2019/2 zorgvuldig

Samenvatting

BNNVARA en CCCP Televisie B.V. hebben in uitzendingen van het televisieprogramma Rambam op journalistiek zorgvuldige wijze aandacht besteed aan de hondenschool van klaagster. Het gebruik van een verborgen camera was in dit geval niet ontoelaatbaar. Het uitgezonden materiaal bevat concretiseringen en bijzonderheden ten aanzien van de handelwijze van klaagster, die aan de uitzending authenticiteit en daarmee een relevante meerwaarde gaven. Het is niet aannemelijk dat dit ook op een andere wijze gerealiseerd had kunnen worden. De beelden zijn niet zodanig gemonteerd dat zij een vertekend en misleidend beeld geven van wat op de bewuste training bij klaagster heeft plaatsgevonden. Van eenzijdige, unfaire, niet waarheidsgetrouwe, tendentieuze berichtgeving is geen sprake. Klaagster is de gelegenheid geboden te reageren, maar heeft daarvan in eerste instantie afgezien. Nadat zij alsnog een schriftelijke verklaring had opgesteld, is die op de website van Rambam geplaatst en is daarnaar in de herhaling verwezen. Voorts stond het de programmamakers vrij deskundigen te selecteren en aan het woord te laten. Dat deze zich negatief uitlaten over de door klaagster gehanteerde methode maakt dit niet anders. Aangezien het hier een specifieke expertise betreft, is het verklaarbaar dat de deskundigen eveneens hondentrainingen verzorgen. Er is geen sprake van een ontoelaatbare belangenverstrengeling. Verder heeft klaagster bezwaar gemaakt tegen het niet afgeven en/of tonen van ruw beeldmateriaal. Er bestaat echter geen regel op grond waarvan dit als journalistiek onzorgvuldig moet worden beschouwd. Ten slotte is klaagster conform de gedane toezeggingen voldoende onherkenbaar gemaakt. Bovendien zijn CCCP en BNNVARA na de eerste uitzending klaagster verder tegemoetgekomen, door in de herhaling de omgeving verdergaand te blurren. Er is geen grond voor de conclusie dat zij bewust niet hebben meegewerkt aan het onherkenbaar maken van klaagster.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X, h.o.d.n. Hondenschool Y

tegen

BNNVARA en CCCP Televisie B.V. (Rambam)

De heer mr. S.V. Rutgers, advocaat te Amsterdam, heeft op 25 mei 2018 namens mevrouw X, h.o.d.n. Hondenschool Y, (klaagster) een klacht ingediend tegen BNNVARA en CCCP Televisie B.V. over het televisieprogramma Rambam. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie betrokken van klaagster, BNNVARA en CCCP Televisie B.V. van 12 juli 2018, 3 augustus 2018, en van 11, 16 en 17 oktober 2018.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 19 oktober 2018. Klaagster is daar verschenen vergezeld door mr. Rutgers, die het standpunt van klaagster heeft toegelicht aan de hand van een pleitnotitie, en een cursist van de hondenschool. Namens BNNVARA en CCCP Televisie B.V. waren mevrouw E. Smets (eindredacteur Rambam), mevrouw mr. B. den Ouden (Hoofd Juridische Zaken BNNVARA), de heer M. Schut en mevrouw A. Bozon (beiden directeur CCCP Televisie B.V.) en mevrouw mr. H. Maatjes (advocaat CCCP Televisie B.V.) aanwezig.

Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad de gewraakte uitzendingen bekeken en een door klaagster overgelegde geluidsopname beluisterd.

DE FEITEN

Op 18 januari 2018 is een aflevering uitgezonden van het televisieprogramma Rambam, dat door CCCP Televisie B.V. (hierna CCCP) in opdracht van BNNVARA wordt geproduceerd. In de uitzending is aandacht besteed aan diverse hondentrainingen, deels gericht op honden in privébezit deels op politiehonden. Daarbij is aan de orde gesteld dat de hondenscholen die door de redactie zijn bezocht op grote schaal attributen als slipkettingen, prik- en stroombanden gebruiken. In de uitzending zijn ook beelden getoond die met een verborgen camera zijn gemaakt tijdens een door klaagster in haar hondenschool gegeven hondentraining. Daarbij is in beeld gebracht dat een hond door klaagster wordt gecorrigeerd met gebruikmaking van een petflesje dat gedeeltelijk is gevuld met grind. Verder zijn enkele  deskundigen/derden aan het woord gelaten, onder wie hondentrainer Martin Gaus, en fractievoorzitter Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren. Zij beschouwen de gebruikte methoden, ook die van klaagster, als ‘dierenmishandeling’. Thieme heeft aangekondigd Kamervragen te stellen over het uitblijven van een wet die deze hulpmiddelen verbiedt.

