2004/97 deels gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

D. Doeve

tegen

de hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland en de hoofdredacteur van de Stentor

Bij brief van 18 oktober 2004 met drie bijlagen heeft D. Doeve te Twello (klager) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland en de hoofdredacteur van de Stentor (verweerders).
T. Mallo, adjunct-hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland heeft op de klacht gereageerd in een schrijven van 5 november 2004 met een bijlage.
A. Engbers, hoofdredacteur van de Stentor, heeft op de klacht gereageerd bij brief van 8 november 2004 met vijf bijlagen.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 19 november 2004 in aanwezigheid van klager. Verweerders zijn daar niet verschenen. De Raad heeft voorafgaand aan de zitting een video-opname van de gewraakte uitzending bekeken.

DE FEITEN

Op 4 oktober 2004 is een 11-jarig neefje van klager door een trein overreden en om het leven gekomen.

Op 7 oktober 2004 is in een uitzending van TV Gelderland Nieuws aandacht aan het voorval besteed (hierna: de uitzending). Het item is ingeleid als volgt:
Twello is geschokt. Voor de tweede keer binnen een half jaar heeft een kind uit het dorp zichzelf van het leven beroofd. Maandag sprong een 11-jarige jongen voor de trein. En in maart van dit jaar een jongen van 13. Een opmerkelijk drama, omdat het bijna nooit voorkomt dat zulke jonge kinderen zichzelf van het leven beroven.
In de uitzending zijn twee dorpsbewoners en M. Rozenberg, hoofd therapie en training Hoenderloo-Groep, aan het woord gelaten. Verder is onder meer een beeld getoond van sluitende slagbomen en een voorbijrazende trein. Daarnaast is ingezoomd op een foto van klagers neefje, die op de plaats van het voorval was opgehangen. De naam van de jongen is niet in de uitzending vermeld.

Op 8 oktober 2004 is op de voorpagina van de Stentor een foto geplaatst van de plaats van het voorval. In het onderschrift is vermeld dat bij de spoorwegovergang tientallen bloemen aan het hek zijn bevestigd ter nagedachtenis aan klagers neefje en dat het hoogstwaarschijnlijk om zelfdoding ging. Verder is bericht dat de voetbalvereniging waarvan klagers neefje lid was, wedstrijden heeft afgelast. In het onderschrift is twee maal de volledige naam van klagers neefje vermeld.
Voorts is op 12 oktober 2004 in de Stentor een artikel verschenen onder de kop “Twello rouwt na zelfdoding 11-jarige”. In dat artikel, dat gaat over zelfdoding bij jongeren, is de naam van klagers neefje niet vermeld.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt dat de familie de uitzending als zeer schokkend heeft ervaren. Ten onrechte is de familie niet vooraf op de hoogte gebracht van de uitzending. Bovendien is de familie nodeloos extra leed toegebracht, doordat een foto van klagers neefje is getoond en een voorbijrazende trein in beeld is gebracht. In de uitzending wordt de conclusie getrokken dat het om zelfdoding zou gaan, terwijl het onderzoek naar het voorval nog gaande was. Verder heeft een verslaggeefster van TV Gelderland op een oneigenlijke manier geprobeerd aan informatie te komen, te weten via haar dochter die in dezelfde klas zit als de dochter van een zwager van het getroffen gezin. Klager heeft op 8 oktober 2004 contact opgenomen met M. Snijders van TV Gelderland en zijn bezwaren tegen de uitzending kenbaar gemaakt. Snijders deelde zijn mening dat de familie vooraf geïnformeerd had moeten worden, aldus klager.
Verder stelt hij dat ook de Stentor ten onrechte heeft nagelaten de familie te informeren alvorens op 8 oktober 2004 tot publicatie over te gaan. De publicatie van de foto met het onderschrift waarin de naam van klagers neefje is vermeld, is door de familie als zeer schokkend en respectloos ervaren. Naar aanleiding van die publicatie heeft klager op 11 oktober 2004 telefonisch contact opgenomen met Engbers. Deze deelde mee dat hij de volgende dag nog een artikel zou publiceren, dat klager vooraf mocht inzien. Nadat klager het artikel had ingezien, heeft hij Engbers verzocht niet tot plaatsing over te gaan, omdat publicatie door de familie als schokkend zou worden ervaren en de familie daardoor extra leed zou worden toegebracht. Daarop deelde Engbers mee dat hij het artikel toch zou plaatsen.
Volgens klager bevat het artikel van 12 oktober 2004 een aantal onjuistheden, zoals de vermelding dat het ongeval in maart 2004 op dezelfde plek zou hebben plaatsgevonden.
Klager betoogt dat verweerders de familie vooraf hadden behoren te informeren en terughoudender over het voorval hadden moeten berichten, maar dat hebben nagelaten.

