1996/15 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

J.A.M. Kleene

tegen

de hoofdredacteur van de Goudsche Courant

In een brief van 3 november 1995 met twee bijlagen heeft de heer J.A.M. Kleene (klager) te Ouderkerk aan de IJssel een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van de Goudsche Courant (betrokkene).
Hierop is door de heer J. Schinkelshoek, hoofdredacteur, gereageerd in een brief van 1 december 1995 met één bijlage.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 12 april 1996. Partijen hebben van tevoren laten weten geen gebruik te zullen maken van het recht hun standpunt mondeling toe te lichten.

DE FEITEN

Op grond van de stukken gaat de Raad uit van de volgende feiten.

In de Goudsche Courant is op 19 oktober 1995 een artikel verschenen met de kop 'Ergernis over raadsleden Ouderkerk' en de subkop 'College wil zakelijker vergaderen'. Daarbij was een portret van gemeentesecretaris Kleene geplaatst, met als onderschrift 'Ook gemeentesecretaris Kleene steunt en kreunt onder het juk van rommelig vergaderende raadsleden: "Al jaren gaat het zo..." '. Het artikel handelt over de wijze van vergaderen van de Ouderkerkse gemeenteraad, waarop het college van Burgemeester en Wethouders van die gemeente kritiek heeft.
De burgemeester en twee wethouders hebben in de toelichting op de concept-gemeentebegroting '96 de lokale politici opgeroepen om doortastender op te treden in de gemeenteraad. De journalist heeft klager telefonisch benaderd voor een toelichting op de kwestie. Klager wordt in het artikel uitgebreid geciteerd.
Klager heeft tesamen met het college van B&W in een reactie op het artikel bezwaar gemaakt tegen de wijze waarop zijn toelichting door de journalist in het artikel is verwerkt. Betrokkene heeft in antwoord daarop laten weten de bezwaren niet te delen.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager is van mening dat in het artikel de indruk wordt gewekt, dat hij zich persoonlijk afzet tegen de vergaderwijze van de gemeenteraad en hij daarbij de publiciteit niet schuwt.
Het telefoongesprek dat hij voerde met de journalist was zeer beknopt en afstandelijk, doch het artikel geeft een andere indruk. Slechts een zeer kritisch lezer kan aan de hand van gebruikte citeertekens met enige moeite opmaken wat wel en wat niet uit de mond van klager is opgetekend. Zijn toelichting, de opvatting van het college en de visie van de journalist zijn door elkaar gehusseld ten behoeve van een sappig verhaal.
Het onderschrift van de foto geeft daar een duidelijk voorbeeld van: klager heeft nooit de indruk gewekt, laat staan gezegd, dat hij 'steunt en kreunt onder het juk van rommelig vergaderende raadsleden'. Daarbij is volgens klager het onterechte beeld ontstaan, dat hij denigrerend staat tegenover de gemeenteraad.

Betrokkene constateert dat de bezwaren van klager voornamelijk zijn gericht op de manier waarop klager in het artikel is opgevoerd. De journalist heeft, nadat hij in de concept-gemeentebegroting de tekst aantrof over de onzakelijke vergaderwijze van de gemeenteraad, klager om een toelichting gevraagd. Die toelichting heeft hij in zijn artikel verwerkt. De toelichting is helder en waar nodig met citeertekens terug te vinden in de tekst. Ter illustratie heeft de journalist twee voorvallen opgevoerd, waarover al eerder in de Goudsche Courant was bericht. Ook klagers reactie, dat deze voorvallen niet de aanleiding vormden tot de oproep in de toelichting op de concept-begroting, is in het artikel opgenomen. Naar de mening van betrokkene is daarmee correct en zorgvuldig gehandeld. De met de kop en het foto-onderschrift gewekte indruk, dat de gemeenteraad niet goed en vooral niet zakelijk genoeg functioneert, geeft een juist beeld.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad heeft niet kunnen constateren dat er sprake is van onjuistheden in de citaten. Hoewel de toelichting van klager bij de concept-begroting van Burgemeester en Wethouders iets te veel accent heeft gekregen, mede gelet ook op de grote foto en het onderschrift, kan niet gezegd worden dat het artikel suggereert dat klager degene is die zich afzet tegen de gemeenteraad. In het artikel wordt voldoende duidelijk gemaakt dat het Burgemeester en Wethouders zijn die de vergaderwijze van de Raad kritiseren.

BESLISSING:

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in De Goudsche Courant te publiceren.

Aldus vastgesteld door de Raad op 6 mei 1996 door mr P.J. Boukema, voorzitter, mr G. Dullens, mr B.A. Schmitz, J.A. Koerts en A.G. Scherphuis, leden, in tegenwoordigheid van mr I.H.J. Konings, secretaris.

RvdJ 1996, 15.