1996/25 ongegrond

 

 

 

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
X
 
tegen
 
Dagblad De Limburger
 
Met een brief van 23 januari 1996 met drie bijlagen heeft de heer X (klager) een klacht ingediend tegen Dagblad De Limburger (betrokkene). De Limburger heeft desgevraagd een exemplaar van het gewraakte artikel aan de Raad toegezonden, maar heeft voor het overige op de klacht niet gereageerd en heeft zich daartegen derhalve niet verweerd.
De zaak is behandeld ter zitting van 5 juli 1996. Klager is in persoon verschenen. Betrokkene had laten weten niet te zullen verschijnen.
 
DE FEITEN
 
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende feiten.
In het dagblad De Limburger van 6 januari 1996 is onder de kop "Seks-deskundige zelf aangeklaagd voor misbruik" een artikel geplaatst over Benjamin Rossen. In de wekelijkse bijlage van diezelfde datum is voorts een achtergrondartikel geplaatst onder de kop "Het kind als laatste wapen", met daaronder in kleinere letters "een slangenkuil van pedofielen, kinderen en wetenschappers". Op laatstgenoemd artikel heeft de klacht van X betrekking. Het artikel volgde op een eerder die week uitgezonden aflevering van Veronica's Nieuwslijn, waarin - op initiatief van X - aan de orde was gesteld dat Rossen seksueel misbruik zou hebben gemaakt van het zoontje van X. Eveneens op initiatief van X heeft Justitie in Dordrecht de zaak onderzocht. Nadat Justitie de zaak had geseponeerd, heeft X daartegen beroep heeft aangetekend bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
In het gewraakte artikel is onder meer vermeld:
"Toch is kennis van het "dossier-X" niet onbelangrijk voor een goed begrip van de zaak. Zo blijkt X, de vader van Y en degene die Rossen heeft aangeklaagd, in 1981 zelf te zijn veroordeeld wegens ontucht met een minderjarige."
en:
"Crombag doet uit de doeken wat zijns inziens de achtergronden zijn van de aantijging van misbruik. Het huwelijk van vader X (die net als Rossen niet vrij is van homofiel-pedofiele voorkeuren) met Jacqueline de Reus loopt in 1993
spaak. Zij zoekt troost bij ... Benjamin Rossen. "X ziet Rossen als de oorzaak van het stuk lopen van zijn huwelijk, en daar heeft hij niet helemaal ongelijk in", schrijft Crombag dan ook."
X is vooraf geïnformeerd noch geraadpleegd over het te plaatsen artikel.
Naar aanleiding van het artikel heeft X op 7 januari 1996 per telefax een ingezonden brief aan De Limburger gezonden, waarin hij enkele kanttekeningen bij het artikel heeft geplaatst. Met name gaat het in zijn brief om het feit dat zijn handelen van 15 jaar geleden, dat destijds tot een veroordeling heeft geleid, nu ten gevolge van een wetswijziging geen veroordeling meer zou opleveren.
Mondeling is X door De Limburger meegedeeld dat de brief niet zou worden geplaatst. X heeft vervolgens bij aangetekende brief van 10 januari 1996 de ingezonden brief aangeboden aan de hoofdredacteur van De Limburger met het hernieuwde verzoek deze te plaatsen. Bij brief van 17 januari 1996 heeft de hoofdredacteur van De Limburger X bericht dat diens ingezonden brief niet zou worden geplaatst, omdat deze naar zijn mening onvoldoende toevoegde aan het gepubliceerde artikel.
 
DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
 
Klager voelt zich beledigd en in een kwaad daglicht gesteld door de inhoud van het artikel. In zijn ingezonden brief wilde hij enkele zaken toelichten en rechtzetten. Door hem daartoe niet in de gelegenheid te stellen, heeft De Limburger zijn recht op weerwoord geschonden, aldus X.
 
BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
De Raad is, na kennis te hebben genomen van de ingezonden brief en na de toelichting ter zitting te hebben gehoord, van oordeel dat in de ingezonden brief niets wordt gesteld dat een ander licht werpt op de inhoud van het gewraakte artikel, dan wel aan de inhoud van het artikel relevante informatie toevoegt. De hoofdredacteur heeft naar het oordeel van de Raad dan ook om genoemde reden in redelijkheid tot zijn oordeel kunnen komen.
Voorzover de klacht betrekking zou hebben op het feit, dat in het artikel aandacht aan het "dossier X" is besteed, acht de Raad de klacht ongegrond. Daarbij acht de Raad mede van belang dat X zelf zich heeft blootgesteld aan publiciteit. Hij heeft immers desgevraagd ter zitting verklaard het inititatief te hebben genomen voor behandeling van de kwestie in een uitzending van Veronica's Nieuwslijn.
 
BESLISSING
 
De Raad acht de klacht ongegrond.
 
De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting te publiceren in Dagblad De Limburger.
 
Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 5 juli 1996 door mr P.J. Boukema, voorzitter, W.F. de Pagter, mr B.A. Schmitz, mw A. Koerts en K. Wiese, leden, in tegenwoordigheid van mr A.R. Creutzberg, secretaris.