1996/36 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

J. van der Wijk

tegen

eindredacteur en hoofdredacteur van Zeilen

In een brief van 24 juni 1996, aangevuld met een brief van 28 juni 1996, met vier bijlagen, heeft de heer J. van der Wijk te Boxtel (klager) een klacht ingediend tegen de redacteur Laurens van Zijp en de hoofdredacteur van het blad Zeilen (betrokkenen).
Hierop is door de heer E. Rijnja, plaatsvervangend hoofdredacteur, gereageerd in een brief van 15 augustus 1996 met vijf bijlagen. Klager heeft in een brief van 27 augustus 1996 een reactie gestuurd.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 15 november 1996.
Klager verscheen in persoon. Namens beide betrokkenen verscheen de heer E. Rijnja.
Naar aanleiding van de plotselinge ontstentenis van een der leden van de Raad, hebben partijen desgevraagd laten weten geen overwegende bezwaren te hebben tegen behandeling van de zaak door de voorzitter en drie leden.

DE FEITEN

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.

Klager is de auteur van het boek Lexicon van de watersport, visserij, koopvaardij, marine en bruine vloot. In het maandblad Zeilen van juni 1996, nr. 6, is een recensie van dit boek verschenen van de hand van redacteur Laurens van Zijp. Die constateert in zijn bespreking dat het Lexicon onvolledig is. Het artikel eindigt met de volgende passage:
Nog even dit: de auteur bedankt een groot aantal mensen voor 'hun welwillende informatie', zo ook de redactie van Zeilen. Dat suggereert betrokkenheid bij de samenstelling van de inhoud, maar laat het duidelijk zijn dat dat niet het geval is.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager is het oneens met een aantal waardeoordelen van de redacteur over zijn boek, die hij onvoldoende gemotiveerd vindt. Hij is van mening dat door het artikel, met name door de laatste passage, zijn betrouwbaarheid in twijfel wordt getrokken. Hij beschouwt dit als een aantasting van zijn integriteit en stelt daardoor schade te lijden. De lezers van Zeilen vormen volgens klager zijn belangrijkste doelgroep. Hij heeft vóór het verschijnen van het Lexicon geregeld contact gehad met de heer Flip Dronkers, hoofdredacteur van Zeilen, die hem nuttige adviezen en aanvullingen heeft gegeven.
Hoewel er dus volgens klager wel sprake is van enige betrokkenheid van de hoofdredacteur bij de samenstelling, staat dat niet in het dankwoord en kan dit er volgens hem ook niet in worden gelezen.

De slotpassage in de recensie is volgens betrokkenen opgenomen, om een mogelijk verkeerde indruk van de lezers, namelijk dat de redactie van Zeilen geheel achter de inhoud van het Lexicon staat dan wel het boek onder verantwoordelijkheid van de redactie is verschenen, weg te nemen.
Betrokkenen erkennen dat de heer Dronkers aan klager een 'aanmoedigende brief' heeft gestuurd en hem 'enkele suggesties' aan de hand heeft gedaan, maar van betrokkenheid bij de samenstelling is volgens hen geen sprake. Er is nooit toestemming gegeven voor gebruik van de naam van het blad in het dankwoord.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Ter zitting is gebleken, dat de bezwaren van klager met name zijn gericht tegen de slotpassage van de recensie.
Naar het oordeel van de Raad lag die passage, gelet op het karakter van het dankwoord waarop zij betrekking had, niet erg voor de hand, maar levert zij in redelijkheid geen aantasting van de integriteit van klager op. De Raad acht de grenzen van het toelaatbare dan ook niet overschreden.

BESLISSING:

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in het tijdschrift Zeilen te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 2 december 1996 door prof. mr W.D.H. Asser, voorzitter, A. Scherphuis, J.M.P.J. Verstegen en K.J. van der Zande, leden, in tegenwoordigheid van mr I.H.J. Konings, secretaris.

RvdJ 1996, 36.