1997/47 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

de heer X

tegen

J.P. Geusens

Bij brieven van 28 november en 6 december 1996 en 22 januari 1997, waarbij een video-opname werd meegezonden, heeft mevrouw I. Klos-Jongman, coördinator van Stichting Slachtofferhulp Zuid-Limburg te Sittard, namens de heer X (klager) een klacht ingediend tegen J.P. Geusens, fotograaf te Maastricht (betrokkene).
Hierop is door de heer Geusens gereageerd in een brief van 28 februari 1997.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 16 mei 1997.
Mevrouw X, echtgenote van klager, was daarbij aanwezig en werd bijgestaan door mevrouw H. Bouwhuis van Stichting Slachtofferhulp. Betrokkene was eveneens aanwezig en werd bijgestaan door zijn juridisch adviseur de heer E. Bastiaan. Van de zijde van betrokkene werden een pleitnota, foto's en een video-opname aan de Raad overhandigd.
Naar aanleiding van de plotselinge ontstentenis van een der leden van de Raad, hebben partijen desgevraagd laten weten geen overwegende bezwaren te hebben tegen behandeling van de zaak door de voorzitter en drie leden.

DE FEITEN

Op grond van de stukken, de overgelegde foto's en video-opnamen en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.

Op 21 augustus 1996 werden in de toenmalige woning van klager te Maastricht de voordeur ingetrapt, een fiets door de voorruit gegooid en het interieur vernield. Daders waren de vaders van twee meisjes uit de buurt, die klager van onzedelijke handelingen hadden beschuldigd.
Betrokkene, freelance fotojournalist, was in opdracht van de lokale kabelkrant TV Gazet naar de buurt gegaan waar klager woonde. Kort na zijn komst vonden de gewelddadigheden plaats. Hij heeft foto's gemaakt van de aangerichte vernielingen, de woning van klager en de omstanders. De foto's zijn uitgezonden door TV Gazet. In het programma Kenmerk van de IKON werd op 31 oktober 1996 een reportage uitgezonden waarin onder meer de gebeurtenissen in Maastricht aan de orde kwamen. Een buurvrouw van klager kwam aan het woord, die verklaarde dat buurtbewoners TV Gazet hadden ingeschakeld, omdat politie en hulpverlening niets deden. De door TV Gazet gestuurde fotograaf zou volgens haar gezegd hebben dat hij alleen foto's kon maken als er sensatie was. Korte tijd later vond de overval op de woning plaats.
Achteraf is komen vast te staan dat de kinderen de beschuldigingen jegens klager hadden verzonnen.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager verwijt betrokkene te hebben meegewerkt aan de gewelddadige gebeurtenissen in en rond zijn woning. De aangifte van de ouders van de meisjes vond 's middags om 14.00 uur plaats. Pas om 18.15 uur, na de komst van betrokkene, kwamen de daders in actie. Betrokkene was daarbij aanwezig en heeft alles gefotografeerd. Volgens klager zou de overval niet hebben plaatsgevonden als betrokkene niet gezegd zou hebben dat hij alleen foto's kon maken als er sensatie was. Zijn uitlatingen, hoe die ook precies luidden, hebben zeer verstrekkende gevolgen gehad. Klager is bovendien van mening dat betrokkene via TV Gazet een 'vals en schaamteloos' verhaal heeft gepubliceerd.

Betrokkene betreurt de gebeurtenissen zeer. Hij is echter van mening dat hem ten aanzien daarvan geen verwijt valt te maken. Op de bewuste dag is hij door TV Gazet gevraagd om op de plek des onheils foto's te gaan maken. TV Gazet was kennelijk door buurtbewoners op de hoogte gesteld van de explosieve situatie ter plaatse. Er zou ook een redacteur van TV Gazet op afgestuurd worden, maar die is nooit komen opdagen. Hij heeft met de ouders van de meisjes gesproken en is, toen er buiten tumult losbrak, achter hen aangelopen naar de woning van klager en zijn gezin. Betrokkene ontkent te hebben gezegd dat hij alleen foto's kon maken als er sensatie was. Hij heeft beroepshalve foto's gemaakt van de woning en de omgeving zoals hij die aantrof. De foto's en een volgens hem objectief verslag van de gebeurtenissen heeft hij bij TV Gazet ingeleverd. De foto's heeft hij bovendien ter beschikking van de politie gesteld.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Betrokkene ontkent en de Raad heeft niet kunnen vaststellen dat hij gezegd heeft dat hij alleen foto's kon maken als er sensatie was. Overigens is op geen enkele wijze gebleken dat de journalist door zijn uitspraken of gedragingen daadwerkelijk invloed heeft uitgeoefend op de gebeurtenissen. Zijn aanwezigheid ter plaatse was beroepsmatig en maakt hem niet (mede)schuldig aan de overigens voor klager en zijn gezin uitermate schokkende gebeurtenissen.
Voor zover is geklaagd over de teksten die de foto's bij uitzending door TV Gazet hebben begeleid, overweegt de Raad dat betrokkene daarvoor geen verantwoordelijkheid draagt.

BESLISSING:

De Raad acht de klacht ongegrond.

Aldus vastgesteld door de Raad op 16 juni 1997 door mr. P.J. Boukema, voorzitter,
H. van Gessel, A.G. Scherphuis en drs. K.J. van der Zande, leden, in tegenwoordigheid van mr. I.H.J. Konings, secretaris.

Uitspraak 1997-47