1987/30 ongegrond

MCDONALD'S TEGEN JACK KROES

Bij brief van 13 augustus 1987 met één bijlage heeft McDonnald's Nederland B.V. (klaagster) een klacht ingediend tegen Jack Kroes te Avenhorn (betrokkene).
Bij brief van 24 augustus 1987 heeft deze op de klacht gereageerd.
De Raad heeft met toestemming van partijen op 5 november 1987 over de klacht beslist op grond van de stukken, derhalve zonder mondelinge behandeling.

DE FEITEN

Op dinsdag 11 augustus 1987 is in de Bondsrepubliek Duitsland een sportvliegtuigje op een restaurant van McDonald's neergestort. Bij dit ongeluk zijn zes mensen omgekomen. In het radioprogramma De Rode Draad van de Vara van woensdagochtend 12 augustus heeft betrokkene daarover de volgende uitlating gedaan.

'Ja en dan is er nog het vliegtuigje dat in München het dak van een McDonald restaurant raakte en dat kostte zes mensen het leven. Maar dat is natuurlijk heel erg, maar een geluk bij een ongeluk is het dan, dat dat vliegtuigje neerkomt op zo'n vreselijk McDonald's restaurant, met dat vreselijke eten daar. In ieder geval een restaurant minder, dat is vind ik weer goed nieuws'.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster meent dat het 'van onfatsoen getuigt een mening over de McDonald's restaurants en produkten te uiten naar aanleiding van een vliegtuigongeluk, waarbij doden en gewonden zijn gevallen'. Deze meningsuiting had achterwege moeten blijven, zo verstaat de Raad de klacht, omdat het ongeluk en de plaats daarvan niets te maken hebben met het restaurantbedrijf van klaagster en haar produkten.

Betrokkene heeft geantwoord dat in het radioprogramma door hem onderwerpen uit de ochtendbladen op persoonlijke wijze worden besproken. Daarbij geldt, dat commentaar op feiten vrij is.
'Het is dan ook opmerkelijk dat McDonald's niet klaagt over het feit dat ik hun restaurants en hun eten 'vreselijk' heb genoemd'.
Betrokkene erkent dat over goede smaak te twisten valt 'zeker na afloop van een dergelijk live-programma in de rustige sfeer van een evaluatie. Maar het mij betichten van 'onfatsoen' is een kennelijk overtrokken oordeel in een toch al overspannen reactie' .
Betrokkene meent tenslotte dat het tot zijn journalistieke vrijheid behoort zelf te bepalen welke zaken hij met elkaar wil verbinden.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad neemt in overweging dat het radioprogramma De Rode Draad geen nieuwsuitzending is, maar een persoonlijke rubriek naar aanleiding van nieuwsfeiten.
Met alle begrip voor het vluchtige karakter van de rubriek, waarin heet van de naald commentaar wordt geleverd op nieuwsfeiten, zou het naar het oordeel van de Raad wel fijnzinniger geweest zijn als de mededeling over een ernstig ongeluk en de persoonlijke mening van de commentator over het bij dit ongeval betrokken restaurant en zijn produkten niet tegenover elkaar waren gesteld als slecht nieuws en goed nieuws. Daarmee is echter nog niet gezegd dat betrokkene, gelet op zijn journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk onaanvaardbaar heeft gehandeld.

BESLISSING

De Raad acht de klacht ongegrond.
De Raad verzoekt betrokkene te bevorderen dat deze beslissing integraal of in samenvatting in één van de radioprogramma's van de Vara zal worden vermeld .

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 5 november 1987, door Mr. R. de Waard, voorzitter, W. F. de Pagter, T. M. Lücker en Drs. J. M. M. van der Pluijm, leden, in tegenwoordigheid van Mr. A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1987, 30.