1987/35 gegrond

DRS. W. LAVERMAN TEGEN M. WESTERMANN

Bij klaagschrift van 10 september 1987 met één bijlage heeft Drs. W. Laverman te Almere (klager) een klacht ingediend tegen de journalist M. Westermann (betrokkene). Bij brief van 26 oktober 1987 met twee bijlagen heeft P. van der Klugt, hoofdredacteur van Quote, namens betrokkene op de klacht gereageerd. Bij brief van 27 november 1987 heeft Mr. S. de Wit te Amsterdam namens klager nog drie stukken in het geding gebracht. De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 30 november 1987. Klager was in persoon aanwezig samen met Mr. S. de Wit. Betrokkene had laten weten niet te zullen verschijnen.

DE FEITEN

De Raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten.
In het augustusnummer van het maandblad Quote is in de rubriek Portfolio een stuk opgenomen van betrokkene onder de kop 'De wereld van doctorandus Wim'. In dit stuk wordt onder meer aandacht besteed aan de overdracht van de aandelen van de vennootschap Bugamor aan de nieuwe directie van dit bedrijf en aan de positie van klager daarbij. Het stuk opent met de volgende in vette letters gezette tekst:

'Ondanks de bom duiten die Wim Laverman verdiend heeft, is 1987 een beroerd jaar voor deze zich 'bedenker' noemende veertigjarige ondernemer. Met zijn Best Shops in Town wil het maar niet lukken, het Wereldtijdschrift werd na één keer verschijnen al ten grave gedragen en het reclamevakblad Nieuws Tribune staat roetzwart in de schaduw bij het gerespecteerde medium Adformatie. Tot overmaat van ramp werd Wim in juni uit zijn eigen bedrijf gezet'.
Over Bugamor en de rol van klager zegt het stuk: 'Dat bedrijf is het vijftig jaar oude Bugamor, destijds opgericht door zijn ouders. Toen Wim 24 was nam hij de leiding van Bugamor over en hij bracht het in de tussenliggende jaren tot grote bloei. Bugamor opereert op het terrein van de farmacie. Het geeft een twintigtal vakbladen uit en vervult op vernuftige wijze de rol van intermediair tussen de farmaceutische industrie en de artsen'.

Over het vertrek van klager en de reden daarvoor wordt onder meer het volgende vermeld.

'Het vertrek van Laverman bleek op zich zelf al goed voor anderhalf miljoen gulden aan orders. Voor de negentig opgeluchte werknemers was er een dag eerder, om negen uur 's ochtends, een glas champagne'. 'Laverman kostte Bugamor uiteindelijk alleen maar geld' .

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klagers bezwaar richt zich tegen de zinsnede 'Tot overmaat van ramp werd Wim in juni uit zijn eigen bedrijf gezet'.
Klager heeft zijn bezwaar als volgt verwoord. 'Laatstbedoelde passage berust niet op waarheid is zeker gezien de overige context van het artikel - in hoge mate defamerend voor ondergetekende, en blijkt bovendien door Westermann niet geverifieerd te zijn, indien deze al niet te kwader trouw heeft gehandeld'.
Klager heeft erop gewezen dat van uitzetten' geen sprake is geweest omdat hij de aandelen van het bedrijf uit vrije wil heeft overgedragen aan de overige leden van de directie. 'Dat er binnen de onderneming verschillende opvattingen bestonden over de door Bugamor te volgen koers doet daar niet aan af'.
De aangevallen mededeling is derhalve volgens klager feitelijk onjuist. Hij acht de mededeling diffamerend omdat ten onrechte de suggestie wordt gewekt dat klager zich schuldig gemaakt zou hebben aan wangedrag, waaraan 'een moreel pressiemiddel kon worden ontleend om hem uit zijn eigen familiebedrijf te verwijderen'.

Klager heeft tot tweemaal toe tevergeefs verzocht een korte rectificatie te plaatsen. De champagne voor de werknemers werd door klager zelf aangeboden omdat hij verheugd was over de tot stand gekomen overeenkomst.
Betrokkene beroept zich in hoofdzaak op tijdens de persconferentie, die in verband met de overdracht gehouden is, verzamelde informatie o.a. uit de mond van één van de leden van
de directie. Daarnaast noemt betrokkene het door klager zelf verspreide persbericht, knipsels en een telefoongesprek met klager. De teneur van die informatie was volgens betrokkene dat men bij het bedrijf klager kwijt wilde.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Het artikel van betrokkene bevat naast opiniërende opmerkingen ook zuiver feitelijke gegevens. De aangevallen zinsnede is een louter feitelijke mededeling. Als onweersproken staat vast dat klager en zijn familie de aandelen in het bedrijf bezaten. Dit betekent dat overdracht van de aandelen alleen mogelijk was met medewerking en toestemming van klager. De aangevallen zinsnede is derhalve feitelijk onjuist. Zij is te beschouwen als de kern van het artikel waaraan de negatieve uitlatingen jegens klager voor een groot deel zijn opgehangen.

De Raad is van oordeel dat betrokkene onzorgvuldig heeft gehandeld jegens klager door een feitelijk onjuiste mededeling te gebruiken als belangrijkste bouwsteen voor een artikel met een zeer negatieve strekking jegens klager.

BESLISSING

De Raad acht de klacht gegrond.

De Raad verzoekt betrokkene te bevorderen dat deze beslissing integraal of in samenvatting wordt gepubliceerd in het maandblad Quote.

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 30 november 1987 door Mr. M. J. P. Verburgh, voorzitter, Mr. G. Dullens, I.. de Vries, Drs. H.W.M. van Runen, J.M.P. I. Verstegen, leden, in tegenwoordigheid van Mr. A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1987, 35.