2001/30 gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

Wareco Amsterdam B.V.

tegen

F.J.A. Belt en De Heemsteder

Bij brief van 26 februari 2001 met 2 bijlagen heeft Wareco Amsterdam B.V. te Diemen (klaagster) een klacht ingediend tegen F.J.A. Belt en De Heemsteder (verweerders). Hierop heeft Belt gereageerd in een brief van 6 maart 2001 met 6 bijlagen en nadien in een brief van 7 april 2001 met 2 bijlagen. Klaagster heeft nader gereageerd in een brief van 31 mei 2001 met 5 bijlagen. Tot slot heeft Belt nog gereageerd in een brief van 10 juni 2001 met 1 bijlage.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 22 juni 2001. Namens klaagster waren aanwezig haar directeur ir. P.J.M. den Nijs en J. Beer. Verweerders zijn niet verschenen.

DE FEITEN

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.

In De Heemsteder van 7 februari 2001 is een artikel van de hand van Belt gepubliceerd onder de kop "Ïs Wareco een betrouwbare partner inzake grondwater onderzoek". Hierin wordt verwezen naar een artikel dat op 20 januari 2001 in NRC Handelsblad is verschenen. Laatstgenoemd artikel, met als kop "'Innige' band Limburg met Iwaco", beschrijft dat tussen het ingenieursbureau Iwaco en ambtenaren van de provincie Limburg een 'innige band' bestond en dat dientengevolge veel opdrachten van de provincie Limburg bij Iwaco terechtkwamen.

In het artikel van Belt wordt beschreven wat er in Limburg was voorgevallen, en wordt vervolgens gesteld dat één van de twee betrokken ambtenaren van de provincie Limburg bij het door de gemeente Heemstede ingehuurde 'onafhankelijke' bureau Wareco in dienst zou zijn getreden en dat een en ander aanleiding is geweest vragen te stellen aan de gemeente Heemstede. Vervolgens zijn de gestelde vragen en de gegeven antwoorden beschreven. Daarbij is onder meer vermeld:

"We hadden eerst de indruk dat er sprake was van het in dienst treden van een werknemer van Iwaco bij Wareco, dat was echter een misvatting en het antwoord van deze algemeen directeur (van Wareco) blijkt dus geen antwoord op onze vraag. Er was geen werknemer van Iwaco bij Wareco in dienst getreden. Maar de vraag had moeten luiden of er een ambtenaar van de provincie Limburg in dienst was getreden, zoals het NRC Handelsblad meldde. De algemeen directeur zou te rade gaan bij deze krant om e.e.a. te ontzenuwen."
en:
"Geconstateerd was dat Wareco de jaarstukken van 1999 nog niet had ingediend bij de Kamer van Koophandel. Daarop kregen we van de algemeen directeur ten antwoord dat die in september 2000 waren opgestuurd en dit dus kennelijk een omissie was van de Kamer van Koophandel. Ook de winst- en verliesrekening was niet gedeponeerd, aldus de KvK, maar volgens de algemeen directeur waren die wel degelijk aan de KvK toegestuurd. Als een bureau kleinschalig is dan hoeft men geen winst- verliesrekening af te geven, maar kunnen volstaan met een summiere balans."

