2017/17 zorgvuldig

Samenvatting

Peter R. de Vries, Strix Television en RTL Nederland hebben in een uitzending van het programma Internetpesters Aangepakt op journalistiek zorgvuldige wijze aandacht besteed aan ‘catfishing’ ofwel identiteitsdiefstal op social media en de (mogelijke) betrokkenheid van klaagster daarbij. Het gebruik van een verborgen camera was in dit geval niet ontoelaatbaar. Het uitgezonden materiaal bevat concretiseringen en bijzonderheden ten aanzien van de handelwijze van klaagster, die aan de uitzending authenticiteit en daarmee een relevante meerwaarde gaven. Het is niet aannemelijk dat dit ook op een andere wijze gerealiseerd had kunnen worden. Verder is niet aannemelijk dat klaagster door de wijze waarop zij is aangeduid voor een groot publiek identificeerbaar is geworden. De Vries c.s. zijn op een journalistiek gebruikelijke wijze voldoende terughoudend geweest in de aanduiding van klaagster. Dat klaagster – naar zij stelt – een problematische relatie met haar vader heeft, maakt niet dat De Vries c.s. journalistiek ontoelaatbaar hebben gehandeld. Ten slotte vindt de Raad het uit klaagsters handen ‘grissen’ van haar telefoon een grensgeval. Deze vergaande actie is onder de omstandigheden van dit geval nog toelaatbaar.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van  

X

tegen

Peter R. de Vries, Strix Television B.V. en RTL Nederland B.V.

De heer mr. F.P. Holthuis, advocaat te Den Haag, heeft op 11 juli 2016 namens mevrouw X (klaagster) een voorlopig klaagschrift ingediend en op 22 november 2016 de klacht aangevuld. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van mr. Holthuis en van Strix Television B.V. betrokken van 12 december 2016, van 17 januari 2017 en van 8 maart 2017.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 24 maart 2017. Klaagster is daar verschenen, vergezeld door mr. Holthuis. Peter R. de Vries was eveneens aanwezig, vergezeld door mevrouw C. van Schuylenburch, regisseur, mevrouw E. Heitkamp, uitvoerend producent, en mevrouw N. van Herten, jurist van RTL.

Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad een opname van de gewraakte uitzending bekeken.

DE FEITEN

Op 24 mei 2017 is een aflevering van het televisieprogramma Internetpesters Aangepakt uitgezonden. Het programma wordt geproduceerd door Strix Television en uitgezonden door RTL. In de uitzending is aandacht besteed aan zogeheten ‘catfishing’ ofwel identiteitsdiefstal op social media. In dat verband wordt een zekere Melody aan het woord gelaten, die vertelt dat haar leven kapot wordt gemaakt doordat op internet diverse nepprofielen worden aangemaakt die naar haar verwijzen en waarbij gebruik wordt gemaakt van haar foto's. Kennelijk worden deze foto's gekopieerd van het eigen Instagram-account van Melody. Na eigen onderzoek door de redactie en onderzoek door een recherchebureau, komt men op het spoor van klaagster.
Vervolgens wordt klaagster in de uitzending door Peter R. de Vries en één van zijn medewerksters geconfronteerd met hun bevindingen. Die confrontatie vindt plaats bij en in de privéwoning van klaagster. Daarbij wordt zowel gefilmd vanaf de straat als heimelijk met een verborgen camera. In de woning wordt klaagster, die ontkent iets met het internetpesten te maken te hebben, verder geconfronteerd met de bevindingen. Op een gegeven moment belt De Vries het mobiele telefoonnummer, waarvan de programmamakers vermoeden dat dit toebehoort aan de dader. Nadat de telefoon van klaagster overgaat, geeft zij schoorvoetend toe dat zij enige betrokkenheid heeft bij deze kwestie. Hierna vindt nog een ontmoeting plaats tussen klaagster en Melody in een hotellobby, waarbij klaagster haar excuses aanbiedt.