Voorafgaand aan de uitzending hebben partijen uitvoerig overleg gevoerd. Op 15 december 2017 heeft CCCP per e-mail het volgende aan klaagster bericht:
“In opdracht van BNNVARA maken wij het televisieprogramma Rambam. Een van onze uitzendingen van dit seizoen gaat over hondentrainingen in Nederland. In deze aflevering proberen wij op een originele, maar kritische manier de werkwijzen van verschillende hondentrainingen in Nederland te bespreken, in het bijzonder de dier(on)vriendelijkheid van bepaalde trainingen. Aanleiding om uw hondenschool te bezoeken was een tip van een kijker die ons op de dieronvriendelijke manier van honden trainen wees bij uw hondenschool.
Om dit te onderzoeken zijn onze programmamakers 2 keer undercover geweest bij uw hondenschool. De eerste keer hebben zij deelgenomen aan een trainingsavond en hebben zij opnames gemaakt met verborgen opnameapparatuur.
Uit die opnames bleek o.a. dat honden met PETflessen gevuld met kiezelstenen geslagen werden.
De tweede keer hebben onze programmamakers zich voorgedaan als het tv-programma Succes in Gelderland en hebben ze u geconfronteerd met de manier van trainen en u gevraagd naar uw reactie.
Wij zullen (delen van) de film- en geluidsopnamen in ons programma verwerken en uitzenden. Dat doen we om deze kwestie aan te kaarten bij de kijker.
Wij willen u de mogelijkheid bieden om uw manier van trainen te verklaren. Deze reactie kan verwerkt worden in de uitzending. Daarbij zullen wij de normale redactionele toets toepassen op uw wederhoor. Mocht u gebruik willen maken van deze mogelijkheid, dan horen wij dat graag voor woensdag a.s. 20 december 15:00u van u, bij voorkeur via e-mail.
In onze uitzending wordt niet alleen ingegaan op uw manier van honden trainen maar ook op de manier hoe dat bij politiehonden trainingen gebeurt. Daar worden namelijk ook nog trainingen gegeven waarbij de pijnprikkel onderdeel van het corrigeren is.
De uitzending over de hondentrainingen zal in januari/februari 2018 bij BNNVARA op NPO3 te zien zijn.”

Nadat klaagster – op verzoek van haar raadsman – op 4 januari 2018 de beelden heeft gezien, heeft CCCP diezelfde dag het volgende aan mr. Rutgers bericht:
“Zojuist heb ik samen met [X] naar de undercover beelden van Rambam gekeken.
Naar aanleiding daarvan had zij een vraag over het wederhoor en hoe dit in de aflevering komt.
Zij mag ervan uit gaan dat CCCP de uiteindelijke aflevering zorgvuldig zal samenstellen waarin in alle redelijkheid de reactie van mevrouw[X] zal worden meegenomen.
Zonder dat de uitzending afgemonteerd is, zal het lastig zijn om daarin verdere specifieke toezeggingen te doen, maar — nogmaals — mag mevrouw [X] ervan uit gaan dat dit zorgvuldig gedaan zal worden.
Graag vernemen wij uiterlijk morgenvroeg voor 10:30 uur of mevrouw [X] om 14:00 uur voor de camera haar reactie wil geven.”

Op 10 januari 2018 heeft mr. Rutgers het volgende aan CCCP geschreven:
“In vervolg op mijn eerdere mails en ons telefonisch overleg bericht ik u als volgt.
Zoals reeds aangegeven, wenst mijn cliënte niet te reageren in de Rambam aflevering. De aan haar getoonde heimelijk gemaakte beelden zijn zeer selectief en geven geen representatief beeld van de trainingen van haar school. Er wordt zelfs de suggestie gewekt dat cliënte de honden schoppen geeft, door een schoppende beweging van cliënte te tonen. Echter de schoppende beweging is bedoeld om een aantal pionnen te verplaatsen. Dus niet alleen is het beeld wat getoond wordt ongenuanceerd, maar tevens feitelijk onjuist, want gemanipuleerd. Bovendien blijkt uit de beelden niet waarom gecorrigeerd wordt en ook niet dat het om honden gaat met gedragsproblemen. Er is voorts geen sprake van een goed en objectief onderzoek naar de achterliggende problematiek van en discussie over het trainen van honden met gedragsproblemen.
Cliënte verwacht financiële schade te zullen lijden als gevolg van de onjuiste, selectieve en ongenuanceerde weergave van haar trainingen. Tevens bestaat er een risico dat de weergave negatieve gevoelens zal aanwakkeren bij groepen/personen en cliënte het doelwit wordt van (fysieke) acties. In het verleden zijn er doodsbedreigingen geuit naar hondentrainers die honden middels correctie trainen.
Cliënte wenst voornoemde schade en risico zoveel mogelijk te voorkomen, dan wel te beperken. Er is dan ook een groot belang voor cliënte om volledig anoniem en onherkenbaar te blijven in de reportage. Hiertoe dient cliënte, zoals reeds besproken en toegezegd, onherkenbaar “geblurred” te worden. Ook dient cliënte (zoals eveneens reeds toegezegd) haar naam, haar bedrijfsnaam en haar bedrijfslocatie (of zelfs landsdeel) op geen enkele wijze genoemd of getoond te worden (ook niet door de voice-over, deskundigen of anderen die in de reportage aan het woord komen). In de getoonde beelden wordt cliënte hoorbaar aangesproken met haar voornaam. Aangezien haar voornaam direct herleidbaar is, dient dit aanspreken weg ge-edit te worden. Tot slot dient ook de stem van cliënte vervormd te worden, omdat ook de stem van cliënte anders eenvoudig herleidbaar is. Wat betreft de suggestieve gemanipuleerde beelden dat cliënte de honden zou schoppen. Gezien de onrechtmatigheid daarvan dienen deze beelden sowieso aangepast te worden (middels weglaten of het laten zien dat cliënte pionnen wegschopt).
Ik verzoek u mij zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk voor maandag 15 januari om 14.00 te bevestigen dat u de beelden aanpast conform de hiervoor genoemde verzoeken c.q. eisen.
Met bovengenoemde aanpassingen hoopt mijn cliënte dat de reportage geen gevolgen voor cliënte en haar bedrijf heeft. Cliënte behoudt zich al haar rechten voor, met name het recht om in een later stadium de eventuele schade als gevolg van de uitzending te verhalen.
Uitsluitend ter informatie en volledig anoniem is cliënte overigens bereid om u te informeren over de achterliggende problematiek en discussie die speelt wat betreft de opvoeding en training van honden met gedragsproblemen.”

