1986/2 ongegrond

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek inzake de klacht van het Komitee Zuidelijk Afrika tegen Leo Derksen

Bij brief van 24 december 1985 met drie bijlagen heeft het Komitee Zuidelijk Afrika (klaagster) een klacht ingediend tegen de journalist Leo Derksen (betrokkene). Bij brief van 21 januari 1986 met twee bijlagen heeft deze zich tegen de klacht verweerd De zaak is behandeld ter zitting van de Raad van 21 februari 1986. Betrokkene had laten weten niet te zullen verschijnen. Klager werd ter zitting vertegenwoordigd door de heer C. de Pater.

DE FEITEN

De Raad gaat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting uit van de volgende feiten.
In de Telegraaf van 18 december 1985 heeft betrokkene in zijn vaste rubriek Op zicht onder de kop Terreur aandacht besteed aan het door hem geconstateerde verschijnsel dat bepaalde actiegroepen. die zich inzetten voor het bereiken van vrede, dat doen door gebruikmaking van geweld. Het stuk wordt ingeleid met de volgende passage:

'Bijna onopvallend is een wonderlijk soort terreur bezig bezit te nemen van onze samenleving. Het is de terreur van de naastenliefde, de dictatuur van de vredelievendheid. het geweld in feestverpakking.'
Na een verdere inleiding en de tussenkop 'Ingeranseld',

volgt de volgende passage;

'Het probleem schuilt niet in de doelstelling van dat Komitee, want wie het waagt iets daartegen in te brengen is onvoorwaardelijk een racist, het probleem schuilt in de arrogante machtswaan waarmee dat Komitee zijn eigen gelijk als een wet aan ons probeert op te leggen. In Amsterdam werden kostbare boeken en uniek archiefmateriaal over Zuid-Afrika na een inbraak in een gracht gegooid. Bij een autodealer werd voor tienduizenden guldens aan nieuwe auto's vernield, omdat de fabrikant van dat merk weleens iets met Zuid-Afrika te maken kon hebben. Bij een slijter werden flessen Zuidafrikaanse wijn stukgeslagen. En tussen deze ludieke acties van wat wij rustig gewoon schorem kunnen noemen door, woekert de terreur van deze zogenaamde medemenselijkheid ook nog op geheel andere wijze.'

Hierna volgt in het stuk de vermelding van een door het Komitee Zuidelijk Afrika aan de directies van winkelketens en middenstanders rondgestuurde brief over een door het Komitee georganiseerde fruitboycotactie, die zich met name richt tegen de handel in Zuidafrikaans fruit. De inhoud van deze brief wordt gedeeltelijk overgenomen, waaronder het volgende slot.

'Met deze brief verzoeken wij u dringend om uw standpunten te bepalen en deze bijgevoegde standaardverklaring te ondertekenen. Deze verklaring kunt u opsturen aan J. Wielard. Emmastraat 14 in Weesp, of u kunt wachten tot wij langs komen Dit gebeurt binnen 14 dagen, uiterlijk 15 december Voor verdere informatie kunt U altijd bellen naar ( ..) en natuurlijk rechtstreeks naar het Komitee Zuidelijk Afrika 020-27 08 01'.

In dezelfde rubriek in de Telegraaf van 23 december 1985 heeft betrokkene onder de kop Terreur (2)' een vervolg geschreven op het bovenbedoelde stuk met de volgende inleiding.

'Vorige week woensdag signaleerde ik, dat je in dit land ongestraft je medeburgers kunt terroriseren. als je dat maar doet met het masker van de menslievende activist op. Zo kun je als bestrijder van de Zuidafrikaanse Apartheidspolitiek wijnflessen stukslaan met Zuidafrikaanse wijn, kostbare boeken. na die eerst geroofd te hebben, in een gracht gooien en bij een autodealer voor tienduizenden guldens schade toebrengen aan nieuwe auto's. En verder kun je nog als Komitee Zuidelijk Afrika op dreigende toon winkeliers verbieden nog langer produkten uit Zuid-Afrika te verkopen'.

Na de beschrijving van een actie op de Overtoom te Amsterdam, waarbij de deuren en ramen van een wijnhandelaar dichtgespijkerd werden, maakt betrokkene melding van de door Sietse Bosgra namens het Komitee Zuidelijk Afrika tegen het eerste stuk 'Terreur' ingediende bezwaren. Daarop volgt onder meer de volgende passage.

'Bosgra heeft nooit in een officieel persbericht laten blijken, dat hij en zijn volgelingen dit soort acties verwerpelijk vinden. Het zou me zelfs verbazen, wanneer hij niet op een afstand handenwrijvend en gnuivend heeft staan toekijken, want zoiets past toch precies in zijn straatje. Achteraf kun je altijd roepen, dat je deze methode 'illegaal' acht? Bosgra staat honden op te hitsen maar zodra die gaan bijten klaagt hij, dat die honden niet van hem zijn en dat je hem dus de schuld niet mag geven'.
Het stuk eindigt na een verwijzing naar de fruitboycotactie van klaagster met de volgende passage;
×Angsthazen-mentaliteit, want het gaat niet om het doel. maar om de terreurtechniek, die het Komitee Zuidelijk Afrika (voor inlichtingen kunt U terecht 020-270801) gebruikt. Gezien de gebeurtenissen bij die slijter op de Overtoom zal het niet zo erg lang meer duren of wij beleven weer een Kristalnacht. En dan wast Bosgra opnieuw zijn handen in onschuld.'

