2004/71 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

W, X, Y en Z

tegen

de hoofdredacteur van De Telegraaf

Bij brief van 9 mei 2004 met vier bijlagen heeft W mede namens X, Y en Z (klagers) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van De Telegraaf (verweerder). Bij brief van 19 mei 2004 heeft W nog een bijlage overgelegd. Verweerder heeft niet inhoudelijk op de klacht gereageerd.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 25 juni 2004 buiten aanwezigheid van partijen.

DE FEITEN

Op 8 april 2004 is op de voorpagina van De Telegraaf een artikel verschenen onder de kop “Porno en voetbal taboe op tv in cel”. De intro van het artikel luidt:
Gevangenen zullen het binnenkort zonder sport, seks en speelfilms op de tv in hun cel moeten doen. Het ministerie van Justitie wil dat in alle gevangenissen het betaalkanaal Canal+ van de kabel verdwijnt.
Het artikel wordt op pagina 6 vervolgd onder de kop “Canal+ taboe in cel”. In het artikel worden een woordvoerster van het ministerie en de voorzitter van de vereniging Belangenbehartiging Gedetineerden aan het woord gelaten.

HET STANDPUNT VAN KLAGERS

Klagers, die allen gedetineerd zijn, stellen dat in de kop en het artikel ten onrechte ervan wordt uitgegaan dat elke gedetineerde in zijn gevangeniscel Canal+ kan ontvangen en dat elke gedetineerde naar porno kijkt. In de instellingen waar Canal+ wordt doorgegeven, wordt aan de gedetineerden een extra, kostendekkende bijdrage gevraagd. Volgens klagers is een gevangeniscel privé-domein van de gedetineerde en heeft verweerder niet zelf kunnen waarnemen welke kanalen op televisietoestellen in gevangeniscellen kunnen worden ontvangen.
Klagers, ervaren het artikel als kwetsend en grievend, zowel voor zichzelf als voor hun naasten. Zij hebben verweerder schriftelijk om rectificatie verzocht, maar deze heeft niet op die brief gereageerd.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Anders dan klagers, leest de Raad in (de kop van) het artikel niet de bewering dat elke gedetineerde in zijn gevangeniscel Canal+ kan ontvangen en naar porno kijkt. Reeds daarom is de klacht, voor zover tegen het artikel gericht, ongegrond.

Het zou verweerder hebben gesierd als hij op de brief van klagers had gereageerd. Dat hij dit heeft nagelaten kan echter evenmin leiden tot het oordeel dat hij grenzen heeft overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is. Daarbij neemt de Raad in aanmerking dat het uitblijven van een reactie zonder meer duidelijk maakte dat verweerder niet bereid was om op de in de brief gestelde eisen van klagers (rectificatie en schriftelijk excuus) in te gaan.

BESLISSING

De klacht is ongegrond.

De Raad verzoekt verweerder deze beslissing integraal of in samenvatting in De Telegraaf te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 9 augustus 2004 door mr. J.B. Fleers, voorzitter, drs. C.M. Buijs, mw. A.C. Diamand en prof. drs. E. van Thijn, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.

Uitspraak 2004-71