1990/9 ongegrond

COMITE CONTRA BUSSLUIS/VALKUIL TEGEN HOOFDREDACTEUR

Per brief van 20 december 1989 met twee bijlagen en aanvullende brief van 3 april 1990 met één bijlage heeft het Comité Contra Bussluis/Valkuil te Heemstede (klager) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van De Kampioen (betrokkene). Deze heeft op de klacht gereageerd in brieven van 23 februari en 11 april 1990.

De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 25 april 1990. Namens het Comité zijn verschenen de voorzitter J. A. Bomans en W. J. Wiers, secretaris. Betrokkene had laten weten niet te zullen verschi jnen.

DE FEITEN

De Raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten. Klager voert actie tegen het aanbrengen van een zogenaamde bussluis te Heemstede. In verband daarmee zond het Comité een ingezonden stuk aan de redactie van De Kampioen, het orgaan van de ANWB. Van deze brief werd het hierna volgende gedeelte opgenomen in de aflevering van december 1989 van De Kampioen.
'Geen bussluis, maar valkuil
Het Verkeerscomité voert actie tegen het aanbrengen van een zogenaamde bussluis. Een bussluis is in feite een valkuil, waarin auto's een duikeling maken indien de spoorbreedte kleiner is dan die van een autobus. Het is zeer de vraag of het middel niet erger is dan de kwaal, want zo'n valkuil is uiteraard levensgevaarlijk voor hen die, om welke reden dan ook, deze niet of niet tijdig genoeg ontdekken. De vraag is of zo'n radicale en zware sanctie moreel wel geoorloofd is tegen overtreders van het gebod'.
De ingezonden brief eindigt met de volgende passage.
'Zij immers zullen het nut van zo'n verbod niet kunnen inzien en dan zijn zij uiteraard geneigd de omweg, die door het verbod moet worden genomen, te vermijden. Dat bespaart tijd en verlies, extra kosten aan benzine etc., het verkeersrisico van de omweg en extra milieu-verontreiniging. Het zal van de antwoorden van de ANWB-leden afhangen, of misschien een landelijke actie tegen zg. bussluizen moet worden in gang gezet. Het Secretariaat van het Comité is gevestigd te Heemstede, Offenbachlaan 72,2102 ZP'.

In de gepubliceerde vorm eindigt de brief als volgt.
'Wat vindt de ANWB hiervan? Secretaris Verkeerscomité
Heemstede'

Als vervolg op de brief is in De Kampioen de volgende tekst afgedrukt.
'Deze vraag hebben wij voorgelegd aan onze Verkeersafdeling. Zij zijn v6ór bussluizen, maar: wij vinden een bussluis een goed middel om snelle verbindingen voor het openbaar vervoer te maken of een bepaalde verkeerscirculatie binnen een gebied te bewerkstelligen. Een bussluis moet wel duidelijk herkenbaar zijn, zodat vergissingen zoals u aangeeft uitgesloten zijn. Dan is een bussluis ook geen 'valkuil'. Overigens verneemt de ANWB-Verkeersafdeling graag waar eventueel bussluizen zijn, die wel het predikaat valkuil verdienen.
ANWB-Verkeersafdeling, Postbus 93200,2509 BA Den Haag'.

In de ingezonden brievenrubriek van de aflevering van april 1990 van de Kampioen is een ingezonden brief opgenomen van een lezer uit Diemen die ingaat op de situatie rond de bussluis in Heemstede en voorts beargumenteerd aangeeft waarom hij voorstander is van de daar aangelegde bussluis.

DE STANDPUNTEN

De bezwaren van klager richten zich tegen het feit dat de redactie zonder overleg met het Comité het initiatief tot een meningspeiling over bussluisen heeft laten overnemen door de ANWB, zulks terwijl de verkeersafdeling van de ANWB in tegenstelling tot het Comité een positieve mening heeft over bussluizen. Als het Comité dit geweten had zou het de voorgenomen meningspeiling niet via De Kampioen hebben georganiseerd. Bovendien heeft het Comité niet gevraagd om de mening van de ANWB, zoals de gewijzigde redactie van hun brief suggereert, maar ging het om de mening van de leden van de ANWB.
Wat betreft de in het april-nummer opgenomen ingezonden brief is het bezwaar van klager in hoofdzaak dat naar zijn mening door betrokkene het recht van hoor en wederhoor is geschonden. Klager meent dat het Comité in de gelegenheid had moeten worden gesteld commentaar te leveren op de brief van de lezer uit Diemen, temeer daar betrokkene zich had moeten afvragen of een lezer uit Diemen wel op de hoogte kan zijn met de plaatselijke verkeersproblematiek te Heemstede.
Betrokkene heeft geantwoord dat klager niet vooraf met de ANWB Overleg heeft gepleegd over een bepaalde vorm van actievoeren. De ANWB hanteert als regel dat bij het plaatsen van oproepen reacties bij de ANWB dienen binnen te komen. Betrokkene meent voorts dat gehandeld is in de lijn van wat het Comité voorstaat omdat aan de leden gevraagd is gevaarlijke bussluizen te melden.
Het plaatsen van de reactie van een lezer uit Diemen op de bussluisplannen acht betrokkene in overeenstemming met de door klager gewenste meningspeiling.

BEOORDELING

Klager heeft door middel van een ingezonden brief in De Kampioen een meningspeiling op gang willen brengen onder leden van de ANWB. De Raad is van oordeel dat de aangeboden tekst geen aanleiding gaf om de vraagstelling als ook aan de ANWB zelf gericht te beschouwen. Door de tekst van de brief in die zin te wijzigen heeft betrokkene onzorgvuldig gehandeld.
Gezien echter het feit dat de vraagstelling aan de leden van de ANWB, zij het in genuanceerde vorm, wel is overgenomen heeft betrokkene niet de grenzen overschreden van hetgeen gelet op zijn journalistieke verantwoordelijkheid maatschappelijk aanvaardbaar is.
Het enkele feit dat in een reactie op de oproep de verkeerssituatie te Heemstede ter plaatse van de bussluis wordt besproken betekent niet dat betrokkene die reactie voor plaatsing aan klager had moeten voorleggen voor commentaar.

BESLISSING

De Raad acht de klacht ongegrond.
De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting te publiceren in De Kampioen.
Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 25 april 1990 door mr. W. D. H. Asser, voorzitter, mr. T. Faber-de Heer, mr. G. Dullens, mr. D. T. Dalmolen en A. G. Scherphuis, leden, in tegenwoordigheid van Mr. A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1990, 9