2019/6 niet-inhoudelijk-behandeld

Samenvatting

Omdat De Telegraaf niet meedoet aan de procedure van de Raad voor de Journalistiek, heeft de Raad een klacht over de artikelen “’Polderpensioen lost niks op’”, “Geld kan weer rollen” en “Pion in sociaal schaakspel” niet inhoudelijk behandeld. De Raad gaat in deze situatie alleen tot behandeling van de klacht over in het bijzondere geval dat deze van algemene strekking of principieel belang is. Daarvan is hier niet gebleken.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

Stichting Pensioenbehoud

tegen

de hoofdredacteur van De Telegraaf

De heer E.L. Daae, voorzitter, heeft op 26 september 2018 namens de Stichting Pensioenbehoud (klaagster) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van De Telegraaf. De klacht wordt ondersteund door Vereniging Docenten Assurantie & Bankleer en Stichting VDAB – Talent. De heer Daae heeft de klacht aangevuld en toegelicht in e-mails van 3 oktober 2018 en 18 november 2018.

De hoofdredacteur van De Telegraaf heeft in het verleden herhaaldelijk aan de Raad bericht dat hij niet wenst mee te werken aan de procedure van de Raad. Bij het doorsturen van de klacht is daarom aan de hoofdredacteur meegedeeld dat indien hij niet binnen de termijn van drie weken inhoudelijk heeft geantwoord, dit als een stilzwijgende afwijzing wordt beschouwd. De hoofdredacteur van De Telegraaf heeft niet op de klacht gereageerd.

De zaak is besproken op de zitting van de Raad van 23 november 2018 op basis van de schriftelijke stukken. Een van de Raadsleden heeft zich voorafgaand aan de zitting verschoond, waarna de zaak is besproken door de voorzitter en overige leden.

DE FEITEN

Op 1 en 2 juni 2018 is op de website respectievelijk in de papieren editie van De Telegraaf een artikel gepubliceerd met de kop “’Polderpensioen lost niks op’”. De intro van het artikel luidt:
“Eindelijk is een akkoord ophanden over onze oude dag. In het conceptakkoord dat in deze krant uitlekte gaat het over AOW en zzp’ers. Maar wat willen vakbonden en werkgevers nu precies met ons pensioen? Is hun voorstel wel een verbetering?”

Verder is op 18 juni 2018 op de website van De Telegraaf  een artikel verschenen met de kop “Geld kan weer rollen” en op 23 juni 2018 in de papieren editie een artikel met de kop “Pion in sociaal schaakspel”.

HET STANDPUNT VAN KLAAGSTER

Klaagster stelt – samengevat – dat sprake is van eenzijdige en feitelijk onjuiste informatieverstrekking over pensioenstelsels, onder meer doordat de krant heeft verzuimd de negatieve rekenkundige en administratieve aspecten van een ‘eigen pensioenpot’ te benoemen. Daarbij komt dat feiten niet zijn onderbouwd en dat de krant niet openstaat voor hoor en wederhoor. Volgens klaagster blijkt uit het artikel van 23 juni 2018 bovendien dat de krant aan activerende beleidsbepaling doet en niet handelt als controlerend journalistiek medium. Zij heeft de indruk dat de krant zich laat lenen voor het behartigen van politieke belangen en niet zozeer handelt uit journalistieke overwegingen. In feite zijn ‘opinies’ van de journalisten gebracht als ‘nieuws’, hetgeen een ernstige aantasting is van de journalistieke code en te kwalificeren is als nepnieuws, aldus klaagster. Zij heeft de krant verzocht om haar visie over het onderwerp te publiceren, maar dat verzoek is niet gehonoreerd. Klaagster concludeert dat de krant bij de berichtgeving niet de vereiste journalistieke zorgvuldigheid in acht heeft genomen en dat haar klacht daarover niet correct is afgehandeld.
Klaagster meent dat haar klacht van algemeen en principieel belang is. Juist het principiële punt van de persvrijheid is in het geding als het verplichte principe van hoor en wederhoor niet wordt toegepast. Zij wijst in dit verband op de stellige uitspraak dat als het nieuwe pensioenvoorstel niet wordt uitgevoerd, dit volgend jaar automatisch leidt tot een pensioenkorting. Verder is niet vermeld dat de uitspraken over het beoogde nieuwe pensioencontract verschillend kunnen worden uitgelegd. Juist over pensioenen worden door De Telegraaf stellingen verkondigd zonder inhoudelijke onderbouwing. Het gaat er niet om welk standpunt het juiste is, maar dat de inhoudelijke verschillen precies en juist worden weergegeven. Dat is in het algemeen belang van de persvrijheid, aldus klaagster.

BEOORDELING OF DE KLACHT VAN ALGEMENE STREKKING OF PRINCIPIEEL BELANG IS

In artikel 9 lid 5 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad is het volgende bepaald:
“Indien de klacht is ingediend tegen een medium dat of een journalist die zich uit beginsel niet verweert, ziet de Raad af van behandeling, tenzij de klacht volgens de Raad van algemene strekking of principieel belang is.”

De hoofdredacteur van De Telegraaf wenst blijkbaar (nog steeds) uit beginsel geen medewerking te verlenen aan de procedure bij de Raad en heeft zich ook in deze zaak niet verweerd. De Raad zal dan ook slechts tot behandeling van de klacht overgaan in het bijzondere geval dat deze van een algemene strekking of principieel belang is. Daarvan is hier niet gebleken.

De Raad vindt niet dat de strekking van de klacht het belang van klaagster in zodanige mate overstijgt, dat er sprake is van een algemene strekking. Dat een inhoudelijk oordeel van de Raad mogelijk ook anderen ten goede komt, is daartoe onvoldoende.

Ook heeft de Raad geen aanknopingspunten kunnen vinden voor de conclusie dat de klacht betrekking heeft op elementen van het journalistieke proces waarover de Raad zich niet eerder heeft uitgelaten, zodat de klacht van principieel belang zou zijn. De klacht gaat in hoofdzaak over selectie van nieuws, niet-waarheidsgetrouwe berichtgeving en het toepassen van wederhoor. De Raad heeft hierover in zijn Leidraad algemene uitgangspunten geformuleerd die in diverse conclusies zijn uitgewerkt. Gesteld noch gebleken is dat de door de Raad gehanteerde criteria onvoldoende duidelijk zijn. De omstandigheid dat de klacht er over gaat dat De Telegraaf de criteria niet zouden hebben nageleefd, maakt op zichzelf nog niet dat de klacht daarmee van principieel belang is.

De Raad ziet dan ook geen aanleiding de klacht inhoudelijk te behandelen.

Ten overvloede overweegt de Raad dat hij het bij deze uitkomst niet nodig acht om zich uit te spreken over de vraag of klaagster als rechtstreeks belanghebbende kan worden aangemerkt.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: A. en B.3
Relevante eerdere conclusie van de Raad: RvdJ 2017/44
Relevant artikel uit het Reglement voor de werkwijze van de Raad: 9 lid 5

CONCLUSIE

De klacht is niet van algemene strekking of principieel belang en wordt daarom niet inhoudelijk behandeld.

Zo vastgesteld door de Raad op 28 januari 2019 door prof. mr. B.E.P. Myjer, voorzitter, mr. I.R.J. Barends, mw. L.M. van de Langenberg MSc en mw. M. Stenneke, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.