Daarop heeft CCCP op 11 januari 2018 geantwoord als volgt:
“Dank voor uw mail van 10 januari 2018. In lijn met mijn mail van 5 januari jl. kan ik daarop als volgt reageren.
1.    Wij nemen nota van het feit dat uw cliënte niet (op camera) wenst te reageren.
2.    Wij zullen uw cliënte c.a. adequaat anonimiseren.
3.    Uiteraard zullen we geen beelden manipuleren. Beelden zullen worden geanonimiseerd en geblurred maar niet anders worden gepresenteerd dan zij in werkelijkheid zijn.
Ik ga ervan uit uw mail hiermee naar behoren te hebben beantwoord.”

Naar aanleiding daarvan heeft mr. Rutgers op 12 januari 2018 het volgende aan CCCP geschreven:
“Wij spraken elkaar vanmiddag nog even naar aanleiding van mijn mail van 10 januari jongstleden en uw reactie daarop van 11 januari jongstleden.
Ter goede orde en ter voorkoming van misverstanden bevestig ik hetgeen u mij heeft toegezegd:
-cliënte zal volledig anoniem en onherkenbaar worden gemaakt (en ook niet op andere wijze door bijvoorbeeld deskundige, presentatoren, of voice-over zal cliënte worden genoemd);
-cliënte zal onherkenbaar geblurred worden en haar stem zal onherkenbaar vervormd worden;
-in de conversatie op de beelden wordt de naam van cliënte weggedrukt;
-in de uitzending zal ook geen enkel beeld of verwijzing komen naar de locatie van cliënte (waaronder straat, huis of landsdeel);
Ten overvloede ga ik er van uit dat de klanten van cliënte ook op adequate wijze volledig onherkenbaar zijn gemaakt (zoals reeds was toegezegd).
Ten aanzien van de in mijn mail genoemde schopbeweging, hier neem ik maandagochtend nog even telefonisch contact met u op. U gaf aan dat een collega van cliënte een schopbeweging zou maken naar een hond. Volgens mijn cliënte kan hier geen sprake van zijn omdat zij geen collega heeft. Op de beelden die zij heeft gezien, is ook niet te zien dat naar een hond een schoppende beweging wordt gemaakt. De onderzijde van het beeld zou geblurred zijn, dus niet goed te zien. De suggestie wordt daarmee gewekt dat naar een hond een schoppende beweging wordt gemaakt. Zij geeft aan dat er geen schoppende beweging naar een hond is gedaan, en dat dit beeld dan ook verwijderd dient te worden, dan wel aangepast.
Ik vertrouw u voorlopig voldoende te hebben geïnformeerd.”

Vervolgens heeft op 15 januari 2018 een bijeenkomst plaatsgevonden, waarna mr. Rutgers het volgende aan CCCP heeft bericht:
“In vervolg op onze meeting gisteren (waarbij tevens uw collega van de eindredactie aanwezig was) leg ik ter goede orde graag het volgende vast.
Naast hetgeen reeds overeengekomen is ten aanzien van het anoniem en onherkenbaar maken van cliënte zal CCCP:
-in de voice-over geen opmerking worden gemaakt dat cliënte honden schopt of leert schoppen. Dat is namelijk niet juist en ook niet te zien.
Voor zover er op de beelden te zien is dat een cursist haar hond schopt (zoals besproken, blijkt dit niet duidelijk uit de beelden), dan is dit niet iets wat de cursist van mijn cliënte leert en geeft het een feitelijk onjuist beeld;
-aangezien mijn cliënte de enige hondenschool in Nederland is die aparte theorielessen geeft, zal het noemen van het woord “theorieles” door de Rambam verslaggever en/of voice-over worden verwijderd/weggedrukt;
- in de beelden van gisteren was de stem van mijn cliënte nog niet onherkenbaar vervormd. Dit zal gedaan worden bij de geluidsmontage.
Graag ontvang ik nog van u de datum waarop de beelden zijn gemaakt, zodat cliënte haar cursisten kan inlichten, mocht dat nodig zijn.
In vertrouwen u hiermee correct te hebben geïnformeerd. Met voorbehoud van rechten.”

Daarop heeft CCCP op 16 januari 2018 nog het volgende aan mr. Rutgers geschreven:
“Zoals gisteren is afgesproken en door ons bevestigd, wordt de voice-over aangepast, zodat er geen opmerking wordt gemaakt dat mevrouw [X] honden schopt of leert schoppen en geen opmerking wordt gemaakt van het woord “theorie” en daarnaast dat de stem onherkenbaar wordt gemaakt. De opnamen hebben plaatsgevonden op 6 oktober jl.
Ik ga ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.”