T. Mallo, adjunct-hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland, stelt voorop dat bij een gebeurtenis als de onderhavige, het verdriet bij direct betrokkenen allesoverheersend is. Een redactie hoort dat te beseffen als zij afwegingen maakt over de aard en wijze waarop zij aandacht aan die gebeurtenis besteedt. Op de redactie wordt die discussie bij ieder voorval opnieuw gevoerd.
In dit geval is weloverwogen besloten aan het voorval aandacht te besteden. Normaal gesproken is verweerder terughoudend bij berichtgeving over zelfmoord. Het betreft hier echter een uitzonderlijke situatie, nu er in relatief korte tijd twee kinderen bij een vergelijkbaar voorval betrokken zijn, hetgeen in Twello tot grote onrust heeft geleid. Dit vormde de invalshoek van de uitzending.
M. Snijders, eindredacteur van TV Gelderland Nieuws, heeft geprobeerd aan klager uit te leggen dat er alle begrip was voor diens emoties, maar dat klager door die emoties waarschijnlijk geen enkele vorm van publiciteit acceptabel zou vinden. Daar wilde klager echter niet over praten.
Volgens Mallo heeft hij geprobeerd het onderwerp zo zorgvuldig mogelijk aan te pakken. Hij heeft de familie niet vooraf benaderd, omdat hij het verwerkingsproces niet wilde verstoren. Het is niet juist dat Snijders zou hebben toegegeven dat op dit punt een fout zou zijn gemaakt. Hij heeft klager meegedeeld dat een weloverwogen keuze is gemaakt om te publiceren.
Van een oneigenlijke poging van verslaggeefster De Jong om aan informatie te komen, is geen sprake, aldus Mallo.

A. Engbers, hoofdredacteur van de Stentor, stelt dat in de Stentor van 5 oktober 2004 een geserreerd nieuwsbericht is verschenen, waarin is vermeld dat op 4 oktober 2004 het treinverkeer wegens een ongeluk gestremd is geweest en dat het volgens een politiewoordvoerder mogelijk om zelfdoding zou gaan.
De dagen erop heeft de redactie geworsteld met de wetenschap dat enkele maanden eerder een identiek voorval heeft plaatsgevonden. In Twello en op scholen in de buurt wordt over niets anders gesproken, aldus Engbers.
Vervolgens is op 8 oktober 2004 een foto met onderschrift geplaatst, omdat bij de plaats van het voorval tientallen bloemstukken waren opgehangen. In het onderschrift is vermeld dat de voetbalclub waar beide jongens speelden, alle wedstrijden voor de volgende zaterdag had afgelast. In het bericht is de naam van klagers neefje vermeld, omdat een dag eerder zijn overlijdensadvertenties in de krant waren verschenen.
Op 9 oktober 2004 is in een klein nieuwsbericht vermeld dat de school van klagers neefje op de dag van de begrafenis gesloten zal zijn.
De redactie heeft onderzocht of een verband bestaat tussen beide zelfdodingen. Daarover gaan geruchten, maar feiten ontbreken. Daarom is geen op Twello toegespitst bericht gemaakt, maar een artikel over het fenomeen van vrijwel identieke zelfdodingen bij kinderen. Dat bericht is op 12 oktober 2004 in de Stentor verschenen. Reden voor die publicatie is de onrust die bij ouders is ontstaan na beide ongelukken. Centrale vraag in het artikel is: ‘Kan mijn kind dat ook overkomen?’
Volgens Engbers is de Stentor zeer terughoudend bij berichtgeving over zelfdoding. In principe wordt er niet over bericht, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. In dit geval was de zelfdoding van klagers neefje ook niet de aanleiding voor de vier publicaties. De aanleiding voor het eerste nieuwsbericht was de stremming van het treinverkeer. De bloemenhulde en het feit dat de voetbalclub wedstrijden had afgelast, vormden de aanleiding voor publicatie van de foto op 8 oktober 2004. Aanleiding voor het derde bericht was sluiting van de school. De sterk gelijkende zelfmoord van twee jongens kort achter elkaar, vormde tenslotte aanleiding voor de publicatie van 12 oktober 2004. Engbers had begrip voor het verzoek van klager dat artikel niet te plaatsen, maar hij wilde zijn lezers het duidende verhaal niet onthouden.
Engbers betoogt dat hij rond het overlijden van klagers neefje uiterst prudent heeft gehandeld. Volgens hem heeft hij zorgvuldig, invoelend en journalistiek verantwoord gewerkt.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De kern van de klacht is dat verweerders de nabestaanden van klagers neefje ernstig hebben gekrenkt door de berichtgeving over zijn dood.