DE STANDPUNTEN VAN KLAAGSTER EN BETROKKENE

Naar de mening van klaagster wordt in de stukken van betrokkene gesuggereerd dat het Komitee bij gewelddadige acties betrokken is. 'Hoewel in beide artikelen niet glashard wordt beweerd dat het Komitee bij gewelddadige acties betrokken is, wordt dit wel heel duidelijk gesuggereerd' Ook bij het publiek is deze indruk ontstaan naar het Komitee uit een groot aantal negatieve reacties is gebleken. Klaagster heeft derhalve door de artikelen schade geleden in haar goede naam. Klaagster acht de
handelwijze van betrokkene onzorgvuldig. Uit het op 12 december 1985 door de Minister van
Justitie gegeven antwoord op Kamervragen over dit onderwerp had betrokkene beter kun-
nen weten. Afgezien daarvan heeft betrokkene niet de moeite genomen klaagster zelf om infor-
matie te vragen.
Een tweede onzorgvuldigheid acht klaagster het feit dat betrokkene het adres en teletoon-
nummer van het Komitee en het privé-adres van medewerker Wielard heeft overgenomen
'daar te voorzien was dat dit zou leiden tot een reeks dreigementen, en mogelijk tot daden van
terreur tegen het Komitee'.

In zijn antwoord op de klacht heeft betrokkene het volgende gesteld.

'Nergens beweer ik dat het Komitee van Bosgra zelf de bedoelde agressieve acties heeft georganiseerd. In het tweede artikel heb ik dit nog eens duidelijk gezegd'.

Naar de mening van betrokkene kan klaagster geen bezwaar maken tegen overname van adres en telefoonnummer van het Komitee nu het Komitee daarmee zelf ook adverteert. De naam en adres van de heer Wielard zijn overgenomen uit een rondgezonden brief van het Komitee. Onder die omstandigheden kan ook tegen overname daarvan geen bezwaar gemaakt worden.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De klacht heeft betrekking op twee afleveringen van de vaste rubriek van betrokkene, die op een vaste plaats in de Telegraaf verschijnt, voor het publiek duidelijk herkenbaar is en waarin betrokkene zijn persoonlijke mening geeft over allerlei onderwerpen. In een dergelijke rubriek komt aan de journalist met betrekkin tot het uiten van zijn mening in scherpe bewoordingen een grotere vrijheid toe dan daarbuiten.
Evenals partijen zelf komt ook de Raad tot de conclusie dat betrokkene nergens feitelijk gesteld heeft dat klaagster zelf gewelddadige acties organiseert. In 'Terreur' van 18 december wordt naar de mening van de Raad wel die suggestie gewekt, onder meer door de boycotactie van klaagster te noemen vlak na bepaalde gewelddadige acties van anderen. Betrokkene maakt echter onderscheid door deze laatste acties te omschrijven als: 'ludieke' acties van wat wij rustig gewoon 'schorem' kunnen noemen' enerzijds en te spreken over het nog op geheel andere wijze woekeren van de terreur van deze zogenaamde medemenselijkheid anderzijds. In 'Terreur (2)' heeft betrokkene het onderscheid nog aangescherpt zoals ondermeer blijkt uit de inleiding waarin hij in de zin 'En verder ... verkopen' de positie van klaagster los zet van een aantal daarvoor genoemde gewelddadige acties.
Met klaagster is de Raad van oordeel dat het vermelden van het adres en telefoonnummer van klaagster in de kontekst een uitnodiging inhoudt tot het geven van negatieve reacties. Daar adres en telefoonnummer niet alleen uit publieke bronnen kenbare gegevens zijn maar deze ook door klaagster zelf nog eens via een advertentie publiek ziJn gemaakt mocht betrokkene deze overnemen. Dat geldt ook voor de vermelding van de naam en het adres van medewerker J Wielard. Door de opname hiervan in een openbare brief heeft deze zichzelf onttrokken aan de in het algemeen ter bescherming van privacy geldende regels.

BESLISSING

De Raad is van oordeel dat betrokkene in zijn stukken 'Terreur' en 'Terreur (2)' enerzijds wel de suggestie heeft gewekt dat klaagster betrokken is bil gewelddadige acties ten behoeve van bepaalde vredesdoeleinden. maar anderzijds toch zoveel onderscheid heeft gemaakt tussen klaagster en andere actiegroepen dat bij zorgvuldige lezing van de beide stukken de conclusie gewettigd is dat betrokkene klaagster slechts moreel verantwoordelijk acht voor bepaalde gewelddadige acties Dit is een geoorloofde meningsuiting.
De overname in zijn rubriek van het adres en telefoonnummer van klaagster en de naam en het adres van een van haar medewerkers is niet ongeoorloofd nu het daarbij ging om reeds bekende, openbaar gemaakte gegevens.

De Raad wijst de klacht af.

De Raad verzoekt betrokkene te bevorderen dat deze beslissing integraal of in samenvatting in de Telegraaf wordt gepubliceerd.

Aldus vastgesteld ter zitting van de Raad van 21 februari 1986 door Mr. M. J. P. Verburgh, voorzitter, J de Troye, Mr G. Dullens, Mr F Kuitenbrouwer en Drs J. M. M van der Pluijm, leden, in tegenwoordigheid van Mr A. C. M. Karsten, secretaris.

RvdJ 1986, 2.