In de uitzending is het gezicht van klaagster onherkenbaar gemaakt. Haar voornaam en woonplaats zijn genoemd, en verder is vermeld dat het gaat om een 22-jarige Surinaamse vrouw.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klaagster stelt – kort samengevat – dat jegens haar journalistiek onzorgvuldig is gehandeld, doordat een grotere inbreuk is gemaakt op haar privacy dan strikt genomen noodzakelijk was, doordat sprake is geweest van het heimelijk filmen in de privéwoning én het uitzenden van deze beelden, terwijl hiervoor geen noodzaak bestond en doordat Peter R. de Vries een strafbaar feit heeft gepleegd, het toe-eigenen van klaagsters mobiele telefoon, teneinde klaagster te dwingen in de openbaarheid van een hotellobby excuses te maken aan het vermeende slachtoffer. Klaagster wijst erop dat zij op 24 mei 2016 Strix Television B.V. heeft laten weten dat zij grote bezwaren had tegen de voorgenomen uitzending van die avond. Zij heeft de programmamakers gewezen op de gewelddadige relatie tussen haar en haar vader, en het gevaar dat zou kunnen ontstaan indien haar vader bekend zou worden met haar adres. Niettemin heeft de uitzending plaatsgevonden. Klaagster heeft vooral grote bezwaren over de vorm van het programma en het journalistieke handelen van De Vries en zijn redactiemedewerkers.
Klaagster licht toe dat zij er in de uitzending van wordt beschuldigd gedurende een periode van zes jaar het leven van Melody kapot te hebben gemaakt. In dat verband worden termen als ‘stalking’ en ‘pathologische internetpester’ gebruikt. Verder wordt melding gemaakt van het feit dat eerder door Melody aangifte is gedaan bij de politie. Kennelijk wordt gedurende de productie van het programma een nieuwe aangifte voorbereid. Dit alles maakt dat zeer zorgvuldig met haar privacy diende te worden omgegaan. Bovendien waren er ook bijzondere redenen om voorzichtig om te gaan met haar privacy, vanwege de relatie met haar vader. Klaagster meent dat haar privacy onnodig is aangetast. Hoewel haar gezicht onherkenbaar is gemaakt, is dit op zo'n wijze gebeurd dat je de contouren en de expressie van haar gezicht nog goed kunt zien. Verder wijst klaagster erop dat zij geen alledaagse voornaam heeft. In combinatie met de herkenbare beelden die van haar zijn gemaakt, de beelden van de flat en de verdere omschrijving is zij voor een grote groep mensen bekend geworden. Dit was voor de berichtgeving niet noodzakelijk, aldus klaagster.
Zij maakt daarnaast bezwaar tegen het gebruik van de heimelijk gemaakte opnamen, met name voor zover die zijn gemaakt in haar woning. Volgens klaagster is in dit geval geen sprake van een evidente misstand en bestond er bovendien geen noodzaak de kwestie op deze wijze aan de orde te stellen. Klaagster onderscheidt in dit verband twee momenten: het moment waarop de beelden zijn gemaakt en het moment dat is besloten tot uitzending daarvan. Zij wijst erop dat niet het heimelijk filmen in de woning heeft geleid tot een oplossing van het probleem, maar de dwang die is uitgegaan van de aanwezigheid van De Vries en zijn medewerkster en de uiteindelijke openbare bekentenis die zij richting Melody heeft gedaan in de hotellobby.
De daar door klaagster gemaakte excuses maken dat de eerder heimelijk opgenomen beelden in de woning en de uitzending daarvan niet noodzakelijk waren om de kwestie aan de orde te stellen. Om dezelfde reden was het werken met verborgen camera en microfoon niet toegestaan. Ook deze werkwijze was niet noodzakelijk voor het aan de orde stellen van een eventuele misstand, aldus klaagster.
Ten slotte meent klaagster dat De Vries een strafbaar feit heeft gepleegd door haar telefoon uit haar handen te grissen, die bij zich te houden en te verkondigen dat klaagster deze pas zou kunnen terugkrijgen indien zij bereid zou zijn in de hotellobby excuses te maken aan Melody. Volgens klaagster is hiermee ook de grens van journalistieke zorgvuldigheid overschreden.
Op de zitting voegt mr. Holthuis hieraan toe dat voor zover het uitzenden van de in de woning opgenomen beelden relevant was om de kwestie te duiden, in dat geval ál het materiaal – waaronder het moment dat De Vries de telefoon uit de handen van klaagster griste – uitgezonden had moeten worden. Aangezien dat niet is gebeurd, is die (eventuele) duiding niet volledig en daarmee tendentieus.
Op grond van al het voorgaande is klaagster van oordeel dat zowel door De Vries als Strix Television B.V. als RTL Nederland journalistiek onzorgvuldig is gehandeld. De uitzending heeft grote gevolgen gehad voor klaagster. Zo wilde haar school niet langer met haar worden geassocieerd en is haar vader bekend geraakt met haar verblijfplaats.
In verband met het ter zake door De Vries c.s. gevoerde verweer, voegt mr. Holthuis hieraan op de zitting nog toe dat het programma is te beschouwen als een ‘reportage’ en daarom valt onder de bevoegdheid van de Raad. Dat de programmamakers zich (enigszins) partijdig opstellen, maakt niet dat daarmee geen sprake meer is van een journalistieke gedraging. Overigens heeft de Raad zich al eerder inhoudelijk uitgelaten over een uitzending van het programma.