Na de uitzending van 18 januari 2018 heeft mr. Rutgers namens klaagster bezwaar gemaakt tegen de uitzending. Hierna hebben partijen opnieuw uitvoerig overleg gevoerd. Vervolgens is de uitzending in enigszins aangepaste vorm herhaald op 23 januari 2018. Daarbij is de ondertiteling op een punt aangepast en is de omgeving van klaagster verdergaand geblurred.

Diezelfde dag is op de website van Rambam onder de kop “Verklaring hondenschool” een reactie van klaagster gepubliceerd, die onder meer de volgende passage bevat:
“Op deze school komen veel honden met gedragsproblemen. De bazen van deze honden hebben meestal de beloningsgerichte methode al eerder geprobeerd, maar deze honden hebben daar onvoldoende baat bij gehad. Wij trainen zowel beloningsgericht als correctief. Afhankelijk van het karakter en gedrag van de hond worden de honden gecorrigeerd.
De hond die getoond wordt, is geen pup meer maar een jonge hond met agressie problemen die in dit fragment niet heel duidelijk naar voren komen. De agressie problemen bij deze hond zijn door onze training opgelost.
Door de samenstelling van de beelden is er nu de onjuiste indruk ontstaan dat het geven van correcties onze enige methode is en deze bij alle honden wordt toegepast. Wij gebruiken echter praktisch alle methoden die in Nederland worden toegepast. De getoonde beelden geven alleen de correcties weer die tijdens de gefilmde cursus hebben plaatsvonden en laten de beloningen die veel vaker worden gegeven geheel weg.
Bij het in de uitzending getoonde fragment, anders dan wordt gesuggereerd, is geen sprake van een fles vol steentjes. Gebruikt wordt een klein petflesje met slechts een laagje steentjes erin voor het geluid, zodat een hond het geluid kan associëren met een correctie.”

Hierna heeft mr. Rutgers opnieuw namens klaagster bezwaar gemaakt. Nader overleg tussen partijen heeft niet tot een oplossing geleid.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster voert – samengevat – aan dat zij al bijna 25 jaar hondentrainster en gedragsdeskundige is met haar eigen hondenschool. Zij geeft onder andere cursussen ten behoeve van honden met gedragsproblemen waarbij de cursisten de beloningsgerichte methode (een methode waarbij geen enkel ongewenst gedrag wordt gecorrigeerd) vaak al hebben geprobeerd.
Zij maakt allereerst bezwaar tegen het filmen met een verborgen camera (klachtonderdeel a). Volgens klaagster is er geen sprake van enige misstand of een zaak van gewichtig maatschappelijk belang, zodat er geen enkele noodzaak bestond de kwestie op deze wijze aan de orde te stellen. Zij licht toe dat zij – net als diverse andere hondenscholen – trainingen geeft middels beloning, maar ook middels correctie als het gedrag van de hond daarom vraagt. Dit is een geëigende manier om ongewenst gedrag van honden af te leren. De trainingen van klaagster zijn gebaseerd op theorieën van de gezaghebbende hondengedragsdeskundige Cesar Milan. Informatie over de verschillende trainingen en theorieën zijn openbaar en eenvoudig beschikbaar. Klaagster doet niets dat strafbaar is dan wel anderszins het daglicht niet zou kunnen verdragen en heeft duizenden tevreden klanten gehad. Overigens zijn er meer scholen en trainers die corrigeren (naast het belonen). Volgens klaagster heeft de gevolgde werkwijze een onevenredige inbreuk op haar privacy en veiligheid gemaakt. Via e-mail, telefoon en sociale media heeft zij diverse serieuze bedreigingen ontvangen.
Verder meent klaagster dat sprake is van ontoelaatbare misleidende manipulatie van opnames (klachtonderdeel b). Zij heeft toevallig op de dag dat de redacteuren undercover bij haar aanwezig waren geluidsopnames gemaakt voor trainingsdoeleinden. Uit die opnames blijkt dat sprake is van een gezellige cursus met een ontspannen, gemoedelijke sfeer. In die setting heeft klaagster op een bepaald moment – in de twee uur durende cursus – één hond vanwege agressief gedrag gecorrigeerd met een petflesje met een laagje steentjes daarin. De steentjes zijn bedoeld voor de geluidsassociatie en het schrikeffect, en niet als pijnprikkel. Bij een vergelijking van deze opnames met de uitzending is gebleken dat Rambam haar opnames op ontoelaatbare wijze heeft ge-edit en gemanipuleerd. Door onder meer het toevoegen van suggestieve achtergrondgeluiden, onjuiste ondertiteling, het uit elkaar trekken van beeld en geluid, het aanpassen van de chronologische volgorde van gebeurtenissen en een suggestieve voice-over is de feitelijke onjuiste en ernstige suggestie gewekt dat er bij de trainingen van klaagster sprake is van zware en structurele dierenmishandeling.
Volgens klaagster is door de ontoelaatbare manipulatie van beeld en geluid sprake van suggestieve, tendentieuze, eenzijdige, unfaire berichtgeving (klachtonderdeel c). Zij merkt op dat als alternatief voor het corrigeren beelden zijn getoond van mensen die hun vriendelijke, redelijk gehoorzame hond uitlaten en van hondentrainer Martin Gaus met een zogenaamd goed luisterende hond. Hiermee is een onjuiste vergelijking gemaakt met de training van klaagster, waardoor bewust een eenzijdig en onjuist beeld is gegeven.
Klaagster vindt ook dat sprake is van manipulatie van berichtgeving door het tonen van misleidende gemanipuleerde beelden aan deskundigen en politici, en dit in beeld te brengen (klachtonderdeel d). Zij licht toe dat twee door Rambam verklaarde deskundigen en Marianne Thieme aan het woord zijn gelaten om te reageren op de misleidende gemanipuleerde beelden. De reacties zijn ongenuanceerd, suggestief en insinuerend.
Daarnaast is sprake van de schijn van belangenverstrengeling door concurrenten als deskundigen op te voeren (klachtonderdeel e), aldus klaagster. De door Rambam opgevoerde deskundigen zijn concurrenten van klaagster en bovendien aanhangers van de stroming die meent dat de dominantietheorie niet correct is. Deze ‘deskundigen’ hebben er (commercieel) belang bij om klaagster in een kwaad daglicht te stellen, waardoor ze er zelf beter uitkomen.
Voorts maakt klaagster bezwaar tegen het weigeren de ruwe opnames af te geven dan wel te tonen (klachtonderdeel f). Als zij vooraf de ruwe opnames had kunnen controleren, dan had zij voorafgaand aan de uitzending kunnen aantonen dat de aflevering een onjuist, suggestief en tendentieus beeld weergeeft en dat de opnames op ontoelaatbare wijze zijn gemanipuleerd. Klaagster vindt dat de ruwe opnames alsnog moeten worden afgegeven, zodat de mate van juistheid van de berichtgeving en de deugdelijkheid van de gebruikte bronnen gecontroleerd kunnen worden.
Ten slotte stelt zij dat ten onrechte is geweigerd haar voldoende onherkenbaar te maken (klachtonderdeel g). Aan haar is toegezegd dat zij volledig onherkenbaar zou worden gemaakt, waarbij zij volledig zou worden geblurred en haar stem zou worden vervormd. Zij heeft uitdrukkelijk erop gewezen dat onder meer de omgeving en locatie van haar school nog steeds herkenbaar zijn. Hoewel meerdere malen (schriftelijk) is aangedrongen op verdere aanpassingen, heeft Rambam geweigerd hieraan mee te werken en aldus bewust geen rekening gehouden met de legitieme belangen van klaagster.
Klaagster heeft al haar standpunten uitvoerig toegelicht en geconcludeerd dat Rambam journalistiek onzorgvuldig heeft gehandeld.

