1998/34 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

Bennet Europe B.V.

tegen

de eindredacteur van KRO Reporter

Bij brief van 23 april 1998, gevolgd door een brief van 18 mei 1998 8 bijlagen, waaronder een videoband, heeft de heer J.M. van Maren, algemeen directeur van Bennet Europe B.V. te Almere, namens Bennet Europe B.V. (klaagster) een klacht ingediend tegen de eindredacteur van het televisieprogramma 'KRO Reporter' (betrokkene).
Hierop is door de heer S. de Vogel, eindredacteur, gereageerd in een brief van 15 juni 1998 met 10 bijlagen.
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 17 september 1998.
Namens klaagster verschenen mr R.M. Schutte, advocaat te Den Haag en de heer J.M. van Maren. Betrokkene verscheen in persoon.

DE FEITEN

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.

Klaagster is producent van de zogenaamde Bennet-korrel, die als meng- of koppelstof kan worden gebruikt bij het 'recyclen' van afvalplastic. Dit product werd onder meer toegepast bij de vervaardiging van de plastic kuipstoeltjes in het stadion Gelredôme.
De uitzending van 'KRO Reporter' van 3 februari 1998 had als onderwerp de Nationale Postcodeloterij (NPL). De programmamakers probeerden daarin duidelijk te maken dat de NPL, die op grond van de Wet op de Kansspelen 60 procent van haar inkomsten aan het algemeen belang moet besteden, het begrip 'algemeen belang' erg ruim interpreteert, onder meer omdat de NPL via dochteronderneming DOEN Participaties B.V. een meerderheidsaandeel in het commerciële bedrijf van klaagster heeft gekocht. In de uitzending kwamen onder meer twee ex-medewerkers van klaagster aan het woord, die zich kritisch uitlieten over de eigenschappen en kwaliteiten van de Bennet-korrel.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster is van mening dat betrokkene een eenzijdige, negatieve presentatie van klaagster en haar product heeft gegeven, waardoor haar reputatie is beschadigd. Betrokkene heeft onvoldoende onderzocht waarvoor het product heden ten dage kan worden gebruikt. Klaagster wijst in dit verband op een rapport van een Belgisch onderzoeksinstituut, dat lovend is over de werking en toepassing van de Bennet-korrel. De twee ex-medewerkers die in de uitzending aan het woord kwamen worden ten onrechte aangeduid als 'twee oud-directeuren'. Criticasters dienen volgens klaagster eerlijk te worden gepositioneerd, opdat het publiek de kritiek op zijn juiste waarde kan schatten. Door overpositionering krijgen hun uitlatingen een veel zwaardere negatieve lading. De persoon die als voormalig 'technisch directeur' werd geïntroduceerd was tot 1996 productieleider bij het bedrijf. De ander, tot 1991 verkoopdirecteur bij klaagster, heeft geen relevante kennis van het huidige bedrijf.

Betrokkene benadrukt dat niet klaagster, maar de Nationale Postcodeloterij onderwerp van de uitzending was. Door de betrokkenheid van de NPL bij het bedrijf van klaagster was het onvermijdelijk om kritisch te zijn ten aanzien van klaagster en het door haar vervaardigde product. Betrokkene heeft in zijn programma onderzocht of hier wel sprake was van besteding van geld aan een 'goed doel'. Daarbij is zeer uitgebreid onderzoek gedaan naar de reputatie van klaagster en de kwaliteit van haar product. In verband hiermee is ook contact gezocht met de heer B. van der Groep, oprichter van het bedrijf en octrooihouder van de Bennet-korrel, die in de uitzending aan het woord werd gelaten. De ex-werknemers die in het programma werden geïnterviewd kenden het bedrijf van klaagster goed en zijn bovendien nog steeds werkzaam in dezelfde sector. De aanduiding van één van hen als voormalig technisch directeur is de vertaling van 'technical manager'.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

In de gewraakte uitzending heeft betrokkene de verwevenheid van verschillende, bij de Nationale Postcodeloterij betrokken bedrijven, instellingen en personen in kaart gebracht. Daarbij werd de vraag aan de orde gesteld of de bestedingen van de Nationale Postcodeloterij aan het bedrijf van klaagster wel in het 'algemeen belang' zijn. Een kritische benadering van zowel bedrijf als product was in dit verband niet alleen onvermijdelijk, maar ook gerechtvaardigd aangezien het toch weinig voor de hand liggend is dat een bedrijf dat op de markt van de recycling van plastic opereert zich zo van zijn concurrenten zou onderscheiden dat juist met zijn product het algemeen belang is gemoeid.

De Raad is op basis van de stukken en het verhandelde ter zitting tot de overtuiging gekomen dat uitvoerig en gedegen onderzoek heeft plaatsgevonden, waarbij de redactie van het programma niet eenzijdig te werk is gegaan. Onjuist is de stelling dat het product van klaagster alleen of in onevenredige mate in negatieve zin is belicht. Aan de uitlatingen van de heer Van der Groep, die de Bennet-korrel roemt, is voldoende aandacht besteed.

Vertaling van de functie 'technical manager' als 'technisch directeur' blijkt in dit geval niet helemaal correct te zijn, maar valt betrokkene nauwelijks aan te rekenen en overschrijdt dus niet de grenzen van hetgeen, gelet op de journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.

BESLISSING

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkenen aan deze beslissing aandacht te besteden in een uitzending van het programma KRO Reporter.

Aldus vastgesteld door de Raad op 27 oktober 1998 door mr. J.B. Fleers, voorzitter, mr. G. Dullens, mw. A. Koerts, W.F. de Pagter en J.M.P.J. Verstegen, leden, in tegenwoordigheid van mr. I.H.J. Konings, secretaris.

Uitspraak 1998-34