Voorop moet worden gesteld dat een journalist vrij is in zijn selectie van nieuws. Er is geen norm van journalistieke zorgvuldigheid die meebrengt dat een journalist toe- of instemming behoeft te hebben van degene over wie hij publiceert. Dat neemt niet weg dat de journalist wel steeds een afweging dient te maken tussen het belang dat met de publicatie is gediend en de belangen die door de publicatie worden geschaad, en dat moet worden vermeden dat nodeloos schade wordt toegebracht. Bovendien brengt de journalistieke verantwoordelijkheid met zich mee dat de persoonlijke levenssfeer over wie wordt gepubliceerd niet verder mag worden aangetast dan in het kader van een open berichtgeving nodig is.

Bij de beoordeling van de klacht neemt de Raad verder in aanmerking dat het hier een gebeurtenis betreft die de inwoners van Twello ongetwijfeld ernstig heeft geschokt, zulks mede in verband met een vergelijkbare gebeurtenis eerder dit jaar. Gelet op hetgeen partijen naar voren hebben gebracht, acht de Raad het niet onaannemelijk dat de politie kort na het ongeval het vermoeden heeft uitgesproken dat klagers neefje door zelfdoding om het leven is gekomen.

Gelet op het voorgaande acht de Raad derhalve geen grenzen overschreden voor zover verweerders over het voorval hebben bericht in het kader van zelfdoding door jongeren en zonder klager c.q. de directe familie van zijn neefje daarover vooraf te informeren.

Wat betreft de uitzending van TV Gelderland Nieuws is de Raad echter van oordeel dat de wijze waarop het portret van klagers neefje in beeld is gebracht, niet relevant en disfunctioneel is. De uitzending had op dit punt meer terughoudend kunnen zijn, zonder dat afbreuk zou zijn gedaan aan de inhoud en nieuwswaarde ervan. Door in te zoomen op de foto van klagers neefje heeft de hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland grenzen overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is. Alhoewel het in beeld brengen van een voorbijrazende trein in dit geval niet echt kies is, acht de Raad de uitzending overigens niet journalistiek onzorgvuldig.

Ten aanzien van de berichtgeving in de Stentor acht de Raad de vermelding van de volledige naam van klagers neefje in de publicatie van 8 oktober 2004 niet relevant en disfunctioneel. Naar het oordeel van de Raad had die publicatie geanonimiseerd kunnen worden, zonder dat afbreuk zou zijn gedaan aan de inhoud en nieuwswaarde ervan. Door de volledige naam van klagers neefje te vermelden heeft de hoofdredacteur van de Stentor journalistiek onzorgvuldig gehandeld. Dat een dag eerder de naam van klagers neefje in overlijdensadvertenties is vermeld, kan daaraan niet afdoen. Overigens heeft klager erop gewezen dat in de overlijdensadvertenties niets is vermeld over de wijze waarop zijn neefje is overleden. Voor het overige acht de Raad de berichtgeving in de Stentor niet grensoverschrijdend, al had het de voorkeur verdiend als boven het artikel van 12 oktober 2004 een meer genuanceerde kop was geplaatst.

(vgl. onder meer: Stichting Interconfessioneel (PC/RK) Basisonderwijs Naarden tegen de Gooi- en Eemlander, RvdJ 2004/87 en Hensen tegen Dagblad De Limburger, RvdJ 2004/78)

BESLISSING

De klacht tegen de hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland is gegrond voor zover gericht tegen de wijze waarop een foto van klagers neefje in beeld is gebracht. Voor het overige is de klacht ongegrond.
De Raad verzoekt de hoofdredacteur van Radio en TV Gelderland bij voorkeur aan deze beslissing aandacht te besteden in een uitzending van TV Gelderland Nieuws dan wel deze beslissing integraal of in samenvatting op zijn website te publiceren.

De klacht tegen de hoofdredacteur van de Stentor is gegrond voor zover gericht tegen de vermelding van de volledige naam van klagers neefje in de publicatie van 8 oktober 2004. Voor het overige is de klacht ongegrond.
De Raad verzoekt de hoofdredacteur van de Stentor deze beslissing integraal of in samenvatting in de Stentor te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 17 december 2004 door mr. A.H. Schmeink, waarnemend voorzitter, mw. E.J.M. Lamers en mw. E.H.C. Salomons, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.

Uitspraak 2004-97