1988/25 gegrond

C. VAN DER BRUG TEGEN EWOUD SANDERS

Bij brief van 6 juni 1988 met 4 bijlagen heeft mevrouw C. E. van der Brug te Amsterdam (klaagster) een klacht ingediend tegen Ewoud Sanders (betrokkene). Bij brief van 26 juli 1988 heeft deze op de klacht gereageerd. De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 6 oktober 1988. Beide partijen waren in persoon aanwezig. De Raad heeft met toestemming van partijen over de zaak beslist met vier leden.

DE FEITEN

De raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten. Klaagster heeft in april 1988 deelgenomen aan een Reiniging/ Massageweek op ZonnewendeCentrum voor Spirituele Groei en Natuurlijke Geneeswijze te Drenthe. Er waren in totaal veertien deelnemers waaronder betrokkene. De inschrijving stond open voor iedereen. Doel van zo'n week is volgens een brochure van het Centrum door reiniging 'bij JeZelf te komen'. Teneinde de reiniging te bewerkstelligen kregen de deelnemers gedurende de hele week uitsluitend appels te eten en kruidenthee te drinken.
Op de achterpagina van NRC Handelsblad van 12 april 1988 is een stuk van betrokkene over deze week gepubliceerd. Het stuk is geïllustreerd met een foto van een kist met appelen met daarboven in grote letters het volgende citaatHWi; zijn hier om te reinigen, niet om te lijnen, ja toch?' In kleinere letters staat daaronder: 'Op verschillende plaatsen in Nederland wordt tijdens de Paasvakantie een zogenaamde reinigingsweek georganiseerd. Zes dagen niets eten, behalve biologisch dynamische appeltjes. Veel mensen, vooral uit alternatieve hoek, hebben daar graag een paar honderd gulden voor over'.
Het artikel bevat onder meer de volgende passages.

(als begin): "Ik hoop dat ik een crisis krijg, daar ben ik echt aan toe', zegt Conny, een 41-jarige lerares uit Haarlem'.
(bij de beschrijving van de op de derde dag gehouden buikmassage:) 'leder ligt onder een slaapzak of deken en kneedt de buik. 'Volg de lijn van je dikke darm onder je ribbenkast', instrueert Jan. 'Voorzichtig schuddebuiken met een paar vingers, straks mag het iets harder'. Uit een koperen schaaltje kringelt wierook en uit de cassette-recorder rustgevende new-age muziek Hier doorheen klinkt plotseling, vanuit een van de slaapzakken een hartverscheurende gil. 'Rustig blijven liggen', sust Jan ( . . .) Het snikken in de slaapzak wordt brullen, met gierende uithalen, dan weer snikken' .
(daarop aansluitend:) 'De volgende morgen heeft lerares Conny, met de gehoopte crisis nu al achter de rug, een klein bruin flesje om haar hals hangen. Op een witte sticker staat in blokletters: rescue. 'Dat is een Bach-remedie', vertelt ze. 'Er zitten essences in van 27 bloemen, heel sterk. Het helpt enorm. Ik had tot nu toe vreselijke dromen, maar vannacht heb ik heerlijk geslapen' . '
(als slot:) 'Een paar cursisten lijken heel tevreden, andere steken niet onder stoel of banken dat ze nauwelijks kunnen wachten tot het is afgelopen. Dit alles geldt niet voor Conny: met haar benen onder zich gevouwen zit ze in een van de ribfluwelen fauteuils. Ze staart grijnzend voor zich uit, haar hand losjes om het bruine Bach-flesje'.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster verwijt betrokkene dat hij niet tevoren gezegd heeft over de week een artikel te willen schrijven en dat hij de deelnemers niet onherkenbaar heeft gemaakt. Zij heet Corry en is door mensen uit haar omgeving, die van haar deelname aan de week afwisten, herkend als de 41 -jarige lerares Conny. Zij is inderdaad lerares. Klaagster voelt zich hierdoor aangetast in haar privacy, temeer daar naar haar mening betrokkene de week en deelnemers in zijn artikel belachelijk heeft gemaakt door feiten te verdraaien en haar woorden in de mond te leggen die zij niet gebruikt heeft.
Betrokkene heeft geantwoord dat zijn hoedanigheid van journalist bij de deelnemers bekend was. Pas na afloop van de week is bij hem het plan ontstaan om daaraan een publikatie te wijden. Betrokkene voelde zich hierin vrij, omdat de week geen besloten karakter had nu deelname voor iedereen openstond en er gedurende de week ook wel bezoekers kwamen. De organisatie van de week heeft aan het begin daarvan niet bedongen dat niemand van de deelnemers informatie over de week naar buiten toe zou brengen. Betrokkene meent dat hij voldoende heeft gedaan om de deelnemers onherkenbaar te maken. Wanneer klaagster toch herkend is zal dat het gevolg zijn van het feit dat zij zelf over haar deelneming aan de week heeft gesproken met derden.
Betrokkene ontkent dat hij feiten heeft verdraaid of dat hij klaagster onjuist heeft geciteerd. Hij heeft in het artikel slechts zijn persoonlijke visie op de week gegeven.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Het feit dat deelneming aan de week voor iedereen openstond, doet aan het vertrouwelijke karakter daarvan niets af. Ondanks het ontbreken van expliciete afspraken daarover, mochten de deelnemers er op rekenen dat geen informatie naar buiten gebracht zou worden.
Aangenomen dat betrokkene pas na afloop van de week tot het besluit kwam een artikel over zijn ervaringen te schrijven, had hij naar het oordeel van de Raad alle herkenbare gegevens moeten weglaten. Door dit niet te doen, heeft betrokkene inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van klaagster.

BESLISSING

De Raad is van oordeel dat betrokkene, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk onaanvaardbaar heeft gehandeld door klaagster in zijn artikel over een week met een besloten en vertrouwelijk karakter niet volledig anoniem te maken.

De Raad verzoekt betrokkene te bevorderen dat deze beslissing integraal of in samenvatting in NRC Handelsblad wordt gepubliceerd .

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 6 oktober 1988 door Mr. R. de Waard, voorzitter J. de Vries, J. M. P. J. Verstegen, en T. M. L├╝cker, leden, in tegenwoordigheid van A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1988, 25.