2004/83 gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

G.A.J. Wolvers en de gemeente Brunssum

tegen

A.J.M. Senden

Bij brief van 2 juli 2004 met acht bijlagen heeft mr G.J.J.A. van Zeijl, advocaat te Maastricht, namens G.A.J. Wolvers en de gemeente Brunssum (klagers) een klacht ingediend tegen A.J.M. Senden (verweerder). Hierop heeft verweerder geantwoord in een brief van 16 juli 2004. Klagers hebben daarop nog gereageerd in een schrijven van 23 augustus 2004. Ten slotte heeft verweerder zijn standpunt nog nader toegelicht bij brief van 30 augustus 2004.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 3 september 2004 buiten aanwezigheid van partijen.

DE FEITEN

Wolvers is als buitengewoon opsporingsambtenaar in dienst van de gemeente Brunssum. Hij is onder meer belast met de naleving van de parkeerregels. Op donderdag 11 september 2003 constateerde Wolvers dat een auto van de lokale omroep Parkstad in strijd met een parkeerverbod was geparkeerd. De bestuurder van deze auto was verweerder. Wolvers heeft verweerder aangesproken en na een woordenwisseling proces-verbaal aangezegd. Verweerder heeft vervolgens diverse foto’s gemaakt van Wolvers. Kort daarna verscheen een door verweerder gemaakt item op de lokale kabelkrant met als kop ‘Klachten over BOA’. De tekst van dit item luidde als volgt:
Opsporingsambtenaar Ger Wolves is niet erg geliefd onder de inwoners van Onderbanken. Tientallen inwoners hebben inmiddels bij de gemeente hun beklag gedaan over de werkwijze van de man, zegt een woordvoerder van de gemeente. Hij werd enige tijd geleden aangesteld als bijzonder opsporingsambtenaar met als werkgebied Onderbanken. Wolves moet erop toezien dat bestuurders zich houden aan de verkeersregels. Zelfs bij de kleinste overtreding neemt hij het bonnenboekje bij de hand en dat heeft inmiddels veel kwaad bloed gezet. Afgelopen donderdag bekeurde hij vlak voor dat in het gemeentehuis van Schinveld de raadsvergadering begon de regiewagen van de lokale omroep. Die stond weliswaar bij een parkeerverbod maar had daarvoor een ontheffing!
Bij deze tekst waren twee foto’s geplaatst. Op de ene foto was Wolvers zelf afgebeeld. Deze foto had als onderschrift: “Opsporingsambtenaar Ger Wolves maakt in Onderbanken geen vriendjes…” Op de tweede foto stond de auto van Wolvers met als onderschrift: “Zelf parkeert hij levensgevaarlijk en op de meest onmogelijke plaatsen…”.

Op 16 september 2003 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen verweerder, de heer Kockelkoren van de gemeente Brunssum en mevrouw Metsemaker van de gemeente Onderbanken. Afgesproken werd dat verweerder schriftelijk zou laten weten wat hij of de Lokale Omroep Onderbanken zou willen doen om de schade van Wolvers te herstellen. Verweerder heeft op 17 september 2003 per e-mail meegedeeld een artikel te willen plaatsen waarin zou worden vermeld dat er geen sprake was van tientallen klachten over Wolvers. Dit artikel zou ter becommentariëring aan Kockelkoren en Metsemakers worden voorgelegd. Vervolgens heeft verweerder, zonder een reactie te hebben ontvangen op zijn eerdere e-mailbericht, een nieuw bericht op de kabelkrant geplaatst met als titel “Slechts één klacht ambtenaar”. De tekst van dit bericht luidde als volgt:
De gemeente ontkent dat er sprake zou zijn van tientallen klachten tegen bijzonder opsporingsambtenaar W. Daarmee spreekt de gemeente berichten op de kabelkrant tegen dat tientallen mensen hun beklag zouden hebben gedaan over de werkwijze van de ambtenaar. Volgens de gemeente is slechts één officiële klacht binnengekomen en is dat bijzonder weinig. De opsporingsambtenaar moet toezien op het parkeergedrag en de gemeente ontkent niet dat bekeuringsituaties soms kwaad bloed zetten. Ook worden de opsporingsambtenaren wel eens bedreigd.

Op 23 september 2003 heeft Kockelkoren verweerder schriftelijk laten weten geen genoegen te nemen met deze summiere rectificatie en heeft hij verzocht om een nieuwe rectificatie. Hierop volgde de reactie van verweerder dat hij van mening was dat de foute berichtgeving met betrekking tot het aantal klachten voldoende was rechtgezet.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klagers stellen dat verweerder via de lokale omroep onjuiste informatie heeft verstrekt over Wolvers als persoon en in de uitoefening van zijn functie. De verschillende stellingen die verweerder in het artikel heeft ingenomen kunnen niet feitelijk worden onderbouwd waardoor de berichtgeving op zijn minst (te) tendentieus te noemen is. Verder heeft verweerder een onnodig grievend beeld van Wolvers geschetst, aldus klagers. Bovendien heeft verweerder geen onderzoek verricht zoals van een goed en zorgvuldig handelend journalist mag worden verwacht. Daarnaast heeft verweerder ten onrechte het beginsel van hoor en wederhoor niet toegepast. Dit blijkt volgens klagers al uit het enkele feit dat er nimmer sprake is geweest van tientallen klachten over Wolvers, hetgeen navraag bij de gemeente of Wolvers direct zou hebben uitgewezen. Ten slotte stellen klagers dat verweerder niet behoorlijk heeft gerectificeerd door zonder overleg met Wolvers of de gemeente Brunssum een bericht op de kabelkrant te plaatsen waaruit niet blijkt dat het een rectificatie betreft en waarin evenmin ruimhartig wordt gerectificeerd.