De Vries, Strix Television en RTL Nederland (hierna gezamenlijk: De Vries c.s.) stellen daar allereerst tegenover dat het programma ‘Internetpesters Aangepakt’ een zogenoemd ‘hulpprogramma’ is. Dit betekent dat het programma expliciet opkomt voor personen die evident slachtoffer zijn van internetterreur. Indien nodig zorgt het programma voor inzet van deskundigen en juridische bijstand voor de slachtoffers. In deze zin wordt niet volgens journalistieke criteria gewerkt; uitgangspunt is een zekere ‘partijdigheid’. De Vries c.s. vragen zich daarom af of wel sprake is van een programma dat kan worden beoordeeld door de Raad.
Verder voeren De Vries c.s. aan dat Melody zich in augustus 2015 tot de redactie heeft gewend, omdat zij dan al ruim 5 jaar te maken heeft met de digitale identiteitsdiefstal. Ze heeft aangifte gedaan bij de politie, maar die heeft op dat moment geen onderzoek verricht of stappen ondernomen. Tijdens het onderzoek van de redactie blijkt dat de echte Melody via Instagram contact heeft met een jonge man die zegt dat hij al 4 jaar een internetrelatie heeft met de zogenoemde nep-Melody. Er is sprake geweest van een ‘internetrelatie’ die jaren heeft geduurd, zonder dat er ooit sprake is geweest van een persoonlijke ontmoeting. Vervolgens wordt een ontmoeting met de jongen, Melody en een redactielid gearrangeerd en dan wordt het hem duidelijk dat hij al die tijd heeft gecommuniceerd met iemand die doet alsof ze Melody is maar in werkelijkheid iemand anders is. De jongen laat de redactie weten dat hij wil meewerken aan de ontmaskering van de ‘nep-Melody’ en geeft daartoe de redactie zijn hele chatgeschiedenis met de ‘nep-Melody’. Daardoor wordt het door haar gebruikte telefoonnummer bij de redactie bekend. Aan de hand van social engineering en nader onderzoek door de redactie wordt vervolgens vastgesteld dat klaagster achter het telefoonnummer en de identiteitsdiefstal zit.
De Vries c.s. wijzen er verder op dat het gebruik van verborgen camera’s een vaker beproefd middel is bij zaken waarbij de kans bestaat dat verdachten/daders op een later moment terug komen op eerdere uitspraken en een ontmaskering op geen andere manier is vast te leggen.
De inzet van een verborgen camera is dan ook een legitiem middel bij zaken zoals die van klaagster, waarbij sprake is van jarenlang, stelselmatig misbruik. De keuze om klaagster bij haar thuis te ontmoeten is ingegeven door het feit dat een ontmoeting elders tot veel aandacht leidt. Nu kon klaagster in een rustige omgeving vertellen hoe en waarom zij tot haar acties is gekomen. Om te voorkomen dat zij van tevoren gelegenheid krijgt om zich in te dekken, hanteert de redactie een verrassingseffect door onaangekondigd langs te komen. Als klaagster wordt geconfronteerd met de beschuldigingen, ontkent zij aanvankelijk elke betrokkenheid bij of wetenschap over deze zaak. Als Peter R. de Vries duidelijk maakt dat hij niet weg gaat voordat zij met een inhoudelijke reactie komt, nodigt zij De Vries en zijn medewerkster binnen uit. De Vries stelt vervolgens voor dat klaagster haar telefoon erbij pakt zodat kan worden vastgesteld dat het telefoonnummer, zoals zij zelf stelt, niet van haar is. Klaagster is echter niet bereid daaraan mee te werken. Vervolgens belt zij haar opa met het verzoek haar bij te staan en bij die gelegenheid tikt De Vries het nummer in. Daarop gaat de telefoon van