1980/8 gegrond

De heer H. contra Nieuwe Revu

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek inzake de klacht van de heer H. tegen Nieuwe Revu.

De heer H. (klager) heeft bij brief medio maart 1980 een klacht ingediend tegen mw S. Vermeulen, journaliste bij Nieuwe Revu (betrokkene). Nadat betrokkene een verweerschrift had ingediend heeft de voorzitter de zaak naar de Raad verwezen. De Raad heeft deze zaak op 5 juni 1980 ter zitting behandeld alwaar zijn verschenen de heer H. en voor betrokkene: mw S. Vermeulen en de heren H. Wilbrink en T. Kors.

KLACHT

De klacht is gericht tegen het artikel van de hand van betrokkene in de Nieuwe Revu van 14 maart 1980 inhoudende een verslag van vier ontmoetingen van betrokkene met mannen die zich als hoer aanboden. Klager had zich via een advertentie in Vrij Nederland aangeboden als 'een zeer aantrekkelijke jongeman die tegen een redelijke vergoeding dames en meisjes verwent. Discretie verzekerd.'
Klager heeft dit - zo stelt hij - gedaan omdat hij in geldnood zat. Hij werd naar aanleiding van die advertentie opgebeld door iemand die zich Elly noemde en hem eerst eens wilde zien. Daarmee ging klager akkoord en zij ontmoetten elkaar in een café in Amersfoort. Enige tijd later, nadat klager reeds een ander telefoonnummer had aangevraagd vanwege de vele merkwaardige reacties op zijn advertentie, werd hij op zijn werk herkend als geïnterviewde mannelijke hoer in Nieuwe Revu.
Klager kocht daarop het bewuste nummer van Nieuwe Revu en zag dat hij door de zich Elly noemende klant was geïnterviewd terwijl tevens ongemerkt van hem en haar een foto was gemaakt waardoor hij mede gelet op de omschrijving van zijn uiterlijk in de tekst voor nogal wat mensen herkenbaar was. Dit terwijl op geen enkele wijze aan hem was duidelijk gemaakt dat 'Elly' als verslaggeefster van Nieuwe Revu contact met hem had opgenomen. Klager stelt zeer veel nadeel ondervonden te hebben van de bewuste publikatie, die hem herkenbaar deed zijn voor een wijde omgeving.

VERWEER

Betrokkene stelt dat de gesignaleerde groeiende belangstelling voor mannelijke prostituées aanleiding was voor Nieuwe Revu om daar een reportage over te schrijven.
Besloten werd op de meest geschikte wijze aan optimale informatie te komen, namelijk door als mogelijke klant met enkele van deze heren in contact te komen. Klager heeft zich publiekelijk door middel van een advertentie aangeboden. Een verslag van de ontmoeting tussen klager en betrokkene is weergegeven in de publikatie waarover klager thans klaagt. Bij de publikatie is ter redactie besloten de ontmoetingen met de mannelijke prostituées zo goed mogelijk in tekst weer te geven met veel citaten en zo min mogelijk in beeld. Het laatste ter waarborging van de privacy van deze. De advertenties, waarin zij zich aanbieden zijn gepubliceerd, maar de telefoonnummers zijn daarin onleesbaar gemaakt. Tevens zijn de gezichten op de foto's onherkenbaar gemaakt door middel van aangebrachte witte balkjes. Tenslotte zijn hun voornamen veranderd. Betrokkene meent op deze wijze zo zorgvuldig mogelijk te hebben gehandeld.