Verweerder stelt dat de onderhavige klacht mosterd na de maaltijd is. In zijn e-mail van 17 september 2003 heeft verweerder reeds toegegeven dat het achteraf beter was geweest een grondiger onderzoek in te stellen naar de herkomst van de klachten over Wolvers. Ook heeft verweerder in deze mail al aangekondigd het bericht te zullen rectificeren. Hetgeen vervolgens ruimhartig is gebeurd. Uit deze handelwijze valt volgens verweerder op te maken dat hij zijn fout ruiterlijk heeft toegegeven. Na deze rectificatie was Wolvers kennelijk tevreden want hij heeft zich nooit meer gemeld bij de Lokale Omroep Onderbanken (LOO), aldus verweerder. Dat Wolvers op 7 juli 2004 alsnog een klacht indient, vindt verweerder een vreemde gang van zaken. Er hebben zich tussen september 2003 en juli 2004 namelijk geen nieuwe feiten voorgedaan. Verweerder erkent dat de door hem gepubliceerde informatie over Wolvers niet juist was, hetgeen voor hem de reden is geweest om te rectificeren. De stelling van klagers dat er een onnodig grievend beeld van Wolvers is geschetst, ondersteunt verweerder niet.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De klacht bestaat uit de volgende onderdelen:

a) Verweerder heeft via de lokale omroep onjuiste informatie verstrekt over Wolvers als persoon en in de uitoefening van zijn functie.
b) Verweerder heeft – zelfs indien ervan wordt uitgegaan dat de berichtgeving juist zou zijn – een onnodig grievend beeld van Wolvers geschetst.
c) Verweerder heeft geen recherche gepleegd als van een goed c.q bekwaam en zorgvuldig handelend journalist mag worden verwacht.
d) Verweerder heeft het beginsel van hoor en wederhoor ten onrechte niet toegepast.
e) Verweerder heeft niet behoorlijk gerectificeerd.

Verweerder heeft erkend dat de door hem gebruikte informatie onjuist was. Daarnaast heeft verweerder toegegeven dat het beter zou zijn geweest om zorgvuldiger onderzoek te doen naar de herkomst van de klacht(en). Hiermee heeft verweerder ten aanzien van onderdelen a, c en d van de klacht erkend onzorgvuldig jegens klager te hebben gehandeld. De Raad deelt dit standpunt.

Ook ten aanzien van onderdelen b en e acht de Raad de klacht gegrond. De Raad is met klagers van oordeel dat de gewraakte publicatie onnodig grievend is. Daarnaast worden er in het bericht relatief ernstige beschuldigingen aan zijn adres geuit. In een dergelijk geval moet een journalist, volgens het vaste oordeel van de Raad, met bijzondere zorgvuldigheid te werk gaan (vgl. onder meer Heidstra en CITT b.v. tegen De Witt en de Roskam, RvdJ 2004/73).
Op geen enkele wijze is gebleken dat verweerder bij de totstandkoming van de publicatie voldoende zorgvuldig is geweest. Verweerder had naar aanleiding van een enkele persoonlijke ervaring met Wolvers in diens hoedanigheid van buitengewoon opsporingsambtenaar niet mogen berichten op de wijze zoals hij heeft gedaan. Door dat toch te doen, heeft hij misbruik gemaakt van zijn positie als journalist.

De publicatie van het bericht ‘Slechts één klacht ambtenaar’ heeft de nadelen die Wolvers van het bericht ‘Klachten over BOA’ zal hebben ondervonden, onvoldoende kunnen herstellen. Anders dan verweerder stelt, kan dit bericht niet als een deugdelijke rectificatie worden aangemerkt. De door hem ten onrechte geuite beschuldigingen jegens Wolvers worden daarin immers in het geheel niet rechtgezet. Daarbij komt nog dat boven dit bericht niet de kop ‘Rectificatie’ is geplaatst en de naam Wolvers daarin geheel niet voorkomt (vgl. onder meer Beckers en Van der Lugt (Alizonne B.V.) tegen De Wit, Van der Bijl en Vukojevic (Nieuwe Revu), RvdJ 2004/80).

Een en ander leidt tot de slotsom dat verweerder door te handelen en na te laten als hiervoor vermeld, grenzen heeft overschreden van hetgeen – gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid – maatschappelijk aanvaardbaar is.

BESLISSING

De klacht is gegrond.

De Raad verzoekt verweerder deze beslissing integraal of in samenvatting op de kabelkrant van de Lokale Omroep Onderbanken te (laten) publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 5 november 2004 door mr. J.B. Fleers, voorzitter, drs. C.M. Buijs, prof. dr. mr. B. de Gaay Fortman, mr. A. Herstel, mw. C.J.E.M. Joosten, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.M.S. van den Berg, secretaris.

Uitspraak 2004-83