CCCP voert – eveneens samengevat – aan dat zij het programma Rambam maakt in opdracht van BNNVARA. Het is een onderzoeksprogramma met amusementselementen; in de uitzendingen worden misstanden aan de kaak gesteld met humor en een twist. Aan de hand van tips wordt nader feiten- en achtergrondonderzoek verricht. Daarnaast is het voor CCCP van belang om zelf te ervaren wat er precies gebeurt. Om dit te kunnen doen en daarbij een werkelijke weergave van de situatie te verkrijgen, is er in de meeste gevallen geen andere mogelijkheid dan dit te doen met een verborgen camera.
CCCP meent dat zij in dit geval terecht de keuze heeft gemaakt om met verborgen camera opnamen te maken. Zij had vernomen dat verschillende hondeneigenaren zeer negatieve ervaringen hadden gehad tijdens trainingen van klaagster. Zo zou onder meer met flessen grind worden geslagen. Als zij vooraf toestemming zou hebben gevraagd aan klaagster voor het maken van opnamen, dan ligt het voor de hand dat die toestemming niet zou zijn gegeven dan wel dat de trainingen en de behandeling van de honden niet op dezelfde wijze zou hebben plaatsgevonden. Twee ‘Rambammers’ zijn daarom met een verborgen camera naar de hondenschool van klaagster gegaan om daar een training bij te wonen. Zij hebben toen onder meer geconstateerd dat klaagster tijdens de bijgewoonde training een jonge hond met een flesje grind op de kop slaat en dit stimuleert bij de cursisten. Dit is een misstand die uiteraard in de uitzending is opgenomen,
Van (opzettelijke) manipulatie, laat staan manipulatie waarmee het publiek misleid wordt, is in het geheel geen sprake. Ook uit de geluidsopnames van klaagster blijkt dat er geenszins sprake is van een ‘gezellige training’. Een aflevering van Rambam duurt zo’n 30 minuten, waardoor het niet mogelijk is om de training van klaagster integraal te vertonen. Uit de training zijn uiteraard juist die elementen vertoond die aantonen dat er misstanden bij de hondenschool van klaagster plaatsvinden. Helaas is wel op enig moment een verkeerde ondertiteling gebruikt. Nadat klaagster op 22 januari 2018 CCCP daarop had gewezen, is dit onmiddellijk hersteld.
Om vanuit een meer objectief en deskundig standpunt toe te lichten hoe andere hondentrainers tegen de door klaagster gehanteerde correctiemethode (of: dominantiemethode) aankijken, zijn enkele deskundigen aan het woord gelaten. Dat zijn bijvoorbeeld personen die zelf hondentrainingen verzorgen. Dat dus ‘concurrenten’ van klaagster aan het woord komen, is niet zo verwonderlijk; dit is een gevolg van de kennis die deze mensen hebben. Diergedragskundige mevrouw Rijnders werkt al meer dan 35 jaar met dieren en is onder meer voorzitter van de Stichting Platform Professionele Diergedragsdeskundigen. Vanuit die stichting wordt Rijnders ingeschakeld om de overheid te adviseren bij het opstellen van nieuwe wetgeving, onder meer rondom het gebruik van (elektronische) hulpmiddelen bij het trainen van (politie)honden. De keuze voor deze deskundige — en Martin Gaus, die voor de kijker de meest bekende hondendeskundige is – is dan ook logisch. Uit zowel de geluidsopnamen als de uitzending blijkt niets anders dan dat de deskundigen de beelden te zien krijgen zoals die tijdens de training zijn vervaardigd.
Na het vervaardigen van de opnamen heeft CCCP in een e-mail van 15 december 2017 aan klaagster bericht dat met een verborgen camera opnamen waren gemaakt en dat (delen van) film- en geluidsopnamen in het programma verwerkt zouden worden. Verder is toen aan klaagster de mogelijkheid geboden om te reageren. Na tussenkomst van de raadsman van klaagster hebben partijen vervolgens een afspraak gemaakt, waarbij CCCP samen met klaagster naar de beelden heeft gekeken. Hoewel CCCP aan klaagsters raadsman heeft bevestigd dat de reactie van klaagster in redelijkheid en op zorgvuldige wijze zou worden meegenomen in de uitzending, heeft klaagster ervoor gekozen niet inhoudelijk te reageren. Door de mogelijkheid van wederhoor niet te benutten, kan klaagster zich achteraf niet meer op het standpunt stellen dat sprake is van eenzijdige berichtgeving.
CCCP benadrukt dat klaagster voorafgaand aan de uitzending een volledig beeld had van het materiaal dat tijdens de afleveringen over haar zou worden uitgezonden. Het al dan niet afgeven van ruw materiaal had hier niets aan veranderd. Voor afgifte van ruw materiaal bestaat overigens ook geen verplichting.
CCCP zorgt er in het algemeen voor dat personen die onderdeel zijn van een aflevering van Rambam onherkenbaar worden gemaakt. Na gesprekken met klaagster en haar raadsman zijn zelfs nog meer maatregelen getroffen om klaagster verdergaand onherkenbaar te maken, door bijvoorbeeld – behalve het blurren van haar gezicht – haar naam te blokken, haar stem te vervormen en de omgeving zo onherkenbaar mogelijk te maken. Hiermee is voldoende voldaan aan de verplichting om de privacy van klaagster niet verder aan te tasten dan redelijkerwijs noodzakelijk is. Dat klaagster vervolgens binnen een zeer kleine kring alsnog herkenbaar zou kunnen zijn, doet daar niets aan af. Dat achteraf door derden berichten op sociale media zijn geplaatst, waarbij de identiteit van klaagster bekend is gemaakt, kan niet aan CCCP worden toegerekend.
CCCP concludeert dat zij niet onzorgvuldig heeft gehandeld dan wel op enigerlei wijze de Leidraad heeft overschreden.

