1991/1 ongegrond

Mirjam en Karin van Breeschoten tegen Hans Verstraaten

In een op 22 juni 1990 aan de Raad toegezonden klaagschrift gecorrigeerd in zijn brief van 20 juli 1990, heeft mr A. van Hemert te Maassluis namens Mirjam van Breeschoten en Karin van Breeschoten (klaagsters) een klacht ingediend tegen Hans Verstraaten, hoofdredacteur van Nieuwe Revu (betrokkene). Deze heeft op de klacht gereageerd in een brief van 1, augustus 1990. De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 28 maart 1991.Namens klaagsters was aanwezig mr A. van Hemert. Betrokkene had laten weten niet te zullen verschijnen.

De feiten

De Raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten.
Klaagsters vormen een tweeling en zijn van beroep fotomodel. Klaagsters hebben op 4 april 1988 een exclusiviteitscontract gesloten met de uitgever van het tijdschrift Playboy.
In aflevering 51 van het jaar 1989 van Nieuwe Revu is in de vaste rubriek 'De week van', met die week als onderwerp 'De Vermomming', naast foto's van bekende persoonlijkheden een foto afgedrukt waarop klaagsters, dicht tegen elkaar aan en allebei met het hoofd naar de camera toegewend, in strakke kleding van dezelfde stof poseren. Het bijschrift bij de foto luidt als volgt.

De Hollandse Karin en Mirjam van Breeschooten (links), die alle edities van Playboy stofferen zijn nog niet tevreden. Ze hebben zich nu vermomd als lesbische Siamese tweeling Karin en Mirjam in eenstemmig: "Hou de Penthouse maar in de gaten".
De bijschriften bij de in dezelfde rubriek afgedrukte foto's van bekende persoonlijkheden verwijzen ook telkens naar de kleding of andere onderdelen van de uitmonstering van de afgebeelde persoon. Kennelijk in verband daarmee wordt de rubriek ingeleid met de volgende zin: 'Vermommingen, waarin ze toch herkend worden, zijn onmisbare hulpmiddelen voor beroemdheden, die dorsten naar publiciteit.'

De standpunten van partijen

Klaagsters hebben het volgende gesteld.
1 De Nieuwe Revu wist of had moeten weten dat klaagsters twee zusters zijn waarvoor de kwalificatie lesbisch onjuist, grievend, nodeloos en schade berokkenend is.
2 De associatie met het hard-core pornoblad Penthouse was onnodig en schadelijk voor klaagsters wegens mogelijke schending van het exclusiviteitscontract met Playboy.
3 Betrokkene heeft ten onrechte geweigerd het bijschrift te rectificeren
Betrokkene heeft de bezwaren van klaagsters van de hand gewezen met verwijzing naar het ironisch/humoristische karakter van de rubriek.

Beoordeling van de klacht

De Raad is van oordeel dat betrokkene met publikatie van het gewraakte bijschrift niet de grenzen heeft overschreden van hetgeen gelet op zijn journalistieke verantwoordelijkheid maatschappelijk aanvaardbaar is, gezien de context waarin de publikatie plaatsvond, te weten een bij de lezers bekende rubriek met een duidelijk herkenbaar, althans kennelijk door Nieuwe Revu beoogd, ironisch karakter.

Beslissing

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in Nieuwe Revu te publiceren.

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 28 maart 1991 door mr W.D.H. Asser voorzitter, mr T. Faber-de Heer, mr E.C.M. Jurgens, drs H.W.M. van Run en K. Wiese, leden, in tegenwoordigheid van mr A.C.M. Karsten als secretaris.

RvdJ 1991, 1.