klaagster onmiddellijk over en blijkt dat zij eerder heeft gelogen. Dit is een omslagpunt, waarna klaagster stukje bij beetje toegeeft. Als haar wordt voorgehouden dat Melody hier heel veel last van heeft en het ervaart als bedreigend, laat klaagster weten dat dit zeker niet haar bedoeling is geweest. Zij lijkt oprecht spijt te hebben van haar acties en als erop wordt aangedrongen dat de praktijken moeten stoppen, stelt ze zelf voor dit schriftelijk vast te leggen. Ook stemt ze ermee in om naar een nabij gelegen hotel te gaan en daar schoon schip te maken door excuses aan Melody aan te bieden.
De Vries erkent dat hij tijdens de confrontatie de telefoon van klaagster kort tijd in beslag heeft genomen. Op de zitting geeft hij toe dat dit geen alledaagse ingreep was, maar hij wijst erop dat het ook geen alledaagse kwestie betrof. Hij hield er rekening mee dat zodra hij en zijn medewerkster waren vertrokken, klaagster in de ontkenningsmodus zou kunnen schieten en dan bovendien in de gelegenheid zou zijn om eventueel bewijs van de telefoon te wissen. In dat geval zou het moeilijker zijn bij de politie alsnog het bewijs te leveren. De Vries wilde een dergelijk scenario voorkomen en besloot daarom de telefoon bij zich te houden totdat klaagster zich daadwerkelijk bij Melody zou melden. Na het verschijnen van klaagster bij Melody was wat de redactie betreft het doel bereikt en is de telefoon direct terug gegeven, zoals ook door De Vries was beloofd. Overigens benadrukt De Vries dat klaagster is meegegaan naar het hotel omdat ze inzag dat ze fout had gehandeld en haar excuses daarvoor wilde aanbieden, en niet (alleen) om haar telefoon terug te krijgen.
Volgens De Vries c.s. is van klaagster geen achtergrondinformatie aan de kijker verstrekt. Bovendien is zij onherkenbaar in beeld gebracht door het zogenoemde ‘wipen’, een technische ingreep waardoor gezichten sterk worden vervaagd. Hierdoor is klaagster niet voor onbekenden herkenbaar en is haar privacy voldoende gewaarborgd. Dat zij door mensen die haar wel goed kennen – zoals haar eigen familie – wordt herkend, is iets wat niet altijd kan worden voorkomen.
De keuze om het opgenomen materiaal uit te zenden heeft te maken met de bekentenis die klaagster doet. Voor een televisieprogramma dat zich richt op het ontmaskeren van internetpesters is het evident dat dit materiaal in het programma wordt verwerkt. Klaagster heeft zich jarenlang stelselmatig en aantoonbaar bezig gehouden met een zeer ernstige inbreuk op de privacy van slachtoffer Melody. Het programma stelt uitgerekend dit soort zaken aan de orde; het geeft inzicht in hoe dergelijke uitwassen vaak klein beginnen en steeds groter worden. Het toont daarnaast aan dat internetpesters de gevolgen van hun acties vaak niet overzien. De zaak van klaagster, de manier waarop zij aanvankelijk hardnekkig volhoudt nergens mee te maken te hebben en haar uiteindelijke bekentenis, dienen in dat licht een te respecteren maatschappelijk en relevant doel.
De Vries c.s. concluderen dat zij zorgvuldig hebben gehandeld. Dat klaagster na de uitzending op vervelende wijze onderwerp van discussie is geworden op social media en dat dit is gebeurd door familieleden van slachtoffer Melody is te betreuren. Hoewel dit niet direct onder de verantwoordelijkheid van de redactie valt, heeft zij de betrokkenen hierop aangesproken en hen verzocht hiermee te stoppen.