ZITTING

Klager zegt dat betrokkene hem drie keer had opgebeld voor een afspraak. In die tussentijd had hij zulke rare telefoontjes gekregen dat hij zijn plannen had laten vallen. Hij wilde betrokkene echter niet voor niets laten wachten.
Om het minder aantrekkelijk te maken had hij zijn eigen vriendin meegenomen naar de afgesproken plaats. Om betrokkene van haar plan op zijn in de advertentie aangeboden diensten in te gaan af te schrikken heeft klager met opzet vreemde dingen verteld.
Hij heeft in geen enkel opzicht begrepen dat zij een interview met hem hield.
Hoewel hij de fotograaf niet heeft gezien had hij wel de indruk dat een foto van zijn vriendin werd gemaakt. Hij had zich nog hardop afgevraagd waarom van haar een foto werd gemaakt.
Klager is door kennissen en door vrienden die hem in de publikatie herkenden belachelijk gemaakt en is vanwege de publikatie van baan veranderd. Klager zegt deze handelwijze van betrokkene zeer schandalig te vinden en van plan te zijn eventueel via de rechter schadeloosstelling te vorderen.
Betrokkene stelt dat het zich als klant voordoen haars inziens de enige werkwijze is om een dergelijk verhaal goed te kunnen schrijven. Nieuwe Revu is een blad dat de taboes rond seksualiteit wil doorbreken. Voorkomen moet worden dat er opgevijzelde verhalen aan de journalist worden verteld. Vandaar dat zij zich niet als zodanig heeft kenbaar gemaakt. Overigens bestrijdt klager geenszins de weergave van het gesprek dat hij met betrokkene had. Wat de herkenbaarheid van klager betreft moet naar de mening van betrokkene onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds de tekst en anderzijds de foto. Op grond van de tekst alleen kan klager niet worden herkend.
De foto is met tegenlicht genomen en fotografisch gezien bewust niet van hoge kwaliteit.
Betrokkene geeft toe dat iemand op deze wijze niet geheel onherkenbaar wordt gemaakt.
Zij wijst er echter op dat klager zich publiekelijk aanbood en daarmee het risico liep om herkend te worden. Omdat Nieuwe Revu een geïllustreerd weekblad is werd een foto onmisbaar geoordeeld. Nieuwe Revu wil de werkelijkheid weergeven en dus worden geen situaties geënsceneerd. Betrokkene erkent dat zij zich in het geheel niet als verslaggeefster heeft kenbaar gemaakt en dat geen toestemming voor de foto is gevraagd. Zij heeft tijdens het gesprek geen aantekeningen gemaakt en evenmin gebruik gemaakt van een bandrecorder.

OVERWEGINGEN

De Raad acht het volstrekt onfatsoenlijk dat betrokkene onder valse voorwendselen met klager contact heeft gelegd en daarover heeft gepubliceerd zonder op enig moment zichzelf in haar functie kenbaar te maken. In de publikatie zitten duidelijke interview elementen terwijl de geïnterviewde noch tijdens het gesprek noch daarna op de hoogte was van het feit dat hij geïnterviewd werd. Daarnaast is de Raad van mening dat de poging om klager op de heimelijk van hem gemaakte foto onherkenbaar te maken als mislukt moet worden beschouwd, terwijl bovendien het wel leesbare deel van het telefoonnummer- het netnummer- mede een aanknopingspunt tot herkenning bood. Gelet op het precaire karakter van het onderwerp en de wijze waarop de foto alsmede het interview tot stand kwam acht de Raad de gehele publikatie ontoelaatbaar. De stelling van betrokkene dat klager zich publiekelijk heeft aangeboden en daarmee risico liep kan betrokkene's handelwijze niet rechtvaardigen. Integendeel. uit de in de advertentie voorkomende woorden 'discretie verzekerd' had betrokkene behoren af te leiden dat klager er van uitging dat over en weer discretie in achtgenomen zou worden.

BESLISSING

Betrokkene heeft door haar handelwijze de grenzen overschreden van hetgeen. mede gelet op haar journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.

De Raad besluit dit oordeel ter publikatie te verstrekken aan het orgaan van de Nederlandse Vereniging van Journalisten De Journalist.

Aldus vastgesteld ter zitting van 5 juni 1980 door mr R. de Waard plaatsvervangend voorzitter, O. Postma ing., mr B. A. Schmitz, drs H. W. M. van Run en K. Wiese, in aanwezigheid van mr M. P. Galama-Kuipers.

RvdJ 1980, 8.