2000/20 gegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

de hoofdredacteur van de Rijn en Gouwe

Bij brief van 4 oktober 1999 met een bijlage heeft mr. H.W. Bos-Hagens, advocaat te Lisse, namens X (klager) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van de Rijn en Gouwe (betrokkene). Hierop heeft L.M. Heskes, hoofdredacteur, gereageerd in een brief van 26 oktober 1999.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 20 januari 2000 buiten aanwezigheid van partijen.

DE FEITEN

Op 3 juli 1999 is de Rijn en Gouwe een artikel onder de kop "Taakstraf geƫist voor geweld tegen agent". In het artikel - waarin verslag wordt gedaan van een strafzaak tegen klager - zijn de voorletters, de volledige achternaam, de leeftijd en de woonplaats van klager opgenomen.
De woonplaats van klager valt binnen het verspreidingsgebied van de Rijn en Gouwe.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt dat door de vermelding van zijn naam, leeftijd en woonplaats zijn privacy is geschonden. Voorts betoogt klager dat er voor betrokkene geen geldige reden is geweest om dat te doen. Ten slotte stelt klager door de schending in zijn belang te zijn geschaad, omdat hij na zijn detentie zal terugkeren naar zijn huidige woonplaats.

Betrokkene heeft erkend dat de naam van klager ten onrechte volledig in de aanhef van het artikel is opgenomen.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Met klager is de Raad van oordeel dat de vermelding van de persoonlijke gegevens van klager er toe leidt dat hij herkenbaar is als degene over wie het artikel gaat en dat bekend is waar hij woont. Er was geen goede reden om dat te doen. Geoordeeld moet dan ook worden dat betrokkene aldus de grenzen heeft overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is. Betrokkene heeft dat ook erkend.

BESLISSING

De klacht is gegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in de Rijn en Gouwe te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 8 maart 2000 door mr. R.W.L. Loeb, voorzitter, prof. mr. W.D.H. Asser, mw. J.A. Koerts, mr. B.A. Schmitz en drs. P. Sijpersma, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.

Uitspraak 2000-20