1997/45 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

B. Schreuder

tegen

de hoofdredacteur van o.m. Dagblad Flevoland

Bij brieven van 12 februari, 21 februari en 27 februari 1997, met in totaal 17 bijlagen, heeft de heer B. Schreuder te Ens (klager) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van onder meer Dagblad Flevoland (betrokkene).
Hierop is door J. Bartelds, hoofdredacteur, gereageerd in een brief van 19 maart 1997 met 1 bijlage.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 16 mei 1997.
Klager verscheen in persoon. Betrokkene is niet verschenen.
Naar aanleiding van de plotselinge ontstentenis van een der leden van de Raad, heeft klager desgevraagd laten weten geen overwegende bezwaren te hebben tegen behandeling van de zaak door de voorzitter en drie leden.

DE FEITEN

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.

Klager, waterbouwkundige, heeft bij de Raad van State beroep aangetekend tegen de goedkeuring van de bouw van een keersluis tussen Ketelmeer en Zwartemeer bij Ramspol. Bij de mondelinge behandeling van alle ingediende bezwaren was ook een journalist van de Tijl bladen aanwezig. In het Dagblad Flevoland van 4 februari 1997 werd verslag gedaan van de zitting, waarbij de standpunten van enkele bezwaarden en van de provincies Overijssel en Flevoland aan de orde kwamen. De bezwaren van klager bleven onvermeld. Het artikel verscheen ook in de Zwolse Courant en het Nieuw Kamper Dagblad, welke bladen evenals Dagblad Flevoland worden uitgegeven door Tijl en waarvan betrokkene hoofdredacteur is.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt in zijn persoonlijke belang te zijn geschaad, doordat betrokkene niets heeft weergegeven van hetgeen door hem bij de Raad van State aan de orde is gesteld. Hij heeft bij die gelegenheid de journalist, die voor betrokkene de behandeling van de bezwaren bijwoonde, uitgebreid te woord gestaan. Klager acht zijn argumenten en het door hem aangedragen alternatief voor de bouwplannen van essentieel belang voor de regio waarin de Tijl bladen verschijnen. Een aanbod van betrokkene om in de krant van 21 februari 1997 aandacht te besteden aan zijn standpunt heeft klager afgewezen, omdat hij de uitspraak van de Raad van State op 20 februari 1997 verwachtte.

Betrokkene is van mening dat de redactie, in volledige onafhankelijkheid opererend, verslag heeft gedaan van de betreffende zitting en daarover de naar haar inzicht voor haar lezers relevante zaken heeft gemeld. De redactie heeft daarin een eigen, statutair vastgelegde, redactionele verantwoordelijkheid. Volgens betrokkene heeft de redactie de persoonlijke intregriteit en belangen van klager niet geschaad.
Overigens heeft betrokkene in de Zwolse Courant van 25 oktober 1996 aandacht geschonken aan de visie van klager op het project Ramspol.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad staat voor de vraag of een journalist verplicht is om bij de verslaglegging van een zitting van een rechterlijk college alle daarbij aan de orde komende standpunten te vermelden. De Raad beantwoordt die vraag ontkennend. De selectie van nieuws is vrij. Hoewel de teleurstelling van klager over de berichtgeving begrijpelijk is, is op geen enkele wijze gebleken dat betrokkene grenzen heeft overschreden van hetgeen, gelet op de journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.

BESLISSING:

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in de Tijl-bladen te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 16 juni 1997 door mr P.J. Boukema, voorzitter,
H. van Gessel, A.G. Scherphuis en drs. K.J. van der Zande, leden, in tegenwoordigheid van mr I.H.J. Konings, secretaris.

Uitspraak 1997-45