1989/3 ongegrond

RADIO PALOMA TEGEN HET NIEUWSBLAD

Bij brief van 3 november 1988 met 3 bijlagen heeft mr. H. van Griensven te Eindhoven namens Radio Paloma te Ravels in Belgie (klager) een klacht ingediend tegen J. M. P. J. Verstegen, hoofdredacteur van Het Nieuwsblad, Dagblad voor Midden-Brabant (betrokkene). Bij brief van 1 december 1988 met 2 bijlagen heeft deze op de klacht gereageerd.
De Raad heeft met toestemming van partijen over de klacht beslist op grond van de stukken, derhalve zonder mondelinge behandeling, op 9 januari 1989.

DE FEITEN

In Het Nieuwsblad van 28 juni 1988 is een artikel gepubliceerd over het door de marechaussee aan de grens met Belgie uitgeoefende toezicht op het binnenkomen van buitenlanders zonder de vereiste papieren. In dit artikel komt de volgende passage voor.

'Ze (Ghanezen, RvdJ) kwamen met het openbaar vervoer vanuit Turnhout Nederland binnen. De controle door de marechaussee deden deze door mensensmokkelaars gebruikte lijn snel opdrogen. 'Een controle heeft men zo in de peiling', aldus Piet Meijer, de commandant van de brigade. Zelfs grenspiraat Radio Paloma wil wel eens waarschuwen dat 'die mannen in die blauwe pakken' weer aan de meet staan'.

In een brief van wachtcommandant P. Meijer van 26 juli 1988 aan de voorzitter van Radio Paloma maakt deze zijn verontschuldigingen voor de in Het Nieuwsblad geciteerde uitlating. Deze brief bevat de volgende passage.

'Deze meldingen waren bij mij binnengekomen van mensen die de grens passeerden en dan uitlatingen naar mijn mensen deden zoals: 'Wij wisten al dat jullie er stonden. We hoorden het juist over Radio Paloma'. Mogelijk dat deze mensen zich vergisten en naar een ander radiostation geluisterd hebben'.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Radio Paloma voelt zich beledigd door de uitdrukking 'grenspiraat'. Zij is een vrije zender die voldoet aan de Belgische wettelijke voor-schriften. Bovendien zijn er in de uitzendingen van Radio Paloma nooit waarschuwingen gegeven zoals die in het artikel worden genoemd. Klaagster verwijst naar de brief van commandant Meijer.

Betrokkene heeft geantwoord dat Radio Paloma zich met haar uitzendingen, waaronder reclame-uitingen, uitdrukkelijk (mede) op de Tilburgse regio richt, waarmee zij in strijd komt met de Nederlandse wet. Het bestaan van een Belgische vergunning doet daaraan niet af. Betrokkene meent dat daarom terecht het woord grenspiraat mocht worden gebruikt. Bovendien gaat het hier om een citaat. Het feit dat de geciteerde wachtcommandant op zijn verklaring is teruggekomen (hetgeen aan betrokkene niet eerder bekend was) doet aan de juistheid van het citaat niets af. Er was voor betrokkene geen reden de juistheid bij klaagster te verifiëren. In het gehele artikel was de opmerking van de wachtcommandant van ondergeschikt belang.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De in Belgie volgens mededeling van klaagster geoorloofde uitzendingen van klaagster zouden volgens de Nederlandse regels niet vanuit Nederland kunnen plaatsvinden. De Raad neemt aan
dat, zoals onweersproken is gesteld, de uitzendingen van klaagster bewust (mede) gericht zijn op de regio Tilburg en dus grensoverschrijdend zijn. Dit aspect van klaagsters optreden wordt samengevat in de term 'grenspiraat'. Het gebruik hier van was onder deze omstandigheden tegenover klaagster niet onzorgvuldig.
Evenmin heeft betrokkene onzorgvuldig gehandeld door opname van het aangevallen citaat. De geciteerde wachtcommandant heeft niet ontkend dat hij deze uitlating heeft gedaan. De inhoud was niet van dien aard dat betrokkene de juistheid daarvan had moeten onderzoeken.

BESLISSING

Betrokkene heeft niet onzorgvuldig gehandeld door klaagster 'grenspiraat' te noemen en door een citaat op te nemen volgen hetwelk klaagster waarschuwt voor grenscontrole.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in Het Nieuwsblad te publiceren .

Aldus vastgesteld ter zitting var de Raad van 9 januari 1989 door mr. P. J. Boukema, voorzitter, mr T. Faber-de Heer, D. F. Houwaart, drs. H. W. M. van Run en K. Wiese, leden, in tegenwoordigheid van mr. A. C. M. Karsten secretaris.

RvdJ 1989, 3.