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster is van mening dat haar goede naam door de publicatie ernstig wordt geschaad. De verbanden die worden gelegd tussen de bureaus Iwaco en Wareco en daarmee tussen Wareco en ongeregeld- of onwettigheden, ontberen iedere onderbouwing. Er bestaat geen verband tussen Iwaco en Wareco, er is geen werknemer van Iwaco noch van de provincie Limburg bij Wareco in dienst getreden en de stukken bij de Kamer van Koophandel zijn steeds tijdig, correct en compleet ingediend. Omdat directeur Den Nijs van tevoren was getipt over de op handen zijnde publicatie, heeft hij zelf contact met Belt opgenomen en daarbij iedere verdachtmaking beargumenteerd ontzenuwd. Het contact heeft kennelijk niet geleid tot het natrekken van bronnen of het aanpassen van de publicatie. Wareco heeft hiervan ook daadwerkelijk nadeel ondervonden, nu zij naar aanleiding van deze en eerdere publicaties van de hand van Belt niet in de gelegenheid is gesteld een offerte uit te brengen voor onderzoek naar grondwateroverlast in Wassenaar.
Weliswaar heeft Den Nijs deelgenomen aan een werkgroep hydrologie waaraan ook ambtenaar Hin van de gemeente Heemstede heeft deelgenomen, maar hij was daar op verzoek van een toenmalige opdrachtgever, de gemeente Haarlem. Eerst in deze werkgroep heeft hij kennis gemaakt met Hin.

Verweerders wijzen erop dat het gewraakte artikel deel uitmaakt van een groot aantal artikelen betreffende de controverse over oorzaken van en mogelijke oplossingen voor de grondwateroverlast die zich in Heemstede voordoet. Verweerders hebben ervoor gekozen de 'oppositie' ruimte te geven in De Heemsteder, omdat de overheid al voldoende mogelijkheden heeft zich van media te bedienen. Verweerders hebben willen uitsluiten dat zich tussen Wareco en verantwoordelijk ambtenaar Hin een soortgelijke band voordeed als tussen Iwaco en de provincie Limburg. Zij voeren daartoe mede aan dat de directeur van Wareco en Hin tezamen in een werkgroep hydrologie participeren. Voorts wijzen zij erop dat naar aanleiding van de klacht nadere artikelen zijn verschenen, op 1 maart 2001 op de website en op 7 maart 2001 in De Heemsteder. Daarin is als standpunt gegeven dat de 'ontzenuwing' van de verdenking deel uitmaakte van het gewraakte artikel, waarmee de 'zorgvuldigheid' was gediend. Tevens is daarin vermeld dat de enige mogelijke onzorgvuldigheid in het artikel van 7 februari zou kunnen zijn het in dienst nemen van Limburgse ambtenaren door Wareco, hetgeen berustte op een onjuiste interpretatie van de bron van verweerders. Voor het overige menen verweerders correct te hebben gehandeld.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Dat verweerders naar aanleiding van het artikel van 20 januari 2001 in NRC Handelsblad hebben willen onderzoeken of een relatie bestaat tussen Iwaco en Wareco, alsmede hoe 'innig' de band is tussen Wareco en de gemeente Heemstede, ligt voor de hand. Dergelijk journalistiek onderzoek kan een nuttige functie vervullen in de gemeentelijke politiek en bij de oordeelsvorming in de gemeente. Echter, daarbij dienen de elementaire regels van de journalistieke zorgvuldigheid in acht te worden genomen. Het onderzoek heeft geen enkele onregelmatigheid aan het licht gebracht. Wareco heeft verweerders op correcte wijze te woord gestaan en de gestelde vragen beantwoord. Voorts heeft Wareco ter zitting een plausibele verklaring gegeven voor het feit dat zij tezamen met Hin participeerde in een werkgroep.

Voor het gewraakte artikel, waarin Wareco verdacht wordt gemaakt zonder dat daar enige onderbouwing voor wordt gegeven, bestond gelet op het voorgaande geen basis. Wareco is dan ook zonder concrete aanleiding door het artikel in haar belangen geschaad.

BESLISSING

De Raad verklaart de klacht gegrond.

De Raad verzoekt verweerder deze beslissing integraal of in samenvatting te publiceren in De Heemsteder.

Aldus vastgesteld door de Raad op 21 augustus 2001 door mr. D. Allewijn, voorzitter, H. van Gessel, mr. A. Herstel, mw. C.D. Smolders en prof. drs. E. van Thijn, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. A.R. Creutzberg, secretaris.

Uitspraak 2001-30