BNNVARA stelt voorop dat zij tijdens het productieproces op afstand staat, maar als uitzendgemachtigde wel de redactionele eindverantwoordelijkheid bedingt. Daarom heeft zij tijdens de productiefase contact met de makers en beoordeelt zij de laatste versie van de uitzending voordat tot publicatie wordt overgegaan.
Verder sluit BNNVARA zich aan bij het verweer van CCCP en voegt daaraan – samengevat – toe dat Rambam geen zuiver journalistiek programma is. Het programma onderzoekt weliswaar misstanden in de samenleving en onderwerpen van maatschappelijk debat, maar verweeft journalistieke elementen, satire en columnachtige elementen met elkaar. De makers maken vaak gebruik van verborgen opnameapparatuur, omdat met zichtbare apparatuur misstanden veelal niet (duidelijk) aan het licht te brengen zijn. Heimelijke apparatuur wordt ingezet wanneer de makers daar gegronde aanleiding voor hebben en na zorgvuldige afweging. CCCP besloot onderzoek te doen naar omstreden methoden en middelen bij hondentrainingen. Eén deel betrof trainingen van politiehonden. Daarnaast deden de makers onderzoek naar de hondenschool van klaagster naar aanleiding van klachten/tips van hondenbezitters die geschrokken waren van de ‘onorthodoxe’ trainingsmethode en de handelwijze van klaagster beschouwden als ‘dierenmishandeling’. 
Dierenwelzijn is een onderwerp dat tegenwoordig vaak en hoog op de maatschappelijke agenda staat; het houdt het publiek bezig. De door CCCP gevolgde werkwijze is journalistiek verantwoord en zorgvuldig. Het is onaannemelijk dat de makers met zichtbare apparatuur een realistisch beeld zouden krijgen van de school van klaagster. Zij hebben beelden vastgelegd waarop klaagster honden corrigeert op een wijze die zowel door deskundigen als later ook door de kijkers als onaanvaardbaar wordt betiteld. Het materiaal toont een misstand aan, althans in elk geval een kwestie van gewichtig maatschappelijk belang, die het publiek flink bezighoudt. Bij de beoordeling en afwegingen om over te gaan tot uitzending was zeker óók van belang dat klaagster ruim voor de uitzending door CCCP was geïnformeerd over het materiaal en de uitzending, en alle ruimte had gekregen voor wederhoor. Daarbij heeft CCCP aan klaagster en haar raadsman voorinzage in het materiaal verstrekt, en hebben zij bepaalde passages expliciet met elkaar besproken. Bovendien kon CCCP aan klaagster en haar raadsman de verzekering geven dat beeld en geluid niet waren gemanipuleerd. Ook hebben zij uitvoerig gesproken over het anonimiseren van klaagster, haar bedrijf(snaam) en bedrijfslocatie en daarover heldere afspraken gemaakt. CCCP leverde uiteindelijk een programma aan waarin voldoende rekenschap werd gegeven van de belangen van klaagster en de met haar gemaakte afspraken adequaat waren verwerkt. In het bijzonder geldt dat klaagster en haar bedrijf naar de geldende maatstaven optimaal waren geanonimiseerd. Met die wetenschap is BNNVARA overgegaan tot publicatie.
Tijdens althans na de uitzending werd de hondenschool van klaagster (toch) herkend en wel door oud-cursisten, die (de school van) klaagster kenden. Dit wil echter niet zeggen dat klaagster niet (voldoende) is geanonimiseerd. Dat klaagster door een beperkte groep uit haar directe omgeving is herkend, is nu eenmaal onvermijdelijk. Deze ‘bekenden’ van klaagster hebben haar identiteit vervolgens online onthuld, maar dit kan de makers en/of BNNVARA niet worden aangerekend. Voor klaagster was vooral de herkenning aanleiding om op 19 januari 2018 bezwaar te maken tegen de uitzending. Volgens BNNVARA was de oorspronkelijke publicatie niet onzorgvuldig, maar zij had er geen bezwaar tegen om in het kader van een minnelijke regeling klaagster onverplicht tegemoet te komen in bepaalde bezwaren. Vervolgens hebben partijen intensief overleg gevoerd, waarna overeenstemming werd bereikt over aanpassing van de uitzending vóór herhaling. In dat kader zijn het terrein en de opstallen van klaagster nog meer geblurred en zijn twee ondertitels – met irrelevante vergissingen – aangepast. Verder is in de herhaling alsnog verwezen naar een schriftelijke reactie van klaagster, die eerder niet had willen reageren, welke verklaring online is gezet op de website van Rambam. Verder zijn verwijzingen van het publiek naar klaagster op de sociale media van BNNVARA/Rambam zoveel mogelijk verwijderd. BNNVARA nam aan dat hiermee voldoende tegemoet was gekomen aan de aanvullende bezwaren van klaagster. Ten tijde van de herhaling had zij redelijkerwijs de indruk dat klaagster daartegen geen bezwaren (meer) had.
BNNVARA deelt het standpunt van CCCP dat alle klachtonderdelen ongegrond zijn.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

