1965/3 ongegrond

Beslissig inzake Hoofd R.K. Jongensschool contra "Midden-Limburg"

De Raad voor de Journalistiek:

Kennisgenomen hebbende van een bij de Raad ingekomen klacht d.d. 1 maart 1965 van het Hoofd der R.K. Jongensschool te Panningen, de heer P.J.A. v.d. Heuvel, tegen redactie en "Allerleiman" van het nieuwsblad "Midden-Limburg" wegens het publiceren van een tweetal artikelen in het nummer van 4 december 1964 betreffende het St. Nicolaasfeest voor de scholen aldaar, waardoor "een ernstige smaad op het onderwijzend personeel der Jongensschool" zou zijn geworpen;

Kennisgenomen hebbende van het bij de klacht gevoegde artikeltje van "Allerleiman" in het blad van 4 december 1964 over het St. Nicolaasfeest waarin o.a. voorkomen de zinsneden: "Wel vonden we het beschamend verleden week zondag, hoe de kinderen van de jongensschool in Panningen aan hun lot werden overgelaten bij het inhalen van de Sint. Het was in één woord gezegd en geschreven: 'n bende. Kinderen met een van pijn verwrongen gezicht, haalden hun zakje met snoep af. Er werd getrapt, geduwd, ja zelfs geslagen. Waar was de leiding?";

Kennisgenomen hebbende van het in hetzelfde blad gepubliceerde artikeltje over "Sint Nicolaas in Panningen", waarin o.a. voorkomen de alinea's: "Voor de drie hoogste klassen der lagere scholen was één en ander geregeld in de twee scholen. Bij de meisjes liep alles op rolletjes, iedere leerling vond haar surprise op haar plaats in de bank. Bij de jongens ontbrak wel het een en ander. Het liep de organisatoren, het parochieel actiecomité, uit de hand, daar zij niet voldoende overwicht over deze groep grotere jongens konden uitoefenen", etc.;

Kennisgenomen hebbende van een door voorzitter en secretaris van het Parochieel Actie-Comité ingezonden stuk, gepubliceerd in het nummer van "Midden-Limburg" van 11 december 1964, waarin zij ernstig protesteren tegen de voorstelling van zaken, gepubliceerd in het blad van 4 december 1964 en waarin zij om alle misverstand uit de wereld te helpen o.a. schrijven: "Wat de beweerde "bende" betreft allereerst dit. Wij hadden gemeend, dat het niet noodzakelijk zou zijn, dat het voltallig onderwijzend personeel aanwezig was bij de optocht en de uitdeling van de zakjes en mede daarom hebben wij het personeel der jongensschool niet verzocht om aanwezig te zijn.";

Kennisgenomen hebbende van het verweerschrift d.d. 29 maart 1965 van de redacteur van "Midden-Limburg", waarin deze toegeeft, dat de litigieuse stukjes in zijn blad van 4 december 1964 op bepaalde punten onjuist en onvolledig zijn geweest en te scherp geformuleerd, aangezien hem gebleken is, dat de onderwijzers der jongensschool in het geheel niet aanwezig zijn geweest en het feest niet in die school is gevierd, zodat hen geen enkele blaam treft;

Overwegende, dat door het ingezonden stuk van het Parochieel ActieComité, organisator van het St. Nicolaasfeest, in het blad van 11 december 1964 de onderwijzers van de jongensschool te Panningen van alle schuld aan de beweerde wanorde bij dat feest werden ontheven;

Overwegende, dat de redactie van het nieuwsblad "Midden-Limburg" geacht kan worden door de woordelijke opname van dit stuk in haar nummer van 11 december 1964 voldoende haar kritische opmerkingen over de onderwijzers, geuit in haar nummer van 4 december 1964, te hebben gerectificeerd, ofschoon zij beter had gedaan die rectificatie zelve te geven;

Overwegende, dat de Raad van oordeel is in dezen gebruik te mogen maken van de hem in lid 2 van artikel 19 van het Reglement voor de Raad gegeven bevoegdheid, de klacht als van onbeduidende aard zonder nader onderzoek af te wijzen;

Wijst de klacht als van onbeduidende aard zonder nader onderzoek af.

Aldus vastgesteld in de zitting van de Raad te Amsterdam op 18 augustus 1965 door Mr. A.A.E.F. van Dullemen, voorzitter; Mevrouw Mr. J. BransWoltering, E.J. Hoogenstraaten, Drs. E.F. Tijmstra en S.H.A.M. Zoetmulder, leden; in tegenwoordigheid van de secretaris, Mr. A.A. Jongerius.

RvdJ 1965, 3.