BEOORDELING VAN DE BEVOEGDHEID

Op grond van artikel 3 lid 1 van de statuten van de Stichting Raad voor de Journalistiek heeft de Raad tot taak om in bij hem aanhangig gemaakte zaken betreffende journalistieke gedragingen te beoordelen of de grenzen zijn overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.
Volgens het eerste lid van artikel 4 van de Statuten van de Stichting Raad voor de Journalistiek wordt onder journalistieke gedraging verstaan: “een handelen of nalaten van een journalist in de uitoefening van zijn beroep.”
Ingevolge het tweede lid van artikel 4 moet – voor zover thans van belang – onder journalist worden verstaan: “degene die, hetzij in dienstverband, hetzij als zelfstandige, er zijn hoofdberoep van maakt mede te werken aan de redactionele leiding of redactionele samenstelling van programma's die worden verspreid door radio of televisie, voor zover deze bestaan uit nieuws, reportages, beschouwingen of rubrieken van informatieve aard.” 

De gewraakte uitzending bevat zowel elementen van niet-journalistieke aard, zoals human interest, als journalistieke elementen doordat het informatie verschaft over het verschijnsel van ‘catfishing’. Daarbij bedienen de programmamakers zich van journalistieke methoden en heeft het programma – zoals De Vries c.s. heeft aangevoerd – een maatschappelijke functie.
De Raad meent daarom dat het programma moet worden beschouwd als een reportage en dat hij bevoegd is om over de klacht te oordelen. Dat de programmamakers geen objectiviteit nastreven, maakt dit niet anders.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

In de uitzending is aandacht besteed aan een verschijnsel dat ‘catfishing’ wordt genoemd, te weten: dat iemand pretendeert iemand anders te zijn – en daarmee als het ware diens identiteit ‘steelt’ – en daarbij social media gebruikt om een valse identiteit te creëren. Het is maatschappelijk relevant en journalistiek geboden om journalistiek onderzoek te verrichten naar dergelijke praktijken en daarbij ook de (mogelijke) betrokkenheid van klaagster te belichten. Het is immers een taak van de pers om misstanden aan de kaak te stellen.

De Raad meent dat het uitgezonden materiaal – waaronder begrepen de beelden die in de woning van klaagster zijn opgenomen – concretiseringen en bijzonderheden ten aanzien van de handelwijze van klaagster bevat, die aan de uitzending authenticiteit en daarmee een relevante meerwaarde gaven. Het is niet aannemelijk dat dit ook op een andere wijze gerealiseerd had kunnen worden dan met het gebruik van een verborgen camera. Onder deze omstandigheden en gezien de maatschappelijke relevantie van het onderwerp is de handelwijze van De Vries c.s. niet ontoelaatbaar.

Verder constateert de Raad dat de voornaam van klaagster en enkele andere persoonlijke gegevens zijn vermeld, en dat haar gezicht onherkenbaar is gemaakt. De Raad acht het niet aannemelijk dat klaagster door de wijze waarop zij is aangeduid, waaronder begrepen de vermelding van haar voornaam, voor een groot publiek identificeerbaar is geworden. Van een ontoelaatbare schending van de privacy van klaagster is dan ook geen sprake. Dat zij wellicht in kleine kring – waartoe ook haar vader behoort – is herkend, kan daaraan niet afdoen. De Vries c.s. zijn op een journalistiek gebruikelijke wijze voldoende terughoudend geweest in de aanduiding van klaagster. Dat klaagster – naar zij stelt – een problematische relatie met haar vader heeft, maakt niet dat De Vries c.s. journalistiek ontoelaatbaar hebben gehandeld.

De Raad laat zich niet uit over de vraag of De Vries strafbaar heeft gehandeld door de telefoon van klaagster uit haar handen te ‘grissen’, dat is aan de rechter. Voor de beoordeling van deze handelwijze naar journalistieke ethische maatstaven haakt de Raad aan bij het uitgangspunt dat een journalist in beginsel geen informatie behoort te ‘stelen’. Het afwijken van deze norm kan echter worden gerechtvaardigd wanneer er evident sprake is van een misstand én wanneer dit noodzakelijk is om de desbetreffende kwestie aan de orde te stellen. Naar het oordeel van de Raad betreft het hier een grensgeval. Gelet op hetgeen De Vries c.s. ter zake hebben aangevoerd, vindt de Raad het gewraakte handelen nog toelaatbaar.

Een en ander leidt tot de conclusie dat De Vries, Strix Television en RTL Nederland journalistiek zorgvuldig hebben gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad van de Raad: B.1, B.2 en C.1
Relevante eerdere conclusie van de Raad: RvdJ 2015/24, RvdJ 2010/33

CONCLUSIE

De Vries, Strix Television en RTL Nederland hebben journalistiek zorgvuldig gehandeld.

Zo vastgesteld door de Raad op 12 juni 2017 door mr. Th. Groeneveld, voorzitter, mr. I.R.J. Barends, dr. H.J. Evers, ir. B.L. Hooghoudt en mw. M.J. Rietkerk, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.