Blijkens het klaagschrift bestaat de klacht uit de volgende onderdelen:
a.       filmen met verborgen camera;
b.      ontoelaatbare misleidende manipulatie van opnames;
c.       eenzijdige, unfaire, niet waarheidsgetrouwe, tendentieuze berichtgeving;
d.      manipulatie van berichtgeving door het tonen van misleidende gemanipuleerde beelden aan concurrerende deskundigen en politici, en door dit in beeld te brengen;
e.       belangenverstrengeling door concurrenten als deskundigen op te voeren;
f.        niet afgeven en/of tonen van het ruwe beeldmateriaal aan klaagster;
g.      het bewust niet meewerken aan onherkenbaar maken.
De Raad zal de onderdelen voornamelijk afzonderlijk bespreken, maar benadrukt dat zijn overwegingen wel in onderlinge samenhang moeten worden bezien.

Ad a. filmen met verborgen camera
In de uitzending is aandacht besteed aan hondentrainingen waarbij ook fysiek corrigerend wordt opgetreden. Het is maatschappelijk relevant en journalistiek geboden om journalistiek onderzoek te verrichten naar dergelijke praktijken en daarbij ook de (mogelijke) betrokkenheid van klaagster te belichten. Het is immers een taak van de pers om misstanden aan de kaak te stellen.
Daarbij merkt de Raad op dat zeker in het huidige tijdgewricht, waarin van hoe langer hoe meer kanten extra aandacht wordt gevraagd voor het welzijn van dieren, het openbaar maken van trainingsmethoden waarbij tegen honden fysiek corrigerend wordt opgetreden, valt onder het openbaar maken van een misstand. Dat een dergelijke trainingsmethode niet unaniem als misstand wordt aangemerkt – of bij voorbaat strafrechtelijk is verboden – doet daaraan niet af.
De Raad meent dat het uitgezonden materiaal concretiseringen en bijzonderheden ten aanzien van de handelwijze van klaagster bevat, die aan de uitzending authenticiteit en daarmee een relevante meerwaarde gaven. Het is niet aannemelijk dat dit ook op een andere wijze gerealiseerd had kunnen worden dan met het gebruik van een verborgen camera. Onder deze omstandigheden en gezien de maatschappelijke relevantie van het onderwerp is de handelwijze van CCCP en BNNVARA (hierna gezamenlijk: Rambam) niet ontoelaatbaar.

Ad b. ontoelaatbare misleidende manipulatie van opnames
De Raad stelt voorop dat de journalist vrij is in de selectie van nieuws. Het is aan de journalist om te bepalen vanuit welke invalshoek(en) een onderwerp wordt belicht en in welke context het bericht wordt gebracht. In dat verband is het ook journalistiek gebruikelijk en toelaatbaar dat programmamakers het door hen vergaarde beeld- en/of geluidsmateriaal inkorten en monteren. Het staat hen derhalve vrij beelden te selecteren en daarin een andere volgorde aan te brengen; zolang dit geen geweld doet aan de werkelijkheid is geen sprake van ongeoorloofde manipulatie.
Het bezwaar van klaagster spitst zich toe op de wijze waarop het incident met het petflesje in de uitzending is verwerkt. Ook uit de door haar overgelegde geluidsopname is gebleken dat dit incident daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Hoewel in de eerste uitzending abusievelijk een onjuiste ondertiteling is gebruikt – die bij de herhaling is aangepast – vindt de Raad niet dat de beelden zodanig zijn gemonteerd dat zij een vertekend en misleidend beeld geven van wat op de bewuste training bij klaagster heeft plaatsgevonden.

