2000/21 gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

Y. Eleveld

tegen

de hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden

Bij brief van 6 oktober 1999 met drie bijlagen heeft mr. F.Y. van der Pol te Assen namens Y. Eleveld (klaagster) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden (betrokkene). Hierop heeft G.J. Laan, hoofdredacteur, gereageerd in een brief van 29 oktober 1999.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 20 januari 2000 buiten aanwezigheid van partijen.

DE FEITEN

Op 19 augustus 1999 is in het Nieuwsblad van het Noorden een foto gepubliceerd van het graf van de dochter van klaagster. Het onderschrift bij de foto luidt: "Na de begrafenisplechtigheid wordt het grafje van Chanel Naomi weer met zand gevuld."

Bij brief van 10 september 1999 heeft mr. Van der Pol de bezwaren van klaagster tegen de publicatie van de foto kenbaar gemaakt en verzocht om een schadevergoeding. Dit verzoek heeft betrokkene in een brief van 14 september 1999 afgewezen.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster stelt dat niemand iets te maken heeft met de teraardebestelling van haar dochter. Zij acht de foto nodeloos grievend en kwetsend, waarbij zij er op wijst dat op de foto duidelijk is te zien dat het graf wordt dichtgegooid.
Voorts stelt klaagster dat uitdrukkelijk is meegedeeld dat aanwezigheid van de pers in en om het graf van haar dochter niet op prijs werd gesteld. Wel is bewilligd in het publiceren van een foto van de begrafenisstoet, hetgeen op 19 augustus 1999 op de voorpagina van het Nieuwsblad van het Noorden is gebeurd, aldus klaagster. Volgens haar voegt de gewraakte foto daaraan niets toe.
Ten slotte stelt klaagster dat betrokkene onzorgvuldig is geweest ten aanzien van haar persoonlijke levenssfeer, door de foto te publiceren. Betrokkene heeft daarmee, aldus klaagster, haar privacy geschonden.

Volgens betrokkene is toestemming verleend om tijdens de plechtigheid onder begeleiding van de politie van Assen een foto vanaf de openbare weg te maken. De foto van het graf is, aldus betrokkene, gemaakt toen de plechtigheid ruimschoots voorbij was en de privacy van de familie niet meer in het geding was. Betrokkene wilde zo het verdriet in beeld brengen. Betrokkene stelt dat hij zich heeft gehouden aan de afspraken over de bescherming van de privacy van de familie.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Gegeven hetgeen partijen daarover hebben gesteld acht de Raad aannemelijk dat is afgesproken dat geen foto's in en om het graf van de dochter van klaagster gemaakt zouden worden, dan nadat de begrafenis voorbij zou zijn. De strekking van de afspraak in aanmerking genomen, is naar het oordeel van de Raad het dichtmaken van het graf daarin begrepen.
Betrokkene heeft derhalve in strijd gehandeld met de afspraak en daarmee de grenzen overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaarbaar is.

BESLISSING

De klacht is gegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in het Nieuwsblad van het Noorden te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 8 maart 2000 door mr. R.W.L. Loeb, voorzitter, prof. mr. W.D.H. Asser, mw. J.A. Koerts, mr. B.A. Schmitz en drs. P. Sijpersma, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.

Uitspraak 2000-21