2002/4 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

J.B.E. Meijer

tegen

de hoofdredacteur van het Algemeen Nederlands Persbureau (ANP)

Bij brief van 19 juli 2001 met vier bijlagen heeft J.B.E. Meijer te Spijkenisse (klage-r) een klacht inge-diend tegen de hoofdredacteur van het Algemeen Nederlands Persbureau (verweerder). Hierop heeft W. ten Brink, adjunct-hoofdredacteur, gereageerd bij brief van 11 september 2001 met een bijlage. Klager heeft vervolgens nog aanvullende stukken aan de Raad doen toekomen.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 14 december 2001. Klager is daar verschenen vergezeld van zijn echtgenote C.E. Meijer-Blaauw. Aan de zijde van verweerder zijn voornoemde Ten Brink en I. Willems, coördinator binnenlandredactie, verschenen.

DE FEITEN

Op 17 mei 2001 heeft verweerder een bericht verspreid met de kop “Japanse kardinaal Shirayanagi wil interventie op Ambon”. In het bericht wordt aandacht besteed aan het bezoek van genoemde kardinaal aan Nederland om te luisteren naar slachtoffers van de Japanse bezetting van voormalig Nederlands-Indië.

Op 13 juli 2001 is in De Sleutel, orgaan van het bisdom Roermond, een artikel verschenen met de kop “Japanse kardinaal Shirayanagi kondigt nieuw bezoek aan”. Dit artikel bevat de volgende passage:
“De kardinaal was naar Nederland gekomen in het kader van het proces van gerechtigheid, vrede en verzoening met de vele slachtoffers van de Japanse Interneringskampen in het voormalig Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Zo sprak hij met de kinderen van zogenoemde troostmeisjes, in ons land georganiseerd in de stichting Sakura.”

Klager stond aan de basis van de oprichting van de organisaties Vereniging J.I.N. (Japans Indische Nakomelingen) en Stichting “Sakura” K.V.J. ‘40-’48 (Kinderen van Japanners ‘40-’48). De echtgenote van klager is secretaris van Stichting Sakura.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt dat het bericht in De Sleutel gebaseerd is op het ANP-bericht van 17 mei 2001. Volgens hem is in het ANP-bericht ten onrechte de indruk gewekt dat er “50.000 mensen in Nederland wonen met een (vaak onbekende) Japanse vader” en dat dit “kinderen zijn van zogenoemde troostmeisjes, in ons land georganiseerd in de Stichting Sakura”.
Klager wijst erop dat de meeste Japans-Indische nakomelingen geboren zijn uit ongedwongen liefdesrelaties. Vanaf eind jaren tachtig hebben deze nakomelingen zich meer open en assertief opgesteld en hun belangen intensiever laten behartigen door Vereniging JIN en Stichting Sakura. Eind jaren negentig hebben deze organisaties zich ingezet voor een verbetering van de betrekkingen tussen Nederland, Japan en Indonesië.
Verweerder had zich juist moeten laten informeren en zijn bericht voor publicatie moeten checken op historische en feitelijke juistheid. De ANP-berichtgeving heeft schade aangericht en zal dat ook in de toekomst doen, indien rectificatie en/of corrigerende berichten uitblijven, aldus klager. Hij acht een rechtzetting in het ANP-archief onvoldoende, aangezien veel personen het eerste bericht hebben gelezen.

Verweerder stelt dat een vertegenwoordiger van Stichting Sakura tijdens een bijeenkomst aan ANP-correspondent Haenen heeft uitgelegd wat de stichting is en doet. In het ANP-bericht dat Haenen vervolgens schreef, komt een passage voor over de kinderen van zogenoemde troostmeisjes, in Nederland georganiseerd in Stichting Sakura. Het artikel in De Sleutel bevat passages die zijn ontleend aan het ANP-bericht.
Klager heeft vervolgens contact opgenomen met Haenen en hem erop gewezen dat Stichting Sakura geen organisatie is van kinderen van zogenoemde troostmeisjes. Haenen heeft daarop zijn excuses aangeboden en toegezegd dat de fout zou worden hersteld. Direct na zijn gesprek met Haenen heeft klager contact opgenomen met de coördinator van de ANP-nieuwsredactie I. Willems. Op klagers verzoek tot rectificatie heeft Willems geantwoord dat een rectificatie in de vorm van een tweede ANP-bericht na een periode van bijna twee maanden niet zinvol is. Klager zei daarvoor begrip te hebben. Willems heeft vervolgens toegezegd het bericht van Haenen in het archief van het ANP aan te passen door de gewraakte passage te corrigeren, hetgeen onmiddellijk is gebeurd. Herhaling van de fout door journalisten die gebruik maken van het bericht uit het ANP-archief is daardoor uitgesloten. Volgens verweerder heeft klager aan Willems laten weten tevreden te zijn met deze oplossing.
Verweerder betreurt de fout die in het bericht van 17 mei 2001 is gemaakt. Hij meent echter dat het ANP, nadat het twee maanden later op die fout is gewezen, in goed en constructief overleg met klager al het mogelijke heeft gedaan om de fout te herstellen teneinde herhaling te voorkomen.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Niet ter discussie staat dat het ANP-bericht van 17 mei 2001 onjuiste informatie over Stichting Sakura bevat. De vraag die ter beoordeling aan de Raad is voorgelegd, is of deze fout door verweerder op voldoende deugdelijke wijze is rechtgezet.

Vaststaat dat klager zich eerst twee maanden na verspreiding van het ANP-bericht tot verweerder heeft gewend. Ter zitting heeft verweerder opgemerkt, dat hij tot rectificatie zou zijn overgegaan indien klager het ANP eerder op de fout in de berichtgeving had gewezen. Klager heeft voorts meegedeeld dat hem niet bekend is of ook andere media de onjuiste informatie over Stichting Sakura uit het ANP-bericht hebben overgenomen. Op grond van zijn contacten met het bisdom Roermond acht klager het waarschijnlijk dat in De Sleutel een rectificatie is geplaatst.

De Raad acht het aannemelijk dat het doen uitgaan van een rectificatie twee maanden na het verspreiden van de onjuiste berichtgeving - gezien de in dit verband bijzondere positie van een persbureau - niet zinvol is. Alle omstandigheden in aanmerking genomen ziet de Raad niet wat verweerder ter correctie van zijn fout meer kon doen dan het corrigeren van het ANP-bericht in zijn archief. Door daarmee te volstaan heeft verweerder dan ook geen grenzen overschreden van hetgeen volgens journalistieke maatstaven aanvaardbaar is.

BESLISSING

De klacht is ongegrond.

De Raad verzoekt verweerder deze beslissing integraal of in samenvatting in een ANP-bericht te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 15 februari 2002 door mr. D. Allewijn, voorzitter, drs. C.M. Buijs, drs. G.T.M. Driehuis, mw. C.J.E.M. Joosten en prof. drs. E. van Thijn, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.

Uitspraak 2002-04