Ad c. eenzijdige, unfaire, niet waarheidsgetrouwe, tendentieuze berichtgeving
Het is voorstelbaar dat klaagster liever had gezien dat de programmamakers andere accenten hadden gelegd en tevens (meer) aandacht hadden besteed aan de positieve kanten van haar trainingsmethode. Het was naar het oordeel van de Raad ook te verkiezen geweest, als in de uitzending duidelijker tot uitdrukking was gebracht, dat het voorval met het petflesje een incident betrof in een twee uur durende cursus, die verder zonder incidenten verliep. Dat de programmamakers dat niet hebben gedaan en ervoor hebben gekozen om in het kader van een uitzending over discutabele trainingsmethoden de nadruk te leggen op het voorval met het petflesje, is echter niet journalistiek onzorgvuldig. Er is geen sprake van zodanig niet waarheidsgetrouwe berichtgeving dat als gevolg daarvan de uitzending jegens klaagster tendentieus moet worden geacht.
Verder is in dit verband relevant dat partijen voorafgaand aan de uitzending uitvoerig overleg hebben gevoerd, waarbij klaagster de gelegenheid is geboden te reageren, maar zij daarvan in eerste instantie heeft afgezien. Dit brengt mee dat zij nu niet met succes kan aanvoeren dat de uitzending eenzijdig en unfair is. Nadat klaagster – na de eerste uitzending – alsnog een schriftelijke verklaring had opgesteld, is die bovendien op de website van Rambam geplaatst en is daarnaar in de uitzending verwezen. Ook in dit opzicht valt de programmamakers derhalve niets te verwijten.

Ad d. en e. manipulatie van berichtgeving door het tonen van misleidende gemanipuleerde beelden aan concurrerende deskundigen en politici, en door dit in beeld te brengen c.q. belangen-verstrengeling door concurrenten als deskundigen op te voeren
De Raad heeft onder b. reeds overwogen dat van misleidende gemanipuleerde beelden geen sprake is. Voorts stond het de programmamakers vrij deskundigen te selecteren en aan het woord te laten.
Dat zij daarbij onder meer hebben gekozen voor Martin Gaus is – gezien zijn landelijke bekendheid – voorstelbaar en niet journalistiek onzorgvuldig. Dat de deskundigen zich negatief uitlaten over de door klaagster gehanteerde methode maakt dit niet anders.
Aangezien het hier een specifieke expertise betreft, is het verklaarbaar dat sommige deskundigen ook zelf hondentrainingen verzorgen. Dit is ook duidelijk voor de kijker, die de informatie op waarde kan schatten. Van een ontoelaatbare belangenverstrengeling is dan ook geen sprake.

Ad f. niet afgeven en/of tonen van het ruwe beeldmateriaal aan klaagster
De Raad kan zich voorstellen dat het tonen van ruw beeldmateriaal aan een betrokkene in bepaalde omstandigheden duidelijkheid kan verschaffen, de angel uit een (potentieel) conflict kan halen en ervoor kan zorgen dat partijen tot elkaar kunnen komen. Dit neemt echter niet weg dat er geen regel bestaat op grond waarvan het niet afgeven en/of tonen van ruw beeldmateriaal als journalistiek onzorgvuldig moet worden beschouwd.

Ad g. het bewust niet meewerken aan onherkenbaar maken
Naar het oordeel van de Raad is klaagster reeds in de eerste uitzending conform de gedane toezeggingen voldoende onherkenbaar gemaakt. Het is niet aannemelijk dat zij en/of haar omgeving voor het grote publiek in die uitzending identificeerbaar is. Daarbij neemt de Raad mede in aanmerking dat de buitenopnamen in het donker hebben plaatsgevonden. Van een ontoelaatbare schending van de privacy van klaagster is dan ook geen sprake. Dat zij wellicht in kleine kring – bijvoorbeeld door (voormalig) cursisten – is herkend, kan daaraan niet afdoen.
Bovendien zijn CCCP en BNNVARA na de eerste uitzending klaagster verder tegemoetgekomen, door in de herhaling de omgeving verdergaand te blurren. Er bestaat derhalve geen aanleiding voor de conclusie dat zij bewust niet hebben meegewerkt aan het onherkenbaar maken van klaagster.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat BNNVARA en CCCP Televisie B.V. journalistiek zorgvuldig hebben gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: A., B.1, C. en C.1
Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2018/10, RvdJ 2017/17 en RvdJ 2016/32  

CONCLUSIE

BNNVARA en CCCP Televisie B.V. hebben journalistiek zorgvuldig gehandeld.

Zo vastgesteld door de Raad op 14 januari 2019 door prof.mr. B.E.P. Myjer, voorzitter, S.A. Agterberg, L.A.M.M. Donders, mw. A. Karadarevic en mw. drs. E.M.H. Lemaier, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.