onrechte heeft nagelaten wederhoor toe te passen.
Zij heeft zich tot verweerder gewend met het verzoek het artikel van zijn website te verwijderen, maar verweerder heeft dat verzoek niet gehonoreerd.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

In het artikel wordt klaagster beschuldigd van onoorbare, frauduleuze praktijken. Voor deze zeer ernstige beschuldigingen aan het adres van klaagster, waardoor haar integriteit ernstig in twijfel wordt getrokken, is bij uitstek een deugdelijke grondslag vereist. De beweringen zijn kennelijk afkomstig van een voormalig werknemer van klaagster. Verweerder had deze beweringen niet zonder meer – dat wil zeggen: zonder voorafgaand nader adequaat onderzoek naar de gegrondheid ervan – mogen publiceren. Niet is gebleken dat de aan het adres van klaagsters geuite beschuldigingen door de feiten worden ondersteund.

Bovendien moet een journalist, volgens het vaste oordeel van de Raad, bij het publiceren van ernstige beschuldigingen met bijzondere zorgvuldigheid te werk gaan, hetgeen in het algemeen onder meer inhoudt het toepassen van wederhoor. Verweerder had de beschuldigingen aan het adres van klaagster derhalve in elk geval niet mogen publiceren, zonder haar vooraf in de gelegenheid te stellen daarop commentaar te geven. Klaagster heeft onbetwist gesteld dat dat niet is gebeurd. Van zwaarwichtige redenen van algemeen belang die dat zouden kunnen rechtvaardigen, is de Raad niet gebleken.

De Raad is derhalve van oordeel dat verweerder door te handelen en na te laten als hiervoor omschreven, grenzen heeft overschreden van hetgeen – gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid – maatschappelijk aanvaardbaar is.

(vgl. onder meer: Van der Bruggen tegen Koolhoven en De Telegraaf, RvdJ 2005/27 en Holland Casino tegen Middelburg en Van Gruijthuijsen (Het Parool), RvdJ 2004/64)

BESLISSING

De klacht is gegrond.

De Raad verzoekt verweerder deze beslissing integraal of in samenvatting op www.klokkenluideronline.nl te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 9 november 2005 door mr. A. Herstel, voorzitter, mw. E.J.M. Lamers, mw. drs. J.X. Nabibaks, mw. drs. I. Wassenaar en mr. drs. G.J. Wolffensperger, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.