1990/21 ongegrond

Mevrouw X tegen De Gelderlander

Mevrouw X te Doornenburg (klaagster) heeft in brieven van 23 mei, 29 mei en 7 juli 1990 bezwaren kenbaar gemaakt tegen publikaties in De Gelderlander van respectievelijk 27 maart, 22 mei en 7 juni 1990 De hoofdredacteur van deze krant (betrokkene) heeft op de klacht gereageerd per brief van 13 juli 1990.
De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 17 december 1990. Klaagster is in persoon verschenen. Betrokkene had laten weten niet ter zitting aanwezig te zullen zijn.

De feiten

De Raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten.
Klaagster is op 29 augustus 1989 te Doornenburg aangehouden door de politie toen zij met haar auto terugkeerde van de kermis in Gendt. Hoewel klaagster verklaarde dat de alcoholwalm in de auto
afkomstig was van haar drie medepassagiers en niet van haar zelf werd haar toch verzocht mee te werken aan de blaastest. Ondanks diverse pogingen lukte de test niet De agenten meenden dat klaagster de test saboteerde.
Klaagster is vervolgens gedagvaard voor de politierechter te Arnhem wegens de weigering mee te werken aan de wettelijk voorgeschreven adem-analyse. De zaak is op 21 mei 1990 behandeld. Wegens het verweer van klaagster dat zij onbehoorlijk zou zijn behandeld door de agenten werd de zaak voor het horen van die agenten en verdere behandeling aangehouden tot 21 mei 1990. Op die zitting werden de agenten gehoord alsmede twee getuigen, die verklaarden dat klaagster niet had gedronken.
De politierechter heeft uitspraak gedaan op 6 juni 1990. Klaagster werd veroordeeld tot een boete van f 500 en ontzegging van de rijbevoegdheid voor de tijd van zes maanden waarvan vier voorwaardelijk wegens weigering mee te werken aan de blaastest.
In korte berichten in De Gelderlander van 27 maart, 22 mei en 7 juni 1990 is verslag gedaan van de twee zittingen van de politierechter en de uitspraak. In die berichten is klaagster aangeduid als een zestigjarige vrouw uit Doornenburg.

De standpunten

Klaagster is van oordeel dat betrokkene over de hele zaak niets had mogen publiceren Zij is uit de berichten herkend en wordt nu aangezien voor 'een zuipschuit', zulks terwijl zij juist niet gedronken had Omdat zij maagpatiënt is mag zij ook niet drinken. Er loopt tegen het vonnis van de politierechter nog hoger beroep. Klaagster beschouwt de berichten als een in breuk op haar privé-leven. Doornenburg heeft slechts 3.000 inwoners.
In het bericht van 27 maart staat ook nog een fout. Zij heeft niet de bloedproef geweigerd. Het ging om de blaastest, die mislukte.
Naar aanleiding van de uitspraak van de politierechter werd de zaak in de Gelderlander van 7 juni 1990 gekenschetst met de zin: 'De Doornenburgse vrouw die weigerde mee te werken aan een alcoholtest kan voorlopig even uitblazen' Hierdoor voelt zij zich gegriefd Verder heeft zij nooit een waggelende gang vertoond en bloeddoorlopen ogen.

Betrokkene heeft geantwoord dat de schrijver van de drie rechtbankverslagen niet anders heeft gedaan dan het weergeven van feiten, die in het openbaar aan de orde zijn geweest. Juist omdat Doornenburg maar een kleine plaats is zijn zelfs de initialen van klaagster niet genoemd en is zij aangeduid als een zestigjarige inwoonster van Doornenburg. Betrokkene meent dat de krant alles heeft gedaan om herkenning van klaagster te voorkomen.

Beoordeling
Klaagster is betrokken geraakt in een strafzaak, die in het openbaar
is behandeld. Ook al meent klaagster dat er ten onrechte een strafvervolging tegen haar is ingesteld, betrokkene hoefde om die reden niet af te zien van een verslag in de krant van de behandeling van de zaak en de uitspraak. Betrokkene heeft niet anders vermeld dan de feiten en heeft daarbij melding gemaakt van het standpunt van klaagster zelf.
De Raad meent dat betrokkene voldoende rekening heeft gehouden met de bescherming van klaagster door haar slechts aan te duiden als een zestigjarige vrouw. Indien zij desondanks is herkend kan dat niet verweten worden aan betrokkene

Beslissing

De Raad acht de klacht ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in De Gelderlander te publiceren.

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 17 december 1990 door mr P.J. Boukema, voorzitter, mr G Dullens, D.F. Houwaart, J.M.P.J. Verstegen en A.G. Scherphuis, leden, in tegenwoordigheid van mr A.C.M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1990, 21.