1987/7 ongegrond

W. Iven en A. Meussen contra De Sleutel

Bij brief van 20 november 1986 met zes bijlagen hebben Willem Iven en Annie Meussen te Aarle-Rixtel (klagers) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van De Sleutel, Weekblad voor Oss en omgeving (betrokkene). Bij brief van 8 januari 1987 heeft deze zich tegen de klacht verweerd .
Met goedvinden van partijen heeft de Raad over de klacht beslist zonder mondelinge behandeling op grond van de stukken.

DE FEITEN

In de aflevering van De Sleutelvan 5 november 1986 is een bespreking gepubliceerd van de te Oss gehouden expositie van gedichten en tekeningen van klagers. De bespreking houdt een negatief oordeel in.
Bij brief van 9 november 1986 hebben klagers aan de redactie van De Sleutel een ingezonden stuk aangeboden. Dit stuk is onder de kop 'weerwoord van Willem Iven en Annie Meussen' in bekorte vorm gepubliceerd in de editie van De Sleutel van 12 november 1986 in de rubriek, die bestemd is voor ingezonden brieven .

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Volgens klagers is in de telefoongesprekken, die vooraf gingen aan het aanbieden van hun ingezonden stuk door betrokkene toegezegd dat hun reactie 'ongecensureerd en onbekort' zou worden geplaatst. Desondanks werd de reactie bij het aanbieden terstond door betrokkene bekort. Bij publikatie bleek dat hier en daar aanhalingstekens waren geplaatst en dat er woorden waren geschrapt en toegevoegd. Bovendien waren enkele passages geheel weggelaten. Klagers menen dat door dit alles de gepubliceerde reactie niet meer beschouwd kan worden als hun .'weerwoord', terwijl dat er als kop boven staat.
Betrokkene ontkent dat onbekorte plaatsing van de te ontvangen reactie is toegezegd. Het is de vrijheid van de redactie 'ingezonden brieven in te korten, mits de essentie wordt gehandhaafd, of ingezonden brieven te weigeren'.
Naar de mening van betrokkene is in het onderhavige geval de essentie bewaard gebleven. De ingezonden brief is bijna letterlijk gepubliceerd. Weggelaten zijn alleen 'irrelevante zaken' zoals vermelding van telefoongesprekken, die vooraf gingen aan het ingezonden stuk.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Naar het oordeel van de Raad is in de gepubliceerde versie van het ingezonden stuk van klager de essentie daarvan gehandhaafd. De bekorting betreft niet essentiële zaken, zoals de weergave van gesprekken, die aan het ingezonden stuk voorafgingen. De reactie van klagers op de recensie zelf is vrijwel geheel en letterlijk overgenomen. Door het woord 'weerwoord' in de kop is deze als zodanig ook goed herkenbaar voor de lezers.

De algemene regel is dat een redactie het recht heeft ingezonden brieven te bekorten of te weigeren. Plaatsing van dergelijke brieven geschiedt immers onder verantwoordelijkheid van de redactie. Naar het oordeel van de Raad hebben klagers niet aannemelijk gemaakt dat in hun geval overeengekomen is van die regel af te wijken. Het feit dat betrokkene bij de aanbieding van het stuk, zoals door klagers is gesteld, terstond tot bekorting overging, wijst op het tegendeel.
De Raad is derhalve van oordeel dat betrokkene niet onzorgvuldig jegens klagers heeft gehandeld.

BESLISSING

De Raad is van oordeel van betrokkene niet onzorgvuldig heeft gehandeld jegens klagers door het ingezonden stuk van klagers te bekorten daar de essentie van het stuk gehandhaafd bleef.

De Raad acht de klacht derhalve ongegrond.

De Raad verzoekt betrokkene deze beslissing integraal of in samenvatting in De Sleutel te publiceren.
Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 19 februari 1987 door Mr. R. de Waard, voorzitter, Mr. G. Dullens, J. L. de Troye, Mr. F. Kuitenbrouwer en T. M. Lücker, leden, in tegenwoordigheid van Mr. A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1987, 7.